'De overheid wil niet dat de wereld weet wat er in Somalië gebeurt'

Repressie, zelfcensuur en ballingschap: overleven als journalist in Somalië

© Feisal Omar / Reuters

‘Toen ik op een avond naar huis wandelde, nam een groep mannen me plots onder vuur. Ik sloeg op de vlucht en rende lukraak een gebouw binnen, waar ik me verschanste in een achterkamer. Een kogel had mijn linkerschouder doorboord en maar met moeite kon ik het bloed stelpen. Roerloos bleef ik zitten in een hoek, doodsbang dat de mannen me elk moment zouden vinden. Na meer dan acht uur te hebben gewacht, raapte ik mijn moed bijeen en belde een vriend op. Die kwam even later aangerend en verzekerde me dat het gevaar was geweken. Nog steeds is het litteken op mijn schouder zichtbaar.’

De verhalen die de jonge Somaliër Rashid* ons vertelt over zijn werk als journalist, zijn choquerend. Maar hoe onwezenlijk ze ook klinken, toch zijn ze niet zomaar incidenten: Somalië geldt al jaren als een van de gevaarlijkste landen voor journalisten.

Volgens CPJ, het beschermingscomité voor journalisten, zouden sinds het ineenstorten van de centrale regering in 1991 al meer dan zestig journalisten zijn vermoord. Spil in deze moorden is Al Shabaab, een aan Al Qaeda gelinkte terreurbeweging die in grote delen van Somalië actief is.

Hoewel dat dodental de voorbije jaren fors werd teruggebracht – in 2019 kwamen “maar” twee journalisten om bij een bomaanslag van Al Shabaab – heeft Somalië weinig vooruitgang geboekt als het gaat om persvrijheid. Volgens Abdalle Ahmed Mumin, secretaris-generaal van de onafhankelijke pressiegroep Somali Journalists Syndicate (SJS), lijden journalisten naast fundamentalistische terreur ook zwaar onder ‘state-led violence’.

© Abdalle Ahmed Mumin

Abdalle Ahmed Mumin

Arbitraire arrestaties

Eerst enkele cijfers. Volgens het rapport dat Mumin en zijn team onlangs publiceerden, hebben politie- en veiligheidsagenten in 2019 minstens 81 journalisten fysiek aangevallen. 53 anderen werden opgepakt. Niet alleen in de hoofdstad Mogadishu, maar in heel Somalië – de betwiste staten Puntland en Somaliland inbegrepen. Daarnaast kregen zeker 7 mediahuizen een tijdelijke schorsing opgelegd of moesten ze zelfs voorgoed de deuren sluiten.

In 2019 zijn minstens 81 journalisten fysiek aangevallen door politie- en veiligheidsagenten. 53 anderen werden opgepakt.

Mumin, telefonisch vanuit Mogadishu: ‘We stellen vast dat de repressie van veiligheidsagenten en andere overheidsfunctionarissen tegenover de media in 2019 hevig toenam. Daartegenover staat een tekort aan bescherming en advocatuur voor journalisten. Het gros van de aanvallen en arbitraire arrestaties wordt nauwelijks onderzocht, laat staan dat de daders worden berecht. De heksenjacht op journalisten, die overigens al jaren aan de gang is, heeft één doel: dissidente stemmen het zwijgen opleggen.’

Het SJS-rapport maakt melding van minstens 12 journalisten die vorig jaar in ballingschap gingen en 9 die hun carrière hebben stopgezet. Vaak uit angst voor Al Shabaab, soms omdat ze te gefrustreerd zijn geraakt door de troebele werkomstandigheden. Anderen gaven toe aan zelfcensuur en schrijven niet langer over beladen thema’s, zoals mensenrechten, politiek of veiligheid.

Ook bij Rashid sloeg de twijfel toe na de aanslag op zijn leven. ‘Ik vroeg me af of ik nog wel kon blijven werken in zo’n vijandige omgeving? Maar ik zette door en vond nieuwe manieren om te overleven. Zo gebruik ik verschillende pseudoniemen, zelfs voor mijn paspoort(en). Dat doe ik om mezelf én mijn familie te beschermen.’

Die bescherming is nodig, want hoewel het aantal gedode journalisten de voorbije jaren daalde, betekent dat niet dat Al Shabaab minder sterk staat.

Rashid: ‘Toen president Mohammed Abdullahi Mohamed – bijgenaamd ‘Farmaajo’ – in 2017 aan de macht kwam, hoopte iedereen dat de veiligheidssituatie in Somalië zou verbeteren. Maar daarvan is vooralsnog weinig te merken. Al Shabaab wordt met de dag machtiger. Ze experimenteren nu ook met nieuwe tactieken. Zo vragen ze grote sommen geld aan bedrijven en overheidsfunctionarissen. Wie niet kan of wil betalen, is een potentieel doelwit.’

‘Bovendien beperkt de invloed van Al Shabaab zich niet tot Somalië’, waarschuwt Rashid. ‘De terreurbeweging rekruteert massaal kinderen en jongeren, vooral in afgelegen dorpen van Somalië. Maar ook in Europa, bijvoorbeeld in Zwitserland. Leden van de organisatie viseren er jongeren via sociale media, of wanneer ze naar de moskee gaan, en vertellen hun dat ze moeten terugkeren naar hun geboorteland om er te gaan strijden. Journalisten die zulke verhalen naar buiten willen brengen, riskeren hun leven.’

Zo ook de Somalische journalist Bashir*. Hij woonde in Zwitserland, maar sloeg op de vlucht nadat hij meerdere doodsbedreigingen ontving. ‘De mensen die me contacteerden verheerlijkten onder meer de dood van Hindia Haji’, vertelt hij ons. ‘Hindia was een journalist die onderzoek verrichtte naar de rekrutering van kinderen. In 2015, nadat ze was teruggekeerd naar Somalië, kwam ze om het leven bij een doelgerichte bomaanslag. Ik wou haar onderzoek voortzetten, maar door de aanhoudende druk heb ik uiteindelijk ook ingebonden.’

Feiten versus counterfacts

Die voortdurende dreiging is doeltreffend. Het is voor de internationale gemeenschap en buitenlandse journalisten bijzonder moeilijk om te peilen naar de staat van het land. Een accuut gebrek aan officiële cijfers maakt het er allemaal niet makkelijker op. De overheid heeft geen databank van het aantal burgerslachtoffers van aanslagen en verspreidt dikwijls zelfs zogeheten counterfacts: een veel lager dodental, bijvoorbeeld.

Mumin: ‘Een maand geleden vond in Mogadishu een vreselijke bomaanslag plaats. Daarbij vielen naar schatting negentig tot honderd doden. We konden beslag leggen op een gelekte video waarop de politiecommissaris – in opdracht van de burgemeester! – orders geeft om het exacte aantal slachtoffers niet bekend te maken. Waarom? Wellicht omdat de overheid geen paniek wil zaaien. Dat zou immers betekenen dat ze de veiligheidssituatie niet onder controle heeft. Maar evengoed omdat ze niet wil dat de wereld weet wat er gebeurt in Somalië.’

‘Het kan dus zomaar gebeuren dat er bij een aanslag tientallen slachtoffers vallen en dat een politieofficier op de nationale televisie doodleuk komt vertellen dat er niets aan de hand is: alles is in orde en maar één persoon raakte lichtgewond.’

Draconische mediawet

Volgens Mumin is er niet meteen veel beterschap in zicht. ‘Het Somalische parlement keurde onlangs een wetsvoorstel goed dat de media nog meer aan banden moet leggen. Dat hoeft niet te verbazen: bijna alle parlementsleden hebben het grootste deel van hun carrière onder een dictatuur gewerkt. Ze zijn ouder dan zeventig jaar en hebben nooit iets anders gekend. Voor velen onder hen is een vrije pers ondenkbaar.’

‘Bijna alle parlementsleden hebben het grootste deel van hun carrière onder een dictatuur gewerkt.’

De mediawet – die Mumin ‘draconisch’ noemt – omvat verschillende vage passages en restricties, zoals een verbod op kritische berichten over de overheid. Bovendien zullen journalisten en mediahuizen voor bepaalde werkzaamheden een (dure) vergunning moeten hebben.

Als het wetsvoorstel ook wordt goedgekeurd door de president, zal dat ongetwijfeld een invloed hebben op de verkiezingen die later dit jaar op de agenda staan. Mumin: ‘De federale verkiezingen zijn gepland van augustus 2020 tot februari 2021. Tussendoor zijn er ook nog enkele belangrijke lokale verkiezingen. Dat zal nog meer repressie met zich meebrengen. Verschillende mediahuizen maken zich nu al zorgen: hoe kunnen we onze journalisten beschermen? Als zij hun werk niet onafhankelijk kunnen doen, is dat een vrijgeleide voor het regime om de verkiezingen te vervalsen.’

Bashir bevestigt: ‘Je voelt nu al de spanning toenemen. Journalisten worden onder druk gezet, beledigd of bedreigd. Dat is eigen aan verkiezingen in Somalië. Maar vergis je niet: er lopen ook heel wat corrupte journalisten rond. Ze nemen geld aan om positief te berichten over politici of invloedrijke zakenlui.’

In Somalië hebben ze zelfs een term voor deze vorm van corruptie: sharuur. Heel wat journalisten gaan bijgevolg niet langer op zoek naar belangwekkende verhalen, maar naar verhalen waarvan ze zeker zijn dat de sharuur hun veel geld zal opleveren.

Toekomst?

Ondanks de dreiging zijn er toch nog journalisten die zich niet de mond laten snoeren. Mumin: ‘Journalisten vind je in alle hoeken van Somalië en ze willen reportages maken. Een vrije pers is niet alleen essentieel voor ons, het Somalische volk, maar ook voor de internationale gemeenschap. Niemand weet welke vreselijke dingen hier gebeuren als journalisten en verslaggevers niet vrij kunnen berichten.’

‘In 2015 overleefde ik een aanslag op mijn leven’, gaat hij voort. ‘Ik had een artikel geschreven over een voormalige commandant van Al Shabaab die om het leven was gekomen bij een door de Amerikanen opgezette droneaanval. Daarmee had ik een rode lijn overschreden. Ik ben toen het land ontvlucht en leefde een paar jaar in ballingschap.’

‘Tijdens mijn ballingschap besefte ik pas hoe geprivilegieerd ik was.’

‘Tijdens mijn ballingschap besefte ik pas hoe geprivilegieerd ik was: ik was een vrij succesvol journalist die voor internationale bladen schreef, zoals The Guardian of Wall Street Journal. Ik had niet alleen de financiële middelen om het land te verlaten, maar ook een breed netwerk en collega’s die me psychologisch bijstonden. Dat zette me aan het denken: wat met de vele Somalische journalisten die niet die steun hebben, maar die net zoals ik geïntimideerd, vernederd en aangevallen worden? Wat kan ik doen voor hén?’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

‘Ik keerde terug naar Somalië en richtte samen met collega’s en gelijkgestemden het Somali Journalists Syndicate op. We organiseren trainingen en leren journalisten hoe ze zich kunnen wapenen tegen de intimidaties en het geweld. Niet alleen wanneer ze de straat op trekken, maar ook online.’

‘Onder de journalisten die we bijstaan, zijn ook heel wat vrouwen. Zij worden vaak nog het hardst getroffen. Behalve de intimidaties waarmee ook hun mannelijke collega’s hebben af te rekenen, ondergaan vrouwen ook vaak seksueel geweld. We mogen nooit ophouden om daar tegen te strijden, ook al riskeren we daarbij ons eigen leven.’

*Rashid is verbonden aan het Horn Afrik News Agency For Human Rights (HANAHR). Om veiligheidsredenen wenst hij anoniem te blijven. Ook Bashir is een gefingeerde naam.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Tom Claes is redacteur en freelancejournalist. Hij volgt de ontwikkelingen in de Hoorn van Afrika en focust in het bijzonder op de thema’s identiteit, migratie en ongelijkheid.