Verzoekschrift voor schadevergoeding is historisch voor Pakistan

Kindbruid eist compensatie van Pakistan voor onterechte opsluiting

bron: BBC

19 jaar nadat ze onterecht werd veroordeeld voor moord, eist Rani Tanveer compensatie van de Pakistaanse overheid.

In Pakistan eist een voormalige kindbruid compensatie omdat ze op haar dertiende onterecht werd veroordeeld voor de moord op haar echtgenoot. Negentien jaar later klaagt ze de staat aan. Mensenrechtenorganisaties noemen haar verzoekschrift historisch omdat het de eerste keer is dat een slachtoffer schadevergoeding eist.

Rani Tanveer was dertien toen ze werd beschuldigd van moord op haar echtgenoot. Na negentien jaar gevangenschap kwam ze vrij in 2017. In maart diende ze een verzoekschrift in waarin ze compensatie vraagt aan de staat. Haar advocaat heeft het over een “iconische” daad.

Hervormingen

“Het is voor het eerst dat een slachtoffer de staat om een vergoeding vraagt voor de gerechtelijke blunder die haar heeft getroffen”, zegt Tanveers advocaat Michelle Shahid van de Foundation for Fundamental Rights (FFR) aan de telefoon vanuit hoofdstad Islamabad. “Als advocaat heb ik al talloze gevallen van onrechtmatige veroordeling weten gebeuren, maar zelden heeft iemand daar verantwoording voor moeten afleggen”, zegt ze.

“Er heerst nu hoop dat haar zaak zal leiden tot hervormingen en tot de toename van het publieke vertrouwen in het gerechtelijk apparaat”, zegt Saroop Ijaz, die in Lahore als advocaat werkt en ook afgevaardigde is van Human Rights Watch in Pakistan.

Begraven in de tuin

Rani Tanveer, haar ouders en haar broer werden in 1998 gearresteerd toen het lichaam van de echtgenoot van het toen dertien jaar oude meisje werd aangetroffen. De man lag begraven in de tuin van zijn woonplaats. De familieleden van de bruid zouden de laatsten geweest zijn die hem in levenden lijve hebben gezien. De moeder van Rani Tanveer werd na zes maanden gevangenschap vrijgelaten, haar vader en broer stierven beiden in de cel aan tuberculose, na respectievelijk 11 en 15 jaar gevangenschap.

In 2001 werd Rani Tanveer veroordeeld. Zonder dat ze een advocaat kreeg toegewezen, probeerde ze via de gevangenisdirectie talloze keren beroep aan te tekenen. Haar verzoeken werden echter nooit officieel ingediend.

In 2014 werd haar zaak opgepikt door mensenrechtenorganisatie AGHS Legal Aid Cell en drie jaar later werd haar veroordeling nietig verklaard. Nu wil de jonge vrouw compensatie van de overheid.

Stilzwijgend achter de tralies

“Rani’s zaak is een klassiek geval van de benarde situatie waarin velen vertoeven, stilzwijgend achter de tralies, zonder bewezen schuld, om vervolgens pas na jaren, of helemaal niet, vrijgesproken te worden”, zegt Shahid. Ze spreekt over nalatigheid en een lakse houding van politie, advocaten, gevangenisdirecties en zelfs rechters.

Een van de redenen is volgens haar dat Pakistan geen “definitie” heeft van wat een “gerechtelijke dwaling” juist inhoudt.

“In Pakistan is er geen weet van een precedent voor het betalen van een compensatie of een schadevergoeding”, bevestigt ook Ijaz. “Maar dat moet ooit ergens beginnen en ik hoop dat het met deze zaak het geval zal zijn”, zegt hij. Hij noemt het Pakistaanse strafrecht “disfunctioneel” en kent verschillende gevallen waarbij mensen onterecht werden veroordeeld en pas na jaren vrijkwamen met hooguit een verontschuldiging. Hij heeft ook voorbeelden van executies die al werden uitgevoerd terwijl de beroepsprocedure nog in behandeling was.

Compensatiemaatregelen

Pakistan heeft het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke rechten in 2010 geratificeerd. Alhoewel artikel 14 zegt dat er compensatiemaatregelen gelden voor mensen die onterecht werden veroordeeld, bestaat er in het rechtssysteem van Pakistan geen mechanisme dat daar ook effectief op toeziet.

Vorig jaar bracht FFR in samenwerking met zijn Britse partner, Reprieve, een rapport uit waarin de werking van het Hooggerechtshof van Pakistan tussen 2010 en 2018 werd geanalyseerd.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
“Uit de studie bleek dat bijna twee op de vijf ter dood veroordeelde gevangenen uit het onderzoek ten onrechte werden veroordeeld en mogelijk onschuldig waren op het moment dat ze ter dood werden gebracht”, zegt Shahid.

De studie wijst op “systematische fouten” in het Pakistaanse strafrechtsysteem. Die leiden onterecht tot “tragische en soms onomkeerbare situaties”, zegt ze. 

“Pakistans strafrechtsysteem moet dringend hervormd worden en we hopen dat de zaak van Rani iets in gang zet en het hof erkent dat zij niet alleen is in haar strijd. Haar verzoekschrift om schadevergoeding is een kans voor Pakistan om fouten toe te geven en een machine in gang te zetten die burgers rechten geeft en de staat wijst op zijn plichten”, zegt Shahid.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2771   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift