Sahel krijgt langverwachte groene muur

NASA (CC0)

Sattelietbeeld van de Sahra

Een muur van groen dwars door twintig landen in Noord-Afrika moet 100 miljoen hectare woestijn op het continent opnieuw groen en vruchtbaar maken. Bovendien zal de groene muur 250 miljoen ton CO2 opslaan tegen 2030.

De machtige Saharawoestijn verslindt jaar na jaar meer vruchtbare grond. Reusachtige stukken land zijn gedegradeerd tot woestijn, waar leven noch inkomsten meer mogelijk zijn en hele samenlevingen gedwongen worden tot armoede.

Een ambitieus project gelanceerd door de Afrikaanse Unie (AU) en gesteund door de  Conventie van de Verenigde Naties tegen de Verwoestijning (UNCCD), de Wereldbank, de Europese Unie en de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN (FAO), wil de degradatie van waardevol land hier een halt toeroepen: de Great Green Wall for the Sahara and Sahel Initiative (GGWSSI).

Het project heeft de beschikking over een budget van acht miljard dollar. 

Transformatie

De Sahara is de grootste zandwoestijn op aarde, gelegen in Noord-Afrika, waar ze iets meer dan 30 procent van het continent beslaat en de thuis vormt van 70 soorten zoogdieren, 90 vogelsoorten en 100 verschillende reptielen.

De Grote Groene Muur zal miljoenen levens in een van armste gebieden ter wereld te verbeteren.

De Grote Groene Muur (GGW) heeft de ambitie om het gedegradeerde landschap te transformeren en miljoenen levens in een van de meest verarmde gebieden ter wereld te verbeteren. Dit gebeurt door de aanplanting van onder meer een muur van bomen in twintig landen – van Gambia in het westen tot Djibouti in het oosten. De groene muur loopt dwars door het continent over een totale lengte van 7600 kilometer, op 15 kilometer breedte.

De landen zijn Mauritanië, Mali, Burkina Faso, Niger, Nigeria, Tsjaad, Soedan, Ethiopië, Eritrea, Djibouti en Senegal. Er zijn ook Algerije, Egypte, Gambia, Somalië, Kameroen, Ghana, Togo en Benin. 

Populair project

Volgens de coördinator van het GGW-project bij de Afrikaanse Unie, Elvis Paul Nfor Tangem, wint het project steeds meer aan populariteit en werkt het momentum in de aanloop naar de implementatie als een soort hefboom naar nog meer ideeën.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Zo is er een samenwerking ontstaan met het secretariaat van de Southern African Development Community (SADC) en de Namibische regering voor de uitbreiding van het GGWSSI-concept naar de droogste gebieden van de regio Zuidelijk Afrika.

Namibië grenst aan Zuid-Afrika en ligt tussen de woestijnen Namib en Kalahari. De Namib, waaraan het land zijn naam ontleent, wordt beschouwd als de oudste woestijn ter wereld.

Grootste project ooit

Als de GGW zou worden uitgebreid naar zuidelijk Afrika, zou het een van de grootste landenprojecten ooit worden.

De fondsenwerving voor de betrokken landen gebeurt via bilaterale onderhandelingen en via nationale investeringen, zegt de AU.

Er zijn ook internationale partners betrokken, waaronder de Internationale Unie voor Natuurbehoud (IUCN), de Global Environment Facility (GEF) en Sahara en Sahel Observatorium (SSO). Zij spelen een cruciale rol bij de uitvoering van het project, dat tegen 2030 voltooid moet worden en na een succesvolle implementatie ‘s werelds grootste levende structuur zal zijn.

Voedselzekerheid

Verder zal de GGW leiden tot de creatie van duizenden banen voor de mensen die in de nabijheid van het groen wonen. De voedselzekerheid zal stijgen en de veerkracht tegen de klimaatverandering neemt toe in de Sahel, een van de droogste gebieden ter wereld. De FAO berekende dat hier momenteel 29,2 miljoen mensen leven zonder zekerheid op voldoende voedsel.

De ambitie is om tegen 2030 100 miljoen hectare land te herstellen. 

Volgens de initiatiefnemers is het de ambitie om tegen 2030 100 miljoen hectare land dat op dit moment ernstig is aangetast door de verwoestijning, opnieuw te herstellen en 250 miljoen ton CO2 op te slaan.

Op de vraag of de groene muur land per land wordt aangeplant luidt het antwoord van Tangem: “De implementatie van het initiatief gebeurt in alle landen op hun eigen niveau. Het gemeenschappelijke kenmerk van alle landen is dat de activiteit gebaseerd is op hun Nationale Actieplannen (NAP).”

Senegal

In Senegal, waar het project zal leiden tot 75 directe en 1800 indirecte banen, heeft de verwoestijning 34 procent van het oppervlak in de greep. Sinds de start van de vergroening in het kader van de aanloop naar de GGW, zes jaar geleden, is al 40.000 hectare hersteld van de in totaal 817.500 hectare die gepland staan binnen het project.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, mag je gratis naar al onze events en kan je in dialoog gaan met onze journalisten. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Dat is goed nieuws voor mensen zoals Ibrahima Ba, die samen met zijn gezin zijn geboorteplaats verliet en naar Dakar vertrok op zoek naar meer kansen om te werken. Hij overweegt een terugkeer naar huis eind dit jaar. ‘Ik heb plannen om terug te keren en mijn leven opnieuw op te nemen’, zegt de veeboer uit het noorden van Senegal.

In de drie Senegalese provincies die zullen worden doorkruist door de GGW, leven ongeveer 300.000 mensen.

Samen met lokale gemeenschappen

Marine Gauthier, milieudeskundige bij het Rights and Resources’ Initiative (RRI), waarschuwt dat een participatieve aanpak nodig is om het project met succes te implementeren.

‘In een conflictueuze regio, waar mensen afhankelijk zijn van het land voor hun voortbestaan en de herdersvolkeren bewegen op het ritme van de veetrek die mogelijk wordt beïnvloed door het project, is een zorgvuldige en participatieve aanpak nodig’, zegt ze. 

‘Het versterken van de gemeenschap beveiligd het land en komt het milieu ten goede.’

‘Een paar jaar geleden zijn er al conflicten ontstaan met de Peul (een etnische groep herders die transhumance – veetrek –  beoefenen, en wier reizen door het project zouden worden ingeperkt). Net zoals elk ander natuurbeschermingsproject is de mogelijkheid om met lokale gemeenschappen in contact te komen en van hen de eerste begunstigden van het project te maken, de sleutel tot het succes ervan op de lange termijn’, zegt Gauthier.

Het versterken van de gemeenschappen kan erg interessant zijn in relatie tot de Grote Groene Muur, denkt Gauthier. ‘Hier zijn veel inspanningen voor nodig, naast overleg, financiële en menselijke hulp. Het wordt echter de enige manier om te garanderen dat dit project, waarover al meer dan tien jaar wordt gepraat, zijn doel bereikt.’ 

”Als de gemeenschappen versterkt worden en hun rechten op het land zijn beveiligd, dan zal dit rechtstreeks ten goede komen aan het milieu en ertoe leiden dat dit land niet nog meer wordt beschadigd.’

 

Dit artikel is het eerste in een reeks naar aanleiding van de Werelddag tegen Verwoestijning op 17 juni.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift