Dossier: 
Ondanks vredesakkoord blijft Catatumbo één van de gevaarlijkste plekken, stelt Human Rights Watch

Guerrillagroepen hebben nog altijd vrij spel in Colombiaanse grensregio

Marcha Patriotica (CC BY-ND 2.0)

 

In 2016 bereikten de Colombiaanse overheid en de guerrillagroepering FARC (Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia) een vredesakkoord, na een decennialange burgeroorlog. In de jaren zestig rebelleerden meerdere guerrillagroepen tegen de overheid, waaronder de communistische FARC. Tijdens de burgeroorlog had ook de opkomende cocaïnehandel in het Zuid-Amerikaanse land een belangrijke rol.

In een rapport dat mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch vandaag uitbrengt, blijkt dat het vredesakkoord niet alle geweld kon wegnemen. Vooral in de noordoostelijke regio Catatumbo, dicht bij de grens met Venezuela, slaagt de regering er niet in om haar gezag te laten gelden. Daar zijn momenteel drie verschillende guerrillagroepen actief, die met elkaar rivaliseren om grondgebied en om de controle van de drugsroutes en -handel in de regio. Catatumbo is rijk aan de grondstof coca, die nodig is voor de productie van cocaïne. Voor het vredesakkoord van 2016 regelden de bevelhebbers van de drie groepen problemen onder elkaar.

Misdrijven tegen de bevolking

In de strijd om het territorium gebeuren allerlei misdrijven tegenover de mensen die er wonen. Zo stelt HRW dat het aantal moorden er verdubbelde sinds de wapenstilstand van 2015. Burgers worden gedood omdat ze ervan verdacht worden een rivaliserende gewapende groep te steunen, of omdat ze het verzet in de lokale gemeenschappen leiden. Volgens officiële statistieken van de staat en de VN is de regio één van de meest dodelijke plekken voor wie in Colombia opkomt voor zijn of haar lokale gemeenschap.

Catatumbo is één van de meest dodelijke plekken voor wie in Colombia opkomt voor zijn of haar lokale gemeenschap

Naast moord is er ook sprake van bedreigingen, verdwijningen, ontvoeringen, verkrachtingen en ander seksueel geweld. De gewapende groepen rekruteren kinderen al dan niet onder dwang, en leggen regels op in verband met sociale controle aan de plaatselijke gemeenschapsleiders. Mogelijk zijn de guerrillastrijders ook verantwoordelijk voor het leggen van landmijnen, gericht tegen burgers. Dit jaar zouden al enkele honderden mensen gevlucht zijn voor het guerrillageweld.

In het gebied Catatumbo namen drie guerrillagroepen het machtsvacuüm in, na de demobilisatie van de FARC. Een eerste groep bestaat uit achtergebleven voormalige leden van de FARC. Zij vormen de kleinste groep, en zijn ook het minst georganiseerd. Zij zouden zich opnieuw bewapend hebben om zich te verdedigen tegen aanvallen van andere gewapende groepen, en gaan verder onder de naam FARC 33rd Front.

De twee andere guerrillagroepen zijn de ELN en de EPL. Het Nationale Bevrijdingsleger, de ELN, ontstond net zoals de FARC al in de jaren zestig, en volgt een linksgeoriënteerde ideologie. Het Volkbevrijdingsleger, de EPL, scheurde in de jaren negentig af van een gedemobiliseerde grotere guerrillagroep. De ELN en de EPL bevechten zowel elkaar als de regering.

Ook gevluchte Venezolanen zijn slachtoffers

Colombianen zijn niet de enige slachtoffers van de gewapende groepen. In Catatumbo leven er volgens de VN minstens 25.000 Venezolanen. Zij zijn hun eigen land ontvlucht door de crisissen die er heersen. Ze gaan over de grens op zoek naar voedsel, medicijnen en werk.

De Venezolanen trekken specifiek naar Catatumbo omdat de guerrillatroepen er de illegale immigratie in handen hebben, en omdat er hogere lonen zijn dan die in hun eigen land. HRW zegt dat de vluchtelingen ook slachtoffer worden van de guerrilla’s, maar dat zij nog minder hulp zoeken dan Colombianen, uit angst voor uitzetting of omdat ze niet weten hoe ze dat kunnen doen.

Onderzoekers van HRW, die anoniem wensen te blijven uit veiligheidsoverwegingen, geven meer uitleg in een interview op de website van de mensenrechtenorganisatie. Ze zeggen dat het grootste aantal Venezolaanse vluchtelingen naar Colombia trok, en leggen uit wat de regio van Catatumbo zo aantrekkelijk maakt. ‘Ze gaan naar Catatumbo omdat ze er een inkomen kunnen verdienen, in veel gevallen door te werken voor de gewapende groepen of voor een illegale industrie.’

‘Venezolanen in Catatumbo worden ook blootgesteld aan misbruik, dat soms erger is dan wat ze in hun thuisland meemaakten’

‘De Venezolanen blijven in Catatumbo omdat het moeilijk is om een werkvergunning te krijgen en elders veiliger werk te zoeken. Maar zo blijven ze blootgesteld aan misbruik door gewapende groepen, dat soms erger is dan wat ze meemaakten in hun thuisland’.

Onvoldoende overheidsreactie

HRW klaagt aan dat de Colombiaanse overheid niet genoeg actie onderneemt om de slachtoffers in de regio van Catatumbo te helpen en verder geweld te voorkomen. De vervolging van de daders gebeurt volgens de mensenrechtenorganisatie niet efficiënt.

Zo stelt het rapport dat er niet genoeg mensen in de regio belast zijn met het opsporen en vervolgen van misdaad, en zijn er bijvoorbeeld nog maar twee guerrillaleden veroordeeld voor moord. Eén van de redenen daarvan is het veiligheidsrisico voor de getuigen en voor de ambtenaren zelf.

Op nationaal, provinciaal en lokaal niveau worden de slachtoffers, volgens het rapport van HRW, in de steek gelaten. Daarnaast zijn er ook gevallen bekend waarin soldaten van het Colombiaanse leger zich zelf schuldig maken aan misbruik, wanneer ze burgers ervan verdenken lid te zijn van de gewapende groepen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Voorstellen tot verbetering

HRW stelt een reeks concrete maatregelen voor aan de regering, het ministerie van Justitie, de burgemeesters uit de regio Catatumbo en mensenrechtenwerkers. In het eerder vermelde interview vat een onderzoeker het bondig samen: ‘Ik denk dat regio’s zoals Catatumbo in zekere zin vergeten zijn door nationale autoriteiten. Al decennialang, dit is geen recent gebeuren. Er zijn daar niet genoeg openbare aanklagers of rechercheurs. Autoriteiten hebben ook het budget niet om vluchtelingen te helpen. En er zijn niet genoeg politieagenten om de gemeenschappen te beschermen.’

‘Wanneer geweld uitbreekt, is de belangrijkste reactie van de regering om duizenden soldaten naar het gebied te sturen. Dat is een begrijpelijke reactie, en het kan mensen beschermen indien het leger gebruik maakt van strategieën die mensenrechten respecteren, maar lokale gemeenschappen hebben zoveel meer steun nodig dan enkel dat.’

De twee anonieme onderzoekers roepen de Colombiaanse overheid op om duidelijk vast te stellen hoeveel Venezolanen er in het land verblijven en wat hun noden zijn, en om hen allemaal aan een werkvergunning te helpen. ‘Zo kunnen ze naar veiligere regio’s dan Catatumbo verhuizen.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift