Dossier: 

Politie wil met fictieve identiteit op Facebook infiltreren

Luc Beirens, hoofd van de Federal Computer Crime Unit, pleit voor nieuwe wetgeving die het speurders makkelijker maakt om onder een fictieve identiteit onderzoeken te voeren in sociale media.

‘Niet alleen gewone burgers plaatsen foto’s en berichten op Facebook. Criminelen doen dat ook’, zei Luc Beirens op het colloquium Het gebruik van sociale media door de politiediensten op 14 maart in het parlement, georganiseerd door senatoren Gérard Deprez en Alain Courtois.

‘Criminelen hebben net zo goed behoefte aan communicatie met hun vrienden, en willen tonen dat ze centen verdienen. Bijvoorbeeld door foto’s over hun reizen op sociale media te plaatsen. Als je ziet dat Russiche criminelen op vakantie gaan naar de Italiaanse Rivièra of naar de Méditerranee, dan is een internationaal aanhoudingsbevel een interessant middel. Maar die dingen kom je pas te weten als je er naar op zoek gaat.’

Criminelen hebben net zo goed behoefte aan communicatie met hun vrienden.

‘Neem Foursquare: je komt in een café binnen en je gsm laat aan Foursquare weten dat je daar zit. Voor speurders kan dat interessante informatie zijn. Natuurlijk zijn niet alle criminelen zo dom om Foursquare te activeren als ze een ciminele activiteit ontplooien. Maar ze zijn ook niet allemaal even slim om het te deactiveren.’

Facebookaccount

‘Maar,’ zegt Beirens, ‘als we vandaag in cyberspace dingen ondernemen, dan moeten we het bewijs leveren van onze hoedanigheid van politie of justitie, zodat de persoon met wie we spreken weet met wie hij te maken heeft.’ Gevolg: een politieman die op Facebook bepaalde gegevens wil verifiëren, moet daarvoor zelf een Facebookaccount hebben.

Beirens: ‘Als je dat doet met je eigen account, dan meng je je privé- met je beroepsleven. Ik zou niet graag hebben dat maffiosi die bezig zijn met drugs of georganiseerde criminaliteit weten welke politieman een onderzoek naar hen voert. Bovendien kunnen ze dan meteen ook zien wie je familieleden zijn of kunnen ze vanalles te weten komen over je privéleven.’

Infiltreren onder fictieve identiteit is daarvoor de oplossing, zegt Beirens. ‘Dat gebeurt ook, maar aangezien dat een Bijzondere Opsporingsmethode (BOM) is, gaat er een hele procedure aan vooraf. Dat is een vrij zware procedure, die eigenlijk voorzien is voor de reële wereld en niet zozeer voor cyberspace. Concreet moet er sprake zijn van zware misdrijven én moeten er al voldoende aanwijzingen zijn. Een commissie moet voorafgaand oordelen of die aanwijzingen voldoende zwaar wegen om een infiltratie te rechtvaardigen.’ En zo kan soms kostbare tijd verloren gaan, argumenteert Beirens.

Parketmagistraat

Beirens pleit voor een duidelijk wettelijk kader om de politie online opsporingsonderzoeken te laten doen onder fictieve identiteit. Zonder BOM-procedure, maar wel met een voorafgaande toestemming van een parketmagistraat.

‘Hoe meer eisen je stelt, hoe meer je de procedure gaat vertragen. Dat is iets waar we in cyberspace veel te veel mee geconfronteerd worden: de criminaliteit gebeurt heel snel, de sporen verdwijnen heel snel. Als we moeten terugvallen op principes uit de reële wereld, zoals internationale rechtshulpverzoeken, en we moeten daarmee naar het ministerie van Justitie, die het overmaakt aan een justitiedepartement in het buitenland, dan zijn we weken tot maanden verder. Tegen dan zijn de sporen verdwenen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift