Gebrekkige basisvoorzieningen, racisme en discriminatie op de arbeidsmarkt

Moeilijke tijden voor etnische minderheden in Europa door COVID-19

Eric Parker (CC BY-NC 2.0)

Het Europees Netwerk tegen Racisme (ENAR) toont met een interactieve kaart aan op welke plaatsen in Europa de rechten van etnische groepen geschonden werden tijdens de coronacrisis. De data tonen aan dat de maatregelen van overheden sommige etnische groepen over het hoofd zien en in sommige gevallen zelfs de rechten van etnische minderheden schenden.

Volgens ENAR worden de rechten van mensen met een andere origine geschonden, zowel op vlak van gezondheidszorg, huisvesting en werk. Daarnaast is er in verschillende Europese landen ook sprake van verbaal en fysiek geweld tegen etnische groepen en worden zij geprofileerd en hardhandig aangepakt door de politie.

‘Overheden moeten bij hun reactie op de pandemie meer rekening houden met de risico’s en noden van etnische groepen. Ze moeten maatregelen voorzien die ervoor zorgen dat etnische groepen niet de dupe worden van de impact van de pandemie’, vertelt Karen Taylor, voorzitter van ENAR.

Vaak zijn het alleen de ergste gevallen die gemeld worden.

De interactieve kaart van ENAR geeft 191 gevallen weer van de impact van COVID-19 op de basisrechten van etnische groepen tussen januari en april 2020. De voorvallen verzamelde ENAR via berichtgeving in de media en via meldingen van ngo’s. Het is belangrijk te weten dat niet alle inbreuken gemeld worden, vaak zijn het alleen de ergste gevallen die gemeld worden.

Problemen met huisvesting en basisvoorzieningen

Van de 191 schendingen die ENAR vaststelde, hadden er 51 te maken met huisvesting (27) en een beperkte toegang tot basisvoorzieningen (24). Het meest sprekende voorbeeld van een inbreuk op de huisvesting en toegang tot basisvoorzieningen, zijn de vluchtelingenkampen.

In vluchtelingenkampen is er een beperkte toegang tot water waardoor geregeld de handen wassen moeilijk is. Daardoor kunnen mensen die in de kampen verblijven niet voldoen aan de hygiënemaatregelen die de verspreiding van het coronavirus helpen voorkomen.

In vluchtelingenkampen is er een beperkte toegang tot water waardoor geregeld de handen wassen moeilijk is.

Daarnaast leven de vluchtelingen vaak dicht op elkaar. Neem nu de situatie in het overbevolkte vluchtelingenkamp Moria op het Griekse eiland Lesbos. Daar is normaal plaats voor ongeveer 2.200 vluchtelingen maar op 23 april zaten er volgens het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen van de VN (UNHCR) meer dan 18.000 vluchtelingen in het kamp.

‘In de meeste delen van de kamp is er gedurende het grootste deel van de dag geen lopend water. Bij de faciliteiten waar je wel water kan krijgen, staan lange rijen’, zo klinkt de getuigenis van Zahra die we lezen in een tweet van Tessa Kraan van de Duitse NGO Mission Lifeline. Zij is vrijwilliger in het vluchtelingenkamp Moria.

Ook elders vormt huisvesting een groot probleem. Etnische groepen leven volgens ENAR vaak in overbevolkte plaatsen waardoor het onmogelijk wordt om de vereiste 1,5 meter afstand te houden. Denk maar aan huishoudens waar verschillende generaties samenwonen, opvanghuizen voor asielzoekers en de levensomstandigheden van Roma-zigeuners.

Hardhandig optreden van ordediensten

Het netwerk geeft aan dat de raciale en etnische minderheden disproportioneel gecontroleerd worden op het naleven van de lockdownmaatregelen. Daarnaast geeft ENAR ook aan dat er voorvallen van politiegeweld zijn in de context van COVID-19. Daarbij verwijst het netwerk naar de aanvaringen tussen politie en bewoners.

Ook de Verenigde Naties spraken zich al uit over het soms hardhandige optreden van de ordediensten tijdens de lockdown. Zij gaven aan dat sommige landen buitensporige en soms zelfs dodelijke middelen inzetten om de controlemaatregelen en de avondklok te garanderen.

Er zijn ook gevallen bekend waarbij burgers neergeschoten worden door de politie. Een voorbeeld daarvan zien we in Turkije waar een zeventienjarige Syriër werd neergeschoten. Toen de politie hem tegenhield voor een routinecontrole, stopte de jongen niet.

Er zijn ook gevallen bekend waarbij burgers neergeschoten worden door de politie.

De politie loste daarop een waarschuwingsschot dat de jongeman in het hart raakte. Op Twitter deelde journaliste Frederike Geerdink beelden waarin de jongeman door de hulpdiensten opgehaald wordt, maar alle hulp kwam te laat.

Een ander voorbeeld van een aanvaring tussen politie en burgers vinden we in de Europese hoofdstad Brussel. Daar liep een politiecontrole uit de hand waardoor een negentienjarige jongen het leven liet. In een poging een politiecontrole te ontvluchten, knalde de tiener tegen een politievoertuig aan.

Racisme uit zich in verbaal en fysiek geweld

Racisme en xenofobisch geweld leven volgens de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) op door het coronavirus. Ook ENAR merkte het fenomeen van verbaal en fysiek al op. Het netwerk kreeg onder andere meldingen binnen van mensen die bekogeld werden met vuilnis en bespuugd of geslagen werden.

Vooral mensen van Aziatische afkomst kregen het hard te verduren. Zowel online als offline werden ze verantwoordelijk gehouden voor het virus en de verspreiding ervan. Naast Aziaten worden ook andere etnische groepen zoals Joden, moslims, Roma en migranten beschuldigd van de verspreiding van het virus.

De quarantaine werd afgedaan als een noodzakelijk kwaad om de rest van de bevolking te beschermen tegen het virus.

In Oost-Europa is sprake van een institutioneel racisme tegenover de Roma. Daar gedragen media en politici zich discriminerend tegenover de Roma. Zo geven ze aan dat de levensstijl van de Roma en hun gebrek aan discipline een bedreiging vormen voor de veiligheid.

In Slovakije beslisten de autoriteiten volgens Amnesty International om op negen april vijf Roma-nederzettingen in quarantaine te plaatsen. De overheid motiveerde haar beslissing door aan te geven dat in die vijf kampen sprake was van 31 besmettingen.

De quarantaine werd afgedaan als een noodzakelijk kwaad om de rest van de bevolking te beschermen tegen het virus. Binnen de Roma-gemeenschap werden besmette gevallen niet gescheiden van de rest en werden ook niet de nodige medische benodigdheden en voedselvoorraden voorzien.

Gevolgen van discriminatie op de arbeidsmarkt

Discriminatie op de arbeidsmarkt is een algemeen gekend probleem. Uit een rapport van ENAR uit 2017 blijkt dat migranten en etnische minderheden vaak jobs hebben die minder verdienen en dus lager staan op de sociale ladder. Daarnaast geeft ENAR ook aan dat hun jobs risicovoller zijn en dat zij vaker werken in essentiële sectoren zoals de gezondheidszorg of schoonmaakbedrijven. Daarenboven werken sommigen onder hen in onzekere situaties. Soms hebben ze geen contract, of slechts een contract van korte duur.

Volgens ENAR behoorden de illegale migranten tot de eerste groep die hun job verloren tijdens de crisis.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Hun arbeidssituatie zorgt er volgens ENAR voor dat zij zich moeilijk kunnen isoleren, wat hen meer risico geeft om het virus op te lopen. Mensen met een andere origine die in onzekere situaties werken, ervaren financiële onzekerheid tijdens deze crisis. Zij hebben bijvoorbeeld geen toegang tot de sociale zekerheid die overheden voorzien, waardoor ze zonder inkomen vallen.

Zeker bij illegale migranten doet dat probleem zich voor omdat zij geen toegang hebben tot de formele arbeidsmarkt. Ze verrichten vaak zwart werk waardoor ze niet op sociale bescherming kunnen rekenen. Volgens ENAR behoorden de illegale migranten tot de eerste groep die hun job verloren tijdens de crisis.

Toegang tot gezondheidszorg

Illegale migranten ervaren niet alleen problemen op de arbeidsmarkt. ENAR merkte ook op dat de toegang tot de gezondheidszorg voor hen niet vanzelfsprekend is. Ze zijn bang dat hun illegaliteit opgemerkt zal worden en dat ze teruggestuurd zullen worden naar hun thuisland. Dat probleem is niet nieuw, maar door het coronavirus wel extra actueel.

In verschillende Britse media lezen we het verhaal van Elvis, een Filipijn die illegaal in het land was, het coronavirus opliep en uiteindelijk het leven liet. Volgens Susan Cueva die werkt bij het Kanlangun Filipijns Consortium, een organisatie die zich inzet voor Filipijnse migranten, zocht de man geen hulp uit angst om de behandeling niet te kunnen betalen en opgemerkt te worden door de immigratiediensten.

Ook in verschillende vluchtelingenkampen en gesloten asielcentra is de toegang tot gezondheidszorg beperkt volgens ENAR. Amnesty International klaagde de situatie in vluchtelingenkampen ook al aan.

In de vluchtelingenkampen van Calais en Grande-Synthe zijn de omstandigheden volgens Amnesty mensonwaardig: afwezigheid van sanitair en beperkte toegang tot drinkbaar water. Medische aanwezigheid is in de kampen niet meer gegarandeerd.

Het Europees Netwerk tegen Racisme wil dat de Europese Unie een onderzoek start naar de impact van de pandemie en de gevolgen ervan voor mensen van andere origine. ‘Op die manier kunnen ze reageren op wat er nu gebeurt’, zo luidt het statement van voorzitter Karen Taylor.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2771   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift