88 landen lieten al weten beroep te willen doen op noodfondsen van het IMF

Er zit 1000 miljard dollar in de “oorlogskas” voor landen in geldnood

Reuters/ Luc Gnago

Een markt in Ivoorkust, gesloten voor desinfectie. 88 landen lieten het IMF al weten dat ze door de coronacrisis beroep willen doen op een noodfonds.

Landen in financiële nood door de coronacrisis kunnen hulp vragen aan het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Dat beschikt alles bij mekaar over 1000 miljard dollar (925 miljard euro). Maar liefst 88 landen, vooral in Afrika, Latijns-Amerika en de Caraïben, lieten het IMF weten dat ze graag beroep willen doen op het noodfonds. Ontwikkelingslanden worden extra getroffen door de huidige inkomensschok.

De economie — productie én consumptie — wordt gedeeltelijk stilgelegd door de coronacrisis. Overal verliezen mensen hun job of moeten ze inboeten aan loon. De meeste bedrijven hebben plots veel minder inkomsten, en ook de overheid krijgt minder binnen via de belastingen. Het is een echte inkomensschok, en ook ontwikkelingslanden ondergaan nu dezelfde schok als de rijke landen.

Alleen zijn ontwikkelingslanden meestal niet in staat om die inkomensschok bij hun burgers en bedrijven op te vangen. Omdat er geen sociale zekerheid is, waardoor tijdelijk werklozen bijvoorbeeld een uitkering zouden kunnen krijgen. En omdat de overheden geen of veel minder geld kunnen lenen op de financiële markt. Dat betekent dus ook: geen extra geld om getroffen ondernemers of sectoren te compenseren, zoals in rijkere landen.

Het economische effect van de coronacrisis is in ontwikkelingslanden net veel groter: de overheden komen er nu vrij snel in acute betalingsproblemen, omdat ze geen deviezen meer hebben. De grondstoffen dalen nu in prijs, het toerisme valt stil, en dus drogen de inkomsten van burgers, bedrijven en overheden, en de instroom van vreemde deviezen, snel op.

De eigen munt van de meeste ontwikkelingslanden kunnen ze niet gebruiken om in het buitenland aankopen te doen. En de reserves aan vreemde deviezen strekken soms maar een paar maanden ver. Daardoor komen heel landen binnen de kortste keren in betalingsnood.

‘Zij kunnen dan de nodige invoer, zelfs van essentiële goederen, of internationale betalingen niet meer financieren, waardoor de hele economie dreigt stil te vallen’, zegt de Belgische bestuurder bij het Internationaal Muntfonds (IMF), Anthony De Lannoy.

Noodfonds en schulden kwijtschelden

Het IMF kan op korte termijn 50 miljard dollar ter beschikking stellen. Er zijn intussen maar liefst 88 landen, vooral in Afrika, Latijns-Amerika en de Caraïben, die het IMF lieten weten dat ze daar graag beroep op willen doen. Het gaat om 10 miljard dollar aan leningen met een nulrente voor lage-inkomenslanden, en 40 miljard dollar voor opkomende economieën.

‘De bedoeling van onze tussenkomst is altijd om het vertrouwen van de markten te herstellen.’

De Lannoy: ‘Het gaat daarbij niet om grote bedragen (de helft tot mogelijks 100 procent van het quotum, het bedrag dat de landen zelf in het Fonds hebben ingebracht,nvdr) , maar het is wel genoeg om deze landen de eerste weken, de eerste maand te helpen doorkomen. Met deze noodfondsen voor ontwikkelingslanden gaan we de gezondheidsdrama’s in ontwikkelingslanden niet volledig kunnen voorkomen. Wel kan het voorkomen dat ze hun verplichtingen niet meer kunnen nakomen of essentiële goederen zoals medische hulpmiddelen niet meer kunnen invoeren. Als er meer nodig is, moet er gepraat worden over een ruimer programma.’

‘De bedoeling van onze tussenkomst is altijd om het vertrouwen van de markten te herstellen’, vervolgt De Lannoy. ‘Een signaal dat er opnieuw geld is, en dat de fouten die eventueel in het verleden zijn gemaakt, niet herhaald zullen worden.’ De IMF-bestuurder verwijst daarmee naar de fameuze voorwaarden waarmee IMF-programma’s gepaard gaan.

Aan de 50 miljard dollar aan noodfondsen zijn niet diezelfde voorwaarden verbonden als aan de programma’s die over grotere bedragen gaan, al wordt ook daar onderzocht of landen geen ‘ondraaglijke schulden’ torsen. Het IMF onderzoekt hoe het in de huidige omstandigheden zelf schulden kan kwijtschelden aan lage-inkomenslanden.

1000 miljard dollar beschikbaar voor landen in nood

Het IMF beschikt nu over 270 miljard dollar (of vandaag net geen 250 miljard euro) die het meteen kan mobiliseren. Indien nodig kan daar nog eens 525 miljard dollar aan toegevoegd worden. Voor alle duidelijkheid: de middelen van het IMF komen van wat alle 184 leden-landen hebben ingelegd bij het IMF(het kapitaal van het Fonds). Elk land heeft zijn zogenaamd quotum, een bedrag dat het heeft bijgedragen tot het kapitaal van het Fonds, en dat in verhouding staat tot het economisch gewicht van een land. De Europese landen en de VS dragen zo de helft van het kapitaal aan. Daarnaast zijn er afspraken tussen het IMF en aantal meer kapitaalkrachtige landen (die over harde deviezen beschikken) om bijkomend geld voor te schieten ingeval van nood. 

‘Zelfs de VS beseffen ook wel dat ze er belang bij hebben dat andere landen niet in elkaar stuiken.’

In dat kader beslisten de Verenigde Staten vorige week om 35 miljard dollar extra kredietlijnen ter beschikking te stellen. Dat bedrag zat “verscholen” in het steunpakket van 2.200 miljard dollar dat het Amerikaanse parlement vorige week goedkeurde om de coronacrisis te lijf te gaan. Dit ondanks de hevige kritiek die president Donald Trump doorgaans heeft op multilaterale samenwerking. ‘Het geeft aan dat de VS ook wel beseffen dat ze er belang bij hebben dat andere landen niet in elkaar stuiken, of niet meer aan hun financiële verplichtingen kunnen voldoen’, zegt De Lannoy.

Alles bij mekaar beschikt het IMF over 1000 miljard dollar (925 miljard euro) die het, na het onderhandelen over programma’s, naar landen in nood kan toeschuiven. Dat is de ‘oorlogskas’ waarmee het Fonds een crisis te lijf kan gaan. 

Vraag is of er snel genoeg voldoende middelen gemobiliseerd kunnen worden. Kleinere ontwikkelingslanden alleen hebben al voor 3.200 miljard dollar aan buitenlandse schulden. Wie komt er in de problemen als die schulden niet langer worden afbetaald?

Het IMF riep bilaterale schuldeisers (landen die geld uitleenden aan een ander land, red.) al op tot een uitstel van betaling voor afbetalingen door ontwikkelingslanden. Dat zou 14 miljard dollar aan bijkomende ademruimte moeten verschaffen. De Wereldbank wil ook op korte termijn 14 miljard dollar vrijmaken, en 160 miljard dollar het komende jaar.

Veel cijfers en getallen, maar het is best mogelijk dat bijkomende middelen noodzakelijk zijn. Dat zal globaal leiderschap vragen. Het is afwachten waar dat leiderschap momenteel vandaan zal komen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2540   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur