‘De kennis over klimaatverandering bij beleidsmakers is van een bedroevend niveau’

Klimaatwetenschapster Valerie Masson-Delmotte waarschuwt: ‘Hoed u voor alibi-bomen’

© KULeuven / Rob Stevens

‘Iedereen koestert het verlangen een mooiere en betere wereld door te geven aan wie na hem komt.’

Op 7 januari schreef de Franse klimaatwetenschapster Valerie Masson-Delmotte een brief aan de 16-jarigen van nu. Ze postte hem in een lange draad op Twitter. ‘Liefste jongere’, zo begon ze, ‘je bent een kind van het antropoceen. Je zult niet opgroeien in dezelfde wereld die ik kende toen ik 16 was.’

Masson-Delmotte studeerde af als natuurkundig ingenieur en verlegde haar onderzoeksterrein van vroegere klimaatveranderingen naar de huidige. Ze onderzocht boomringen en ijskernen – die in het Frans zo veel mooier carottes de glace heten – en is sinds 2015 covoorzitter van de Werkgroep I van het VN-Klimaatpanel (IPCC). Het is de werkgroep die alle wetenschappelijke studies over de fysische principes achter klimaatverandering bekijkt en doorneemt.

Onder stratigrafen, de groep wetenschappers die zich buigt over de datering van aardlagen, heerst nog onenigheid over wanneer de mens precies het holoceen verliet en het antropoceen creëerde, het nieuwe geologische tijdperk waarin planeet en atmosfeer veranderen door invloed van de mens. Maar Masson-Delmotte weet wat haar eigen onderzoek naar boorkernen in het ijs haar leerde. ‘Het eerste wat je ziet in de luchtbellen gevangen in het ijs van Antarctica is de voetafdruk van menselijke activiteiten. Het is uniek. De gemiddelde temperatuurstijging met een graad, die we nu al hebben sinds het einde van de 19de eeuw, is de snelste ooit.’

‘Deze generatie groeit op met het verlies van de natuur. Ze ontcijfert veel makkelijker de inertie, de onwil, het onvermogen van het beleid.’

Het is geen recente kennis, stipte ze aan in haar brief aan de jongeren. ‘Het is opmerkelijk dat alle verschuivingen en veranderingen van de voorbije dertig jaar nauwkeurig voorzien waren in de eerste, rudimentaire simulaties en modellen die gepubliceerd werden in 1989.’ Van hevigere bosbranden over krachtigere orkanen tot meer hittedagen.

Ze noemt het de Griekse tragedie van de klimaatverandering. Jaarlijks verschijnen er twintigduizend wetenschappelijke artikelen met als trefwoord ‘klimaatverandering’. Ondanks de nauwkeurig opgebouwde kennis, het klimaatverdrag van Parijs en overheden die de rapporten van het IPCC onderschrijven, is sinds 1990 de CO2-uitstoot met 42 procent toegenomen.

‘Frustrerend’, zegt Masson-Delmotte. ‘Zeker als je keer op keer moet vaststellen dat de kennis over klimaatverandering bij beleidsmakers van een bedroevend niveau is.’ In tijden van klimaatcrisis is er volgens haar grote nood aan klimaatgeletterdheid. ‘We leren kinderen lezen en schrijven, we moeten hen leren de natuur en het landschap om hen heen te lezen. Klimaatkennis is een noodzakelijke competentie voor een burger van de 21ste eeuw. Hoe slagen we erin een andere visie op de wereld op te bouwen? Dat is de uitdaging. We zijn opgeleid met het idee dat de mens zich ontvoogd heeft van de natuur, dat we boven die natuur staan. Maar we zijn vergeten de onderlinge afhankelijkheid te benadrukken. Die is minstens zo belangrijk. Deze generatie groeit op met het verlies van de natuur. Ze ontcijfert veel makkelijker de dissonantie in het beleid, de inertie, de onwil, het onvermogen.’

© KULeuven / Rob Stevens

‘Neem de mens uit de grafieken, en we zouden een afkoeling hebben. Dat staat zo in de rapporten van het VN-Klimaatpanel.’

Vandaar haar brief aan de jeugd van tegenwoordig. Om hen de feiten in handen te geven in de soms eindeloze debatten met een groep leiders die nog steeds twijfelen aan oorzaken, of die aarzelen om te doen wat nodig is. Het eredoctoraat dat ze op 3 februari ontving van de Leuvense universiteit was zowel een erkenning voor haar fundamentele werk als voor haar inzet om klimaatwetenschap te populariseren.

‘Ik betreur het dat we er als wetenschappers onvoldoende in geslaagd zijn beleidsmakers duidelijk te maken dat deze klimaatverandering honderd procent de verantwoordelijkheid is van de mens’, vertelt ze. ‘Als ik de kans heb de klimaatcrisis te bespreken met beleidsmakers, dan vraag ik hen steevast wat hun inschatting is van de menselijke oorzaak van deze opwarming. Meestal krijg ik als antwoord: “Vijftig procent.” Nee. De huidige opwarming is voor honderd procent het gevolg van ons handelen. Neem de mens uit de grafieken, en we zouden een afkoeling hebben. Dat staat zo in de rapporten van het IPCC, die vertegenwoordigers van 195 landen ondertekenen en goedkeuren. Maar je kan natuurlijk kiezen om dat allemaal te negeren.’

Of naast je neer te leggen. In oktober 2018 publiceerde het IPCC het rapport over de gevolgen van een opwarming met 1,5 graad. Ondertussen hebben onder andere Saoedi-Arabië , maar ook de Verenigde Staten, er alles aan gedaan om het bestaan van dit rapport te doen vergeten.

Valerie Masson-Delmotte: ‘Het rapport is bekrachtigd, maar mag niet gebruikt worden als referentie in andere rapporten. Het is alsof het niet gemaakt of geschreven is. Beslissingen worden in consensus genomen, waardoor een land of enkele landen de rest kunnen gijzelen. Ik ben voorstander van een grotere transparantie van deze politieke onderhandelingen. Mensen hebben het recht te weten welke standpunten worden ingenomen en verdedigd.

Een van de kernvragen van het rapport was: ‘Hoe stoppen met fossiele brandstoffen?’ Logisch, want fossiele brandstoffen zijn de oorzaak van de klimaatverandering. Voor landen met een economie die volledig gebaseerd is op olie is dat een harde dobber, waardoor ze graag iedere internationale vooruitgang vertragen. Nationale belangen en prioriteiten van bedrijven vormen hier een toxische cocktail. De multinational met de grootste verantwoordelijkheid voor sabotage van klimaatbeleid is Exxon-Mobil. Het is voldoende duidelijk aangetoond dat ze kennis hadden over het verband tussen fossiele brandstoffen en klimaatverandering, maar er bewust voor kozen om de klimaatontkenning te financieren.’

‘Bomen planten is goed. We hebben bomen nodig. Maar ze zijn geen surrogaat voor het terugdringen van uitstoot. Dat noem ik alibi-bomen.’

Donald Trump is de president die die toxische cocktail vertegenwoordigt. Hij heeft wel aangekondigd dat hij 1000 miljard bomen wil planten. Ook bij ons trekken politici tegenwoordig graag de laarzen aan om bomen te planten.

Valerie Masson-Delmotte: ‘Ik sta zeer argwanend tegenover politici die bomen planten maar geen klimaatplan hebben. Om de opwarming tot 1,5 graad te beperken, moet de uitstoot scherp dalen, met tegen 2030 minstens een halvering en een netto nuluitstoot in 2050. Bomen planten verandert niet veel aan dat doel.

Om ons klimaat te stabiliseren, moeten we onze manier van produceren en consumeren grondig hervormen. Om 1,5 graad te halen, is soberheid een absolute voorwaarde. Minder energie verbruiken, minder primaire grondstoffen verspillen, andere eetpatronen. Dat is de wetenschap. Bomen planten is goed. We hebben bomen nodig. Om onze landbouwgronden te herstellen, om erosie tegen te gaan, om de uitgeputte gronden te reanimeren. Maar bomen zijn geen surrogaat voor het terugdringen van uitstoot. Dat noem ik alibi-bomen.’

In Europa ligt de Green Deal op tafel. Hoe groot is daar het risico op greenwashing?

Valerie Masson-Delmotte: ‘Het goede nieuws is dat er een visie ontwikkeld wordt waarover men het eens kan zijn. Ik mis duidelijke en concrete verbindingen. Hoe wordt dit bijvoorbeeld vertaald in het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid?

Landgebruik is essentieel voor de biodiversiteit en voor het klimaatbeleid. Wat met aanpassingen aan de stijging van de zeespiegel, die nu al onomkeerbaar is? Wat met de geïmporteerde emissies?

Het klopt dat de uitstoot binnen de Europese Unie met 23 procent gedaald is. Maar als we de uitstoot in rekening brengen van wat we importeren, is die met 20 procent gestegen. Dat zijn belangrijke aandachtspunten die niet helemaal aanwezig zijn in de strategie. Al heb ik op de klimaattop in Madrid voor het eerst gemerkt dat Europa de kaart van het klimaat trok bij handelsbesprekingen. Dat is interessant.’

De verwondering voor de wolken bracht Masson-Delmotte via een omweg bij de klimaatwetenschap. Ze was zestien en las in populair-wetenschappelijke tijdschriften over ijskernen, satellietobservaties, metingen van bergtoppen en zeebodems. Het deed haar naar eigen zeggen dromen. Maar ze was slim, sterk in wiskunde en volgde de stroom der dingen. Ze studeerde voor natuurkundig ingenieur.

Het overlijden van haar jongere broer op 16-jarige leeftijd wekte iets anders bij haar tot leven: de drang om te kiezen voor wat ze graag deed. En zo dreef het wonderlijke van de wolken weer haar wereld binnen. ‘Ik had het geluk te leven. Ik moest er zin aan geven.’ Als natuurkundig ingenieur koos ze ervoor ijskernen te ontleden. Het leverde haar niet alleen data op, maar ook een bijzondere openheid van geest. Een openheid die zich in haar werk voor het IPCC onder andere vertaalde in het aanboren van andere bronnen van kennis. Die van inheemse volkeren, bijvoorbeeld, of van eeuwenoude praktijken.

‘In klassiek wetenschappelijke middens worden die makkelijk geminacht. Zeker natuurkundigen begrijpen niet waarom ze zouden luisteren naar wat Aboriginals uit Australië over bosbeheer te vertellen hebben. Als je fysica studeert, wordt je dat niet aangeleerd. Maar andere collega’s, die werken rond ecosystemen en de wisselwerking tussen gemeenschappen en hun omgeving, waarderen die kennis wel. Ik hoor het ook van collega’s in het globale Zuiden. Er is een groot verlangen het anders te doen, om een eigen model van ontwikkeling te vinden dat niet eerst de halve natuurlijke wereld vernietigt. Steenkoolcentrales openen om mensen uit de armoede te halen en pas bijsturen als we wat rijker zijn? Waarom zou je dat doen?’

© Reuters / Thomes Peter

Veel inheemse gemeenschappen hebben hun eigen, beproefde technieken voor bosbeheer (hier in Australië). Valerie Masson-Delmotte: ‘Oplossingen kunnen ook van elders komen.’

‘We hebben het graag over innovatie. Voor mij hoort daar ook sociale innovatie bij. Hoe hervormen we onze samenlevingen zo dat iedereen een goed leven kan hebben binnen de grenzen van de planeet? Dat is nog niet voldoende ontwikkeld in de academische wereld. Oplossingen kunnen ook van elders komen. Ik ken best veel ingenieurs in India, in een aantal Afrikaanse landen die denken vanuit de noden van hun geboortedorp. Ze vertrekken vanuit beperkte middelen en ontwikkelen praktijken die evengoed bij ons kunnen werken. Voor elektriciteitsvoorziening, bijvoorbeeld. Die uitwisseling is bijzonder noodzakelijk en verrijkend.’

Hoort bij die sociale innovatie ook een grondige politieke vernieuwing? Zoals bijvoorbeeld de burgerraden in Groot-Brittannië en Frankrijk over de klimaatverandering?

Valerie Masson-Delmotte: ‘Ik kan enkel over Frankrijk spreken, waar ik een van de experts was. Het was een bijzonder mooie ervaring. Als je mensen samenbrengt met verschillende achtergronden, levensbeschouwingen, opleidingen en beroepservaringen om na te denken over eenzelfde thema, dan ontdek je weer wat we gemeenschappelijk hebben. Iedereen koestert het verlangen een mooiere en betere wereld door te geven aan wie na hem komt. Als je burgers vertrouwen geeft, bied je hen de kans zich te verdiepen in een thema. Ik heb gemerkt dat ze vaak met zeer lucide en tegelijkertijd logische voorstellen komen.

Misschien wel omdat ze minder vatbaar zijn voor specifieke belangengroepen.’ ‘De perfide rol van reclame is iets dat in de vragen steeds opdook. Mensen hebben genoeg van de contradictie tussen wat we horen te doen en wat ons opgedrongen wordt door reclame voor altijd grotere auto’s, te goedkoop vlees of zogenaamd klimaatneutrale vliegreizen.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Om de opwarming te beperken tot 1,5 graad is een drastische daling van de uitstoot nodig. Wordt 2020 het jaar waarin we erin slagen de curve om te buigen?

Valerie Masson-Delmotte: ‘Zullen we de structurele veranderingen in gang zetten die hier voor nodig zijn? Ik durf het niet te zeggen. In Frankrijk daalde verleden jaar de uitstoot omdat de winter zacht was. Dat is geen structurele daling. Ik merk wel dat de financiële sector wakker geschoten is. Daar begrijpt men dat steenkool voorbij is, dat olie moeilijk ligt. Maar het fabeltje dat gas nodig is voor de overbrugging, is nog levendig en hardnekkig. Ook binnen de European Green Deal. Maar als je kijkt naar het koolstofbudget dat ons rest, 420 miljard ton, weet je dat gas geen oplossing is of kan zijn. Het is en blijft een fossiele brandstof.

Betekent dit dat ik eraan twijfel of we de opwarming kunnen beperken tot 1,5 graad? Op dit moment stoten we 42 miljard ton CO2 per jaar uit. Je zou kunnen zeggen: er resten ons tien jaar om de opwarming in te perken. Maar in het rapport dat we erover publiceerden, formuleren we het anders: ieder jaar telt. Iedere fractie van een graad telt. Iedere keuze telt. En als het over kosten en risico’s gaat, dan hebben we er alle baat bij de uitstoot zo snel mogelijk tot nul te brengen.’

Dit artikel werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Klimaat en sociaalecologische transitie

    Tine Hens is historica, journaliste en auteur van Het klein verzet (Epo, 2015), het verhaal van mensen die van Griekenland tot Denemarken in hun eigen wijk of stad, of met hun eigen b

    Actieve thema's