Fairtrade kwarteeuw oud: ‘Wij moeten vooral bruggen bouwen’

Twee opvallende zaken kleuren de Week van de Fair Trade. Fairtrade Belgium (tot voor kort Max Havelaar) bezint zich na een kwarteeuw werking over de toekomst. Ze willen op basis van overleg en “dansen met de groten” tot verandering komen. Oxfam Wereldwinkels legt dan weer de nadruk op de oneerlijke structuur van de fruitsappenwereld. ‘De Europese Commissie liet een grote kans liggen’.

  • Lily Deforce, Fairtrade Belgium

Fairtrade Belgium (voorheen Max Havelaar), het keurmerk voor eerlijke producten,  bestaat 25 jaar. Vorig jaar werden ruim 21.000 ton aan fairtradeproducten verkocht in ons land, waarvan 9000 ton aan bananen, 2000 ton suiker, 1500 ton suiker en bijna achterhonderd ton chocolade.

Fairtrade Belgium vond de verjaardag reden tot bezinning. Ze bevroegen de Belgen over fairtrade. Daaruit blijkt dat 81 procent der Belgen zichzelf een bewuste consument vindt, maar tegelijkertijd noemt 71 procent de prijs wel doorslaggevender en belangrijker dan duurzaamheid.

Fairtrade trekt daaruit niet de conclusie dat de mensen niet erg consequent zijn. Lily Deforce, directeur van Fairtrade Belgium ziet het zo: ‘De Belgen willen wel duurzaam zijn, maar ze willen dat anderen, meer bepaald de overheid en de bedrijfswereld, daarvoor de verantwoordelijkheid nemen.’

Blijkens de peiling vinden meerderheden dat de overheid striktere sociale en milieuregels moet opleggen en dat de supermarkten meer inspanningen moeten doen om duurzame producten te promoten. Zeventig procent vindt de prijs de grootste drempel naar fairtradeproducten. Indien een supermarkt alleen nog fairtradeproducten zou verkopen, zou een kwart meteen van supermarkt veranderen, de helft indien de prijs niet competitief zou zijn. Slechts acht procent zou zelfs blijven kopen indien de prijs wat hoger is.

Bezinning

Om zich te bezinnen over die cijfers organiseerde fairtrade Belgium vier ronde tafels met alle spelers uit de sector: de Boerenbond, de warenhuizen, de biologische sector, de consumentenorganisaties…

Elk van deze spelers staat open voor het denken over fairtrade, is ervan overtuigd dat duurzaamheid belangrijk is maar dat het systeem hen belemmert daar op hun eentje echt aan te werken. ‘Om daaruit te geraken, zijn wederzijds respect, overleg, en interpersoonlijke relaties belangrijk,’ aldus Karlien Wouters van Fairtrade Belgium.

‘De warenhuizen zitten geregeld in prijzenoorlogen waar ze niet voor kiezen, maar waar ze zich in hun eentje niet kunnen aan onttrekken.’ Om zich aan de dwingende eisen van het systeem te kunnen onttrekken, is overleg belangrijk, gelooft Fairtrade Belgium. En elk moet zijn rol spelen.

Lily Deforce: ‘De overheid moet minimumcriteria instellen en de juiste stimulansen geven zoals bijvoorbeeld een vettaks er een is. Boeren moeten beter georganiseerd zijn om meer gewicht in de schaal te gooien. Consumentenorganisaties moeten breder kijken dan alleen maar de prijs. En de ngo’s moeten vooral de rol spelen van bruggenbouwer en de megafoon van de geëngageerde consumenten zijn.’

Fairtrade wil warenhuizen ervan te overtuigen om voor bepaalde producten alleen nog fairtrade aan te bieden.

En dan zijn er natuurlijk de grote warenhuisketens die het meest macht hebben in de hele voedselketen. Concreet hoopt dat Fairtrade iets aan de prijsdrempel te doen door warenhuizen ervan te overtuigen om voor bepaalde producten – en dat wordt in de eerste plaats de banaan – alleen nog fairtrade aan te bieden.

Door op grotere schaal te werken, kan ook de prijs wat worden gedrukt en prijs is volgens het opinieonderzoek toch het grote obstakel voor fairtrade. Dat gebeurt al in de twee grote coöperatieve warenhuisketens in Zwitserland (waardoor de fairtradebanaan er goed is voor meer dan zestig procent van de markt), en ook het Britse warenhuis Sainsbury’s koos daarvoor.

Zegt Harriet Lamb, CEO van Fairtrade International: ‘Zij betalen de extra kost van de fairtradebananen zelf zodat de consument niks meer moet betalen. Ze zien dat als een investering in de kwaliteit van hun merk, hun eigen imago als een bedrijf met waarden.’

Fairtrade Belgium hoopt een of meerdere warenhuizen ervan te overtuigen om hetzelfde te doen. Dat zou de verkoop sterk verhogen, en door het schaalvoordeel zou het prijsverschil sowieso al niet erg groot meer zijn. Het zou ook de boeren zelf helpen, zegt Nyagoy Nyong’o, CEO van Fairtrade Africa: ‘Voor Afrikaanse boeren is markttoegang belangrijk. Veel boeren kunnen maar enkele procenten van hun productie afzetten als fairtrade. Dat is te weinig. Het is dus echt van cruciaal belang de markt uit te breiden.’

Fairtrade is coming home

Fairtrade ontstond in de jaren vijftig in Mexico: na een ineenstorting van de koffieprijzen, groeide daar en toen het besef dat koffieboeren zich nooit zullen kunnen ontwikkelen als ze geen betere prijs voor hun producten krijgen.

Intussen is Fairtrade International goed voor een goederenstroom van meer dan vijf miljard euro. 1,4 miljoen boeren en arbeiders in tachtig landen werken onder het fairtrade label. In 2013 werd 86 miljoen euro aan Fairtradepremies besteed voor producentenorganisaties, sociale, economische en ecologische projecten.

De problemen van de Europese boeren lijken sterk op de problemen van de boeren in Afrika of Latijns-Amerika: erg weinig marktmacht en dus barslechte prijzen.

Een nieuwe groeimarkt lijkt dat de groeiende middenklasse in opkomende landen zoals Zuid-Afrika, Kenia, India of Brazilië ook een mogelijk cliënteel kan worden voor fairtrade. Harriet Lamb, CEO van  Fairtrade International stelt vast dat de vraag naar ethische producten er toeneemt.’ Nyagoy Nyong’o geeft een voorbeeld: ‘We deden onlangs een actie met fairtrade koffie in een Keniaans warenhuis en de stock was meteen uitverkocht.’

Fairtrade komt evenwel ook thuis in de rijke landen. De problemen waar de Europese boeren voor staan, lijken zeer sterk op de problemen van de boeren in Afrika of Latijns-Amerika: erg weinig marktmacht en dus barslechte prijzen. Toch lijkt fairtrade niet meteen van plan om zijn waarmerk ook te verbinden met producten van Belgische boeren.

Karlien Wouters: ‘Onze uitdagingen in het Zuiden zijn nog steeds heel groot en vragen dat we daar onze focus leggen. Elk initiatief hier in het Noorden wordt door ons ondersteund met promotie en expertise. Maar een keurmerk voor Fair Trade in het Noorden staat nog niet op onze agenda.’

Fruitsappensector te geconcentreerd

Oxfam-Wereldwinkels vestigt voor de week van de fairtrade de aandacht op de fruitsappensector. Daar hebben drie grote Braziliaanse producenten Citrosuco, Cutrale en Louis Dreyfus Commodities een groot deel van de markt in handen. ‘Het gevolg is dat de werkers op de plantages uitgeperst worden, en de consumenten te hoge prijzen betalen’, zegt Arne Schollaert, hoofd  van het politiek beleid bij Oxfam Wereldwinkels. ‘De werknemers staan enorm zwak, zijn slecht georganiseerd en hebben doorgaans geen alternatief. Daar hoeft geen tekening bij.’

Er zijn tekenen dat de drie reuzen prijsafspraken maken met elkaar. Onlangs klapten twee voormalige werknemers uit de biecht. Een eerste getuige, Paulo Ricardo, ex-werknemer van Louis Dreyfus Citrus, verkondigde dat de verwerkingsbedrijven de belangrijkste sinaasappelproducerende deelstaat, São Paulo, hadden onderverdeeld in exclusieve aankoopzones met strenge straffen voor wie zich in het aankoopgebied van de concurrentie waagde.

Ook de tweede getuige, Dino Tolfini, het vroegere hoofd van de CTM Citrus verwerkingsfabriek, nu opgekocht door Cutrale, bevestigde dat elke fabriek zijn eigen aankoopzone kreeg toegewezen en dat vervolgens de prijzen in onderlinge samenspraak werden vastgelegd. Schollaert maakt zich sterk dat als de drie bedrijven in Brazilië prijsafspraken maken, ze dit ook in de EU kunnen doen. ‘Een ding is zeker: de fruitsapgiganten maken grote winsten, een deel daarvan kan herverdeeld worden naar hogere lonen voor de werknemers. Je kan dit maar veranderen door structureel in te grijpen. Men moet de concentratie op de markt tegengaan en fusies verbieden. De Europese Commissie liet evenwel een enorme kans voorbijgaan om de marktconcentratie tegen te gaan. Ze keurde immers de joint venture goed van Citrosuco/Citrovita waarmee dit bedrijf de grootste leverancier van sinaasappelconcentraat aan Europa wordt. Onbegrijpelijk.’ 

Oxfam neemt wat afstand van Fairtrade

Oxfam Wereldwinkels heeft onlangs ook beslist om niet langer al zijn producten door Fairtrade te laten certifiëren. Schollaert: ‘Je moet daar verder niks achter zoeken, het is gewoon gezonder dat we niet afhankelijk zijn van een enkele certificatieorganisatie. Wij stelden onder meer via onze Nederlandse collega’s Oxfam Novib‎ vast dat in een bepaalde productketen de certificeringseisen bij Fairtrade op dat moment minder hoog lagen dan die van andere certificeerders. Fairtrade is daar vervolgens mee aan de slag gegaan. Die ‘concurrentie’ tussen certificeerders is dus niet per definitie slecht is. Wij willen gewoon een gezonde onafhankelijke relatie met de verschillende aanbieders van certificatie.’

Een ander probleem bij Fairtrade zou zijn dat het te weinig aandacht heeft voor de lonen die de door hen gecertificeerde kleine boeren betalen aan hun dagloners. Volgens een onderzoek door de Universiteit van Londen (SOAS) krijgen deze uiterst kwetsbare mensen zelfs lagere lonen in regio’s met fairtrade bedrijven dan in regio’s zonder fairtradebedrijven. En focust fairtrade al te zeer op coöperaties van kleine boeren en te weinig op de loonvoorwaarden van de dagloners die voor die kleine boeren werken.

Harrie Lamb: ‘Wij ontkennen dat probleem niet, ook al waren er belangrijke methodologische problemen met dat onderzoek. We werken eraan. Fairtrade is een werk van decennia. Die kleine boeren die maar drie procent van zijn productie fairtrade kunnen leveren, zijn zelf zo arm dat ze amper hoge lonen kunnen betalen.’

Arne Schollaert benadrukt het verschil tussen Fairtrade en Oxfam Wereldwinkels: ‘Zij zijn een certifiëringsmachine; wij zijn een bewustmakingsorganisatie. 

Arne Schollaert benadrukt het verschil tussen Fairtrade en Oxfam Wereldwinkels: ‘Fairtrade zou best een heel klein deeltje van de producten van Nestlé kunnen certifiëren als Fairtrade terwijl wij weten dat Nestlé – en vooral de omvang van dat bedrijf - gewoon een deel van het probleem is.  Je mag het nooit zo ver laten komen: dat bedrijf heeft gewoon teveel marktmacht; je moet de marktstructuur veranderen.’

Harriet Lamb benadrukt venwel dat ook Fairtrade vindt dat er structureel iets moet veranderen, maar dat zij – als brug tussen de verschillende actoren en in overleg met de hele sector - stappen in de goeie richting proberen te zetten. ‘Als de grote chocoladeproducenten beseffen dat er weldra onvoldoende jongeren op het platteland zullen blijven om de cacao te telen, zullen ze misschien bereid zijn een minimumprijs voor cacao te betalen, en wie weet zelfs een grondstoffenakkoord af te sluiten. Wij willen dat soort processen bevorderen.’

Saai en sexy hebben elkaar nodig

Arne Schollaert beseft dat structurele verandering dikwijls niet makkelijk is. ‘Een land dat de grote cacaoreuzen wil dwingen om wat meer belastingen te betalen, botst op de fiscale spitstechnologie waarmee deze bedrijven de winsten laten boven komen in die landen waar er geen of lage belastingen zijn.’

Dat probleem oplossen, vergt een internationale samenwerking op fiscaal gebied. Dat banken en landen automatisch informatie uitwisselen met elkaar, dat beursgenoteerde multinationals verplicht worden om hun activiteiten land per land te rapporteren zodat ze minder makkelijk op een fictieve manier winsten kunnen verschuiven…

Of hoe dit op het eerste zicht wat saaie domein van de internationale fiscale samenwerking erg belangrijk is om zoiets sexy als fairtrade – waarvoor bekende mensen dezer dagen halfnaakt al of niet in een ton gesmolten chocolade poseren - mogelijk te maken.  

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur