Marokko: leven op suikerwater tot het vrijheid of de dood brengt

Na elf maanden protesteren, belandden ruim driehonderd Marokkanen in de gevangenis. Voor sommigen is hun eerste proces al achter de rug, anderen wachten nog op hun beurt. De belangrijkste processen staan nu voor de deur: die van leider Nasser Zafzafi, zijn rechterhand Nabil Ahamjik en hun vrienden.

  • Magharebia CC BY 2.0 Magharebia CC BY 2.0

De arrestaties in het Rifgebied in Noord-Marokko begonnen eind mei. Daarvoor liet de politie de demonstranten, die al sinds eind oktober vorig jaar protesteren voor een verbetering van hun regio, met rust. Tot de voortrekker van de protesten, Nasser Zafzafi, een preek in de moskee onderbrak.

Dagelijks haalt de politie vooral jonge Riffijnen uit hun huis, van hun motorfiets of van de straat, zelfs als ze niets met de protesten te maken hebben.

Het verstoren van de vrijdagmiddagpreek is verboden, dus de politie viel de woonplaats van Zafzafi -het epicentrum van de protesten, Al-Hoceima- binnen.

Sinds de politie Nasser eindelijk gevonden heeft, is de klopjacht begonnen. Dagelijks haalt de politie vooral jonge Riffijnen uit hun huis, van hun motorfiets of van de straat, zelfs als ze niets met de protesten te maken hadden. Activisten praten dan ook over ontvoering door de ordetroepen.

Zafzafi en zijn -volgens de politie vermeende- vrienden zijn naar de Oukacha gevangenis gebracht, in Casablanca. De anderen verblijven in de lokale gevangenis van Al-Hoceima. De meesten worden vervolgd omdat ze deelgenomen hebben aan de demonstraties en/of hun steun daarvoor uit hebben gesproken op de sociale media.

Schending van de autoriteit

De Marokkaanse staat gebruikt hiervoor de wetsartikelen 263 (schending van autoriteit), 267 (geweld tegen autoriteit), 289 (het verspreiden van leugens), 300 (aanval of verzet met geweld), 301 (rebellie door 1 of 2 personen), 302 (rebellie door meer dan 2 personen), 303 (dragen van wapens) of 595 (het vernielen van publieke objecten).

Voor al deze politieke gevangenen staat een heel team aan advocaten klaar. Meer dan 600 advocaten -vaak ook zelf Riffijnen en/of activisten- meldden zich spontaan en kosteloos aan, toen de eerste activisten werden gearresteerd. Zo’n 25 advocaten werken nu daadwerkelijk aan de zaak.

Politieagenten kunnen dus leugens of geweld gebruiken om een valse verklaring te laten tekenen en dat doen ze ook.

Khalid Ameeza uit Nador is daar een van. ‘Naast advocaat ben ik ook een Riffijn dus voor mij is het een missie om deze politiek gevangenen te verdedigen.’ Zijn missie is geen gemakkelijke zaak. De bewijzen -foto’s en video’s die de politie gemaakt heeft of die circuleren- zijn van slechte kwaliteit.

Getuigen spreken elkaar tegen en mensenrechten worden volgens de advocaten en internationale organisaties niet gerespecteerd. De problemen beginnen bij het proces-verbaal, waar de getuigenissen van de gedetineerden in staan. Deze getuigenissen worden stelselmatig ontkend door de gedetineerden zelf in de rechtbank.

‘In ons rechtssysteem hebben mensen tijdens het verhoor in voorarrest geen recht op een advocaat. Minderjarige gedetineerden -er zijn nu 17 minderjarigen opgepakt die in een jeugdgevangenis in Nador verblijven- hebben wel recht op de aanwezigheid van hun ouders. Zelfs dit recht wordt niet gerespecteerd. Politieagenten kunnen dus leugens of geweld gebruiken om een valse verklaring te laten tekenen en dat doen ze ook.’

Taalkwestie

Het meest tragische voorbeeld van deze situatie is de zaak Jamal Ouled Abdennabi. Op 19-jarige leeftijd werd hij twee weken geleden veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf. Hij zou de brand hebben gesticht in een politiestation tijdens rellen in Imzouren en Beni Bouyach, een stad ten zuidoosten van Al-Hoceima.

De 19-jarige Jamal Ouled Abdennabi is het klassieke Arabisch niet machtig en kon bijgevolg zijn proces verbaal niet lezen.

Zijn proces-verbaal bevat een bekentenis hiervan, die volgens zijn familie niet juist is. Zijn broer getuigt aan de Franstalige nieuwssite Telquel dat zijn broer het klassieke Arabisch niet machtig is en bijgevolg het proces verbaal niet kon lezen.

Hij heeft deze wel getekend nadat de politie hem beloofde dat zijn vader hem daarna zou komen halen.

Zijn advocaat was niet aanwezig en kan niet bevestigen of het proces-verbaal vervalst is, maar geeft toe dat het verhaal precisie mist. Dat Jamal pas maanden na de feiten waarvoor hij nu vervolgd wordt, opgepakt werd, is veelzeggend, vindt Ameeza.

‘Als mensen echt bezig zijn met een complot tegen de staat, waarvan deze Riffijnen beschuldigd worden, laat je ze dat niet maandenlang doen voor je ze arresteert. Het bewijst dat de staat bezig is wraak te nemen en niet om de publieke orde te beschermen, zoals zij zeggen.’

Tussen optimisme en (wan)hoop

Riffijnen uitten hun angst op social media, ze vermoeden dat de straf van Jamal Ouled Abdennabi een test was van de staat om te toetsen hoe het volk zou reageren. Uit angst zelf in de gevangenis te belanden, hebben de weinige activisten die nog in vrijheid rondlopen, niet geprotesteerd tegen deze uitspraak.

Uit angst zelf in de gevangenis te belanden, hebben de weinige activisten die nog in vrijheid rondlopen, niet geprotesteerd tegen deze uitspraak.

Nu houdt iedereen zijn hart vast voor de volgende processen van leider Zafzafi en ‘nummer twee’ Ahamjik.

‘Ik ben optimistisch, maar de voorgaande processen in Al-Hoceima geven me geen vertrouwen. Met die proces-verbalen is het gewoon onmogelijk om de gedetineerden onschuldig te verklaren.’

Er wordt druk uitgeoefend door internationale organisaties zoals Amnesty International en Human Rights Watch om de mishandelingen stop te zetten en de mensenrechten te respecteren.

Marokko heeft altijd veel waarde aan zijn internationale reputatie gehecht en in het verleden waarschijnlijk onder eenzelfde druk -de reden valt nooit te bewijzen- bijvoorbeeld gearresteerde homoseksuelen vrijgelaten.

Vrij of dood

De koning heeft naar aanleiding van de druk wel een onderzoek aangevraagd naar de mishandelingen, maar er is volgens advocaat Ameza niets veranderd.

‘De Marokkaanse overheid houdt zich wat betreft de hirak (de Riffijnse protestbeweging) niet meer bezig met zijn internationale imago’

‘De Marokkaanse overheid houdt zich wat betreft de hirak (de Riffijnse protestbeweging) niet meer bezig met zijn internationale imago. Die organisaties kunnen dus geen druk uitoefenen.’

Uit protest tegen de mensenrechtenschendingen, zijn 31 van de gevangenen in Casablanca op het moment van schrijven in hongerstaking -ze drinken suikerwater tot ‘het ze hun vrijheid of de dood brengt.’ Totnogtoe heeft de staking weinig uitgehaald en niemand weet of dit zo blijft.

Op 20 september zullen de definitieve aanklachten tegen Zafzafi bekend worden in de rechtbank en dan kan het werkelijke proces beginnen. Ahamjik moet wachten op 3 oktober. Deze data zijn allemaal onder voorbehoud, want processen worden regelmatig uitgesteld op verzoek van de advocaten of de rechtbank.

Voor velen wacht nog een tweede beroep en voor iedereen nog een kans bij het hogere hof van beroep in Rabat. Hoe het afloopt, durft niemand te raden. ‘Alles is mogelijk.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift