‘Het geweld heeft me getraumatiseerd, maar we moeten doorzetten tot het leger opgeeft’

Gewelddaden lopen op in Myanmar na staatsgreep van februari

Htin Linn Aye / Wikimedia (CC BY-SA 4.0)

Protestmars in in Myanmar tegen de militaire coup, februari 2021

Sinds het leger de verkozen regering van Aung San Suu Kyi opzijzette, is Myanmar in een gewelddadig conflict verwikkeld. Massaal protest tegen die coup wordt bloedig neergeslagen. Oud-journalist en Artsen Zonder Grenzen-medewerker Ko Loom (26) vertelt over de situatie in zijn land.

Het leger had in Myanmar, Zuidoost-Azië, altijd al een grote politieke macht. Maar sinds het in februari de verkozen regering van leidster Aung San Suu Kyi opzij zette, is Myanmar in een gewelddadig conflict terecht gekomen.

Het massale protest tegen die coup wordt sindsdien bloedig neergeslagen. Er zijn al honderden burgers gedood, al is het moeilijk om precieze cijfers te achterhalen, vertelt journalist Ko Loom.

‘Als agenten tijdens een controle ontdekken dat er socialemedia-apps op je telefoon staan, kun je gearresteerd worden.’

Na een carrière van vijf jaar als radioverslaggever werd Ko Loom (26) communicatieverantwoordelijke bij Artsen Zonder Grenzen (AZG). “Vóór de coup vertaalde ik artikels die over AZG in de nationale pers verschenen om ze te publiceren op onze sociale media.”

Nu informeert hij het AZG-hoofdkantoor in Amsterdam over de dagelijkse ontwikkelingen in Myanmar. Dat is geen makkelijke opgave, want onafhankelijke tv-zenders zijn uit de ether gehaald. ‘Het mobiele internet is afgesneden, maar ik heb toegang tot een wifinetwerk. En ik haal mijn informatie vooral van Facebook.’

Veiligheid

Nieuws over de protestacties verspreiden is verboden. ‘Als agenten tijdens een controle ontdekken dat er socialemedia-apps op je telefoon staan, kun je gearresteerd worden. Dat geldt voor iedereen, niet alleen voor journalisten of persmedewerkers.’

Op het moment van de staatsgreep werkte Ko Loom in Yangon, de vroegere hoofdstad van Myanmar en nog altijd de belangrijkste stad van het land. ‘Tijdens de eerste twee weken van het protest werd er niet op de betogers geschoten. Maar toen er burgers gedood werden, voelde ik mij niet meer veilig. Ik hoorde dag en nacht geweerschoten. Mijn gezondheid leed eronder, ik kon niet meer slapen.’

‘Hoeveel doden zijn er nodig?’

Die mentale stress bereikte een dieptepunt toen er eind februari een jongeman werd gedood tijdens een manifestatie. ‘Nyi Nyi was niet eens op de plek van de betoging zelf, toen hij in de buik werd geschoten. Dat dit vlak bij mijn vroegere middelbare school is gebeurd, bracht het geweld erg dichtbij.’

Ko Loom toont een Facebookpagina met het verhaal van Nyi Nyi. Zijn laatste online bericht was ‘Hoeveel doden zijn er voor de Verenigde Naties nodig om actie te ondernemen?’

Getraumatiseerd

‘Hij is gestorven toen hij naar zijn moeder belde om te zeggen dat hij geraakt was en zou doodgaan. Dat heeft mij getraumatiseerd. Ik heb toen aan mijn werkgever gevraagd of ik Yangon mocht verlaten en voortaan van thuis uit werken.’ Thuis betekent Kachin, in het noorden van Myanmar, aan de grens met China.

‘De meeste mensen hier zijn landbouwers, ook mijn ouders overleven dankzij hun rijstplantages. Bovendien is er een solidariteitsprincipe: wie voldoende voedsel heeft, deelt met de armen. Hier lopen ook soldaten over straat, maar toch voel ik me veiliger dan in Yangon.’

Militaire trainingen

‘Voor de coup wisten mensen niet dat het leger zo brutaal was, omdat ze de propaganda van de staatsmedia geloofden. Nu zien ze zelf het geweld.’

Dat veiligheidsgevoel heeft ook te maken met de aanwezigheid van KIA (Kachin Independence Army), het lokale onafhankelijkheidsleger dat al jaren vecht voor meer autonomie. Sinds de staatsgreep is de strijd tegen het Myanmarese leger verder opgevoerd. Zo wordt jongeren geleerd hoe ze met wapens en explosieven moeten omgaan.

‘Dat wil niet meteen zeggen dat die jongeren zich bij het KIA zullen aansluiten. Ze leren in de eerste plaats om zichzelf te verdedigen tegen de vijandigheden van het leger. Mijn eigen broer, die 22 jaar is, volgt op dit moment zo’n opleiding. Hij wil vooral onze familie kunnen beschermen.’

Rebellengroepen

KIA is niet de enige rebellengroep in Myanmar. Al sinds de jaren 50 nemen verschillende etnische groepen het op tegen de junta, omdat ze gediscrimineerd en onderdrukt worden. Die gewapende strijd werd tot nu toe veelal afgekeurd door de publieke opinie en dan vooral door de Bamar of Birmanen, de grootste etnische groep in Myanmar.

‘Voor de coup wisten mensen niet dat het leger zo brutaal was, omdat ze de propaganda van de staatsmedia geloofden. Nu zien ze zelf het geweld, nu zien ze dat de verkozen regering is opgesloten en dat demonstranten worden opgepakt’, zegt Ko Loom.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Vechten tot het einde

Tegenstanders van de militaire junta hebben vorige week een zogenaamde alternatieve regering gevormd. Die belooft zelfbestuur voor minderheden en wil de gewapende milities groeperen. Dat is meteen het grote verschil met eerdere protesten in Myanmar. Was het vroeger “ieder voor zich”, dan strijden verschillende groepen nu samen tegen de militaire dictatuur.

‘Natuurlijk ben ik bang’, zegt Ko Loom, ‘maar we moeten doorzetten. Ik denk dat dit conflict lang kan duren, tot het leger eindelijk opgeeft. Maar ik heb er een goed gevoel bij. We hebben al veel meegemaakt, er is eigenlijk al decennialang een burgeroorlog aan de gang. Dus ik denk niet dat mensen dit keer snel zullen opgeven.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift