Dissidenten verwachten weinig van verkiezingen in Thailand

Nieuws

Vijf jaar na de coup regeert de junta nog steeds

Dissidenten verwachten weinig van verkiezingen in Thailand

Dissidenten verwachten weinig van verkiezingen in Thailand
Dissidenten verwachten weinig van verkiezingen in Thailand

IPS - Kris Janssens

23 maart 2019

Dit weekend zijn er verkiezingen in Thailand. Dat gebeurt voor het eerst sinds de militaire junta er vijf jaar geleden een staatsgreep pleegde. Volgens critici wordt dit niet de langverwachte terugkeer naar democratie.

Mark Daynes

Mark Daynes

Dit weekend zijn er verkiezingen in Thailand. Dat gebeurt voor het eerst sinds de militaire junta er vijf jaar geleden een staatsgreep pleegde. Volgens critici wordt dit niet de langverwachte terugkeer naar democratie. Dissidenten die kritiek hebben op de monarchie of de legerleiding worden nog steeds met de dood bedreigd.

De junta is in Thailand aan de macht sinds mei 2014, toen eerste minister Yingluck Shinawatra verplicht werd om af te treden. Zij is de zus van Thaksin Shinawatra, die acht jaar eerder ook als premier door het leger opzij werd geschoven.

De politieke geschiedenis van Thailand leest als een opeenvolging van coups, die telkens burgerregeringen omver werpen.

Ook dit keer beloofde het militair bestuur om snel nieuwe verkiezingen te organiseren. Er zou enkel “orde op zaken gesteld” worden. Maar intussen zijn we vijf jaar later en regeert de junta nog altijd met ijzeren hand.

Majesteitsschennis

Zo is er de Lèse Majesté, een strenge wet op majesteitsschennis die iedere belediging aan het adres van de koning strafbaar maakt.

In de praktijk blijkt het een manier om tegenstanders van het regime de mond te snoeren.

“Sinds Lèse Majesté zijn wij in de problemen gekomen”, zegt Yammy. Ze is een van de leden van Faiyen, ‘koudvuur’ in het Thais, een muziekgroep die felle kritiek heeft geuit op het bestuur in Thailand. In een van hun liedjesteksten hebben ze de soldaten van de junta ‘lafaards’ genoemd.

“Dit is ons achtste vluchthuis in enkele jaren tijd. Telkens wanneer de grond onder onze voeten te heet wordt, verhuizen we weer”

De Youtube-video van dat nummer ging viraal en de muzikanten voelden zich niet meer veilig. Ze besloten hun land te verlaten, uit angst om in de gevangenis te belanden. Nu leven ze op een geheim onderduikadres.

“Dit is ons achtste vluchthuis in enkele jaren tijd. Telkens wanneer de grond onder onze voeten te heet wordt, verhuizen we weer.”

Ze hebben hun eigen situatie niet in de hand. “We kunnen enkel wachten op instructies van de mensen die ons hier helpen.”

Toch zien ze het als hun plicht om protestnummers te maken en via Youtube en social media met hun thuisland te blijven communiceren. “In Thailand mag niemand over het koningshuis praten, dat is taboe. Maar wij zijn artiesten. Als iemand iets kan zeggen, zijn wij het.”

Verminkte lichamen

Dissidenten lopen wel degelijk gevaar. Dat bleek eind vorig jaar, toen twee lichamen uit de Mekong-rivier gevist werden. De slachtoffers waren gekneveld, er zat beton in hun buiken en de gezichten waren onherkenbaar verminkt.

“Iedereen weet dat dit vermiste dissidenten waren”, zeggen de leden van Faiyen. “Ze zijn vermoord omdat ze zich hadden uitgesproken tegen de koning.”

Die koning is sinds 2016 Vajiralongkorn, of Rama de tiende. Hij kwam op de troon na het overlijden van zijn vader Bhumibol, die 70 jaar geregeerd heeft.

De nieuwe vorst deed onlangs voor het eerst een politieke uitspraak: hij verbood zijn zus om aan de verkiezingen deel te nemen. Prinses Ubolratana had namelijk aangekondigd dat ze premier wilde worden.

Maar de koning vond het “ongepast” dat een lid van zijn familie op een lijst zou staan. De partij van de prinses, die gelinkt was aan de Shinawatra-clan, werd ontbonden. En zo is er weer een concurrent minder voor juntaleider en huidig premier Prayut.

Rood- en geelhemden

Die effectieve politieke macht van de koning stuit al langer op verzet in Thailand. De tegenstelling tussen voor- en tegenstanders van de monarchie zit erg diep. Je hebt de geelhemden, de koningsgezinde elite uit de stad. Daarnaast zijn er de roodhemden, aanhangers van ex-premier Thaksin, die meestal van het platteland komen.

Maar het conflict verdeelt ook families. “Mijn moeder is roodhemd, mijn vader geelhemd”, vertelt Jom mij. Hij is de jongste muzikant uit de groep. Ik vind hem ’s avonds met zijn gitaar in de tuin, waar hij nieuwe liedjes probeert te componeren.

“De komende jaren zie ik niet rooskleurig in voor mijn moederland. Ik heb geen enkele reden om nog terug te gaan”

Na wat aandringen vertelt hij zijn verhaal. “Mijn vader praat al negen jaar niet meer met mij. Hij is ultra-royalist en ik ben intussen verschillende keren veroordeeld voor majesteitsschennis”.

Die tweespalt heeft van hem een activist gemaakt. Want zo wil hij genoemd worden. “Een activist die muziek gebruikt om een boodschap te verspreiden.”

Intussen heeft Jom zich bij deze situatie neergelegd. “Mijn huis is nu overal en nergens. Ik hoef niet per se terug naar Thailand.”

Het ‘systeem’

De volgende morgen word ik uitgenodigd om mee te gaan naar Wat, een bevriend activist.

Tijdens de anderhalf uur durende autorit voelen mijn reisgezellen zich niet op hun gemak. Iedereen die we onderweg zien, zou een spion van het Thaise leger kunnen zijn.

Eens we ter plaats komen, verandert de sfeer. Er worden hartelijke begroetingen uitgewisseld en herinneringen opgehaald aan de tijd dat ze samen protestsongs brachten.

Een Youtube-video uit 2013 toont hoe tijdens een optreden felle kritiek gegeven wordt op toenmalig koning Bhumibol. “Het hele systeem is corrupt”, luidt de tekst, “van boven tot onder.”

Dat ‘systeem’ is volgens Wat ook verantwoordelijk voor de moord op de dissidenten, goede vrienden van hem. “Ik kan de volgende zijn op hun dodenlijst, wie zal het zeggen.” Ondertussen leeft hij, zoals hij zelf zegt, “opgejaagd als een tijger.”

Wat hij verwacht van de verkiezingen, wil ik nog weten. “Fake! Fake!”, schreeuwt hij. “We weten toch al wie er gaat winnen.” Volgens hem blijft huidig premier Prayut zo goed als zeker in het zadel zitten.

“De komende jaren zie ik niet rooskleurig in voor mijn moederland. Ik heb geen enkele reden om nog terug te gaan”, klinkt het bitter.

Omwille van hun veiligheid zijn de namen van de getuigen veranderd.