IT-sector Cuba bevindt zich in een grijze zone

In geen Latijns-Amerikaans land is het zo pover gesteld met het internet als in Cuba. Jonge ondernemers willen dat veranderen maar botsen op de grenzen van de hervormingen.

  • Eric Vernier (CC BY-SA 2.0) De overheid tolereert hen, zeggen de jonge informatici in Cuba, maar kansen om hun diensten te exporteren krijgen ze niet. Eric Vernier (CC BY-SA 2.0)

‘We hebben een zeer sterk internet nodig, en structurele veranderingen in de privéhandel’, zegt de 25-jarige Pablo Rodríguez, die het team leidt dat de populaire app Conoce Cuba (Ken Cuba) ontwikkelde. ‘Zo willen we contracten kunnen afsluiten met buitenlandse bedrijven en technologie importeren.’

De app maakt gebruik van de gps-functie van het mobieltje en geeft informatie over hotels, restaurants, banken, cultuur en sport in de buurt.

Geen rechtspersoonlijkheid

Voor de ontwikkeling van Conoce Cuba vroegen de programmeurs elk een licentie aan als informaticus. Het is een van de 47 activiteiten die de overheid eind 2013 toestond in de private economie. ‘We wilden eigenlijk een coöperatie oprichten om rechtspersoonlijkheid te hebben, en zo betere contracten met staatsbedrijven af te sluiten en minder belastingen te betalen’, zegt Rodríguez.

‘Het ministerie moet beseffen dat Cuba kennisbedrijven nodig heeft.’

Maar een coöperatie oprichten buiten de landbouwsector is moeilijk in Cuba. ‘Ik ken er geen enkele die in de informaticasector toestemming heeft gekregen.’

Momenteel telt Cuba 351 coöperaties. De meeste zijn winkels, hotels, restaurants en bouwbedrijven. ‘Het ministerie van Informatica en Communicatie moet beseffen dat Cuba kennisbedrijven nodig heeft’, zegt Rodríguez. Zijn project schept ook werkgelegenheid, zegt hij. ‘We hebben een netwerk van medewerkers die in heel het land informatie verzamelt.’

De overheid tolereert hen, zeggen de jonge informatici in Cuba, maar kansen om hun diensten te exporteren krijgen ze niet, stellen ze.

‘Ik wil de wettelijke mogelijkheid om mijn eigen bedrijf op te richten in Cuba’, zegt Abelardo Ascencio, een 28-jarige informaticus. Nu bevindt hij zich in een grijze zone: hij werkt vanuit Cuba voor buitenlandse bedrijven. Hij heeft ook een baan bij een staatsbedrijf, maar daar verdient hij niet genoeg.

Samen met drie vrienden richtte hij in 2011 ‘Vivalco en Cuba’ op, dat met ups en downs software ontwikkelt. Zijn drie vrienden zijn ondertussen geëmigreerd. ‘We wilden het bedrijf een legaal statuut geven maar de wetgeving maakt dit onmogelijk.’

3 miljoen gebruikers

Eind vorig jaar telde Cuba, een land met elf miljoen inwoners, iets meer dan drie miljoen internetgebruikers. Thuisaansluitingen blijven beperkt tot enkele beroepsgroepen, zoals artsen en journalisten. Op openbare plaatsen als hotels en parken heeft de overheid draadloos internet (wifi) geïnstalleerd.

Thuisaansluitingen blijven beperkt tot enkele beroepsgroepen.

De overheid wil het breedbandinternet fors uitbreiden. Tegen 2020 moet de helft van de huishoudens internet hebben, en 60 procent van de Cubanen moet over een mobieltje beschikken. Maar hoe de overheid dat wil bereiken, vertelde ze nog niet.

Het maakt in elk geval deel uit van de grote economische, sociale en politieke hervormingen van deze regering.

De privésector krijgt daarbij steeds meer armslag en de relaties met de VS ontdooien.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3098   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift