Twee milieuactivisten vermoord op drie dagen tijd in Honduras

‘Er is geen gerechtigheid in dit land’

© BELGA/AFP

Een man uit de Lenca-gemeenschap in Honduras protesteert tegen de bouw van een megadam (in Reltoca, 2018). Recent werden op drie dagen tijd twee Hondurese milieuactivisten vermoord.

Corona geeft multinationals wereldwijd nog meer vrij spel om gigaprojecten te realiseren op het grondgebied van traditionele gemeenschappen. Want overheden houden zich meer dan anders afzijdig en gebruiken coronawetten om milieuactivisten thuis te houden. Honduras is wat dat betreft het gevaarlijkste land ter wereld: recent nog werden er op drie dagen tijd twee activisten vermoord.

‘De autoriteiten hebben helemaal niets gedaan met de klachten tegen eerdere doodsbedreigingen.’

Felix Vásquez had al tal van doodsbedreigingen gekregen toen hij op 26 december werd vermoord in zijn huis in Santiago de Puringla, een dorpje in het westen van Honduras. Rond zeven à acht uur ’s avonds drongen vier gemaskerde mannen zijn huis binnen en werd hij neergeschoten, voor de ogen van zijn familieleden.

‘Zijn kinderen, twee zonen, een dochter en een tweeling, vluchtten het huis uit omdat ze bang waren om eveneens vermoord te worden’, vertelt Felipe Benitez, een vriend van Vásquez. ‘Hun moeder overleed een jaar eerder. Ze zijn nu wezen.’

Benitez is ook coördinator van Milpah, een organisatie die opkomt voor de rechten van traditionele inwoners in Honduras. Zijn vermoorde vriend Felix, die hij ‘compañero (kameraad) Vásquez’, was ook activist bij Milpah. Hij was Lenca, een van de traditionele gemeenschappen in Centraal-Amerika, en voerde jarenlang actie tegen geplande waterkrachtcentrales en landroof door grote bedrijven.

© Carlos Galeas

‘Felix was al actief sinds de jaren tachtig en was een bekend figuur in de inheemse beweging en in ons district La Paz’, vertelt Benitez. Hij was prominent lid van diverse organisaties, waaronder ook een vakbond voor landbouwers.

Volgens Benitez werd Vasquez al langer bedreigd: ‘Hij had al tal van klachten ingediend tegen onbekenden vanwege de vele bedreigingen die hij kreeg. De autoriteiten hebben helemaal niets met deze klachten gedaan.’

Twee moorden op drie dagen tijd

Hetzelfde scenario herhaalde zich drie dagen later, op 29 december. Die dag werd José Adan Mejía neergeschoten teruggevonden in El Volcan, ook in het westen van Honduras. Net als Vásquez maakte hij deel uit van een traditionele gemeenschap, de Tolupan.

Adan Mejía was coördinator van La Candelaria, de gemeente waar hij woonde. Er was al een tijd een dispuut over land aan de gang, weet Noé Rodríguez, voorzitter van een federatie van lokale inheemse bewegingen waar Mejía deel van uitmaakte.

‘Deze moord is ongetwijfeld gelinkt aan de strijd voor het beschermen van onze gemeenschap.’

Beide moorden werden streng veroordeeld vanuit verschillende hoeken. De Hondurese coördinatrice van de Verenigde Naties, Alice Schakelford, riep in een reactie op Twitter op tot rechtvaardigheid en gerechtelijke vervolging van de daders.

Ook Hondurees parlementslid Olivia Marcela Zúniga Cáceres reageerde publiekelijk. Zúniga Cáceres is de dochter van de bekende milieuactiviste Berta Cáceres, die in 2016 vermoord werd. ‘Ik eis dat deze moord, die ongetwijfeld gelinkt is aan de strijd voor het beschermen van de Lencagemeenschap, zo snel mogelijk wordt opgehelderd’, tweette ze.

De autoriteiten verklaarden dat ze beide moorden onderzoeken.

Corona als excuus

De gebeurtenissen in Honduras zijn niet uniek: milieuactivisten wereldwijd ondergaan elke dag bedreigingen en geweld. Van 2002 tot 2017 werden minstens 1558 activisten vermoord, volgens een rapport van het wetenschappelijke blad Nature. Dat zijn gemiddeld twee moorden per week.

De cijfers zitten helaas ook in stijgende lijn. In hun jaarlijks rapport over geweld tegen milieuactivisten rapporteerde de internationale ngo Global Witness dat er in 2019 212 milieuactivisten werden vermoord, ofwel gemiddeld vier per week. Het was het dodelijkste jaar sinds het begin van de tellingen door Global Witness.

Het ware moordcijfer ligt waarschijnlijk een pak hoger, omdat veel incidenten en moorden niet worden aangegeven. ‘Bovendien vormen moorden enkel het topje van de ijsberg,” zegt Rachel Cox, campagnevoerster bij Global Witness. ‘Milieuactivisten krijgen ook te maken met doodsbedreigingen, tegen hen en hun familie, met gevangenschap en lastercampagnes.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
In totaal vond twee derde van de moorden plaats in Latijns-Amerika. Dat maakt het het gevaarlijkste continent voor milieuactivisten.

Maar ook andere landen, buiten de Latijns-Amerikaanse regio, worden niet gevrijwaard. Zo zag de Filipijnen ook een grote stijging in het aantal misdaden tegen milieuactivisten. Het aantal moorden op milieuactivisten steeg er van 30 in 2018 naar 43 in 2019. De Filipijnen zijn daarmee het meest dodelijke Aziatische land voor klimaatactivisten.

Bovendien steken door de coronacrisis ook andere bedreigingen de kop op, zo blijkt uit een case study van International Land Coalition. Volgens de organisatie houden overheden zich meer afzijdig bij conflicten om land. Wetten om de coronapandemie te bestrijden, worden ook ingezet als drukkingsmiddel tegen activisten.

Rachel Cox, campagnevoerster bij Global Witness: ‘In de Filipijnen bijvoorbeeld zien we dat de regelgeving over de quarantaine willekeurig worden toegepast. Activisten worden verplicht om binnen te blijven en worden gestraft als ze de coronaregels overtreden. Maar dat geldt niet voor bedrijven. Die mogen hun activiteiten verderzetten zonder enig gevolg.’

Volgens Hedme Castro, voorzitster van ACI-Participa, is hetzelfde aan de gang in Honduras: ‘De quarantainemaatregelen worden misbruikt om activisten monddood te maken en geweld tegen hen goed te praten.’

Ontginningsbeleid

Of het onderzoek naar de twee moorden in Honduras ten gronde zal worden gevoerd, is nog maar de vraag. Honduras staat bekend voor de straffeloosheid, corruptie en verregaande verstrengeling tussen economische en politieke elites.

Grote bedrijven zien in Honduras mogelijkheden om megaprojecten te realiseren, zoals stuwdammen of nieuwe mijnen. Het gaat over vruchtbaar en “financieel interessant” land voor industrieën als de mijnbouw, (illegale) houtkap en landbouw. Voor die grote bedrijven is er slechts één probleem: er wonen mensen. De projecten gaan vaak ten koste van de biodiversiteit en van de rechten van de gemeenschappen die op de beoogde locatie wonen.

De politieke context in Honduras maakt het groeiend aantal moorden op milieuactivisten ook mee mogelijk.

Honduras is, ondanks de grondstoffen in de bodem, een van de armste landen van Centraal-Amerika. Twee derde van negen miljoen Hondurezen leeft onder de armoedegrens. De economische schade door de coronapandemie is groot en bovendien passeerden afgelopen jaar ook twee orkanen, die een spoor van vernieling achterlieten. CEPAL, de Economische Commissie voor Latijns-Amerika en de Caraïben, schat de totale schade op bijna 2000 miljoen dollar.

Intussen verkeert Honduras in woelig vaarwater. De democratisch verkozen president Manuel Zelaya werd in 2009 afgezet bij een staatsgreep door het leger. Huidig president Juan Orlando Hernández kwam aan de macht tijdens de verkiezingen van 2013, die frauduleus verliepen.

Volgens de Hondurese mensenrechten-ngo ACI Participa en Global Witness zetten de opeenvolgende rechtse regeringen sinds 2009 massaal in op een ontginningsbeleid. Daarmee willen ze de economie aanzwengelen, ten koste van natuur en inheemse gemeenschappen. Sinds de staatsgreep van 2009 werden er in totaal 123 activisten vermoord.

Milieuactivisten lopen drie keer zoveel kans om vermoord te worden als andere mensenrechten-activisten.

Rafael Alegría, coördinator van Via Campesina, een internationale organisatie die opkomt voor de rechten van landbouwers, legt de nadruk op de agressieve politiek van de huidige regering. ‘Sinds 2009 leven we in een dictatuur van de Partido Nacional. Ze zetten een geïnstitutionaliseerd beleid op poten dat bestaat uit het vervolgen, criminaliseren en vermoorden van volksleiders, sociale leiders, activisten en landbouwers. Meer dan 10.000 landbouwers vlogen sindsdien in de gevangenis.’

Gemeenschap beschermen

In 2016 publiceerde de toenmalige voorzitter van de Hoge Raad voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties een speciaal rapport. Dat stelde dat milieuactivisten drie keer zoveel kans lopen om vermoord te worden als andere mensenrechtenactivisten. En volgens Global Witness worden inheemse groepen disproportioneel getroffen door het geweld.

Rachel Cox van Global Witness: ‘Dit gaat over mensen die zich vaak zichzelf niet zien als activisten. Ze willen de grond van hun families en hun gemeenschap beschermen, maar die wordt bedreigd door gigaprojecten die vervuilend zijn en zware schade kunnen aanrichten aan hun leefomgeving. Projecten waarin ze geen enkele inspraak krijgen.’

De actiegroepen slagen er meestal in om hun boodschap te laten horen: ‘Deze mensen hebben een sterke collectieve identiteit en boodschap’, zegt Cox. ‘Tegelijkertijd is het gevaar voor hen groot. Naast het fysieke geweld krijgen veel leiders ook te maken met lastercampagnes en bedreigingen.’

Alegría benadrukt hoe de nationale strubbelingen mede veroorzaakt worden door internationale spelers: ‘Onze strijd is er één tegen het nationaal en transnationaal grootkapitaal en politiek. Alle machtige spelers hebben ons in de steek gelaten na de fraudeleuze verkiezingen in 2013. Ook de Europese Unie, die nochtans eerst de verkiezingen had veroordeeld maar daarna niets heeft ondernomen tegen de ondemocratische regering van Hernández.’

Recht voor de rijken, recht voor de armen

Volgens inheems activist Noé Rodriguez zijn er de afgelopen jaren tal van inheemse leiders vermoord van wie de moord onopgelost bleef. ‘Er is geen gerechtigheid in dit land. En dan is er nog de verstrengeling tussen de economische en politieke elites.’

‘We strijden voor ons land, voor onze gemeenschap, maar we worden afgemaakt.’

Activist Felipe Benitez is dezelfde mening toegedaan: ‘Dit is een land met twee rechtssystemen, met twee snelheden. Enerzijds heb je het recht voor de rijken, voor wie alles snel verloopt vanaf ze een klacht indienen, en anderzijds heb je het recht voor de armen, van wie de klachten gewoon genegeerd worden.’

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, krijg je ons magazine en kan je gratis aan onze events deelnemen. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

‘We wonen in een narcostaat’, vervolgt Benitez. ‘We vechten tegen politieke figuren, grootgrondbezitters en multinationals, die met elkaar verbonden zijn. We strijden voor ons land, voor onze gemeenschap, maar we worden afgemaakt.’

In maart zijn er in Honduras verkiezingen voor het congres en lokale besturen. Ook Felix Vásquez was van plan zich kandidaat te stellen, voor oppositiepartij LIBRE.

Rafael Alegría van Via Campesina heeft weinig hoop op een positief verloop: ‘Het Hondurese volk wil absoluut opnieuw zijn plek opeisen binnen het politiek bestel van dit land. Maar zonder enig respect voor het democratisch verloop van verkiezingen wordt dat zeer moeilijk. Ik vrees voor nog meer onrechtmatige vervolging en voor een versterking van het neoliberale model, dat enkel armoede, ongelijkheid en geweld veroorzaakt.’

Berta Cáceres

De verregaande corruptie en straffeloosheid werden ook pijnlijk zichtbaar bij de moord op milieuactiviste Berta Cáceres in 2016. Die zaak kreeg veel internationale weerklank en bracht geweld op milieuactivisten prominenter in het nieuws. Cáceres was net als Vásquez deel van de Lencagemeenschap.

In 2015 kreeg Cáceres de prestigieuze Goldman Environmental Prize toegekend, voor haar protest tegen de aanleg van de Agua Zarca-dam op de Gualcarquerivier. De toekenning van de concessie voor de werken verliep onregelmatig en Cáceres leidde als medeoprichtster van de Copinh, de Raad van Inheemse Volken van Honduras, het verzet tegen de dam.

Net als Vásquez werd ze, na maandenlange bedreigingen, vermoord door twee gewapende mannen die haar huis ’s nachts binnendrongen. Net zoals andere milieuactivisten had ze voordien al verschillende doodsbedreigingen aan haar adres gekregen (33 in totaal). Net zoals bij Felix Vásquez werd er met deze klachten niets gedaan.

In november 2018 werden zeven mannen veroordeeld voor de moord op Berta Cáceres. Maar volgens de familie van Cáceres bleven de opdrachtgevers buiten schot. Vermoed wordt dat het Hondurese staatsbedrijf DESA, dat de dam zou aanleggen, achter de moord zit. In 2019 publiceerde de journalistieke website The Intercept verschillende WhatsApp-gesprekken tussen kaderfiguren van DESA, tussenpersonen bij DESA en de uiteindelijke moordenaars van Cáceres

Volgens Hedme Castro, voorzitster van ACI Participa, resulteerde de straffeloze moord op Cáceres in een grotere repressie en verzwakking van de inheemse bewegingen.

Wat doet Europa?

Uit onderzoek van academici, burgerorganisaties en ngo’s zoals Global Witness blijkt dat Europese bedrijven en investeerders betrokken zijn bij deze schendingen van mensen- en milieurechten en landroof. Veel projecten waartegen activisten in het Zuiden protesteren zijn opgestart door bedrijven die hun hoofdzetel hebben in Europa, gefinancierd worden vanuit of verkopen aan Europa.

Cox: ‘De meeste bedrijven die ontginnen in het Zuiden hebben hun standplaats in andere landen dan waar ze hun activiteiten uitvoeren. Het is essentieel dat de overheden van de landen waar deze bedrijven hun hoofdzetel hebben ervoor zorgen dat deze bedrijven regels in andere landen naleven.’

Evident is dat niet. Op dit moment bestaat er vooral niet-bindende regelgeving omtrent de zogenaamde corporate due diligence, vrij vertaald: ‘gepaste zorgvuldigheid van bedrijven’. Dit concept houdt in dat bedrijven controleren of er al dan niet mensenrechten worden geschaad tijdens de diverse fases van de productieketen.

Bedrijven mogen zelf hun doelstellingen voor die due diligence bepalen en worden niet gecontroleerd of gestraft als ze deze niet behalen. Bovendien zijn bedrijven nauwelijks ‘gepast zorgvuldig’ bij hun activiteiten buiten de nationale grenzen. Volgens Global Witness schiet deze regelgeving zwaar tekort.

Maar daar lijkt nu op Europees niveau verandering in te komen. In april vorig jaar kondigde Europees Commissaris voor Justitie Didier Reynders (MR) aan dat hij begin 2021 nieuwe regels zou introduceren voor aansprakelijkheid van bedrijven en voor due diligence.

Het Europees Parlement liet in september weten bezig te zijn met het ontwerp van nieuwe, afdwingbare wetgeving hierover. Op dit moment zit het proces in de fase van publieke consultatie, wat betekent dat middenveldorganisaties en ngo’s zich kunnen uitspreken over de ontworpen regels. De Europese Commissie zou de nieuwe regels nog begin dit jaar moeten voorstellen.

Ondertussen riep de Europese Raad, onder voorzitterschap van Duitsland, op tot een nultolerantiebeleid voor schendingen van mensenrechten in de productieketen. Hoewel het aannemen van deze conclusies geen wetgevende kracht heeft, is de uitspraak van de Commissie wel van grote symbolische waarde. Het geeft immers aan dat alle 28 Europese lidstaten akkoord zijn met het naar voren brengen van nieuwe due diligence-wetgeving.

Global Witness-campagnevoerster Rachel Cox is voorzichtig enthousiast: ‘Het is afwachten wat het wordt, maar zo’n wetgeving op Europees niveau is echt de regelgeving die we nodig hebben. Daarmee zouden bedrijven vervolgd kunnen worden als ze mensen- en milieurechten schenden.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift