Dossier: 

William Lacy Swing: ‘Mensen in een wanhopige situatie zoeken een leefbare toekomst’

Het is allang geen nieuws meer: nooit eerder waren zoveel mensen gedwongen op de vlucht. Nooit eerder drong de complexiteit van migratie in al haar facetten zich zo duidelijk op aan Europese beleidsmakers, media en burgers als in 2015. William Lacy Swing, directeur-generaal van de grootste internationale migratie-organisatie, roept op tot nuance en pragmatiek. ‘Laten we dit moment gebruiken om orde te scheppen en constructieve oplossingen te zoeken.’

  • © IOM Jean-Marc Ferré © IOM Jean-Marc Ferré
  • © IOM  Jean-Marc Ferré © IOM Jean-Marc Ferré
  • © IOM Mark Garten © IOM Mark Garten

Als ik William Lacy Swing aan de lijn heb, zowat tien uur voor de Parijse aanslagen, houdt hij een zeldzame kantoordag in Genève. Ambassadeur Lacy Swing is net terug van de internationale migratietop in Valetta, Malta. Veel wil hij er niet over kwijt, maar de volgende dag reist hij naar Saoedi-Arabië om er over hulp aan en de opvang van Syrische vluchtelingen te gaan praten.

In de maanden ervoor reisde de Amerikaanse diplomaat de wereld rond, en bezocht hij onder meer twee keer Jordanië, een van de belangrijkste opvanglanden in de regio voor Syrische vluchtelingen.

Straks, in 2016, viert IOM haar 65ste verjaardag. Ook dat jaar zullen, net als in 2015, de uitdagingen van de wereldwijde migratie- en vluchtelingensituatie ongetwijfeld de politieke agenda’s beheersen.

Nooit eerder immers, zelfs niet tijdens de Tweede Wereldoorlog, beleefde Europa een immigratie van een dergelijke omvang, met onder meer aanhoudende conflicten aan zijn grenzen en groeiende ongelijkheid op het Afrikaanse continent. Nooit eerder drong de complexiteit en de veelheid van migratie zich zo duidelijk aan beleidsmakers, media en burgers op. En dat toont zich in Europa waar de aanpak van de migratie- of vluchtelingencrisis tot hevige discussies leidt. Europese en internationale afspraken zoals de Schengenzone en de Conventie van Genève, sinds 1951 een mijlpaal in het bieden van bescherming aan vluchtelingen, staan ter discussie.

William Lacy Swing: De 28 lidstaten streven naar orde. Men stoort zich aan de chaotische manier waarop migratie op Europees niveau wordt aangepakt. Nooit eerder had de Unie zo’n grote behoefte aan een alomvattend migratiebeleid op lange termijn. Misschien is dat wel de positieve kant van de huidige politieke migratiecrisis. Men is genoodzaakt om die oplossing te zoeken. Alleen moet die constructief zijn en moet die verder gaan dan het afschaffen van de Schengenzone bijvoorbeeld, toch een fundament van de Europese samenleving.

Persoonlijk zou ik zeker ook niets veranderen aan de beschermingsmaatregelen die werden vastgelegd in 1951. De Conventie van Genève heeft altijd zeer goed gewerkt in het belang van vluchtelingen en ik denk niet dat we het antwoord op de uitdagingen in de huidige migratiesituatie in die richting moeten gaan zoeken.

Een discours om aan de beschermingsmaatregelen te tornen, helpt het begrip voor de wereldwijde situatie van vluchtelingen niet vooruit. Het leidt al helemaal niet tot een beter begrip voor alle migranten, ook niet-vluchtelingen, wereldwijd.

Volgens de statistieken van de Verenigde Naties zijn er wereldwijd 245 miljoen internationale migranten, 740 miljoen binnenlandse migranten, en 60 miljoen vluchtelingen. Minder dan tien procent van het totale aantal migranten wereldwijd wordt beschermd door de Conventie van Genève, de rest, het overgrote deel, niet dus.

Bestaat er ook een internationaal kader om die andere 90 procent migranten – de niet-vluchtelingen – te beschermen?

William Lacy Swing: Deze belangrijke vraag is lange tijd opzijgeschoven door nalatigheid en desinteresse. Zoek in het organigram van de Verenigde Naties naar “migratie” en je vangt bot. Migratie stond blijkbaar zo laag op de agenda’s dat in 2000 niemand op het idee kwam om de bescherming van migranten in de millenniumdoelen te zetten. Pas in 2010, in Cancún, werd gedwongen migratie als gevolg van de klimaatverandering opgenomen in de VN-documenten over klimaatverandering.

De laatste jaren zien we dat migratie wereldwijd wel steeds meer aandacht krijgt. In Brussel werd in 2007 voor de eerste keer een mondiale dialoog over migratie gehouden, via het Forum Migratie en Ontwikkeling. Ook onder VN-vleugels vonden hierover intussen twee internationale dialogen plaats over migratie en ontwikkeling, en in vier van de zeventien nieuwe duurzame-ontwikkelingsdoelen wordt migratie genoemd.

© IOM  Jean-Marc Ferré

Een andere uitdaging is de klimaatverandering als een van de drijvende factoren achter migratie. Zijn we klaar om klimaatvluchtelingen op te vangen?

William Lacy Swing: IOM vermijdt labels als klimaatvluchtelingen of klimaatmigranten. Op dit moment weten we immers te weinig af van de exacte impact die klimaatverandering zal hebben op migratie. Onze analyse is voorlopig bovendien dat we de meeste gedwongen verhuizingen door klimaatverandering zullen zien binnen de grenzen van landen. Recent werden landen als Sao Tomé en Principe, Kiribati, Saint Lucia en Saint Kitts lid van IOM. Dat zijn, niet toevallig, alle vier eilandstaten die te maken hebben met klimaatverandering, iets waarover IOM overigens al publiceert sinds 1970. Vanuit IOM geloven we sterk in mitigatie en adaptatie in “goede tijden”. Zo koopt Kiribati nu al land in Fiji om mensen daarheen over te brengen voor de archipel verdwijnt.

Nooit eerder waren zoveel mensen gedwongen op de vlucht. Vaak belanden die mensen in transitlevens tussen verleden en toekomst, tussen herkomstlanden en bestemmingslanden. Wat is nodig om hen beter te beschermen?

William Lacy Swing: Die vraag zet de situatie van de 800.000 mensen die dit jaar naar Europa kwamen in het nodige perspectief. Libanon, een land van zes miljoen inwoners, vangt 1,1 tot 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen op. Het waterarme Jordanië vangt meer dan een miljoen vluchtelingen op en geeft tien miljoen liter water per jaar aan de kampen. Ethiopië ontvangt 700.000 vluchtelingen gedurende vele jaren, Kenia 400.000, Soedan tot 200.000. Die vluchtelingenstromen wegen enorm op die landen. En intussen komen de fondsen voor internationale hulp niet tegemoet aan de vraag.

Landen als Jordanië, Libanon en Turkije zijn middeninkomenslanden, waardoor ze geen concessionaire hulp meer kunnen krijgen, of rentevrije leningen van de Wereldbank en het Internationaal Muntfonds. Om hen financieel te kunnen ondersteunen, moet dat statuut opgeschort worden. Dat is niet eens zo moeilijk, en kan bijna met een pennenstreek worden gedaan.

Regionale opvang is één ding, maar de regio is weinig stabiel. En een land als Libanon weigert in opvang voor de vele Syrische vluchtelingen te voorzien. Gevolg: de middenklasse dreigt verder noordwaarts te trekken.

Willam Lacy Swing: Niet alleen rond Syrië, in de hele regio zijn aanhoudende conflicten en rampen, van West-Afrika tot in het Himalayagebergte. Daartussen vind je heel weinig stabiele plaatsen. Er is Boko Haram in Nigeria, we hebben het aanhoudende geweld in Zuid-Soedan, een religieus conflict in de Centraal-Afrikaanse Republiek, veertig jaar oorlog in Somalië, een land als Libië dat politiek onstabiel blijft, een nieuw conflict in Jemen, aanhoudende instabiliteit in Afghanistan, er is Irak, Syrië, noem maar op. Zolang we hier niet ingrijpen, zullen de vluchtelingen blijven komen. De echte oplossing om de Syrische vluchtelingen te helpen is een einde te maken aan die vreselijke oorlog.

Intussen zullen velen noordwaarts blijven gaan, omdat ze geen andere keuze hebben. Het is volkomen begrijpelijk dat de Syrische middenklasse wil vertrekken. Wanneer je alles hebt moeten achterlaten en je ziet geen enkele vooruitgang, geen actieve pogingen tot onderhandelingen, wanneer je in een tussenland niet mag werken en je kind krijgt geen degelijk onderwijs, dan is de rekening snel gemaakt. Alleen al om je kind een toekomst te kunnen geven, ga je noordwaarts. Dat is een zeer belangrijke pushfactor voor migranten.

Vandaag dreigt het debat over een proactieve aanpak van migratie gekaapt te worden door een politiek antimigratiediscours. Wat zijn de belangrijkste mythes over migratie en vluchtelingen?

William Lacy Swing: Het verhaal rond migratie is op dit moment inderdaad echt giftig en lijkt vast te lopen binnen een klimaat van politiek navelstaren. Dat beïnvloedt het denken en de houding van de publieke opinie, die migratie ziet als een mogelijke bedreiging voor jobs en gezondheid, en die migratie koppelt aan criminaliteit en terrorisme. ‘Migranten komen onze banen stelen, de demografische balans verstoren, het westen islamiseren.’ Dat zijn absoluut valse en foute stereotypen. De mensen die met hun kinderen de Middellandse Zee oversteken zijn grotendeels mensen die in een wanhopige situatie zitten, die een leefbare toekomst zoeken.

Die hardnekkige mythes worden door politici nauwelijks ontkracht. Dat mist zijn uitwerking op de publieke opinie niet, die de ander als een bedreiging, een indringer gaat zien. Na wereldwijd publieksonderzoek in 2011 ontdekten we dat de burgers van de ondervraagde landen steevast geloofden dat het aantal migranten in hun land minstens dubbel zo groot was dan het in werkelijkheid was.

Behalve politici dragen ook de media een grote verantwoordelijkheid.

William Lacy Swing: Absoluut, ook al zijn de media soms ook afhankelijk van wat zij horen, dan nog blijven kritische vragen en zin voor nuance belangrijk. Neem het argument van migratie als bedreiging voor onze sociale zekerheid. Goed, je kunt beslissen om de toegang tot die publieke hulp af te sluiten. Dat is één manier om ernaar te kijken.

Maar als je het pragmatisch bekijkt, is dat misschien juist contraproductief. Als je mensen niet toelaat tot de gezondheidszorg, dan krijg je ongezonde mensen die al helemaal niet actief kunnen bijdragen aan de samenleving. En neem onderwijs: willen we ongeschoolde migrantenkinderen of willen we migrantenkinderen die een inclusieve opleiding krijgen, om deel uit te kunnen maken van de actieve samenleving? Het is zo belangrijk om de andere kant van de medaille ook te zien, ons de ervaring van het verleden te herinneren. Als migranten kansen krijgen, zullen ze bijdragen. Punt. Deze mensen zijn vertrokken om een nieuw leven te beginnen, ze zijn vaak heel wat gemotiveerder dan vele van onze medeburgers, geloof me.

© IOM Jean-Marc Ferré

Maakt Europa zoals het zelf zegt een “migratiecrisis” of “vluchtelingencrisis” door?

William Lacy Swing: Ik denk dat Europa niet één crisis doormaakt maar drie. Om te beginnen kampt Europa met een solidariteitscrisis. De 28 lidstaten staan zeker niet op dezelfde lijn inzake kijk op en aanpak van de huidige migratie-instroom. Ten tweede maakt Europa een geheugencrisis door. We zijn vergeten hoe vluchtelingencrisissen als deze in het eigen Europese verleden zijn aangepakt, wat de noden waren en welke antwoorden werden gegeven. Zowel de aanpak van de Vietnamese “bootmensen” als die van de Hongaarse vluchtelingen in de jaren zestig verliep relatief vlot en positief. Europa mag ook niet vergeten dat in 1951 zowel UNHCR als IOM werden opgericht om Europese vluchtelingen te helpen een nieuw leven te beginnen.

Ten slotte denk ik dat Europa ook een soort identiteitscrisis meemaakt. Het is lange tijd eerder een vertrekregio dan een bestemmingsregio geweest. Dat is dramatisch veranderd. Men ziet mensen die “anders” zijn hierheen komen, ziet enkel de bedreiging. Er is absoluut grote behoefte aan publieke opvoeding, aan bewustmakingscampagnes om uit te leggen waarom dit gebeurt.

Welk verhaal moeten we vertellen?

William Lacy Swing: We moeten om te beginnen veel meer het verband leggen tussen de humanitaire benadering en nationale belangen. Nu komt dat in de politieke dialoog helemaal niet ter sprake. In dialogen zoals het Khartoem-proces (het Afrikaans-Europees proces tegen mensensmokkel, td) en het Rabat-proces (Europees-Afrikaanse dialoog over migratie en ontwikkeling, td) is de benadering nog altijd die van de korte termijn, met de klemtoon op veiligheid.

We moeten eindelijk beseffen dat migratie nodig is om een gezond welvaartsmodel te behouden. Dat is geen mythe maar werkelijkheid. Alle OESO-landen hebben een krimpende, vergrijzende bevolking, en hebben werkkrachten op alle mogelijke opleidingsniveaus nodig. In het hele Zuiden staat een opkomende, jonge bevolkingsgroep klaar. Afrika’s bevolking zal tegen de tweede helft van deze eeuw verdubbeld zijn tot twee miljard. Het is zaak daar slim en proactief mee om te gaan en migratie te managen.

Dit artikel werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2945   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift