Vlaamse consument behoort tot grootste klimaatzondaars ter wereld

Het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek berekende, in opdracht van de Vlaamse MilieuMaatschappij, dat de consumptie van de Vlaming gemiddeld goed is voor 20 ton CO2 per hoofd van de bevolking. Daarmee zitten we, internationaal gezien, bij de “top”. 

Miguel Discart (CC BY-SA 2.0)

Naaktfietsers in Brussel willen de auto uit de stad. ‘Meer dan de helft vloeit voort uit onze huisvesting, voeding en vervoer - met de auto die goed is voor liefst negentig procent van de transportvoetafdruk van gezinnen.’

Meestal wordt de uitstoot van broeikasgassen van een land gebaseerd op de hoeveelheid CO2 (en andere gassen) die op het grondgebied van dat land door de ondernemingen, bedrijven en overheden wordt uitgestoten. Met die berekeningswijze komt de gemiddelde Belg op een uitstoot van 8 ton terwijl de gemiddelde Vlaming 11 ton scoort. Dat is maar half zoveel als de gemiddelde inwoner van de Verenigde Staten, en minder dan de helft van de doorsnee Australiër.

Even relevant – en naar de burgers toe misschien nog relevanter – is te onderzoeken hoeveel CO2 de Vlaming met zijn consumptie in de lucht stoot. Of dat nu in ons land gebeurt, of – via de invoer van goederen en diensten – in het buitenland.

Topscore

Het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek heeft die voetafdruk van de Vlaamse consument, in opdracht van de Vlaamse MilieuMaatschappij berekend. Uit dat onderzoek blijkt dat er jaarlijks gemiddeld twintig ton CO2 in de lucht wordt gestoten om de consumptie van de gemiddelde Vlaming mogelijk te maken. Onderzoek in andere landen leert dat we daarmee bij de hoogste CO2-uitstoters ter wereld horen. Ter vergelijking: om de gemiddelde temperatuurstijging te beperken tot twee graden Celsius – de doelstelling van het Europese en internationale klimaatbeleid - moeten de broeikasgasemissies tegen 2050 op wereldniveau verminderd worden tot twee ton per mens.

De auto is goed voor negentig procent van de voetafdruk van de gezinnen inzake transport

Een Vlaming stoot dus momenteel tien keer zoveel uit om zijn consumptie mogelijk te maken. Daar zit dan alles in begrepen: de uitstoot die nodig is om de goederen en diensten te produceren (een wagen produceren bijvoorbeeld), evenals de uitstoot die ontstaat bij het gebruik van de goederen (met diezelfde wagen rijden), de diensten aangeboden door overheden als de investeringen van bedrijven, nodig om de productie mogelijk te maken (gebouwen en machines).

Drie vierde van de 20 ton uitstoot situeert zich rechtstreeks bij de gezinnen - met name in de productie en het gebruik van goederen en diensten die de gezinnen aankopen. Meer dan de helft vloeit voort uit onze huisvesting, voeding en vervoer - met de auto die goed is voor liefst negentig procent van de transportvoetafdruk van gezinnen.

Wereldhandel camoufleert onze uitstoot

Dat de Vlaamse koolstofvoetafdruk verdubbelt als je hem berekent op basis van de consumptie, ligt aan het feit dat ruim twee derde (68 procent) van de broeikasemissies die worden veroorzaakt door wat wij allen samen consumeren, ontstaat buiten Vlaanderen. De helft (34 procent) daarvan ontstaat zelfs buiten Europa, in hoofdzaak in Azië. Tussen 2003 en 2007 nam de koolstofvoetafdruk van de Vlaamse consumptie met een kwart toe. Dat is vooral te wijten aan de verdubbeling van de niet-Europese emissies in de productie van de goederen die we consumeren. Dat heeft ongetwijfeld alles te maken met de opgang van China als handelsnatie nadat het land in 2001 toetrad tot de Wereldhandelsorganisatie. China’s opgang leidde tot een delocalisatie van onze uitstoot.

China’s opgang leidde tot een delokalisatie van onze uitstoot

Voor de tewerkstelling ontstaat een gelijkaardig beeld. Bijna drie kwart van alle banen verbonden aan de Vlaamse consumptie bevindt zich buiten Vlaanderen. Ruim de helft van die banen situeert zich buiten Europa, waarbij Azië met meer 1,7 miljoen jobs, en Afrika met bijna 800.000 banen veruit het hoogst scoren. Opvallend is daarbij dat in beide continenten honderdduizenden banen geschapen worden in de landbouw. Als we dus vaststellen dat minder dan twee procent van de actieve bevolking van ons land nog in de landbouw werkt, dan is dat enkel mogelijk omdat in Azië en Afrika honderdduizenden mensen werken aan de productie van ons voedsel.

Tot slot valt in het onderzoek op dat 55 procent van de toegevoegde waarde die voortvloeit uit de Vlaamse consumptie zich in Vlaanderen situeert en 35 procent in de rest van Europa. Het paradoxale is dus de Vlaamse consumptie in Azië veel CO2 en veel banen verwerkt, maar relatief weinig toegevoegde waarde. Dat heeft er ongetwijfeld mee te maken dat de groothandel, de kleinhandel, en het ontwerp van veel goederen en diensten hier gebeuren en gepaard gaan met relatief grote winstmarges.

Uiteraard is het zo dat twee derde van de broeikasgasemissies van de Vlaamse bedrijven direct of indirect het gevolg is van productie voor export. Toch is de broeikasgasuitstoot die de Vlaamse consumptie veroorzaakt buiten Vlaanderen, dubbel zo hoog als de broeikasgasemissies die verbonden zijn aan onze export.

Het rapport besluit dat een goed klimaatbeleid zich best niet louter concentreert op de emissies die ontstaan op het eigen grondgebied, maar best ook oog heeft op het gedrag van de consumenten, en op het verduurzamen van de volledige productieketens.

Danyell Odhiambo/ICRAF (CC BY-NC-SA 2.20)

Als we vaststellen dat minder dan twee procent van de actieve bevolking van ons land nog in de landbouw werkt, dan is dat enkel mogelijk omdat in Azië en Afrika honderdduizenden mensen werken aan de productie van ons voedsel. De daarbij geproduceerde uitstot moet verrekend worden in de totale uitstoot van de regio

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur