Colombiaans leger krijgt kritiek

Nieuws

Colombiaans leger krijgt kritiek

Chaima Haskal

13 februari 2009

Het sterk uitgebouwde Colombiaanse leger wordt verdacht van een serie moorden op onschuldige jonge Colombianen.

Om haar reputatie en macht te verhogen gaat het Colombiaans leger allerlei statistieken met betrekking tot terrorisme en criminaliteit manipuleren. Een interne commissie van het leger heeft de nalatigheid en de medeplichtigheid van een 20-tal soldaten bewezen in het schandaal van de faut-positieven, een politiek correcte term waarbij een aantal jongeren uit de buitenwijken werden ontvoerd en vervolgens dood terrugevonden gedurende een pseudo-gevecht met het leger.

Gemeenschappelijk scenario

Volgens verschillende bronnen hebben de vermoorde jongeren een gemeenschappelijk scenario. Eerst is er de verdwijning die georganiseerd is door paramilitairen, nauwelijks gemobiliseerd, waarbij de jongeren uit hun families worden gehaald en een beter leven wordt beloofd. Dan worden ze naar afgelegen gebieden gebracht en vermoord. Tenslotte bestempelt het leger de doden als terrorisch doelwit. Als beloning voor het zogezegde bestrijden van misdadigheid en terrorisme krijgt het leger een steunpremie.

De lichamen worden terug naar de families gestuurd. Die zijn misnoegd door deze feiten en eisen een bijkomend onderzoek zodat de verantwoordelijken worden opgespoord en zodat  de doden een waardige begrafenis kunnen krijgen. Honderden families hebben dit al meegemaakt en anderen zoeken nog steeds naar vermiste verwanten.

Ouders worden op hun beurt vaak met geweld gedwongen om hun kinderen af te staan als een vorm van belastingen. Andere kinderen gaan vrijwillig in het leger, bij veiligheidstroepen of bij de FARC. Meestal is dit hun enige kans omte overleven en om iets te bereiken wegens het gebrek aan werk en onderwijs.

Niet enkel arme dorpelingen en kinderen worden ontvoerd en vermoord. Volgens mensenrechtenorganisaties als Amnesty International zouden een paar maanden geleden 280 Colombianen, voornamelijk boeren, zijn geëxecuteerd door leden van veiligheidstroepen. De slachtoffers werden voorgesteld als “gesneuvelde guerrillastrijders”. Er wordt geen moeite gedaan om de verantwoordelijken op te sporen. De meeste moordzaken voorgelegd aan het militaire rechtssysteem werden geseponeerd. De paramilitairen hebben de laatste jaren naar schatting meer dan 60.000 mensenschendingen en misdaden begaan.