‘Niemand kan wedijveren met Erdogan’

Wat zit er toch achter de woede-uitvallen van de Turkse president Erdogan, deze keer alweer tegen Duitsland? En hoe komt het dat deze potentaat nog zoveel Turken achter zich kan scharen? ‘Om Erdogan te begrijpen, moet je zijn geschiedenis kennen’, zeggen Cheviron en Pérouse, de auteurs van de omvangrijke en unieke biografie “Erdogan”.

  • Recep Tayyip Erdogan, president van Turkije Recep Tayyip Erdogan, president van Turkije
  • © Jan Boeve Cheviron (r) en Pérouse (l) op een lezing in Amsterdam © Jan Boeve
  • © Jan Boeve Jean-François Pérouse © Jan Boeve
  • © Jan Boeve Nicolas Cheviron © Jan Boeve

Het voorbije weekend was het weer hommeles tussen Turkije en Europa. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan schoot vooral tegen Duitsland uit zijn krammen. Er was een eerste conflict omwille van de arrestatie op 14 februari van de Turks-Duitse journalist Deniz Yücel van Die Welt. Dan volgde het verbod van Merkel, samen met onder meer Oostenrijk en Nederland, op partijpolitieke Turkse evenementen – lees: lobbymomenten voor de grondwetswijziging – op Duits grondgebied. Genoeg voor Erdogan om de ban te vergelijken met nazipraktijken.

Alweer een staaltje van polarisering dus van een staatsman die steeds meer de absolute macht lijkt na te streven. En toch wordt Erdogan door een groot deel van de Turken op handen gedragen, omdat hij Turkije naar hogere economische en welvaartsniveaus tilde. Hij slaagde er ook in om een groot deel van de Turkse bevolking te mobiliseren in een overtuigend pleidooi voor nationalisme en herwonnen waardigheid.

Is Erdogan de nieuwe vader van Turkije? Is hij een vernieuwer of wil hij terug naar de tijd van de sultans? Verdient de zeemanszoon ons vertrouwen of moeten we hem wantrouwen? Die vragen namen Nicolas Cheviron en François Pérouse mee in hun opzet voor de lijvige en sterk gedocumenteerde biografie “Erdogan” die ze vorig jaar afleverden.

Journalist Nicolas Cheviron en Jean-François Pérouse, directeur van het in Istanboel gevestigde Franse instituut van de Anatolische Studies, wonen en werken al meer dan vijftien jaar in Turkije. Of ze nog even welkom zijn in Turkije na de publicatie van hun biografie, vraag ik hen op een drijfnatte dag in een pand aan de Amsterdamse Herengracht.

Ja, klinkt het, te danken aan hun bewuste keuze om niet gepersonaliseerd of opiniërend te schrijven, maar heel feitelijk en goed gedocumenteerd — op basis van schriftelijke bronnen.

© Jan Boeve

Nicolas Cheviron: ‘Zelf ben ik één keer “ontboden” door een adviseur van de president, een van de weinigen die het wel degelijk gelezen had. Hij had een gemengd gevoel over het boek, al gaf hij toe dat het zeer goed gedocumenteerd was. Tegelijk waarschuwde hij, en dat was best wat intimiderend, om het boek niet te publiceren in het Turks. En toegegeven, ik denk dat we veel meer problemen zouden hebben moest het boek vertaald zijn in het Turks, niet in “achteraftalen” zoals Frans en Nederlands.’ (lacht)

Drie leiders voor Erdogan

Recep Tayyip Erdogan was een grote fan van gewezen premier Adnan Menderes. Deze richtte in de jaren veertig met de DP (Democratische Partij) de eerste legale oppositiepartij in Turkije op en was de grondlegger van de politieke islam in de Turkse republiek. Hoe belangrijk is Menderes voor Erdogan gebleven?

Jean-François Pérouse: ‘Adnan Menderes is een centrale figuur voor Erdogan, die zich met hem vergelijkt. Hij bezocht Menderes’ graf nog na de couppoging en zei dat hij hetzelfde lot had kunnen ondergaan als Menderes, die na de staatsgreep in 1960 werd geëxecuteerd. Zowel Menderes als Erdogan zijn, zo zegt Erdogan, slachtoffers van een meedogenloos en halsstarrig republikeins apparaat.’

‘Maar er is meer dan gedeeld slachtofferschap. In de jaren veertig introduceerde Menderes de islam in de publieke sfeer in Turkije, via de Imam-Hatip scholen, nadat religieuze vormingen jaren verboden waren geweest. Erdogan herkent zich in die doelstelling van Menderes om de islam opnieuw een plek te geven in Turkije. Hij deelt ook Menderes’ visies op economie, buitenlandbeleid, urbanisatie, grote projecten.’

Ook gewezen premier Necmettin Erbakan, de voormalige leider van de religieuze conservatieve Refah (Welvaartspartij), waarvan Erdogan lid was, speelt een grote rol in zijn politieke ontwikkeling. Toch boterde het niet zo tussen die twee.

Nicolas Cheviron: ‘Er wordt vaak gezegd dat Erdogan een trouwe volgeling was van Erbakan. Wanneer je echter een beetje graaft in de relaties tussen beide, dan zie je dat dit niet helemaal het geval was. Al in de jaren waarin Erdogan zich politiek begint te engageren, voel je dat hij niet exact op dezelfde lijn zit als Erbakan. En later nam Erdogan zelfs deel aan een interne putsch binnen de Welvaartspartij tegen Erbakan, die mislukte.’

‘Daarna toonde Erdogan zich echter als een trouwe discipel, gedisciplineerder zelfs dan de echte volgelingen die de hand kussen van de “hoca” (Meester, td). Maar in realiteit stond hij heel competitief tegenover de figuur van Erbakan. Dat zie je volop op het einde van de jaren negentig, op het moment van de oprichting van de AKP. Hij vond Erbakan te soft, ging verder, weidde uit, en eigende zichzelf de rol van hoca toe binnen de islamitische beweging.’

Een derde belangrijke figuur voor Erdogan is de stichter van de Turkse staat, Kemal Atatürk, nochtans iemand met wie hij aanvankelijk niet hoog opliep.

Jean-François Pérouse: ‘Erdogans relatie tot Atatürk, hoe die verandert en groeit, typeert zijn eigen evolutie binnen het Turkse politieke systeem. In zijn politieke beginjaren bevond Atatürk zich niet op de voorgrond, integendeel. Dat veranderde gaandeweg. Voor Erdogan is uiteindelijk niet Atatürk maar diens opvolger en tweede Turkse president, Ismet Inönü, de boeman. Hij was het die Atatürks politieke erfenis verried.’

‘Vandaag zie je hoe, naarmate Erdogan zich steeds meer in het centrum van Turkije gaat zetten, hij zich meer en meer identificeert met de stichter van Turkije. Sinds einde jaren 2000 probeert hij zich de status en de toon van de generaal aan te meten.’

Spreidstand

‘Erdogan weet net als elke Turk dat je met Atatürk niet spot, dat “meer Atatürk” ook “meer stemmen” oplevert.’

Is die identificatie van een religieuze Erdogan met een seculiere Atatürk geloofwaardig?

Jean-François Pérouse: ‘Het is deel van een politiek spel. Erdogan weet net als elke Turk dat je niet spot met Atatürk, dat “meer Atatürk” ook “meer stemmen” oplevert.’

© Jan Boeve

Jean-François Pérouse

‘Erdogan maakte de vergelijking tussen 23 april 1920, het moment waarop de onafhankelijke macht in Ankara zich ontplooide via het eerste Turkse parlement (nog voor de oprichting van de Turkse republiek in 1923, td) met 16 juli 2016. Juli 2016 is immers het moment waarin Turkije een nieuw regime, een nieuwe politieke orde installeerde.’

‘Na de staatsgreep trok hij ook onmiddellijk een militair uniform aan, een stap dichter bij Atatürk. Daarmee meet hij zich opnieuw een nieuwe houding aan, namelijk die van het leger, waarmee hij nooit een goede relatie had.’

‘Tegelijk, en laat ons dat niet vergeten, het is niet alleen Erdogan die Atatürk gebruikt, dat doen en deden zowat alle politieke figuren van uiteenlopende strekkingen in Turkije.’

Nicolas Cheviron: ‘Maar de spreidstand van Erdogan is groter dan die van andere politici. Erdogan en Atatürk zijn zeker geen gelijken in hun ideeën over secularisme. In de jaren tachtig en negentig verdedigde Erdogan het idee dat het kemalisme te verwerpen was. In de eerste jaren van zijn burgemeesterschap in Istanboel reeg hij de ene schokkende uitspraak aan de andere. Toen hij zich uitsprak voor de sharia, zaaide hij paniek in seculiere kringen.’

‘Nu is hij gematigder. Maar ook al herneemt hij bijvoorbeeld het register van de militaire jaren tachtig, het is wel gedrenkt in een islamitisch sausje.’

Hoe verbindt Erdogan de islam met Turks nationalisme?

‘De Turkse moslim is voor Erdogan en voor vele landgenoten een soenniet. Dat is zeker problematisch voor bijvoorbeeld de alevieten, die hoogstens getolereerd worden.’

Jean-François Pérouse: ‘Voor Erdogan is de islam een systeem van persoonlijk geloof, sterk verbonden met de nationale Turkse identiteit. De Turkse moslim is voor Erdogan en voor vele landgenoten een soenniet. Dat is zeker problematisch voor bijvoorbeeld de alevieten, die hoogstens getolereerd worden of zich maar moeten assimileren.’

‘Je ziet dat hij zich beroept op de religieuze teksten om de massa op te hitsen tegen het kemalisme, of de ondergeschikte positie van de vrouw te verantwoorden, hij geeft meer geld aan de Directie voor religieuze zaken, enzovoort. Maar dat wil niet zeggen dat hij Turkije wil islamiseren. Hij is een pragmaticus en een Turk tot in de kist.’

Tegelijk: de studentenvereniging MTTB, waarvan Erdogan lid was, kreeg – zo schrijven jullie – vermoedelijk geld van Saoedi-Arabië, dat daarmee het pan-islamisme wou sterker maken.

Nicolas Cheviron: ‘Ondanks dat is Erdogan geen pan-islamist, integendeel. Op het einde van de jaren zeventig vond de islamistische jeugd inspiratie in het Iraanse model, in de islamitische revolutie. Het was Erdogan die binnen Erbakans partij diezelfde jeugd tot de orde moest roepen.’

Jean-François Pérouse: ‘Opnieuw, Erdogan is heel Turks. Zijn internationale banden zijn gebaseerd op economische belangen, niet op religieuze.’

Ridder op wit paard

Erdogan belandde in de cel na het proclameren van het befaamde religieuze gedicht, dat eigenlijk een aanklacht was tegen het kemalisme. Maar hij kwam terug, en hoe. In 2002, won zijn AKP de verkiezingen. Wat was het geheim van zijn succes?

Jean-François Pérouse: ‘De politieke omstandigheden waren gunstig. De kiezers hadden alle vertrouwen in de politieke partijen verloren, vanwege vreemde coalities, corruptie, de gigantische economische crisis vanaf 2001. Dat leidde tot een massaal gedeelde ras-le-bol bij de kiezer.’

‘En dan kwam Erdogan op het voorplan: de zuivere ridder op het witte paard, die sterke ideeën verkondigde over verandering en stabilisering van het land.’

‘Hij stapte uit de elitaire politieke torens, begaf zich onder het volk, bouwde enorme banden op met het publiek.’

‘Bovendien bedreef hij een nieuwe politiek, liet zich omringen door PR-mensen om de AKP-campagne vorm te geven. Hij stapte uit de elitaire politieke torens, begaf zich onder het volk, bouwde enorme banden op met het publiek. Dat was nieuw en modern in Turkije.’

Nicolas Cheviron: ‘Erdogan kreeg ook steun van de VS, die in hem een potentiële gematigde islamitische partner in de regio zag. En, niet onbelangrijk, er was ook plaats in Turkije voor een nieuw, traditioneel en religieus vormgegeven rechts.’

Jullie woonden al in Turkije toen de AKP verkozen werd in 2002 en toen Erdogan een jaar later premier werd. Wat dachten jullie?

© Jan Boeve

Nicolas Cheviron

Jean-François Pérouse: ‘Een figuur als Erdogan was nodig. Hij toonde ernst, professionaliteit, wilde vooruitgang. Hij kon mensen overtuigen, had (en heeft nog steeds) ongelofelijk retorische kwaliteiten, gebruikte een heel liberaal discours, ook op politiek vlak. Hij was heel open, ook over taboe-kwesties, als de Koerdische, de Armeense. Dat was geen retorisch spelletje, maar gemeend.’

Nicolas Cheviron: ‘Het is natuurlijk moeilijk om vandaag, met de kennis die we nu hebben, enthousiast te zijn met wat is geweest. Maar als ik de recente geschiedenis herlees, herken ik het enthousiasme dat ik toen voelde. Je zag hoe tot 2005 hervorming na hervorming werd doorgevoerd. Hij bouwde krediet na krediet op. De hervormingen gingen nog door tot 2007, zij het in een trager ritme als gevolg van de enorme teleurstelling tegenover de Europese Unie die de onderhandelingen stopzette.’

Die teleurstelling in Europa, schrijven jullie, wordt onderschat. Leg uit.

Nicolas Cheviron: ‘Europa wilde de onderhandelingen heropstarten maar dan in een procedure met een open einde, zonder enige garanties. Dat was ongezien en dat zag men in Ankara als heel onfair en vernederend.’

‘De Europeanen hebben wel degelijk verantwoordelijkheid in deze slecht uitdraaiende liefdesaffaire. Noem het gerust het morele failliet van Europa.’

‘Turkije had zich bovendien geëngageerd rond Cyprus, met het plan-Annan. In een referendum stemden de Turks-Cyprioten massaal voor een vredesplan, terwijl de Grieks-Cyprioten dit verwierpen. En toch werden de laatste toegelaten tot de EU en kregen de Turks-Cyprioten een embargo in hun schoot. Dat was, samen met het verzet van Nicolas Sarkozy en Angela Merkel die zich uitspraken tegen de aansluiting, een enorme slag in het gezicht van Turkije.’

Jean-François Pérouse: ‘De Europeanen hebben wel degelijk verantwoordelijkheid in deze slecht uitdraaiende liefdesaffaire. Noem het gerust het morele failliet van Europa. Kijk naar de huidige EU-Turkijedeal, die diende om Europa te redden. Welk Europa? In Ankara weet men nu heel goed dat Europa een luchtbel is, en dat het beter praten is op bilateraal niveau met lidstaten dan met de EU.’

De val van het paard

Wanneer was het kantelmoment waarna Erdogan een andere, minder democratische kant opging?

Jean-François Pérouse: ‘Dat was onbetwistbaar vanaf 2010, toen hij de macht steeds persoonlijker ging vormgeven. Op internationaal vlak geraakte hij een jaar later verstrikt in de Syrische crisis, de banden met Iran en Irak verslechterden. Met Sisi, die het leger in Egypte opnieuw op het voorplan zette, verkoelden de goede banden met Egypte. Enzovoort. In eigen land trok hij de magistratuur naar zich toe via een grondwetswijziging in september 2010. Toch ging een en ander aan die omslag vooraf: de republikeinse instituten werden al in 2007 bedreigd, zowel binnen het leger als justitie.’

Nicolas Cheviron: ‘En in 2007 begonnen de eerste onderzoeken in het kader van Ergenokon, of de processen van de “Diepe Staat”. Turkije bevond zich opnieuw in een proces waarbij het uit het democratische kader, in een fictioneel kader, stapte.’

Was Ergenokon opgezet spel?

‘Hoe langer de Ergenekonprocessen aansleepten, hoe ongelofelijker de arrestaties en de manier van rechtsgang werden.’

Jean-François Pérouse: ‘Niet helemaal. Het is gewoon een heel schimmige rechtsgang geweest en dus is heel moeilijk om te weten wat waarheid en vals was. Het is even moeilijk om hier feitelijk over te spreken of schrijven, want de dimensie van Ergenokon is uiterst politiek gepolariseerd, waardoor toehoorders of lezers je heel snel stellingname aanmeten.’

Nicolas Cheviron: ‘Hoe langer de Ergenekonprocessen – die vier jaar duurden – aansleepten, hoe ongelofelijker de arrestaties en de manier van rechtsgang werden.’

‘Achteraf werden mensen vrijgelaten, omdat ze valselijk zouden worden beschuldigd. Mooi, maar ook hier stond de politiek centraal. Mensen werden vrijgelaten in het kader van politieke doelen, omdat men hen nodig had in de strijd tegen Fethullah Gülen en zijn beweging. Dat is evenmin een zaak van gerechtigheid als hen te arresteren in de eerste plaats.’

‘En intussen trok Erdogan de macht totaal naar zich toe: bij de Raad voor het Hoger Onderwijs, bij de Hoge audiovisuele raad (RTÜK). Hij incorporeerde de media, justitie. Het was een “stille” regimeverandering.’

En dan kwam 2013, het jaar van Gezi. Wat betekende dit voor Erdogans positie in Turkije?

Jean-François Pérouse: ‘Gezi was heel determinerend. De polarisering in de Turkse samenleving werd ten top werd gedreven. Het was het moment van wraak: van Erdogan, maar evengoed van de oppositie.’

‘Wat velen vergeten is dat Gezi niet één moment maar vele momenten was’

‘Wat velen vergeten, is dat Gezi niet één moment maar vele momenten was. Er zijn met andere woorden verschillende Gezi’s. Je hebt het Gezi van de eerste dagen, het burgerinitiatief dat was opgebouwd rond het park in Istanboel, het bezette Taksimplein, de demonstraties.‘

‘Maar je hebt ook al die Gezi’s buiten Istanboel, die veel gewelddadiger waren dan Taksim, die een karakter van opstand kregen. In 80 van de 81 departementen demonstreerden 3,5 miljoen Turken. Het werd een politiek gebeuren, waarin de oppositiepartij CHP en de alevieten zich openlijk tegen Erdogan uitspraken.’

‘Erdogan reageerde door het gebeuren een complot tegen hem te noemen, onophoudelijk uitgezonden op pro-AKP-televisiezenders, en door de rest van de media te intimideren. En, ondanks onderhandelingen aan en beloften met de demonstranten, liet hij midden juni het park hardhandig ontruimen. En toch kon hij op zijn basis blijven rekenen, al kwamen er barsten.’

Het complot van Gülen

Jullie schrijven dat de Gülenbeweging geïnfiltreerd is in de Turkse instituten. Maar ik las opmerkelijk weinig over het bondgenootschap tussen de AKP en de Gülenbeweging toen de AKP aan de macht kwam.

Nicolas Cheviron: ‘In onze tweede, bijgewerkte, editie gaan we daar uitgebreider op in. Kijk, in de beginjaren van de alliantie AKP-Gülen kon je het Gülenisme niet problematisch noemen. Fethullah Gülen toonde een positief gezicht naar de Turken toe, promootte een vrouwvriendelijke islam, beter onderwijs, was voor religieus pluralisme, engageerde zich op sociaal vlak, enzovoort.’

‘Dan kwam die ommekeer met onder meer de Ergenekonprocessen, waar rechters uitspraken naar hun hand zetten, waar Zaman ingeschakeld werd in een oppositiespel tegen Erdogan. De Gülenbeweging nam binnen het justitiekader en binnen de media belangrijke posten in, er gebeurden dingen die zeker niet meteen zuiver te noemen waren. Maar het was en is nog steeds bijzonder moeilijk om daar een vinger op te leggen, om aan te duiden wat die infiltratie betekende.’

Het complotdenken tegen Gülen bestond al voor de couppoging op 15 juli 20 16. Is Erdogan echt bang van Gülen?

Nicolas Cheviron: ‘Volgens mij ziet Erdogan de Gülenbeweging echt als zijn interne aartsvijand, die hem op elk moment een dolk in de rug kan steken. Er waren verschillende momenten waar Gülen Erdogan buiten spel probeerde te zetten: in de geheime vredesgesprekken met de Koerden in Oslo, er zijn de aftaptapes in het corruptieschandaal einde 2013, de poging tot staatsgreep waaraan ook aan Gülen gelinkte militairen deelnamen. Ze zijn met andere woorden overal.’

‘Wat zich sinds 15 juli afspeelt, is verschrikkelijk voor de toekomst van de Turkse samenleving’

Jean-François Pérouse: ‘Maar de zuiveringscampagne tegen de Gülenbeweging die we nu zien, is ongehoord, buiten proporties. Men zoekt “Gülenaanhangers”. Maar wie kan je bestempelen als een Gülenist? En wat betekent dat dan? Ik wil zeker niet naïef zijn en zeggen dat Gülen een onschuldige beweging is, maar evengoed is het heel gevaarlijk om te zien hoe onvoorstelbaar de zuiveringsoperatie is, dat gaat heel ver.’

‘Wat zich sinds 15 juli afspeelt, is verschrikkelijk voor de toekomst van de Turkse samenleving. Nu worden mensen die met hen ooit van ver nog maar sympathiseerden bekeken als melaatsen, besmette mensen. Er moet een verzoening komen, ook voor de AKP zelf, die met zichzelf in het reine moet komen.’

Zou de AKP kunnen bestaan zonder Erdogan?

Jean-François Pérouse: ‘Nee, hij was de persoon die zijn politieke gewicht in de schaal kon leggen bij het ontstaan van de partij. De partij werd opgericht dankzij zijn positie als burgemeester van Istanboel, dankzij de netwerken en het politieke kapitaal dat hij had opgebouwd. Zonder Erdogans politieke gewicht was er geen AKP geweest. Niemand anders, ook zijn rivaal Abdullah Gül niet, heeft diezelfde gave om de massa’s aan te spreken. Erdogans charisma is enorm.’

Nicolas Cheviron: ‘Niemand kan wedijveren met Erdogan. Zolang Erdogan er is, zal er geen evenwaardige uitdager zijn.’

Erdogan door Jean-François Pérouse en Nicolas Cheviron is uitgegeven door Prometheus, 440 blzn, ISBN 9789044632620.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur