Hoe de Wereldbank haar belofte om armen te beschermen verbrak

Sinds 2004 zijn naar schatting 3,4 miljoen mensen wereldwijd fysiek of economisch “ontheemd” ten gevolge van projecten gefinancierd door de Wereldbank. De slachtoffers van wat de Wereldbank ‘onvrijwillige hervestiging’ noemt, moesten gedwongen hun huis verlaten, hun land werd afgenomen of hun levensonderhoud werd aangetast. Bovendien liet de Wereldbank herhaaldelijk na de getroffen personen correct te compenseren. Dat blijkt uit een onderzoek door het International Consortium of Investigative Journalists (ICIJ). 

Een team van meer dan 50 journalisten uit 21 landen heeft gedurende bijna een jaar het falen van de Wereldbank onderzocht om mensen te beschermen die in de naam van vooruitgang aan de kant worden geschoven. In het samenwerkingsverband analyseerden de betrokken media duizenden Wereldbank-documenten en interviewden honderden betrokkenen. Bovendien onderzochten journalisten ter plekke de gevolgen van Wereldbankprojecten in veertien landen:

Wat blijkt? Het voorbije decennium heeft de Wereldbank het regelmatig nagelaten haar eigen regels te handhaven, met verwoestende gevolgen voor een aantal van de armste en meest kwetsbare mensen op aarde.

In België verschijnen de resultaten van het onderzoek deze week in MO*, De Tijd en Le Soir.

België: voorname positie in de Wereldbank

De Wereldbank is aan het einde van Wereldoorlog II opgericht door de VS en andere machten, om de ontwikkeling te bevorderen in landen verscheurd door oorlog en armoede. De Wereldbank wordt gefinancierd door lidstaten, die stemmen over de besteding van ruwweg 65 miljard dollar per jaar voor leningen, schenkingen en andere investeringen.

België is een belangrijke aandeelhouder van de Wereldbank. Ons land bezit 1,62 procent van de aandelen van de bank. Doorheen de jaren heeft België ook aan verschillende kapitaalsverhogingen deelgenomen. De totale bijdrage die intussen effectief door België is uitbetaald, bedraagt 240,6 miljoen dollar.

Sinds 2008 heeft België ruim een miljard euro aan de Wereldbank overgemaakt.

Daarnaast levert België ook belangrijke financiële bijdragen aan de International Development Association (IDA), binnen de Wereldbankgroep de financieringspoot voor arme landen. In de periode 2008-2016 heeft België in totaal 1,178 miljard euro aan de IDA overgemaakt.

Tegenover die financiële steun staat ook invloed. Binnen de bestuursraad van de Wereldbank is België voorzitter van een eigen kiesgroep van tien landen. Met Frans Godts levert België een van de 25 bestuurders (‘executive directors’) van de Wereldbank.

© Ben Hallman / The Huffington Post

Victor Mendoza woont dicht bij een goudmijn in Noord-Peru, gefinancierd door de IFC-arm van de Wereldbank. ‘De mijn vervuilt ons water. Dat is gevaarlijk voor mijn gezin én de veestapel.’

‘Geen schade berokkenen’

In veel gevallen bleef de Wereldbank zaken doen met regeringen die de rechten van hun burgers schonden.

Al meer dan drie decennia werkt de Wereldbank met een set waarborgen (safeguards) bij de financiering van projecten. Het gaat om interne controlemechanismen die schadelijke gevolgen voor mens en milieu moeten identificeren. Bijvoorbeeld: regeringen die geld lenen bij de Wereldbank mogen burgers niet zomaar uit hun huis zetten zonder waarschuwing vooraf. Families die uit hun huis worden gezet om plaats te maken voor dammen, energiecentrales of andere grote projecten, moeten hervestigd worden en hun levensonderhoud moet worden hersteld.

De Wereldbank verbindt er zich naar eigen zeggen toe ‘geen schade te berokkenen’ aan mensen of het milieu.

Uit het ICIJ-onderzoek blijkt echter dat de Wereldbank het vaak nalaat om projecten van tevoren grondig te beoordelen opdat gemeenschappen beschermd zijn, en ze weet vaak niet wat met de mensen gebeurt nadat ze uit hun huis zijn gejaagd.

In veel gevallen bleef de Wereldbank zaken doen met regeringen die de rechten van hun burgers schonden. Op die manier gaf de Wereldbank haar klanten het signaal dat ze nauwelijks iets te vrezen hebben wanneer ze de regels van de bank niet volgen. Dat zeggen huidige en voormalige medewerkers van de bank.

‘Vaak waren overheden helemaal niet van plan om de regels te volgen, en vaak had het management van de bank helemaal niet de intentie om ze af te dwingen’, zegt Navin Rai, een voormalige ambtenaar van de Wereldbank die van 2002 tot 2012 toezicht hield op de bescherming van inheemse volkeren. ‘Zo werd het spelletje gespeeld.’

Viëtnam en China springen eruit

Tussen 2004 en 2013 hebben de Wereldbank en de International Finance Corporation (IFC) – de afdeling van de Wereldbankgroep die leningen verschaft aan bedrijven – toegezegd om 455 miljard dollar uit te lenen om bijna 7200 projecten in ontwikkelingslanden te financieren.

Een groot project kan de levens van tienduizenden mensen overhoop halen.

De meeste Wereldbank-investeringen leiden helemaal niet tot uitwijzingen of een aantasting van het gezinsinkomen –al is dat percentage de voorbije jaren wel scherp gestegen. Uit een interne audit uit 2012 blijkt dat 40 procent van de toen op handen zijnde projecten van de Wereldbank tot hervestiging leidden –dubbel zoveel als projecten die al waren afgesloten.

Een groot project kan de levens van tienduizenden mensen overhoop halen. Sinds 2004 hebben minstens een dozijn projecten met de steun van de Wereldbank geleid tot de fysieke of economische ontheemding van meer dan 50.000 personen per keer. Dat blijkt uit schattingen van de bank zelf.

ICIJ becijferde op basis van Wereldbank-documenten dat sinds 2004 naar schatting 3,4 miljoen mensen wereldwijd fysiek of economisch “ontheemd” zijn ten gevolge van 972 projecten gefinancierd door de Wereldbank. Het werkelijke aantal “ontheemden” ligt waarschijnlijk hoger, aangezien de bank het aantal mensen getroffen door haar projecten niet altijd telt en soms onderschat. 

Twee landen springen boven al de rest uit: in Viëtnam zijn het voorbije decennium naar schatting liefst 1,25 miljoen personen hun woning, land of een deel van hun inkomen kwijtgeraakt door Wereldbankprojecten; in China ging het om ruim een miljoen betrokkenen. Op de derde plaats volgt India, met bijna 390.000 zogenaamde project affected people.

© Tony Karumba / GroundTruth

Huis in assen. Een bosbehoudproject in West-Kenia, gerealiseerd met Wereldbanksteun, liep slecht af voor de bewoners van de Cherangani Hills.

Broodnodige projecten

Het ziet er naar uit dat in de toekomst nog meer mensen de gevolgen van grote ontwikkelingsprojecten zullen voelen. De toenemende vraag in bepaalde regio’s naar infrastructuur-uitgaven – voor zuiver water, elektriciteit, gezondheidszorg en andere basisdiensten – zal er volgens de Wereldbank toe leiden dat ze steeds meer grote projecten zal financieren, waardoor inwoners waarschijnlijk van hun land zullen worden verdreven of hun levensonderhoud wordt verstoord.

De Wereldbank geeft toe dat hervestiging moeilijk is.

De Wereldbank geeft toe dat hervestiging moeilijk is, maar zegt dat het vaak onmogelijk is om wegen aan te leggen, energiecentrales te bouwen en andere broodnodige projecten uit te voeren zonder mensen uit hun huizen te zetten.

‘We vinden dat we infrastructuurprojecten moeten blijven financieren, met inbegrip van projecten die leiden tot de verwerving van land en onvrijwillige hervestiging’, aldus David Theis, de woordvoerder van de Wereldbank.

De bank doet naar eigen zeggen haar best om ervoor te zorgen dat leners echt hulp bieden aan de mensen die voor grote projecten moeten wijken. ‘Dankzij nauwgezette projectplanning en een correcte uitvoering hebben het verwerven van land en onvrijwillige hervestiging ertoe geleid dat het leven van mensen signifikant is verbeterd’, aldus Theis in een verklaring.

‘We hebben onszelf grondig geëvalueerd’

In juli 2012 trad een onconventionele leider aan als nieuwe voorzitter van de Wereldbank. Jim Yong Kim, een Koreaans-Amerikaanse arts die bekendheid verwierf met zijn strijd tegen aids in Afrika, is de eerste Wereldbank-topman zonder achtergrond in financiën of politiek.

© Kristof Clerix

Masker van Jim Yong Kim met Pinocchio-neus: houdt de Wereldbank-voorzitter zijn woord?

Twee decennia geleden liep Kim in Washington zelf nog mee in protestmarsen tegen de Wereldbank. Tijdens die protesten werd opgeroepen om de Wereldbank op te doeken omdat die volgens de actievoerders economische groei belangrijker achtte dan het bijstaan van arme mensen.

In maart 2015, nadat ICIJ en de Huffington Post medewerkers van de Wereldbank ervan op de hoogte brachten dat nieuwsmedia “systemische gaten” hadden gevonden in de bescherming van ontheemde gezinnen, gaf de bank toe dat haar toezicht zwak was geweest. Ze beloofde hervormingen.

‘We hebben onszelf grondig geëvalueerd wat herverstiging betreft. Wat we ontdekten, verontrust me ten zeerste’, zei Wereldbank-voorzitter Jim Yong Kim toen in een verklaring.

Hij was naar eigen zeggen bezorgd over ‘ernstige problemen’ bij het toezicht van de bank op haar hervestiginsbeleid. Kim kondigde een actieplan aan dat pleit voor een grotere onafhankelijkheid voor de interne waakhonden die toezien op de waarborgen (safeguards), en voor 15 procent extra budget om de safeguards te waarborgen.

Maar hoewel Kim en andere Wereldbank-functionarissen algemene tekortkomingen erkennen, hebben ze steeds ontkend dat de bank mee schuldig is aan gewelddadige of onrechtmatige huisuitzettingen uitgevoerd door haar leners.

Druk om projecten te realiseren

Onder de regels van de Wereldbank moeten overheden die voor financiering aankloppen bij de bank gedetailleerde hervestiginsplannen opstellen voor personen die fysiek of economisch “ontheemd” worden.

‘Waarborgen zijn niet relevant voor managers.’

Huidige en voormalige werknemers van de Wereldbank zeggen dat het handhaven van die normen vaak is ondermijnd door de interne druk om grote, opvallende projecten goed te keuren. Volgens insiders hangt voor veel bankmanagers succes af van het aantal deals dat ze hebben gefinancierd. Ze verzetten zich vaak tegen eisen die voor bijkomende moeilijkheden en kosten zorgen.

Daniel Gross, een antropoloog die gedurende twee decennia voor de bank heeft gewerkt als consultant en staflid, zei dat interne waakhonden die toezien op de waarborgen (safeguards) ‘een plaats hebben aan tafel’ tijdens debatten over hoe veel de bank moet doen om mensen te beschermen. Maar onder de druk om projecten te realiseren, worden ze vaak genegeerd en onder druk gezet om ‘mee te werken’.

In een interne rondvraag die bankauditors vorig jaar deden, gaf 77 procent van de werknemers verantwoordelijk voor de waarborgen (safeguards) aan te vinden dat het management hun werk ‘niet naar waarde schat’. De bank maakte het onderzoek bekend in maart 2015, in dezelfde periode dat ze toegaf dat het toezicht op haar hervestigingsbeleid zwak was.

‘Waarborgen zijn niet relevant voor managers’, zei een van de geïnterviewden in het rapport.

© Besar Likmeta / BalkanInsight.com

Het huis van Andon Koka in Albanië werd vernield ‘in de naam van ontwikkeling’.

Afvink-oefeningen

In meer dan de helft van alle projecten geciteerd in een intern Wereldbank-onderzoek uit 2012 kon de bank niet zeggen of er voldoende was gedaan om voor de behoeften van inheemse volkeren of andere kwetsbare groepen te zorgen. Een ander intern bankrapport uit 2014 kwam tot de conclusie dat in zestig procent van de vermelde cases bankfunctionarissen er niet in waren geslaagd om te documenteren wat met de mensen was gebeurd nadat ze van hun land of huis waren weggejaagd.

Zeventig procent van de gevallen opgesomd in het rapport uit 2014 bevatten geen informatie over klachten van mensen die stelden geschaad te zijn door de projecten. Dat duidde erop dat de mechanismen van de bank om om te gaan met klachten louter ‘afvink-oefeningen’ waren die ‘slechts op papier maar niet in de praktijk’ bestonden, aldus de interne beoordeling.

Deze ‘grote hiaten in de informatie’ wijzen op ‘signifikante potentiële storingen in het banksysteem om met hervestiging om te gaan’, aldus het rapport. ‘Dat de Wereldbank niet kan bevestigen dat hervestiging naar tevredenheid is afgehandeld, vormt een reputatierisico voor de bank.’

Kwetsbaren beter beschermen – of net niet

De Wereldbank is momenteel haar safeguards-beleid aan het herschrijven. Sommige huidige en voormalige Wereldbank-functionarissen waarschuwen ervoor dat de voorgestelde herzieningen de toezegging van de bank om armen en kwetsbaren te beschermen verder zal ondermijnen.

‘Dat de Wereldbank niet kan bevestigen dat hervestiging naar tevredenheid is afgehandeld, vormt een reputatierisico.’

De meest recente draft van het nieuwe beleid van de bank, vrijgegeven in juli 2014, zou volgens die functionarissen overheden meer ruimte laten om de banknormen naast zich neer te leggen en beslissingen te nemen over het al dan niet beschermen van lokale gemeenschappen.

De safeguards-wijzigingen die de Wereldbank voorstelt, zouden aan leners meer autoriteit geven om zelf toezicht op uit te oefenen op het naleven van de normen. In de huidige draftversie van de nieuwe safeguards mogen overheden wachten met het opstellen van hervestigingsplannen tot het moment dat de Wereldbank groen licht geeft voor de projecten in kwestie. Ook zouden overheden hun eigen ecologisch en sociaal beleid mogen voeren, in plaats van de safeguards van de Wereldbank te moeten volgen – zolang de bank van oordeel is dat dat beleid van de overheden in overeenstemming is met haar eigen beleid.

Sommige huidige en voormalige Wereldbank-functionarissen zeggen dat deze veranderingen een ramp zouden betekenen voor mensen die leven in de groeiende voetafdruk van de bankprojecten. Regeringen zouden – zwakkere – nationale normen mogen volgen, en pas beslissen of kwetsbare bevolkingsgroepen bescherming nodig hebben nadat ze reeds financiering hebben ontvangen.

© Andrea Campeanu / ICIJ

Anuak kinderen in het Zuid-Soedanese vluchtelingenkamp Gorom. Veel Anuak ontvluchtten Ethiopië tijdens de ‘villagization’-hervestigingscampagne van de overheid.

Rekening houden met kritiek

‘Ik ben bedroefd nu ik zie dat de baanbrekende beleidsresultaten van de bank ontmanteld en afgebouwd worden’, zegt Michael Cernea, een voormalige topfunctionaris van de Wereldbank die bijna twee decennia lang toezicht hield op de beschermende maatregelen bij hervestiging. ‘De armsten en zwaksten zullen de prijs betalen.’

‘De armsten en zwaksten zullen de prijs betalen.’

De Wereldbank stelt dat de nieuwe regels de bescherming van mensen getroffen door haar projecten net zou versterken.

Theis, de Wereldbank-woordvoerder, zegt dat onder de nieuwe regels ‘steeds een diepgaande analyse van het project vereist is’, en dat leners nog altijd ‘flink vooraleer de bouwprojecten van start gaan’ plannen moeten voorbereiden om hervestiging in goede banen te leiden en andere negatieve impact van projecten aan te pakken.

Wereldbank-functionarissen werken momenteel een nieuwe versie van de safeguards uit, die rekening zou houden met de kritiek op de vorige draft.

Naar verwachting zal die nieuwe versie tegen het einde van de lente of in de zomer worden vrijgegeven.

© Kristof Clerix

Brussel, september 2014. Ngo’s protest voor het Wereldbank-gebouw voor strengere safeguards.

Levensstandaard herstellen of verbeteren

Een door de mens veroorzaakte ramp in het oosten van Brazilië eind jaren zeventig leidde ertoe dat de Wereldbank haar eerste systematische beschermingsmaatregelen nam voor personen die door grote projecten getroffen worden.

Stijgend water stroomopwaarts van de Sobradinho Dam, die mee werd gefinancierd door de Wereldbank, joeg meer dan 60.000 inwoners uit hun huizen. Hun hervestiging was slecht voorbereid en verliep chaotisch. Sommige gezinnen ontvluchtten hun dorpen toen het water hun huizen binnenliep en velden blank zette terwijl het achtergebleven vee verdronk.

Door het fiasco wist Cernea, de Wereldbanks eerste in-house socioloog, de bank te overtuigen een eerste alomvattend beleid goed te keuren dat mensen beschermt wiens levens overhoop was gehaald door de projecten van de bank.

Cernea baseerde de nieuwe regels – goedgekeurd door de bank in 1980 – op een eenvoudige premisse: mensen die hun land, woning of baan verliezen, moeten voldoende hulp krijgen om hun oude levensstandaard te herstellen of verbeteren.

Geopolitieke verschuivingen

Intussen is de wereld grondig veranderd. Aan de drempel van haar achtste decennium worstelt de Wereldbank met een identiteitscrisis. Ze is niet langer de enige geldschieter die landen bijstaat om grote projecten te financieren. De Wereldbank wordt uitgedaagd door nieuwe concurrentie van andere ontwikkelingsbanken die niet dezelfde sociale normen hebben –en die steun krijgen van traditionele Wereldbank-voorstanders.

De Wereldbank krijgt steeds meer concurrentie. Nieuwe geopolitieke verhoudingen tekenen zich af.

Recent heeft China een nieuwe ontwikkelingsbank gelanceerd, de Aziatische Infrastructuur Investeringsbank. Beijing is er bovendien in geslaagd om Groot-Brittannië, Duitsland en andere Amerikaanse bondgenoten mee aan boord te krijgen, ondanks tegenkanting van de VS.

Deze geopolitieke verschuivingen hebben de twijfels aangewakkerd of de Wereldbank nog de slagkracht – of de wil heeft – om sterke beschermingsmaatregelen op te leggen.

VN-mensenrechtenfunctionarissen hebben naar Wereldbank-voorzitter Kim geschreven dat ze bezorgd zijn dat de toegenomen mogelijkheden voor leners om elders financiering te vinden de bank ertoe heeft gebracht mee te gaan in een ‘race naar de bodem’.

Met medewerking van Musikilu Mojeed, Besar Likmeta, Ciro Barros, Giulia Afiune, Anthony Langat, Jacob Kushner, Jeanne Baron, Barry Yeoman and Friedrich Lindenberg.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift