Aardbeving legt ongelijkheid in Nepal bloot

De aardbeving in Nepal eind april liep duidelijk langs een sociale breuklijn. Meer dan de helft van de slachtoffers behoorde tot gemarginaliseerde gemeenschappen in de samenleving, zoals de Tamang in het Himalayagebergte.

ericakohn (CC by-nc-nd 2.0)
ericakohn (CC by-nc-nd 2.0)

Bijna alle dodelijke slachtoffers in Nepal raakten bedolven onder het puin van hun huizen, die vaak gebouwd werden door ongeschoolde bouwvakkers, met stenen en wat modder

De zeventigjarige Chiute Tamang was zijn veld aan bewerken toen de aarde begon te beven. Hij kon zich vasthouden aan een boom. Zijn vrouw en dochter waren op dat moment in huis, maar liepen net op tijd naar buiten. In een fractie van een seconde was het gebouw veranderd in een berg stenen. Ze hebben geluk gehad.

Bijna alle dodelijke slachtoffers in Nepal raakten bedolven onder het puin van hun huizen, die vaak gebouwd werden door ongeschoolde bouwvakkers, met stenen en wat modder. Het is de populairste methode, omdat het ook de goedkoopste is: stenen en modder zijn gratis, bakstenen en cement kosten geld.

In hun dorp Ramche, op 38 kilometer afstand van hoofdstad Kathmandu, zijn 168 van de 181 huizen onbewoonbaar geworden. Volgens de regering heeft de ramp 607.212 gebouwen in 16 districten beschadigd. Drieënzestig procent daarvan werd bewoond door Tamang, de grootste en armste groep onder de Tibeto-Birmaans sprekende volkeren in de Himalaya - terwijl zij minder dan 6 procent van de Nepalese bevolking uitmaken.

Ongelijkheid doodt

Het zijn niet aardbevingen die doden, maar ongelijkheid. Van de 8.844 dodelijke slachtoffers van de natuurramp, waren er 3.012 Tamang. Meer dan de helft van de slachtoffers behoorde tot gemarginaliseerde gemeenschappen.

De ongelijkheid zit diep ingebakken in de samenleving, als gevolg van eeuwenlange uitbuiting.

Ramche is een Tamang-dorp. De inwoners steken niet onder stoelen of banken dat ze arm zijn. Omdat hun vaders, en de vaders van hun vaders arm waren, schikken ze zich in hun lot. De ongelijkheid zit diep ingebakken in de samenleving, als gevolg van eeuwenlange uitbuiting.

In het verleden mochten de Tamang geen bestuurlijke of militaire functies uitoefenen. Zelfs vandaag dienen ze als voetvolk, spelen ze amper een rol in de hogere hiërarchie van leger of politie, en zijn ze ondervertegenwoordigd in de politiek.

Economische ontbering heeft geleid tot een instroom van inheemse boeren op de banenmarkt van Kathmandu. Ze worden aangenomen als portier of taxibestuurder. Ook in de gevangenissen zit een onevenredig aantal Tamang opgesloten voor criminele feiten.

USAID (CC by-nc 2.0)
USAID (CC by-nc 2.0)

Wonen in een tent

Ze hebben nog nooit op een overheid gerekend voor hulp, en dat is nu niet anders. Na de aardbeving hebben de inwoners van Ramche elkaar geholpen om puin te ruimen. Met wat hulp van ngo’s kregen ze de situatie onder controle.

Een week na de ramp kregen de dorpelingen dekens, dekzeilen en muskietennetten, alles betaald door het departement voor Humanitaire Hulp en Civiele Bescherming van de Europese Commissie.

De familie van Chiute verbleef de eerste drie dagen nadat ze hun huis hadden verloren in een hut die met enkele balken werd samengehouden. Daarna maakten ze een tent met een dekzeil, waar ze samen met hun geiten woonden. Vee, zo verklaart de oude man, mag je ‘s nachts niet buiten laten staan omdat het ten prooi kan vallen aan tijgers of luipaarden.

Na een week leende Chiute wat geld, kocht materiaal en met de hulp van zijn buren bouwde hij een huis voor zichzelf, zijn vrouw, hun jongste dochter en haar echtgenoot. Het is een eenvoudig ontwerp: één kamer met een houten skelet, bekleed met metalen golfplaten.

‘Zelfs als dit huis instort, krijgen we in het ergste geval golfplaten op ons, in plaats van stenen’, zegt Chiute ironisch.

Lening van de overheid

Uiteindelijk stuurde de regering nog wat hulp. Elk Nepalees gezin dat zijn huis verloor, heeft recht op een lening van ongeveer 15.000 roepie of 135 dollar. Chiute kon de helft van de lening afbetalen.

Een andere inwoner van Ramche, de 29-jarige Deepak Bhutel, kreeg 180.000 roepie maar had minder geluk. Zijn vrouw en zijn achttien maanden oude dochter stierven onder het puin van hun stenen huis.

Het bedrag volstaat om een stevig huis te kopen dat zeker een toekomstige aardbeving zou doorstaan. Maar Deepak en zijn oudere, nu enige dochter, zeggen dat ze ook een cabine met golfplaten verkiezen. Deepak heeft altijd de eindjes aan elkaar moeten knopen, en wil nu niet al zijn geld aan een huis spenderen.

Het valt nog af te wachten of de Nepalese regering bij de wederopbouw zal nagaan waarom de Tamang zo kwetsbaar zijn voor natuurrampen, en wat kan gedaan worden om hen te behoeden voor toekomstig onheil.

Fouten uit het verleden

De fouten uit het verleden mogen niet herhaald worden, waarschuwt Jagdish Chandra Pokhrel, gewezen ondervoorzitter van de Nationale Planningscommissie, in de krant Nepali Times.

Pokhrel herinnert aan het voorbeeld van Tamang die ontheemd werden om het bekken in Makwanpur te bouwen, aan het begin van de jaren 1980. Ongeveer 500 gezinnen wier land door de autoriteiten was aangeschaft, wilden geen geld ter compensatie, maar herhuisvesting.

‘Maar de regering gaf hen toch geld, en weinigen kochten daar land mee’, verklaart Pokhrel. ‘Al snel was het geld verdwenen en waren ze volledig verarmt.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift