Nieuw rapport van Don’t Buy Into Occupation legt geldstromen naar illegale Israëlische nederzettingen bloot

Ook Belgische bedrijven en banken betrokken bij illegale Israëlische nederzettingen

CC0

Belgische ondernemingen investeren fors in bedrijven die actief zijn in illegale Israëlische nederzettingen. Dat meldt Don’t Buy Into Occupation, een coalitie van 25 Palestijnse en Europese organisaties, waaronder 11.11.11 en Fairfin.

In haar nieuwste rapport onderzocht Don’t Buy Into Occupation de relaties tussen financiële instellingen en bedrijven die actief zijn in de illegale Israëlische nederzettingen.

De coalitie van 25 Palestijnse en Europese organisaties kon maar liefst 672 financiële instellingen identificeren die samen tussen januari 2018 en mei 2021 zo’n 208 miljard euro gepompt hebben in 50 van zulke bedrijven.

Onder die 672 bedrijven en financiële instellingen bevinden zich ook enkele vooraanstaande Belgische bedrijven zoals Solvay, KBC en, in het bijzonder, BNP Paribas Fortis.

Waterschaarstebeleid

Don’t Buy Into Occupation meldt dat producten van de Belgische chemiereus Solvay gebruikt werden bij het Bardalaproject van de Israëlische watergroep Mekorot. Dat infrastructuurproject zorgt ervoor dat de watertoevoer naar Palestijnse gemeenschappen in bezet gebied afgeleid wordt naar Israëlische nederzettingen. Palestijnen krijgen daardoor steeds meer te kampen met ernstige waterschaarste.

‘Het project is een mechanisme om Israëls greep op bezet gebied en natuurlijke hulpbronnen te versterken. En dat terwijl Palestijnse gemeenschappen zelf niet langer toegang hebben tot water,’ verklaart Els Hertogen, directrice van 11.11.11.

‘Wanneer de activiteiten, producten of diensten rechtstreeks verband houden met ernstige mensenrechtenschendingen, wordt verwacht dat een bedrijf als Solvay niet zomaar met zulke bedrijven in zee gaat. Mensen water ontnemen en er winst op maken, dat is geen mensenrechtenbeleid,’ voegt Hertogen toe.

België financiert mensenrechtenschendingen

Ook een aantal Belgische banken en investeringsfondsen leverden een grote financiële steun aan bedrijven met een bedenkelijk mensenrechtenbeleid in bezet Palestijns gebied. Financiële instellingen als KBC, Bank Degroof Petercam en Ackermans & Van Haaren investeerden samen meer dan 2 miljard euro in zulke bedrijven.

Daarnaast is de Franse grootbank BNP Paribas een van de grootste financiers van bedrijven in de illegale nederzettingen. BNP Paribas gaf aanzienlijke steun voor de illegale activiteiten van deze bedrijven, goed voor zo’n 15 miljard euro.

‘Hoewel de hoofdzetel zich in Frankrijk bevindt, is dat ook voor België een fundamentele kwestie. De federale overheid is namelijk de grootste aandeelhouder van BNP Paribas,’ verduidelijkt Jozef Vandermeulen, inhoudelijk medewerker bij Fairfin.

‘Wie betrokken is bij illegale activiteiten, zoals in de nederzettingen, loopt het risico het internationaal recht te schenden.’

‘De bank investeert in technologiebedrijven die actief zijn in surveillanceactiviteiten, firma’s die Palestijnse huizen vernietigen en zelfs wapenproducenten. Ze schermt met haar mensenrechtenbeleid, maar in de praktijk blijkt dat vooral een mooi verhaaltje om de buitenwereld voor te houden’, meent Vandermeulen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

BNP Paribas verschafte bovendien zo’n 216 miljoen euro in leningen aan Booking Holdings van Booking.com, dat talloze accommodaties in Israëlische nederzettingen adverteert. Daarbij maakte de site ook niet duidelijk waar deze accommodaties precies gelegen waren. Bij verblijven in het bezette Oost-Jeruzalem stond vaak simpelweg ‘Jeruzalem’ en bij verblijven in Israëlische nederzettingen op de Westoever ‘Israël’.

Daarnaast is BNP Paribas ook bij de top 20 investeerders in Duits bouwmaterialenbedrijf HeidelbergCement. Dat is een belangrijke leverancier van bouwmaterialen voor Israëlische nederzettingen en is er ook fysiek aanwezig in de Nahal Raba Quarry, een groeve die werd uitgebouwd op illegaal geconfisqueerd land. HeidelbergCement baat hier in feite een illegale mijn uit.

In het rapport van Don’t Buy Into Occupation worden de financiers van de vijftig bedrijven, waaronder Solvay, Booking Holdings en HeidelbergCement grondig uitgelicht. BNP Paribas is steevast bij de grootste financiers van deze bedrijven.

Desinvestering en due diligence

Don’t Buy Into Occupation pleit voor desinvestering en eist dat financiële instellingen als BNP Paribas en bedrijven als Solvay hun due diligence uitvoeren. Dat wil zeggen, hun mensenrechtenbeleid respecteren en van hun partners eisen dat hun handelen in overeenstemming is met het internationaal recht. Als dat niet gebeurt, moeten externe bedrijven de handel met deze partners stopzetten en reparaties voorzien voor wie een impact had van de mensenrechtenschendingen.

Israëls beleid in de bezette gebieden wordt door steeds meer entiteiten gelijkgesteld met apartheid.

‘Bedrijven en financiële instellingen hebben een verantwoordelijkheid om het internationaal recht te respecteren,’ zegt Maha Abdallah, woordvoerder van het Caïro Instituut voor Mensenrechtenstudies. ‘Wie betrokken is bij illegale activiteiten, zoals in de nederzettingen, loopt het risico het internationaal recht te schenden. Elk bedrijf dat actief is in bezet gebied moet activiteiten in de nederzettingen stopzetten. Financiële instellingen moeten druk zetten op hun partners om het internationaal recht te respecteren of desinvesteren uit de bedrijven in kwestie.’

De coalitie neemt het Noorse pensioenfonds KLP als voorbeeld van een bedrijf dat haar due diligence uitvoerde. In juni 2021 besloot het fonds te desinvesteren uit 16 bedrijven die op de lijst van Don’t Buy Into Occupation staan. ‘KLP stelde vast dat er een onaanvaardbaar risico is dat de betreffende bedrijven bijdragen aan mensenrechtenschendingen in oorlogs- en conflictsituaties,’ zegt Kiran Aziz, senior analiste voor verantwoord beleggen bij KLP, ‘Wij willen geen zaken doen met bedrijven die actief zijn in Israëlische nederzettingen.’

Nederzettingenpolitiek

Het rapport benadrukt dat de bouw en uitbreiding van Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever ingaan tegen het internationaal recht en dus illegaal zijn. Ook het confisqueren van land in bezet gebied is een schending van het internationaal recht, net zoals de grootschalige vernietiging en toe-eigening van landgoed voor kolonisten. Dat alles is nochtans eerder regel dan uitzondering op de bezette Westelijke Jordaanoever.

Daar komt nog bij dat de Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever beschouwd worden als tweederangsburgers. Israëls beleid in de bezette gebieden wordt door steeds meer entiteiten, waaronder Human Rights Watch en ook de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’tselem, gelijkgesteld met apartheid. Israël hanteert een burgerlijk bestuur voor de Joods-Israëlische kolonisten enerzijds, en een militair bestuur voor de Palestijnse bevolking in bezet gebied anderzijds, vermeldt het rapport.

Financiële instellingen en bedrijven die investeren in of handelen met de nederzettingsindustrie zijn in grote mate verantwoordelijk voor het voortbestaan van deze illegale nederzettingen, meent de coalitie.

‘De mensenrechtenschendingen zijn zo alomtegenwoordig in bezet Palestijns gebied dat bedrijven die actief zijn in nederzettingen zich daar zelf gegarandeerd ook aan bijdragen, al dan niet intentioneel,’ zegt Omar Shakir, directeur Israël-Palestina bij Human Rights Watch (HRW).

‘Bedrijven die actief zijn in de nederzettingen leveren op vier manieren een bijdrage aan mensenrechtenschendingen. Ten eerste zijn ze werkzaam op illegaal geconfisqueerd, feitelijk gestolen, land. Ten tweede maken deze bedrijven gebruik van infrastructuur en grondstoffen die Palestijnen niet mogen gebruiken. Zo profiteren ze van een systeem dat gebaseerd is op discriminatie. Daarnaast helpen deze bedrijven het voortbestaan en de uitbreiding van deze illegale nederzettingen te garanderen. Ten slotte maken ze zich schuldig aan ernstige mensenrechtenschendingen van Palestijnse arbeiders die in de nederzettingen werken en doorgaans mishandeld worden,’ voegt Shakir toe.

‘Er bestaat geen manier om je impact op deze illegale praktijken te verminderen, als je een bedrijf bent dat actief is in de nederzettingen. Daarom moeten al deze bedrijven hun activiteiten daar stopzetten. Zo kunnen ze hun verantwoordelijkheid nakomen in het respecteren van mensenrechten,’ meent Shakir.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift