‘Dat ze allemaal vertrekken!’

Opstand in Algerije: de vraag van één miljoen

© Ramzi Boudina / Reuters

‘D at ze allemaal vertrekken!’, de uitspraak die een jonge Algerijn deed in een spontane tussenkomst tijdens een live verslaggeving van een Arabischtalige zender vanuit Algiers, dook de dag erna terug op in hashtags op sociale media. Het werd één van de meest gebruikte leuzen tijdens de wekelijkse en massale demonstraties in de hoofdstad Algiers en elders in het land.

‘Deze uitspraak is vandaag nog altijd geldig’, zegt sociologe Dalia Ghanem Yazbeck, Algerije-specialiste bij Carnegie Middle East Center in Beiroet. ‘Ze moeten allemaal vertrekken, dat is wat het volk wil’, zegt ze.

Wat is er aan de hand in Algerije?

Dalia Ghanem Yazbeck: Alles begon toen Abdelaziz Boutelflika, na vier mandaten en twintig jaar lang aan de macht te zijn, besliste om zich kandidaat te stellen voor een vijfde ambtstermijn. Men moet weten dat de Algerijnen te maken hebben gehad met een president die hen sinds 2013 niet heeft toegesproken. Bouteflika heeft in 2013 een hartinfarct gehad die hem aan een rolstoel heeft gekluisterd. Zijn gezondheidstoestand ging week na week achteruit.

Er is dus een soort algemene ras-le bol, een algemeen gevoel van genoeg-is-genoeg bij de bevolking. Een vijfde ambtstermijn was voor de Algerijnen de ultieme belediging. De druppel die de emmer deed overlopen. Toen ik op 1 maart op straat kwam om, als Algerijns burger, samen met andere Algerijnen te protesteren, hoorde ik de hartenkreet van een volk om de eigen waardigheid terug te winnen. Ik zag een volk dat de publieke ruimte had ingenomen en zijn burgerschap herwon.

Er kwam eerst een politieke kakofonie als reactie op het massale protest. Daarna kwam er een ministeriële herschikking, en uiteindelijk is het leger ertussen gekomen en stelde men voor om artikel 102 van de grondwet te activeren. We hebben generaal Ahmed Gaed Salah gezien die openlijk aan Bouteflika vraagt om af te treden. De toon was droog en bedreigend. Dat heeft trouwens gewerkt, want 90 minuten later heeft de president zijn ontslag aangeboden aan de voorzitter van de Grondwettelijke Raad, een ontslag dat onmiddellijk in werking trad.

‘De uitvoerende macht in Algerije is heel erg zwak’

Dit is een grote overwinning voor het Algerijnse volk. Het volk gaf een goede les in burgerzin en pacifisme door politieke rijpheid te tonen, maar ook door de capaciteit om te manifesteren en de publieke ruimte die hen werd ontzegd terug in te nemen. Het volk is erin geslaagd om het ontslag van de president af te dwingen zonder dat er ook maar één druppel bloed vergoten werd. Dat is de schoonheid van deze beweging.

U zegt dat het leger gevraagd heeft om artikel 102 van de grondwet te activeren. Is het niet de taak van het parlement om dit te doen?

Dalia Ghanem Yazbeck: Artikel 102 van de grondwet voorziet dat een president moet aftreden wanneer hij niet in staat is om zijn functies uit te voeren. De Grondwettelijke Raad moet akte nemen van zijn ontslag en de voorzitter van het parlement wordt overgangspresident voor een periode van 90 dagen.

Normaal gezien is het inderdaad de taak van het parlement om artikel 102 te activeren. Maar dat is niet gebeurd. En dat komt omdat het parlement heel trouw is aan de clan van Abdelaziz Bouteflika. Het was erg onwaarschijnlijk dat het parlement een beslissing zou nemen. De uitvoerende macht in Algerije is heel erg zwak.

De militaire instelling, het leger, voelde zich genoodzaakt om een einde te maken aan deze politieke crisis en in te grijpen. Het is ook de meest ernstige politieke crisis in Algerije sinds de jaren negentig. We hebben te maken met een macht die niet wilde luisteren.

© Y-Drid (Wikimedia Commons)

‘Als de regering het volk op verschillende manieren en met diverse middelen naar de ondergang leidt, wordt ongehoorzaamheid voor elke burger één van zijn rechten. Meer zelfs, het wordt een vaderlandse plicht. Lange leve Algerije voor een betere toekomst. 01 maart 2019’

U zei dat de schoonheid van deze beweging is dat het volk de president tot aftreden heeft gedwongen zonder dat er ook maar één druppel bloed werd vergoten. Maar komt dat door het toedoen van het volk of omdat men bewust niet tegen de betogers wilde optreden? Het lijkt alsof alles heel gemakkelijk is verlopen?

Dalia Ghanem Yazbeck: Gemakkelijk was het niet, en ook niet snel. Er waren dagelijks manifestaties, georganiseerd door studenten, door rechters, door mensen van de gezondheidszorg, door vakbondsmensen. Er was geen repressie omdat de Algerijnen een graad van maturiteit hebben bereikt die andere volkeren in de regio niet hebben. Dat heeft te maken met de historiek van dit land.

Het is een volk dat extreem geweld heeft meegemaakt in de jaren 90 toen de militairen in januari 1992 het verkiezingsproces onderbroken hebben en de islamitische partij FIS (die de verkiezingen dreigde te winnen en de eerste oproepen tot jihadisme lanceerde) buiten de wet stelden. Toen zijn kleine islamitische groepen zoals de GIA (Groupe Islamique Armé) ontstaan. De Algerijnen hebben nog de herinnering aan de burgeroorlog en de 150.000 doden die die oorlog heeft veroorzaakt.

Ze willen geen geweld. Ik heb zelf gezien hoe de betogers tijdens de eerste manifestatie van vrijdag 1 maart, vanaf het moment dat ze de politie naderden, hun handen omhoog hielden en ‘silmiya, silmiya’, ‘vreedzaam, vreedzaam’ riepen . Ze waren nooit in een positie om het leger of de politie te provoceren want ze kennen heel goed hun mogelijkheden. Ze wilden de ordetroepen niet de kans geven om geweld te gebruiken.

‘Het is een regime dat zo complex is en zo verankerd dat het moeilijk zal zijn om het te ontwortelen’

Het is ook een beweging die heel maatschappelijk verantwoord is. We hebben gezien hoe mensen met vuilniszakken de straten zijn opgegaan om het vuilnis op te rapen. Er werd tijdens de betogingen geen schade aangericht. We hebben mensen met kinderen op hun schouders zien manifesteren.

Is dat niet precies wat we ook gezien hebben in Egypte in 2011? Daar hebben de mensen er ook alles aan gedaan om niet te provoceren. Is dit een kwestie van rijpheid en verantwoordelijkheidszin van de Algerijnen, zoals u zegt, of gaat het om het feit dat er mensen zijn binnen het machtsapparaat die verandering willen en die een einde willen maken aan het tijdperk van Bouteflika?

Dalia Ghanem Yazbeck: Inderdaad. Ik denk dat ook het leger zelf een bepaalde maturiteit heeft bereikt. Ik heb zelf met mensen binnen het leger gesproken. Men wil het scenario van de jaren 1990 niet herhalen. Men wil geen bloed vergieten, daarom is het leger niet op straat gekomen. De politie heeft ook geen zin om geweld te gebruiken. Het is een houding aan beide kanten.

Maar we moeten ook zeggen dat het tactisch en strategisch gezien moeilijk was voor de politie om op de massa van duizenden te slaan terwijl de ordediensten zelf niet met zo’n grote aantallen aanwezig waren. Komt daarbij dat een repressie het regime internationaal ongeloofwaardig zou hebben gemaakt. En dat wilde het regime vermijden.

Is het aftreden van de president een herschikking binnen het regime zelf of komt er iets nieuws? Want de vraag die vaak wordt gesteld zonder duidelijk antwoord, is: wie is er aan de macht in Algerije? Wie trekt er aan de touwtjes?

Dalia Ghanem Yazbeck: Het is geen “one man show”. Achter Bouteflika staat een heel systeem dat heel ingewikkeld en ondoorzichtig is. De structuren van de macht zijn verschillend en uiteenlopend. Er zijn economische en politieke belangen die verschillend zijn. We hebben een piramidaal regime met aan de top natuurlijk de militaire instelling, met sleutelleiders wiens identiteiten we niet eens kennen.

Onderaan de piramide heb je verschillende sporen van de macht. Je hebt de leden van het FLN (Front de Libération Nationale, de partij die aan de macht is in Algerije sinds de onafhankelijkheid in 1962), je hebt de bureaucratie en de administratie, je hebt de business tycoons, mensen zoals Ali Haddad, enzovoort. Al die mensen hebben belangen die overlappen. En natuurlijk zijn de loyaliteiten niet vast en kunnen ze veranderen. Zo kun je zien dat een Ali Haddad, die heel trouw was aan Bouteflika, ontslag heeft genomen bij het forum voor bedrijfsleiders FCE en heeft geprobeerd om het land in het geheim te verlaten.

Het systeem is dus heel ingewikkeld en ondoorzichtig. Maar één zaak is zeker. Het is een regime dat zo complex en zo verankerd is dat het moeilijk zal zijn om het te ontwortelen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

‘Het volk wil geen scenario op zijn Egyptisch met een Abdelfattah Al-Sisi op zijn Algerijns’

De Algerijnen zijn al lang vragende partij, vooral voor economische hervormingen. Wat willen ze, nu de president ontslag heeft genomen?

Dalia Ghanem Yazbeck: Voor de Algerijnen is het vertrek van Bouteflika een eerste stap maar dat is niet voldoende. De zin “dat ze allemaal vertrekken”, is populair geworden bij de Algerijnen. Dat wil zeggen dat Bouteflika moet vertrekken, zijn broers Saïd en Nacer moeten vertrekken, het FLN en zijn leiders moeten vertrekken en ook stafchef-generaal Gaed Salah moet vertrekken. Er zijn video’s gemaakt van de manifestaties van 29 maart waarin mensen slogans roepen in de trant van: ‘Ga weg Bouteflika en neem Gaed Saleh met je mee’. Dat wil zeggen dat ze hem ook niet willen.

Ik denk dat het opportuun is als hij, als hoofd van het leger, met een opgeheven hoofd en via de grote deur zou vertrekken. Hij zou herinnerd worden als de man die op een historisch moment in de moderne geschiedenis van Algerije een positieve rol heeft gespeeld. Het zou beter zijn dat hij nu vertrekt want het volk wil geen scenario op zijn Egyptisch met een Abdelfattah Al-Sisi op zijn Algerijns.

Het regime moet vertrekken. Het regime is er niet in geslaagd om zichzelf opnieuw uit te vinden. Maar wat is het alternatief?

Dalia Ghanem Yazbeck: Dat is de vraag van één miljoen, wat is het alternatief? We bevinden ons momenteel in een wazige situatie. Het is heel moeilijk om te voorspellen wat de volgende stap zal zijn. Hoe het leger zal reageren, kunnen we niet voorspellen want mensen zijn toch van plan opnieuw op straat te komen. Het is dus afwachten wat de komende dagen zullen brengen.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift