‘Het is tijd voor ons om financiering te ontvangen’

Inheemse volkeren eisen rechtstreekse financiering voor klimaatgezonde ecosystemen

© Daniel Gutman / IPS

Eric Terena van het Terena-volk in het zuiden van Brazilië. Hij is op COP27 een van de mede-eisers voor meer zelfbeschikking over de fondsen die inheemsen toekomen.

Inheemse volkeren zijn de beste bewakers van klimaatgezonde ecosystemen, maar geld om hun werk te kunnen uitvoeren, zien ze zelden. Op COP27 pleiten ze voor rechtstreekse sponsoring. ‘Dank aan de vele ngo’s voor hun werk, maar nu is het tijd dat we zelf kunnen handelen.’

Inheemse volkeren willen niet langer enkel als waarnemers aanwezig zijn op klimaatbesprekingen of er gezien worden als slachtoffer. Naar de klimaattop in Egypte (COP27) kwamen ze daarom met een eigen agenda: ze willen dat hun gemeenschappen rechtstreeks geld ontvangen voor klimaatactie.

Van de miljarden dollars aan hulp, jaarlijks verstrekt door overheden, private fondsen en stichtingen voor klimaatadaptatie en mitigatie, bereikt slechts een fractie de inheemse gebieden. Toch worden inheemse volkeren vaak beschouwd als de beste bewakers van klimaatgezonde ecosystemen.

Adviseurs en airco

‘We zijn het zat om te zien dat geld naar inheemse stichtingen gaat, zonder dat de bevolking er zelf veel van ziet ‘, zegt Yanel Venado Giménez. We treffen haar op de stand van de inheemse bevolking op de gigantische wereldconferentie in Sharm-el-Sheikh waar in totaal 33.000 geaccrediteerde deelnemers worden verwacht. ‘Al het geld gaat naar adviseurs en de kosten van kantoren met airconditioning’, zegt ze.

‘Tijdens COP27 zijn internationale donoren aanwezig’, gaat Giménez verder. ‘We komen hen hier vertellen dat directe financiering de enige manier is om ervoor te zorgen dat klimaatprojecten rekening houden met inheemse manieren van werken. We hebben onze eigen landbouwkundigen, ingenieurs, advocaten en andere opgeleide mensen. Bovendien weten wij hoe we als een team moeten werken’, zegt ze.

1,7 miljard dollar

Giménez is lid van het Ngabe-Buglé-volk en vertegenwoordigt het Nationaal Coördinatieorgaan van Inheemse Volkeren in Panama (CONAPIP). Ze is zelf ook advocaat.

‘Op elke conferentie horen we grote aankondigingen over financiering, maar dan keren we terug naar onze gebieden en horen vervolgens niets meer’.

Inheemse volkeren wonen vaak in de best bewaarde gebieden ter wereld maar staan ook in de frontlinie van de strijd tegen de wereldwijde milieucrisis.

Om deze reden hebben de regeringen van het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, de Verenigde Staten, Duitsland, Nederland en zeventien particuliere donoren vorig jaar op COP26 in het Schotse Glasgow, 1,7 miljard dollar toegezegd voor acties door inheemse gemeenschappen.

Tijd om zelf te handelen

Er zijn geen precieze gegevens over hoeveel geld er daadwerkelijk al is gedoneerd, maar de gemeenschappen zeggen dat ze nog praktisch niets hebben ontvangen.

‘Op elke conferentie horen we grote aankondigingen over financiering, maar dan keren we terug naar onze gebieden en horen vervolgens niets meer over die agenda’, zegt Julio César López Jamioy, een lid van het Inga-volk dat in Putumayo woont, in het Amazone-regenwoud van Colombia.

López Jamioy, coördinator van de Nationale Organisatie van Inheemse Volkeren in de Colombiaanse Amazone (OPIAC), zegt dat het tijd is om de vele ngo’s te bedanken voor de diensten die ze hebben geleverd. ‘Tot op zekere hoogte hadden we hen nodig om met ons samen te werken, maar nu is het tijd om via onze eigen organisatiestructuren te handelen’, zegt hij.

Inheemse eisen

Zo’n 250 leden van inheemse volkeren van over de hele wereld nemen deel aan COP27. Ongeveer zestig à tachtig van hen zijn afkomstig uit Latijns-Amerika.

Ze delen een ruimte en een grote tribune met een paar kantoren en een auditorium met ongeveer veertig stoelen. Hier werken ze gedurende twee weken (nog tot 18 november) een intensief activiteitenprogramma af om de aandacht van de wereld te vestigen op hun agenda. Zo willen ze niet meer enkel aanwezig zijn als waarnemer, maar vanaf de volgende klimaattop, COP28 in Dubai, volwaardige deelnemers zijn aan de onderhandelingen.

Dit voorstel wordt geleid door Gregorio Díaz Mirabal, een vertegenwoordiger van het Kurripaco-volk bij de Peruaanse Inheemse Organisatie van het Amazonebekken (COICA). Hij zei tegen een groep journalisten: ‘Wij zijn geen milieu-ngo. Wij bestonden al voordat de natiestaten het licht zagen; we hebben het recht om deel uit te maken van het debat.’

Van begunstigden naar volwaardige partners?

Inheemse gemeenschappen werden tot nu altijd gezien als de begunstigden van klimaatactieprojecten op hun grondgebied, geleid door grote ngo’s die de fondsen ontvangen en verdelen.

Maar in 2019 heeft het Amerikaanse Ontwikkelingsagentschap (USAID) de Policy for Promoting the Rights of Indigenous Peoples (PRO-IP) uitgevaardigd, waarin de mogelijkheid wordt onderzocht om de inheemse gemeenschappen effectiever te financieren.

Een van de hindernissen is onder meer dat veel gemeenschappen niet wettelijk zijn geregistreerd, en ze dus een institutionele paraplu nodig hebben om fondsen te kunnen ontvangen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Experimenten met directe financiering staan dus nog vaak in de kinderschoenen. Sara Omi, van het Emberá-volk in Panama, vertelt hoe ze rechtstreekse financiering voor de Mexicaanse en Midden-Amerikaanse gemeenschappen konden krijgen van het Meso-Amerikaans Fonds.

‘We richten ons op duurzame landbouw en in twee jaar tijd hebben we 22 projecten ondersteund, waaronder bijvoorbeeld het herstel van traditionele zaden. Grote bedragen hebben we niet’, zegt ze. ‘Het totaal van al onze initiatieven telde minder dan 120.000 dollar’.

Volgens Omi, een advocaat afgestudeerd aan de Katholieke Universiteit van Santa María La Antigua in Panama, zegt dat inheemse volkeren hebben aangetoond dat ze er klaar voor zijn om de hulpfondsen zelf te beheren.

‘Natuurlijk moeten er verantwoordingsvereisten zijn voor de donoren, maar ze moeten verenigbaar zijn met onze realiteit. Vandaag zijn het slechts kruimels die ons bereiken’, zegt ze.

Lula

De kersvers verkozen president van Brazilië, Luiz Inácio Lula da Silva, zal ook aanwezig zijn tijdens de tweede week van de klimaattop. Dat is reden tot hoop voor de volkeren van het Amazonewoud, die de afgelopen vier jaar hebben geleden onder het beleid van de extreemrechtse president Jair Bolsonaro met betrekking tot milieu- en inheemse kwesties.

‘In de regering-Bolsonaro werden fondsen die voor financiering zorgden gesloten’, zegt Eric Terena, een van de leiders van het inheemse Terena-volk in het zuiden van Brazilië, vlakbij de grens met Bolivia en Paraguay. ‘Nu zullen ze nieuw leven worden ingeblazen, maar we willen niet dat ze alleen toegankelijk zijn voor de overheid, maar ook voor ons. De systemen van vandaag zijn te bureaucratisch; we moeten ze toegankelijker maken omdat wij een fundamenteel onderdeel zijn in de strijd tegen klimaatverandering.’

‘We zien dat deze COP meer inclusief is dan alle voorgaande met betrekking tot inheemse volkeren, maar regeringen moeten begrijpen dat het tijd is voor ons om financiering te ontvangen’, zegt Terena.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3253   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift