In gesprek met de Nepalese vakbondsleidster Smriti Lama

Wat na het WK in Qatar? ‘Zodra de media-aandacht verslapt, kan alles weer verergeren’

© Guy Puttemans/WSM

Smriti Lama: ‘Zijn we vergeten dat elk leven betekenis heeft? Zelfs in de dood is de ongelijkheid zo groot als een berg van de Himalaya.’

Dat het WK voetbal binnenkort in Qatar plaatsvindt, heeft geholpen om belangrijke stappen te zetten voor de arbeidsrechten van migranten. Maar dat wil nog niet zeggen dat verworven rechten blijvend gegarandeerd worden, weet de Nepalese vakbondsleidster Smriti Lama. ‘Het is belangrijk dat topvoetballers hun mediamacht gebruiken om wereldwijde arbeidsrechten te verdedigen.’ Of ze dat ook zullen doen?

Op 20 november zal het tribale opperfeest in het voetbal opnieuw van start gaan. 32 nationale voetbalploegen zullen vanaf dan in Qatar proberen de beste ploeg ter wereld te worden. Heel wat topvoetballers uit die ploegen zullen daarna royaal betaald worden voor hun bijdrage. Het contrast met de arbeidsmigranten die de stadions bouwden waarin zij zullen voetballen is groot.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

‘Zou één van die voetballers sterven tijdens het werk, dan zou dat immens veel aandacht krijgen. Zoveel meer aandacht dan de 237 Nepalezen die in 2021 in Qatar stierven’, vertelt Smriti Lama. Ze is verantwoordelijk voor de internationale werking van de Nepalese vakbond Gefont. ‘Zijn we vergeten dat elk leven betekenis heeft? Zelfs in de dood is de ongelijkheid zo groot als een berg van de Himalaya.’

De zee van medeleven die de Deense voetballer Christian Eriksen tijdens het EK in 2021 kreeg, is een recenter voorbeeld van die ongelijkheid. Door hartproblemen zakte hij in elkaar tijdens een wedstrijd. Maar hij kreeg de beste zorgen en overleefde.

3,5 miljoen arbeidsmigranten

Vakbondsleider Lama weet maar al te goed hoe die verschillende behandeling en aandacht aanvoelen. Ze was zelf korte tijd studente en arbeidsmigrante in Japan. Haar man werkt nog in één van de Verenigde Arabische Emiraten als migrant.

Nepal is een heus migratieland dat 28% van zijn nationaal inkomen uit de “verkoop” van arbeid in verre landen haalt. Op een bevolking van 29 miljoen telt het maar liefst 3,5 miljoen migranten tussen 17 en 40 jaar oud. In 60% van de families bevindt zich minstens één arbeidsmigrant.

Nepal is een heus migratieland dat 28% van zijn nationaal inkomen uit de “verkoop” van arbeid in verre landen haalt.

Zo’n 5% van die migranten is hooggeschoold en trekt naar de EU of de VS. Daarvoor betalen ze doorgaans een miljoen Nepalese roepies, ofwel 7800 euro, aan bemiddelaars. Dat geld lenen ze meestal en betalen ze vervolgens weer af met hun arbeid.

5% tot 10% trekt naar Japan of Zuid-Korea. Rekruteringsagentschappen rekenen daarvoor zo’n half miljoen Nepalese roepies aan (ofwel 3900 euro).

80% trekt naar de Golfstaten of Maleisië. ‘In dat geval gaat het om lager geschoolde en meer kwetsbare mensen die 200.000 roepies, ruim 1500 euro, betalen voor hun baan. Ook dat geld lenen ze vaak en moeten ze terugbetalen met het werk dat ze gaan verrichten’, aldus Lama.

Vakbondsorganisatie Gefont heeft een binnenlandse werking die vele informele werkers in Nepal bijstaat. Sinds drie decennia staat de organisatie ook arbeidsmigranten in het buitenland bij. Daar waar vakbonden zijn toegestaan, sluit Gefont overeenkomsten af met lokale vakbonden, zodat ook Nepalezen er worden bijgestaan.

© Guy Puttemans/WSM

‘Aanvankelijk was dat niet evident’, vertelt Lama. ‘In Zuid-Korea werden Nepalese migranten aanvankelijk gezien als mensen die jobs kwamen afnemen. Maar als ze een arbeidsongeval in een Zuid-Koreaanse fabriek of op een bouwwerf hebben, zijn ze in Nepal volledig rechteloos.’

Zuid-Koreaanse vakbondsafgevaardigden werden daarom door Gefont uitgenodigd in Nepal. ‘Sindsdien wil de Koreaanse vakbond zich ook over onze mensen ontfermen. Diezelfde aanpak bleek ook mogelijk in Maleisië en Hongkong waar de organisatie van Nepalese arbeidsmigranten een afdeling werd van de Hongkong Confederation of Trade Unions.’

Of de toekomt van de vakbondswerking in Hongkong gegarandeerd kan worden is nog maar de vraag. In China, dat steeds meer macht uitoefent op Hongkong, is geen vrije vakbondswerking toegestaan.

Qatar komt van heel ver

Dat geldt ook voor de meeste Golfstaten, waaronder Qatar. Het maakt zo’n samenwerkingsakkoord tussen Gefont en lokale vakbonden onmogelijk. Er zijn immers geen partners waarmee Gefont zo’n akkoord zou kunnen sluiten. Arbeidsmigranten bevonden zich er dus in een zeer zwakke positie.

De werkgevers hadden er alle macht in handen. Zo konden ze bepalen of hun werknemer al dan niet van job mocht veranderen of het land verlaten. Die praktijk, gekend als het kafalasysteem, zorgde voor allerlei misbruik.

Werkgevers hielden bijvoorbeeld het paspoort van werknemers in, wat hen volledig afhankelijk maakte van hun werkgever. Ook konden migranten niet veranderen van job zonder toelating van de huidige werkgever. Wie dat toch deed kon door de politie worden opgepakt. Arbeidsmigranten kwamen zo soms volledig vast te zitten, zonder werk en zonder inkomen. Ze konden dan niet meer bij hun oorspronkelijke werkgever terecht, maar ook het land niet meer verlaten.

Werkgevers konden ook eenzijdig arbeidscontracten vernietigen. ‘Zo werd het contract dat werknemers tekenden in Nepal bij aankomst in Qatar verscheurd en vervangen door een nieuw contract met slechtere voorwaarden’, vertelt Lama.

‘De “slapende doden” stierven omdat ze moesten werken bij temperaturen van 45 graden of meer.’

‘En dan zijn er nog de zogenaamde “slapende doden”.’ Daarmee verwijst ze naar de jonge arbeiders die ‘s nachts in bed stierven. ‘Dat gebeurt niet bij zo’n jonge mensen tenzij ze overdag te zware inspanningen moesten leveren. Ze stierven omdat ze moesten werken bij temperaturen van 45 graden of meer.’

Tijdens de zomer mag op de middag normaal gezien niet buiten worden gewerkt in Qatar, maar voor de bouw van de stadions werd er aanvankelijk geen rekening mee gehouden. Er was haast bij, vertelt Jeroen Roskams van de Belgische ngo WSM. ‘Het Internationaal Vakverbond (veruit de grootste internationale confederatie van vakbonden die spreekt voor meer dan honderd miljoen mensen, red.) noemde het vervolgens een systeem van moderne slavernij, in stand gehouden door de Qatarese overheid en met medeplichtigheid van de FIFA.’

Zichtbaarheid

Lama strijdt al lang voor meer rechten voor arbeidsmigranten. Het WK voetbal in Qatar is voor haar een mijlpaal. Enerzijds omwille van het leed dat ermee gepaard ging, maar anderzijds ook om wat erdoor gerealiseerd werd. Een globale coalitie van vakbonden, de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) en verschillende ngo’s brachten het misbruik naar buiten.

‘Zo zette WSM tien jaar geleden de samenwerking op met partners zoals Gefont in Nepal’, vertelt Roskams. ‘Die samenwerking focuste op de training en voorbereiding van migranten op hun vertrek naar het buitenland, het geven van legale bijstand en het vergaren van getuigenissen. Het is door die getuigenissen dat we konden pleiten voor veranderingen in Qatar zelf. Want voormalig ACV-voorzitter en topman van de IAO, Luc Cortebeeck, gebruikte dat materiaal van WSM om in gesprekken met de Qatarese autoriteiten de eisen voor verandering kracht bij te zetten.’

Lama is ook de internationale media die de problemen aankaarten uitdrukkelijk dankbaar. ‘Dat was heel belangrijk. Ze vestigden mee de aandacht op die problemen. Daarom zou het nu zo belangrijk zijn dat ook topvoetballers van hun mediamacht gebruik maken om arbeidsrechten wereldwijd publiek te verdedigen als ze aantreden in Qatar.’

In Qatar richtte Gefont zogenaamde “steungroepen” op voor hun leden die er aan het werk zijn. ‘Die zijn vermomd als socio-culturele organisaties, maar zo kunnen we wel trainingen geven en bijstand verlenen. De facto zijn het vakbonden, maar omdat ze verboden zijn in Qatar noemen we ze anders’, aldus Lama.

Op dat moment was Cortebeeck nog hoofd van de werknemersgroep in het bestuur van de IAO die in 2016 een aantal aanbevelingen aan Qatar bezorgde. Aanvankelijk bood de Golfstaat nog weerstand, maar omdat het land het WK net organiseert om een goede naam te maken in de wereld was slechte publiciteit absoluut ongewenst. Zo bleek het land onder die gezamenlijke druk wel bereid tot veranderingen. In de Qatarese hoofdstad Doha opende de IAO een kantoor zodat het die veranderingen mee op de sporen kon zetten.

Beperkte vooruitgang

Dit alles droeg bij tot de afschaffing van het kafalasysteem waardoor werknemers nu makkelijker van werkgever kunnen veranderen of het land kunnen verlaten. ‘Zo zouden in 2021 242.870 arbeiders toelating gekregen hebben om van werkgever te veranderen’, zegt Roskams. ‘Toch werden ook nog steeds 99.814 aanvragen verworpen.’

Nog in 2021 werd een minimum maandloon van 1000 Qatarese rial, zo’n 240 euro, ingevoerd. Dat gold voor alle arbeidsmigranten, waar ze ook vandaan kwamen. Volgens een IAO-rapport zouden zo’n 280.000 arbeiders dat minimumloon nu ontvangen. Daarbovenop kunnen nog vergoedingen voor huisvesting en voeding komen.

© Guy Puttemans/WSM

Smriti Lama: ‘Dit zijn geen internationaal bindende afspraken, maar nationale wetten die makkelijk weer kunnen worden afgeschaft zodra de media-aandacht verslapt.

Ook de arbeidsinspectie in Qatar werd versterkt. De naleving van de nieuwe wetgeving die hittestress moest beperken werd bijvoorbeeld gecontroleerd. ‘338 ondernemingen werden in 2021 gesloten omdat ze hun personeel in de zomer toch buiten lieten werken’, zegt Roskams.

‘In andere sectoren dan de bouwsector, zoals het huishoudpersoneel dat een bijzonder kwetsbare groep is, is er weinig veranderd.’

Dat toont aan dat nog niet alle arbeidsmigranten van de vooruitgang genieten. In Qatar zijn meer dan 2 miljoen arbeidsmigranten aan het werk. ‘Vooral voor arbeiders in de bouwsector gaat het beter. Maar in andere sectoren, zoals het huishoudpersoneel dat een bijzonder kwetsbare groep is, is er weinig veranderd. De mentaliteit van werkgevers verander je niet zomaar. Een deel van hen beschouwt hun personeel nog steeds als derderangsburgers of zelfs slaven.’

Wat na het WK?

Ook Lama beaamt dat er nog een lange weg te gaan is. Enkele jaren geleden nog werd iemand van Gefont het land uitgezet. ‘Hij werd opgepakt en we waren lange tijd onzeker over zijn lot. We vreesden het ergste. Toen hij uiteindelijk het land werd uitgezet kon zijn familie weer ademen.’

Daarnaast worden ook achterpoortjes gebruikt, vertelt Lama. Zo zouden sommige werkgevers de lonen wel op rekeningen van hun werknemers storten, maar zelf ook over een bankkaart beschikken waarmee die na eventuele arbeidsinspectie dat loon ook weer kan afhalen.

De pandemie liet ook zien hoe kwetsbaar migranten blijven, ondanks wetswijzigingen. ‘In 2020 en 2021 wilden veel arbeiders terug naar Nepal’, vertelt Lama. ‘Maar velen durfden niet. Ik herinner me een man die zei: “corona kan me hier doden, maar als ik terug ga zal mijn lening me doden”.’

Daarmee verwees de man naar de lening die hij aanging om in Qatar te kunnen werken. ‘Officieel kost het visum voor Qatar 10.000 roepies (zo’n 80 euro)’, vertelt Lama. ‘Maar onder tafel wordt door bemiddelaars wel 100.000 roepies of meer gevraagd. Elke migrant voelt de druk om dat bedrag terug te betalen.’ Daarom erkent Lama dat het probleem zich niet alleen in Qatar, maar ook in Nepal bevindt.

Arbeidsrechten gingen er in Qatar zichtbaar op vooruit, maar toch zijn veel migranten er nog erg kwetsbaar, vooral in sectoren die wat verder af staan van het WK. De grote vraag is wat er van die veranderingen overblijft eens het WK voorbij is.

‘Qatarese leiders kunnen alles weer veranderen’, beaamt Lama. ‘Dit zijn geen internationaal bindende afspraken, maar nationale wetten die makkelijk weer kunnen worden afgeschaft zodra de media-aandacht verslapt. Was de IAO Conventie 155 over de veiligheid en gezondheid op het werk goedgekeurd door Qatar, dan zouden we meer houvast hebben gehad. Maar dat is nu niet het geval.’

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3253   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur