Wereldvluchtelingendag: MO* onthult weinig belichte oorzaak van mensensmokkel

Turkije verhindert dat Syrische vluchtelingen uit Europa hun familie in Turkije bezoeken

© Reuters / Alkis Konstantinidis

Syrische Koerden steken steeds vaker de Evros-rivier over, de natuurlijke grens tussen Turkije en Griekenland. Aan de basis ligt vervolging in Syrië en Turkije, maar ook een drijfveer om de door oorlog gescheiden families te herenigen.

Als Syrische vluchtelingen in België hun familie in Turkije willen bezoeken, moeten ze een visum aanvragen bij het Turkse consulaat in Brussel. MO* volgde een aantal visumaanvragen. Ze werden geweigerd.

Alle legale wegen om als familie samen te kunnen zijn, van Turkije naar België komen én van België naar Turkije gaan, zijn gesloten. Zij kunnen niet zoals andere mensen die familie hebben in het buitenland hun gezinsleven in stand houden door elkaar te bezoeken tijdens vakanties.

Syriërs in Europa die hun familie in Turkije willen bezoeken, moeten een Turkse “voogd” hebben. Dat is iemand die voor hen garant staat tijdens hun verblijf in Turkije. De familie in Turkije moet daarvoor naar de notaris om de uitnodiging van de voogd te laten legaliseren. De voogd moet officiële loonstrookjes voorleggen.

De vluchtelingen, die in Turkije uitgebuit worden en wiens familie in België van een leefloon leeft, zagen 600 euro verloren gaan om dit antwoord te krijgen: ‘The visa application of the family has been refused.’

De familie in Turkije, die er vaak overleeft op een hongerloon van jobs in illegale kledingateliers of ander zwartwerk, moet honderden euro’s aan kosten betalen om alle documenten te verzamelen voor het visum.

Ook aan het Turkse consulaat in Brussel moeten de gezinnen een hele resem documenten voorleggen.

Eenmaal in het consulaat in Brussel stuurt de ambtenaar de visumaanvraag door naar het ministerie van Binnenlandse Zaken in Ankara. ‘Normaal kan het consulaat autonoom beslissen over de toekenning van visa, maar in deze zaken niet. Het betreft immers een gezin dat destijds illegaal uit Turkije vertrok’, klonk het.

Om de visumaanvraag in te dienen, moesten ze in het Turkse consulaat in Brussel nog eens 300 euro administratiekosten betalen.

De vluchtelingen, die in Turkije uitgebuit worden en wiens familie in België van een leefloon leeft, zagen uiteindelijk bijna 600 euro verloren gaan om dit korte antwoord te krijgen:

‘Dear Sir, the visa application of the family has been refused. En iyi dileklerimizle, Salutations distinguées, Hoogachtend.’

Omdat het gezin in kwestie Turkije in 2015 irregulier verliet als oorlogsvluchtelingen kunnen ze ook niet meer regulier terug.

Tijdens een Brusselse conferentie over het EU-Turkije vluchtelingenakkoord stelde MO* de vraag aan de heer Abdullah Ayaz, directeur-generaal van de Turkse Immigratiedienst. Dat is de administratie die de visumaanvraag afwees.

Dit was zijn antwoord, letterlijk: ‘Tijdens de grote migratiegolf van 2015 maakten vele Syriërs misbruik van het visumvrij reizen tussen Syrië en Turkije. Vanuit Jordanië en Libanon namen ze visumvrij het vliegtuig naar Turkije en namen dan illegaal de vluchtelingenbootjes naar de Griekse eilanden. Daarom voerden we in januari 2016 de visumplicht voor Syriërs in. Maar het voorbije jaar keurden we wél 60.000 visumaanvragen van Syriërs van over de hele wereld goed, de meesten vanuit EU-lidstaten, Jordanië en Libanon.’

Mede onder druk van de EU legde Turkije aan Syriërs de visumplicht op, om te vermijden dat nog meer Syriërs Turkije zouden binnenstromen die uiteindelijk naar de EU zouden gaan.

Tweeënhalf jaar geleden legde Turkije aan Syriërs inderdaad de visumplicht op, om te vermijden dat er nog meer Syriërs Turkije zouden binnenstromen die uiteindelijk naar de EU zouden gaan. Daar zat ook druk van de EU op Turkije achter.

Dit heeft nu dus ook gevolgen voor Syriërs die àl legaal in de EU zijn en die hun familie in Turkije willen bezoeken.

Abdullah Ayaz: ‘Steeds meer Syrische vluchtelingen die in de EU als vluchteling werden, keren terug naar Turkije. Ze komen naar Turkije met een goedgekeurd visum voor kort verblijf en blijven daarna in Turkije. Dat is niet de bedoeling. Dus hebben we onze omzendbrief aangepast en zijn we strenger geworden.’

Groen-Kamerlid Wouter De Vriendt ging aan de slag met de bevindingen van MO*. Hij stelde een parlementaire vraag aan minister Reynders:

‘Naar verluidt is dit een algemene praktijk: Turkije weigert visa voor erkende Syrische vluchtelingen. Heeft u weet van deze problematiek? Geldt de visumregeling met Turkije voor EU-onderdanen ook voor vluchtelingen erkend door een EU-land? Kan u deze situatie aankaarten met de Turkse autoriteiten?’

Het antwoord van minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) kwam pas twee maanden later binnen, bijna een half jaar na de visumweigering.

‘We hebben geen specifieke kennis van het visumbeleid dat Turkije toepast op vluchtelingen die in de EU erkend zijn. Het is inderdaad een exclusieve bevoegdheid van de Turkse Staat. Uiteraard blijven mijn diensten waakzaam voor eventuele discriminatie ten opzichte van erkende vluchtelingen.’

De legale mogelijkheden voor vluchtelingen om een normaal familieleven verder te zetten zijn onbestaande, en de wegen om dat aan te kaarten verlopen traag. Ondertussen staat de afbraak van hun leven niet stil.

***

‘Kom morgen terug met een beter paspoort’​

Vele gezinnen in deze situatie betaalden uiteindelijk mensensmokkelaars om in Europa te geraken. Dat doen ze steeds meer via de Evros-rivier, de landgrens tussen Turkije en Griekenland. MO* tekende in Athene het volgende getuigenis op.

‘We zaten in een groep van twintig mensen, ook kinderen, allemaal uit Afrin. In de grensregio moesten we negen uur stappen, snel, tot aan de grens. Dan in een bootje en te voet, tot onze nek in het water. Aan de Griekse kant nog eens vijf uur lopen. Dat kostte ons 6600 euro.

In Athene konden we bij vrienden van mijn schoonzoon verblijven. Ze wonen er als vluchtelingen. We hebben hier al veel mensen van Afrin ontmoet. Allemaal kwamen ze de afgelopen weken van Istanboel naar Athene, via de Evros.

Dezelfde dag ontmoeten we Eleni, een activiste. Ze regelde een afspraak bij een advocaat van de Greek Council for Refugees. Ik was bang dat de politie ons daar zou arresteren, maar de advocaat was heel vriendelijk en behulpzaam.

Wat ik de advocaat wilde vragen? Is het mogelijk om naar België te vliegen, mijn familie een uurtje te zien en dan doodgaan? Dan heeft iedereen zijn zin. Dan kan ik gelukkig sterven én zal ik Europa niet tot last zijn.

Mijn gevoelens als ik mijn kleinzoon door het scherm van de smartphone in België zie, kan ik niet beschrijven. Kijk, ik nam zijn foto in mijn binnenzak mee van Istanboel tot hier. Gelukkig werd de foto niet nat in de rivier.

Het plan is om ongeregistreerd te blijven en zo Griekenland te verlaten met vervalste paspoorten. Wat moeten we anders doen? Als we in Griekenland asiel aanvragen, kan het een jaar duren voor we antwoord krijgen, dat bovendien misschien negatief is.

‘Kan ik gewoon naar België vliegen, mijn familie een uurtje te zien en dan doodgaan? Dan kan ik gelukkig sterven én ben ik Europa niet tot last.’

Een man uit Afrin die ik ken, vertrok met een visum voor gezinshereniging naar zijn vrouw en kinderen in Nederland. De procedure duurde een jaar. Waarom moet dat een jaar duren? En ik val niet binnen de strikte criteria. Dat is een van de redenen waarom mensen smokkelaars betalen.

Erger nog: we zouden maanden moeten wachten voor we zelfs maar asiel zouden kúnnen aanvragen, want de Griekse asielinstantie is overbelast. Intussen staan we op straat, want zelfs op de wachtlijsten van de kraakpanden staan 4000 mensen.

De eerste smokkelaar heette Idris. Hij bracht ons naar een hotel, dat we zelf moesten betalen. ‘s Avonds laat op de hotelkamer haalde hij een dikke streep door onze plannen. Hij vroeg 24.000 euro! De afspraak was 12.000.

Nu zitten we hier vast zonder uitweg in een land waar we niets of niemand kennen. Dan waren we beter in Turkije gebleven.

Als de smokkelaar veel vraagt, wil dat zeggen dat hij goed is en dat hij politie makkelijker kan omkopen. Dat hoorden we later. Ik weet niet of het waar is, maar smokkelaars zouden meer dan de helft besteden aan omkoping van politie.

Maar 24.000 euro! Hoe moeten wij dat betalen? In Afrin zijn al onze bezittingen in beslag genomen door de PKK, of anders vernietigd door het Turkse leger. En ik kreeg het bericht dat jihadisten van Ghouta nu in mijn huis zitten. Assad evacueert rebellen uit Ghouta, Erdogan laat ze naar Afrin gaan.

Hier zijn mijn eigendomsdocumenten! Kijk, ik kocht het huis in 1987 na een leven lang zwoegen. Drie generaties hebben er lief en leed gedeeld. Dit is ons familieboekje, het laatste dat ons nog bindt aan ons land, het laatste dat we onderweg meedragen van ons oude leven.

© Pieter Stockmans

‘Waar moet ik naar terugkeren?’ Een Syrische vluchteling in Athene toont de eigendomsdocumenten van zijn huis in Afrin. Het huis werd bezet door jihadisten na de Turkse invasie van Afrin van begin 2018.

Smokkelaars zijn ook huisjesmelkers

Later bracht de smokkelaar ons naar een huurhuis, of beter: een krot, ergens in een volkswijk van Athene. Hij vraagt er 600 euro per maand voor. Wat een dief. We hebben de huisbaas gevonden, die vraagt 400. De smokkelaar wilde gewoon tussenpersoon zijn en 200 euro in zijn zak steken. Zo’n krot is hier geen 50 euro waard.

Nog een andere smokkelaar die we belden, is een man van Afrin. Hij is al 25 jaar in Athene en heeft hier een kledingzaak. Let op met die smokkelaars, zegt iedereen. Er zitten veel dieven tussen. Bedriegers onder de bedriegers.

We gingen in zee met een andere smokkelaar. Hij legde vliegtuigtickets op tafel. Van Ryan Air. Hij koopt die bij reisagentschappen die hij een deel van de winst geeft, in ruil voor korting als een poging mislukt.

We kregen Griekse identiteitskaarten. Mijn dochters zijn bang. Bang dat ze met de mond vol tanden zullen staan als de politie hen iets zou vragen. We spreken alleen Koerdisch en Arabisch. Geen woord Engels, laat staan Grieks. We zijn nog nooit in ons hele leven op een luchthaven geweest en dan worden we nog eens gesmokkeld ook.

‘De smokkelaar koos het kapsel en de dure merkkleren voor mijn dochters. We moesten het zelf betalen! Ze moesten er “westers” uitzien. Ik ben deze vernederingen beu.’

Mijn dochters moesten van de smokkelaar hun haren laten knippen en dure merkkleren kopen. Hij was erbij, hij koos het kapsel en de kleren. En we moesten het zelf betalen.

Ze moesten er “westers” uitzien. Hij maakt profielen van ons alsof hij een computerspel speelt. Het sportieve Griekse meisje, de chique Bulgaarse dame. Ik ben deze vernederingen beu. Hij wil natuurlijk ook een garantie op snel geld.

Een loopjongen van de smokkelaar ging mee naar de luchthaven. Daar ging het bliksemsnel.

De enige controle was vlak voor we aan boord zouden gaan. Daar nam de politie ons apart, en natuurlijk vielen we direct door de mand. De politie was niet onbeleefd, integendeel. Eén agent sprak zelfs wat Arabisch. “Ben je van Syrië? Kom morgen terug met een beter paspoort”, zei hij.

Hij nam ons mee naar een kleine kamer vol vluchtelingen. We werden allemaal vrijgelaten, zonder enige registratie. Ik hoorde van andere mensen van Afrin dat ze maar liefst veertien pogingen ondernamen in de luchthaven, waarna ze uit pure wanhoop toch asiel aanvroegen.’

***

Een deel van de bevolking, aangevuurd door bepaalde politici, houdt de vluchteling zelf steeds meer “verantwoordelijk” voor het onrecht dat hem of haar overkomt. In realiteit falen politici om aan vluchtelingen, geruïneerd door omstandigheden waar zij zelf geen schuld aan hebben, menselijke opties te bieden om hun familieleven verder te zetten.

De smokkelaarsmaffia profiteert van wettelijke leemtes en de kwetsbaarheid van vluchtelingen, en wordt alleen maar rijker.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur