Vluchtelingencrisis: nieuwe zieltjes voor Jehovah’s Getuigen?

De meesten hebben ze weleens aan de deur gehad en misschien ook weer wandelen gestuurd: een duo Jehova’s Getuigen dat het met u over de Bijbel wil hebben. Ze gaan duidelijk ijverig te werk, maar minder bekend is dat ze fervent vreemde talen leren om mensen met een migratieachtergrond te benaderen.

  • Francis Mariani (CC BY-NC-ND 2.0) ‘Iedereen moet de boodschap kunnen horen.’ Francis Mariani (CC BY-NC-ND 2.0)
  • © Ebe Daems Linde en Armand van de Arabische groep met hun lectuur op de Groenplaats in Antwerpen. © Ebe Daems
  • © Ebe Daems Cédric Persoons in het zaaltje waar de Farsitalige groep van Antwerpen nu vergadert. Binnenkort zitten zij in de nieuwe Koninkrijkzaal die de Getuigen gebouwd hebben. © Ebe Daems
  • © Ebe Daems Bezoekers tijdens de opendeurdag van de nieuwe Koninkrijkzaal in Wijnegem. © Ebe Daems

Jehova’s Getuigen sparen kosten noch moeite om hun boodschap te verspreiden. Zo blijkt dat ze zich toeleggen op het leren van vreemde talen om mensen met een migratieachtergrond te benaderen. Toch behalen ze in verhouding tot hun inspanningen weinig resultaat.

Doorheen het artikel wordt ‘Jehovah’s Getuigen’ gebruikt om naar de organisatie te verwijzen en ‘Jehova’s Getuigen’ om het over de leden te hebben.

‘Het grote verhaal dat Jehovah’s Getuigen ophangen is de wereldwijde groei, maar daarbij zie je dat ze vooral sterk groeien in landen met een beperkte internettoegang. Bij ons doet het internet zijn werk, waardoor ze minder populair zijn’, zo zegt een medewerker van de Studie- en Adviesgroep Sekten (SAS) die zelf ex-getuige en specialist ter zake is. Om persoonlijke redenen blijft hij liefst anoniem.

Wereldwijd zijn er ongeveer acht miljoen actieve Jehova’s Getuigen en jaarlijks laten meer dan een kwart miljoen mensen zich dopen. Bekeerlingen die zich laten dopen hebben minstens een jaar Bijbelstudie achter de rug voor ze de stap zetten.

In België groeien de Jehovah’s Getuigen na enkele jaren van stagnatie met ongeveer een procent per jaar sinds 2014. In 2015 waren er gemiddeld 24,661 Getuigen actief en vonden 489 dopen plaats. Belgische Getuigen moeten wel steeds meer uren prediken en Bijbelstudie geven per lid dat ze kunnen bekeren.

Bijbelse lectuur aan de asielcentra

De Belgische Jehova’s Getuigen houden hun vergaderingen, zo noemen ze hun missen, in maar liefst zevenendertig verschillende talen. ‘De gewone getuigen willen oprecht mensen helpen’, zegt de medewerker van SAS. ‘Ze zien het als hun verantwoordelijkheid mensen te redden en willen daarbij iedereen kunnen bereiken. Maar de organisatietop probeert met man en macht de cijfers op te krikken en moedigt daarom ook het leren van vreemde talen aan. Meer leden betekent namelijk meer inkomsten van vrijwillige bijdragen en bij autochtone Belgen slaan de Jehova’s Getuigen tegenwoordig minder aan.’

‘We vragen bij de overheid info over welke taalgroepen het land binnenkomen en dan gaan we met onze lectuur in die talen aan de asielcentra staan.’

De Jehova’s Getuigen begonnen zich onder andere in Limburg in de jaren zestig al te richten op arbeidsmigranten door Italiaans, Spaans en later ook Turks te studeren. Er is ook aandacht voor kleinere en minder bekende taalgroepen. Zo is er bijvoorbeeld recent een groep in de Surinaamse taal Sranan Tongo gestart en in Antwerpen is de nieuwste taalgroep Kinyarwanda, de officiële taal van Rwanda.

‘Met de vluchtelingencrisis willen we zeker de mogelijkheid tot contact aangrijpen’, zegt perswoordvoerder van Jehovah’s Getuigen Robert Van Damme. ‘We vragen bij de overheid info over welke taalgroepen het land binnenkomen en dan gaan we met een mobiele stand met onze lectuur in die talen aan de asielcentra staan.’

Dat is ook hoe Siavash, een Iraanse ex-getuige die liever anoniem blijft, met Jevoha’s Getuigen in contact kwam: ‘Mijn eerste zes maanden in België zat ik in het asielcentrum’, vertelt Siavash. ‘Jehova’s Getuigen mogen er niet binnen, maar spreken de bewoners buiten aan. Toen ik zelf Getuige was, stelde ik me ook op aan asielcentra. Ik had steeds een dertigtal folders in de meest gebruikte talen op zak. We keken ook naar de namen op deurbellen om mensen van onze taalgroep te vinden of kregen via via gegevens door.’

Door het toegenomen aantal asielzoekers predikt het jonge echtpaar Cédric en Hanne Persoons sinds afgelopen zomer zelfs voltijds in het Farsi. ‘De organisatie van Jehovah’s Getuigen heeft ons gevraagd of we het zagen zitten onze job op te zeggen om voltijds te prediken’, zegt Hanne. ‘Door al de vluchtelingen die nu toekomen, is er veel werk bij Iraniërs en Afghanen. Ook bij de Romanigroep, Romani is de taal van de Roma, zijn recent mensen voltijds beginnen prediken.’

‘We krijgen vanuit de organisatie maandelijks een bescheiden toelage voor onkosten, huur, voedsel, kleding en dergelijke’, vervolgt Cédric. ‘Ons hele werk wordt ondersteund met vrijwillige bijdragen. Wereldwijd zijn er een paar duizend mensen die zulke toelage krijgen.’

Daarnaast kiest een behoorlijk aantal Jehova’s Getuigen dat geen toelage krijgt bewust voor een deeltijdse job om zo veel mogelijk tijd aan het prediken te kunnen besteden.

© Ebe Daems

Cédric Persoons in het zaaltje in de Biekorfstraat waar de Farsitalige groep van Antwerpen vergadert. Binnenkort zitten zij in de grote, nieuwe Koninkrijkzaal die de Getuigen vlakbij Wijnegem Shopping Center gebouwd hebben.

Als de berg niet tot Mohamed komt…

‘In de jaren tachtig richtten de Jehovah’s Getuigen klassen in om Turks te leren en de Turkse bevolking te bereiken’, vertelt de medewerker van SAS. ‘Een hele groep Belgische Jehova’s Getuigen begon toen in het te Turks vergaderen zonder dat er al mensen van Turkse origine aanwezig waren. Zo trachtten ze een draagvlak te creëren voor Turkstaligen. Dat verliep allemaal erg moeizaam, want het is moeilijk iemand uit die gemeenschap los te peuteren.’

Linde en Armand moeten bekennen dat ze pas sinds kort een lid hebben dat recent van een Arabisch land naar België migreerde, terwijl hun groep al meer dan twintig jaar actief is.

Perswoordvoerder Robert Van Damme vertelt dat er in Antwerpen nu ook een groep is opgestart die zich op mensen van Berberse origine wil richten: ‘Ze krijgen eerst een cursus om de cultuur grondig te leren kennen: waarom het moeilijk is contact te leggen met deze gemeenschap, hoe ze denken, wat hun geloof inhoudt, … Ze leren ook hoe ze de gemeenschap volgens de regels van de cultuur kunnen benaderen. Zo zullen ze bij Berberse families steeds naar het gezinshoofd vragen.’

‘De communicatie is een obstakel om die doelgroep te bereiken’, zegt Robert Van Damme. ‘We hebben namelijk geen leden die Berbers geleerd hebben, want die taal wordt niet neergeschreven, maar mondeling van generatie op generatie overgedragen. Als we bij Berbers gaan prediken, zullen hun kinderen dus als tolk moeten fungeren.’

Als het succes van de Berberse groep in de lijn van dat van de Turkse en Arabische groep ligt, dan ziet het er niet zo hoopvol uit voor de Jehova’s Getuigen. Linde en Armand van de Arabische groep moeten, na veel rond de pot te draaien over de demografische samenstelling van hun groep, met schroom bekennen dat ze pas sinds kort een lid hebben dat recent van een Arabisch land naar België migreerde, terwijl hun groep al meer dan twintig jaar actief is. De andere veertien leden zijn dus autochtone Belgen die Arabisch leerden, want ook tweede en derde generaties heeft de Arabische groep nog niet kunnen bereiken.

Er zijn zeker wel taalgroepen die het beter doen. In de Farsitalige groep in Antwerpen is ongeveer de helft van de leden van Iraanse origine en de Spaanstalige groep in Houthalen bijvoorbeeld telt een honderdtal mensen. ‘Italianen en Spanjaarden kwamen uit katholieke landen dus dat was makkelijker. Ze zijn al vertrouwd met de bijbel’, verklaart de medewerker van SAS.

© Ebe Daems

Linde en Armand van de Arabische groep met hun lectuur op de Groenplaats in Antwerpen.

Belgische vriend

Volgens ex-getuige Siavash maken Jehova’s Getuigen bij anderstalige nieuwkomers een betere kans: ‘Belgen kennen de Jehova’s Getuigen al, maar nieuwkomers staan meer open om te luisteren naar wat ze te vertellen hebben. Ze zijn hier vaak alleen en zoeken contact. Als ze dan benaderd worden door een Belg die bovendien nog eens hun taal spreekt, willen ze die vriendschap tot elke prijs behouden, want veel Belgen willen geen contact met hen.’

‘Mensen vinden bij Jehovah’s Getuigen broederschap, vrienden en een gemeenschap’, zegt Sandrine Mathen van het Informatie- en Adviescentrum inzake schadelijke sektarische organisaties (IACSSO). ‘Ze vinden antwoorden en een weg, maar wel met veel verboden. Er is zodanig veel verboden dat het bijna onmogelijk is dat ze zich ontwikkelen. Het is moeilijk om daar gelukkig mee te zijn. Er zijn wel mensen die dat soort structuur met veel regels nodig hebben.’

Een van de mensen die gebaat is bij zo’n structuur met strenge regels en verboden is Reza, die in 2000 van Iran naar België kwam en hier naar de Farsitalige groep gaat. ‘Iraniërs denken vaak dat ze door het geloof veel beperkingen krijgen, maar het geloof maakt net vrij van zonden en verkeerd gedrag. Ik had veel slechte vrienden. We gebruikten bijvoorbeeld opium en ik was soms agressief. Dankzij het geloof besefte ik dat het anders moest.’

‘Iraniërs zijn vaak teleurgesteld geraakt in hun religie, maar ze geloven wel nog in God.’

Het klinkt ironisch, maar Reza ontvluchtte Iran net omwille van het geloof en wilde er aanvankelijk niets meer mee te maken hebben: ‘In mijn land is veel onderdrukking door geloof. Geloof veroorzaakt er veel problemen. Daarom ben ik in 2000 naar België gekomen. Ik was volledig tegen geloof, maar een Iraanse vriend van mij was met Jehova’s Getuigen in contact gekomen op de blindenschool. De twee zusters die Bijbelstudie kwamen doen met hem konden wel Farsi spreken, maar niet lezen. En mijn vriend natuurlijk ook niet, want die was blind’, zegt Reza.

‘Ze hadden dus iemand nodig die de teksten in het Farsi kon voorlezen. Ik ben daar dik tegen mijn zin mee begonnen, maar uiteindelijk ben ik Jehova’s Getuige geworden en mijn vriend niet. Ik vond iets wat ik in een ander geloof niet vond: eenheid. Er zijn acht miljoen Jehova’s Getuigen in de wereld, maar ze zijn als een grote familie. Ga naar een vergadering op een ander continent en het is hetzelfde. Als je dan bijvoorbeeld vergelijkt met Syrië, dat zijn allemaal moslims die elkaar daar uitmoorden.’

Volgens Cédric Persoons is het feit dat veel Iraniërs door hun voorgeschiedenis weigerachtig staan tegenover het geloof geen obstakel bij het prediken. ‘Iraniërs zijn vaak teleurgesteld geraakt in hun religie, maar ze geloven wel nog in God’, zegt hij. ‘Ze gaan dan op zoek naar iets dat hen meer aanspreekt of juister is dus het zijn vaak net heel leuke, interessante gesprekken.’

Aanbevelingsbrieven voor asiel

Veel immigranten verlaten de Jehovah’s Getuigen na verloop van tijd ook weer volgens de medewerker van SAS: ‘Aanvankelijk zijn ze blij met het contact, maar ze moeten veel offers brengen, zoals breken met familie en vrienden. In elke vergadering wordt wel herhaald dat omgang met niet-getuigen slechte omgang is. Ze worden zo veel mogelijk geïsoleerd en afhankelijk gemaakt. Voor de integratie van mensen zou het ook beter zijn dat ze naar een Nederlandstalige groep gaan.’

‘De redenen van nieuwkomers om zich aan te sluiten zijn vaak opportunistisch.’

‘Bovendien zijn de redenen van nieuwkomers om zich aan te sluiten vaak opportunistisch. De Getuigen schrijven namelijk een heleboel aanbevelingsbrieven om vluchtelingen te helpen met hun asiel- of naturalisatieprocedure. Daarin staat hoe erg de persoon zijn best doet om Nederlands te spreken en hoe sympathiek en goed geïntegreerd hij wel is. Zelf heb ik ook nog dat soort brieven geschreven. Mensen vertellen dat onderling natuurlijk snel door. Dat soort voordelen zijn vaak de grootste drijfveer, want je ziet toch veel uitval achteraf.’

Volgens Cédric en Hanne Persoons is er op dat vlak ondertussen veel veranderd. ‘Zelf hebben we het nooit meegemaakt, maar we hebben gehoord dat er in het verleden weleens mensen waren die al snel om zo’n aanbevelingsbrief vroegen. Het was toen een nieuw fenomeen en we wisten nog niet goed wat konden doen en wat we niet moesten doen’, zegt Cédric.

‘Aanbevelingsbrieven schrijven gebeurt op persoonlijk initiatief’, vervolgt Hanne. ‘Tegenwoordig zijn we daar heel voorzichtig mee en het is ook geen garantie op succes, want het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) kijkt met argwaan naar mensen met een dossier om religieuze redenen. We schrijven dat soort brieven niet voor de eerste de beste, maar enkel voor mensen die we persoonlijk echt goed kennen.’

‘Het is reputatieschade voor jezelf en het bevuilt de reputatie van Jehovah’s Getuigen als je een brief schrijft voor iemand die uiteindelijk helemaal anders blijkt dan hij zich voordoet’, zegt Cédric. ‘Het is trouwens op hun eigen risico als wij een brief voor hen schrijven, want dan zal het CGVS hen vragen stellen over het geloof. Als ze daar dan niet oprecht mee bezig zijn, vallen ze door de mand.’

© Ebe Daems

Bezoekers tijdens de opendeurdag van de nieuwe Koninkrijkzaal in Wijnegem.

Van het web tot de verste uithoeken van het regenwoud

Volgens de informatie van het IACSSO is er voor zover bekend geen enkele andere religieuze organisatie die zoals de Jehovah’s Getuigen op een volledig georganiseerde manier andere talen studeert om nieuwe leden aan te trekken.

Jehovah’s Getuigen hebben een eigen datingapp en gebruiken de app JW Language om nieuwe talen aan te leren.

Op technologisch vlak zijn de Jehovah’s Getuigen ook helemaal mee. Ze hebben een eigen datingapp en om andere talen te leren gebruiken ze de app JW Language, waarop drieëntwintig talen beschikbaar zijn. De zinnen die je met de app kan leren zijn volledig op het prediken gericht.

Een greep uit het aanbod: ‘Ik ben gekomen om met u te praten over een belangrijk idee uit de Bijbel’, ‘in deze moeilijke tijden zijn velen bang voor de toekomst’ en ‘vraag je je soms af waarom God leed en boosaardigheid toelaat’.

Ook tijdens hun anderstalige vergaderingen zie je meer tablets dan boeken: ze lezen hun teksten met een app en kunnen ze dan meteen ook in de verschillende talen weergeven. De website van Jehovah’s Getuigen is in alle mogelijke talen beschikbaar, gaande van wereldtalen zoals Engels, Spaans of Chinees tot talen zoals het Nias, Iu-Mienh, Olunyole, Kachin, Bicol, Kuhane, Rutooro, Shuar en Dusun. Met een aanbod in maar liefst 778 talen is het de meest vertaalde website ter wereld. Om een idee te geven: Wikipedia volgt met 291 verschillende talen.

Jehova’s Getuigen trokken in het verleden ook naar stammengebieden zonder geschreven taal. Daar ontwikkelden ze dan fonetische pictogrammen om met de lokale bevolking aan Bijbelstudie te kunnen doen. ‘We wilden geen stammen of landen die moeilijk bereikbaar waren uitsluiten. Iedereen moet de boodschap kunnen horen’, zegt perswoordvoerder Robert Van Damme.

LEES OOK

© Bunderachiv (CC0)
In het voorbije jaar zijn de herinneringen van oostfronters weer een stuk aanvaardbaarder gemaakt voor het brede publiek.
© Communauté de la Poudrière
‘Leefgemeenschap die een alternatief probeert te bieden voor kapitalisme en individualisme waar het menselijke terug primeert’.
© Brecht Goris
Het gaat niet goed met de armoedebestrijding, zegt Ikrame Kastit.
Ben Kempner (CC BY-NC-ND 2.0)
Meer dan veertig katholieke instituten over de hele wereld halen hun investeringen weg uit fossiele brandstoffen.

Meest recent van Ebe Daems

© Bilal Lamarti
Brusselse en Palestijnse circusschool slaan de handen in elkaar
De Palestijnse circusschool en Circus Zonder Handen in Molenbeek deden moeilijke evenwichtsoefeningen boven de afgrond aan vooroordelen die over hun jonge deelnemers bestaan.
© Sister Fa
Strijden tegen vrouwelijke genitale verminking met religie en muziek
MO* sprak met twee activisten in de strijd tegen vrouwelijke genitale verminking. Fatou Mandiang Diatta alias Sister Fa is een bekende Senegalese hiphopzangeres en prominente activiste.
CC Michael Swan (CC BY-ND 2.0)
Vluchtelingen vinden geen woning zonder honderden euro’s te dokken aan een tussenpersoon
Dat het voor vluchtelingen geen sinecure is een woning te vinden, is geen nieuws. Maar woningtekort en tijdnood zetten de deur open naar misbruik.
Mostafa Meraji (CC BY-SA 4.0)
Historische nederlaag als nationale trots
Met de opkomst van de moderne natiestaat in de negentiende eeuw kwam ook de nationale mythe op: een “oerverhaal” om de inwoners van een natie met elkaar te verbinden.