Vrouwen vechten om te overleven na conflict Sri Lanka

Vijf jaar na het einde van de burgeroorlog in Sri Lanka is het voor tienduizenden gezinnen in de Noordelijke Provincie nog iedere dag knokken om te overleven. Vooral vrouwen, die vaak alleen achterblijven als gezinshoofd, hebben het moeilijk.

  • CC World Bank Photo Collection Tussen de 40.000 à 50.000 huishoudens met vrouwen aan het hoofd moeten een inkomen bij elkaar sprokkelen. CC World Bank Photo Collection

Valipunam, een dorpje 322 kilometer ten noorden van de Sri Lankaanse hoofdstad Colombo, ligt in één van de meest afgelegen hoeken van de voormalige oorlogszone van het land. Over de zandwegen zonder straatverlichting is het bijna onmogelijk rijden, en telefoonverbinding is er slechts sporadisch. De dichtstbijzijnde politiepost is kilometers ver weg. Hier in het Mullaitivu-district zijn de littekens van de oorlog overal zichtbaar.

Vanwege de onveiligheid blijven zelfs de dapperste mannen niet graag alleen thuis. Maar Sumathi Rajan, een 35-jarige vrouw, weet dat als ze haar winkeltje ‘s avonds onbewaakt achterlaat, de kans groot is dat er de volgende ochtend niets van over is.

Vastberaden om haar enige bron van inkomsten te behouden, slaapt ze samen met haar twaalfjarige zoon iedere nacht op de vloer, ondanks de heel reële dreigingen van diefstal en zelfs verkrachting. “Ik weet wat ik moet doen, ik weet hoe ik zorg moet dragen voor mijn zoon en voor mezelf”, zegt de broze alleenstaande vrouw voor de deur van haar bescheiden optrekje.

Beginnen vanaf nul

Het leven van Rajan gedurende de laatste vijf jaar is er één van oproer en chaos. Begin 2009, toen het conflict in Sri Lanka na drie decennia op weg leek naar een bloedig einde, bereidden Rajan en haar familie zich voor op een periode van onzekerheid en geweld. Ze woonden immers diep in de regio die gecontroleerd werd door de separatistische Tamiltijgers.

Rajan en haar zoon, toen zeven jaar oud, zijn twee van de tienduizenden Tamilburgers die vastzaten in een landengte tussen de Indische Oceaan en de Nandikadal-lagune aan de noordoostelijke kust van het eiland, terwijl de Tamiltijgers een bloedige laatste slag uitvochten met de regeringstroepen.

De twee ontsnapten levend aan de gevechten, maar hadden niets meer behalve de kleren die ze droegen. De volgende tweeënhalf jaar werd ‘thuis’ een reusachtig kamp voor ontheemden, Menik Farm, in het noordelijke district Vavuniya.

Toen de familie eind 2011 terugkeerde naar Valipunam, stond Rajan voor de schijnbaar onmogelijke opdracht om haar leven vanaf nul op te bouwen. Maar ze hield zich sterk. Haar winkeltje kreeg eerder dit jaar een impuls, toen ze een eenmalige subsidie kreeg van 280 euro van het Internationale Rode Kruis.

Alomvattend programma nodig

Het verhaal van Rajan is geen uitzondering in de verwoeste Noordelijke Provincie van Sri Lanka, waar volgens hulp- en ontwikkelingsorganisaties tussen de veertig- en vijftigduizend huishoudens met vrouwen aan het hoofd een inkomen bij elkaar moeten sprokkelen.

Volgens een studie van het VN-vluchtelingenagentschap (UNHCR) die in juni 2013 verscheen, voelt 40 procent van alle vrouwen die naar huis terugkeerden – op een totaal van ongeveer 467.000 – zich nog steeds onveilig in hun eigen huizen. Vijfentwintig procent zei niet alleen op stap te durven gaan buiten het dorp. De situatie is het ergst voor families met alleenstaande moeders aan het hoofd.

“Er zijn duizenden vrouwen die geen enkele vorm van steun krijgen”, zegt Sarajo Sivachandran, hoofd van het Centrum voor Vrouwen en Ontwikkeling in Jaffna, hoofdstad van de Noordelijke Provincie. “Er zijn enkele beperkte lopende programma’s die gericht zijn op deze extreem kwetsbare groep. Maar wat we nodig hebben, is een alomvattend programma voor de hele provincie en alle gezinnen onder leiding van alleenstaande vrouwen”, voegt ze toe.

Maar de financiële hulp aan Sri Lanka loopt sinds het einde van de oorlog snel terug. Er is volgens hulporganisaties een tekort van 430 miljoen dollar voor hun acties. Ook het humanitaire agentschap van de VN (OCHA) bouwt ondertussen haar werk in Sri Lanka af. Een substantieel ontwikkelingsprogramma voor alleenstaande moeders blijft daardoor, voorlopig, niet meer dan een belofte op papier.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3196   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift