VN-expert maant België aan acties te nemen in nazorg terreurslachtoffers en aanpak gevangenen

Brecht Neven

Fionnuala Ní Aoláin - speciale rapporteur voor de VN in het beschermen van de mensenrechten in de strijd tegen terreur

Een expert van de VN maakt zich zorgen over de nazorg van de slachtoffers van de terreuraanslagen in België van 22 maart 2016. Ook in de aanpak van verdachten is er ruimte voor verbetering, een individuele aanpak tegen radicalisering in de Belgische gevangenissen zou noodzakelijk zijn. Daarnaast roep ze op dat de Belgische staat zich moet ontfermen over kinderen van gedetineerde Syriëstrijders die nog in Syrië en Irak zijn.

De algemene toon van Fionnuala Ní Aoláin, speciale rapporteur voor de VN in het beschermen van de mensenrechten in de strijd tegen terreur, is echter positief.  België is een erg divers land en slaagt er volgens haar toch op efficiënte manier in de veiligheidsuitdagingen die terreur met zich mee brengen aan te pakken, zonder buiten de lijntjes van de rechtsstaat te kleuren.

Het inzetten van militairen moet steeds proportioneel zijn en mag geen permanente maatregel worden. 

In tegenstelling tot buurland Frankrijk, kent ons land geen noodtoestand. ‘In plaats van de noodtoestand in te voeren benut België de volledige reikwijdte van de bestaande wet’, klinkt het. Gevraagd hoe haar oordeel verhoudt tot het inzetten van het leger in onze straten, antwoordde Ní Aoláin dat het inzetten van militairen steeds proportioneel moet zijn en geen permanente maatregel mag worden. Militairen in België bewaken afhankelijk van het dreigingsniveau risicoplekken en staan steeds onder controle van de civiele autoriteiten, verzekerde ze.

Toch zijn er ook nog enkele pijnpunten. De slachtoffers van de terreuraanslagen van 22 maart zouden niet de juiste materiële en psychosociale hulp krijgen. Daarnaast toonde Ní Aoláin zich geschokt over de moeizame en bureaucratische weg naar de hulpverlening. ‘PTSS en andere psychologische schade wordt niet erkent als een direct gevolg, en worden daardoor niet vergoed door de ziekteverzekering’, valt te lezen in het bijhorend rapport. Ook zouden buitenlanders die slachtoffer werden van de aanslagen te maken krijgen met discriminatie bij het verkrijgen van ondersteuning.

De speciale rapporteur maakt zich zorgen over het gebrek aan een structurele deradicaliseringsaanpak in Belgische gevangenissen.

De speciale rapporteur maakt zich zorgen over het gebrek aan een structurele deradicaliseringsaanpak in Belgische gevangenissen. Ze maant aan dat gevangen enkel op basis van gegronde redenen in isolatie geplaatst mogen worden. Ze waarschuwt voor het risico dat oprechte religieuze uitingen verward worden met radicalisering. In de nasleep van 22 maart 2016 zouden heel wat gevangen in een isolatiecel geplaatst zijn, louter op basis van de groep waartoe ze behoorden.  Een individuele aanpak zou meer rekening houden met zowel de psychische noden van de gevangenen als de veiligheidsnoden van onze samenleving. 

In Irak en Syrië zitten nog steeds heel wat Syriëstrijders in de cel. Ní Aoláin dringt aan dat de Belgische overheid actie moet ondernemen om de vaak jonge en erg kwetsbare kinderen van gevangengenomen jihadi’s te beschermen. Ook wijst ze er op dat Belgische onderdanen in landen zoals Syrië en Irak Belgische niet dezelfde bescherming genieten als in ons land en het risico lopen gemarteld te worden in de gevangenis.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Brecht Neven schreef als freelancejournalist al voor MO* Magazine, Knack, Apache en Vice. Hij studeerde politieke wetenschappen (UGent) en journalistiek (VUB).