Ook olifanten sneuvelen in Zuid-Soedan

Olifanten, antilopen en andere wilde dieren zijn op grote schaal slachtoffer geworden van de verwoestende strijd die in de afgelopen maanden woedde in Zuid-Soedan. Het vorige week gesloten vredesakkoord komt wellicht te laat, zeggen natuurbeschermers.

  • CC Arno Meintjes Olifanten zijn ook slachtoffer van de oorlog in Zuid-Soedan. CC Arno Meintjes

Vorige week bereikten president Salva Kiir en zijn tegenstrever Riek Machar, na een half jaar strijd overeenstemming over de vorming van een overgangsregering in de komende twee maanden. Die zal de gestroopte dieren, door beide partijen gebruikt om hun strijders te voeden, echter niet terugbrengen.

Stroperij was altijd al een probleem in Zuid-Soedan. Maar natuurbeschermers zeggen dat de illegale praktijk sterk is toegenomen sinds december 2013, het moment waarop de strijd uitbrak tussen overheidstroepen en rebellen die loyaal zijn aan Machar.

“Zowel de rebellen als de overheidstroepen stropen, omdat ze op het platteland vechten”, zegt luitenant-generaal Alfred Akuch Omoli, adviseur van het Zuid-Soedanese ministerie voor Natuurbeheer en Toerisme. “Het enige voedsel dat ze daar kunnen krijgen, is het vlees van wilde dieren.”

Olifanten worden gedood voor hun vlees en slagtanden. Ook wordt er veel gejaagd diverse soorten Afrikaanse antilopen. Het huidige conflict maakt het moeilijk voor jachtopzieners om de stroperij te stoppen. “Ze hebben hun werkplekken verlaten en kunnen daardoor geen toezicht meer houden”, zegt Omoli. “Criminelen en bendes kunnen nu eenvoudig dieren doden.”

Satellieten

Volgens het ministerie van Natuurbeheer en Toerisme waren er voor de burgeroorlog tussen het voormalige noorden en zuiden van Soedan, die twintig jaar heeft geduurd, meer dan honderdduizend olifanten in Zuid-Soedan. Toen er in 2005 een einde kwam aan de oorlog, waren er nog vijfduizend olifanten over.

Vorig jaar voorzag de Wildlife Conservation Society (WCS) 34 olifanten van halsbanden die informatie doorgeven aan satellieten. Tussen januari en april constateerden medewerkers van de WCS dat sommige halsbanden niet langer zichtbaar waren op de satelliet. “We hebben bewijs dat sommige olifanten zijn gedood”, zegt Michael Lopidia, plaatsvervangend directeur van de WCS voor Zuid-Soedan. “Na het uitbreken van het conflict hebben we één van de halsbanden gelokaliseerd in het gebied van de rebellen in de staat Jonglei. Dat betekent dat die olifant vermoedelijk nu niet meer leeft.”

Dat wapens vrij eenvoudig verkrijgbaar zijn in Zuid-Soedan draagt bij aan de stroperij. In 2011 waren er in het land naar schatting 1,9 tot 3,2 miljoen kleine en lichte wapens in omloop. Twee derde daarvan zou in handen zijn van particulieren, volgens een rapport van de onafhankelijke organisatie Safer World. Dit aantal zou in de afgelopen drie jaar verdubbeld zijn, door het ontstaan van rebellengroepen in de staten Jonglei en Oppernijl en wapenleveranties uit buurlanden.

“Er wordt veel gestroopt in Zuid-Soedan, eenvoudigweg omdat er veel wapens in ongecontroleerde handen zijn. Burgers gaan de bossen in om te jagen zonder toestemming”, zegt Omoli. Jachtopzieners ontbreekt het bovendien aan de capaciteit om vaak zwaar bewapende stropers aan te pakken. Als ze wel gearresteerd worden, volgt er zelden berechting.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift