Weet de fiscus binnenkort wat er op uw bankrekening staat?

Vluchten kan niet meer vanaf 2017, lijkt het voor wie zijn geld in het buitenland wil verstoppen voor de Belgische fiscus. De grote vraag waar de Belgische regering voor staat, is of ze nu ook het interne Belgische bankgeheim volledig zal doorbreken. Europese wetgeving kan haar daar toe dwingen.

  • Philippe Put (CC BY-ND 2.0) Voortaan zullen 89 landen aan de Belgische fiscus automatisch en jaarlijks informatie doorspelen over alle van vormen van financiële tegoeden die Belgen in die landen bezitten. Philippe Put (CC BY-ND 2.0)
  • Images Money (CC BY 2.0) De vraag is of door de introductie van de Automatische Informatie-Uitwisseling ook het Belgische bankgeheim niet moet worden gekraakt. Images Money (CC BY 2.0)

Eind oktober 2014 verbond minister van Financiën Johan Van Overtveldt ons land er toe om, samen met 89 andere landen, vanaf 2017 en 2018 automatisch financiële informatie te gaan uitwisselen met elkaar.

Dat klinkt wat vlakjes maar het is niet minder dan een kleine revolutie in belastingland.

Concreet betekent het immers dat voortaan 89 landen aan de Belgische fiscus automatisch en jaarlijks informatie zullen doorspelen over alle van vormen van financiële tegoeden die Belgen in die landen bezitten. België zal op zijn beurt hetzelfde doen met de financiële gegevens van buitenlanders bij Belgische banken.

Het lijkt erop dat je nergens meer in stilte je geld zal kunnen parkeren.

Voor alle duidelijkheid: bij die 89 landen zitten, naast België, ook Zwitserland, Luxemburg, de Kaaimaneilanden, de Britse Maagdeneilanden en zowat alle notoire belastingparadijzen.

Het lijkt er dus op dat je nergens meer in stilte je geld zal kunnen parkeren. Tenzij je naar landen als Libië of Congo trekt – al zit je ook daar, zacht gezegd, niet echt veilig.

Geld in de belastingkoffers

‘Daarmee wordt het bankgeheim gekraakt voor iedereen die geld naar het buitenland versluist’, zegt Pascal Saint-Amans, directeur van het centrum voor belastingbeleid van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Die OESO timmert al een aantal jaren aan de weg van meer samenwerking tussen landen, teneinde de belastingbasis van landen niet verder te laten afkalven door belastingparadijzen.

‘De financiële crisis bracht een en ander in een stroomversnelling.’

‘De financiële crisis bracht een en ander in een stroomversnelling,’ zegt Saint-Amans daarover. ‘Op de G20 van april 2009 werd beslist om het bankgeheim te kraken. Het besef was: “Wij hebben miljarden op tafel gelegd om de banken te redden. Het kan niet langer dat die banken eigenlijk helpen om onze belastingbasis aan te tasten.’

Vanaf dat moment is bij de OESO het Global Forum on Transparancy and Information Exchange uit de startblokken geschoten. Eerst omvatte het forum enkel de OESO-landen en de G20, maar geleidelijk aan kwamen er ook steeds meer ontwikkelingslanden de rangen vervoegen.

‘Omdat die landen voelen dat er iets te winnen valt bij ons. Ook zij willen geld in de belastingkoffers en de Automatische Uitwisseling van Informatie (AUvI) kan hen daarbij helpen.’ 

‘Taksshift naar kapitaal wordt makkelijker’

Momenteel worden alle leden van het Global Forum al geacht om informatie-op-verzoek aan elkaar te geven: als land X aan land Y vraagt wat zijn ingezetenen bij de financiële instellingen van land Y uitstaan hebben, moet land Y die informatie geven. Wie dat niet doet, belandt op een ‘zwarte’ lijst: Luxemburg en Cyprus zijn in dat geval. Zwitserland komt zelfs nog niet in aanmerking voor een score. Volgens Saint-Amans heeft informatie-op-verzoek al 40 miljard euro extra aan belastingen opgebracht in de twintig landen waarover ze informatie hebben. ‘Dit is de informatie van twintig landen, die we niet mogen prijsgeven per land. Alleen Frankrijk laat dat toe, en daar is er de voorbije twee jaar telkens een meeropbrengst van 4 miljard euro.’

Monica Bhatia, hoofd van het Global Forum, en zelf van Indiase afkomst, roept de ontwikkelingslanden op om veel meer gebruik te maken van informatie-op-verzoek. ‘Er is hier echt veel laaghangend fruit voor ontwikkelingslanden. Tot onze verbazing stellen we bij controles vast dat de typische belastingparadijzen in de Caraïben relatief weinig informatieverzoeken krijgen. Nochtans is de informatie nu beschikbaar. Wij proberen mensen in ontwikkelingslanden op te leiden zodat ze weten hoe ze informatie op verzoek practisch moeten aanpakken.’  De ngo’s ontkennen niet dat de OESO grote stappen vooruit zet maar blijven ervoor pleiten om de hele aanpak naar de Verenigde Naties te verhuizen. Jan Vandepoel van 11.11.11: ‘Veel ontwikkelingslanden hebben geen sterke vertegenwoordiging in Parijs en kunnen dus niet echt volgen. “Als je niet aan tafel zit, sta je op het menu”, zei een AFrikaanse diplomaat daarover.’ 

Informatie-op-verzoek en AUvI slaan op inkomsten van personen maar de OESO heeft ook een initiatief opgestart inzake bedrijfsinkomsten en ongewenste belastingontwijking door multinationale ondernemingen dat luistert naar de naam ‘BEPS’ of languit Base Erosion and Profit Shifting. Het gaat dus, met andere woorden , om de strijd tegen de erosie van de belastbare basis en het verschuiven van winsten. Zo zal van multinationale ondernemingen met een omzet boven de 750 miljoen dollar verwacht worden dat ze voortaan ‘land per land’ verslag uitbrengen welke activiteit waar plaatsvindt, zodat het ook makkelijker wordt om de winst te belast waar ze is gecreëerd. Mo* bericht hierover de komende dagen uitvoerig. 

Gevraagd of de op gang zijnde initiatieven het de komende jaren makkelijker zullen maken  om het kapitaal meer te belasten, is Saint-Amans erg duidelijk: ‘Het antwoord is simpel: ja.’ 

Slimme truukjes tegengaan

Deze revolutie in belastingland werd ook makkelijker gemaakt door het feit dat het model van informatie-uitwisseling heel sterk gemodelleerd was op de Amerikaanse FATCA (Foreign Account Tax Compliance Act). Die FATCA legt landen heel gedetailleerd op welke financiële informatie over Amerikaanse staatsburgers ze op welke manier moeten meedelen aan de Amerikaanse fiscus.

Internationaal is afgesproken dat landen die daaraan meewerken, kunnen rekenen op wederkerigheid. België zal in september voor de eerste keer informatie doorgestuurd krijgen over hoeveel de Belgen bij Amerikaanse financiële instellingen bezitten. Minister van Financiën Johan Van Overtveldt zegt dat de fiscus zich op die informatiestroom aan het voorbereiden is.

‘Alle financiële instellingen – in zeer ruime zin – moeten alle financiële informatie – in heel ruime zin – doorspelen.’

‘Onze standaard voor automatische informatie-uitwisseling, de Common Reporting Standard, is voor negentig procent gebaseerd op het Amerikaanse model,’ zegt Monica Bhatia, directeur van het Global Forum, dat de informatie-uitwisseling in detail heeft uitgewerkt.

‘Alle financiële instellingen in zeer ruime zin moeten alle financiële informatie in heel ruime zin doorspelen’, zegt Bhatia. ‘De Common Reporting Standard wil voorkomen dat sommige problemen die we tot nu tot hadden met informatie-uitwisseling, zich opnieuw stellen.’

‘Zo willen we de mogelijkheid vermijden dat rekeningen worden omgezet in verzekeringsproducten en zo uit het zicht verdwijnen. Het is breed en diep, zodat je door de intermediaire structuren/entiteiten kan kijken, wat het probleem was met de spaarrichtlijn.’

Addertje onder het Belgische gras

Maar er schuilt voor België nog een addertje onder het gras. De vraag is immers of door de introductie van de Automatische Informatie-Uitwisseling ook het Belgische bankgeheim niet moet worden gekraakt. Of dus met andere woorden de Belgische banken ook niet automatisch aan de fiscus moeten meedelen wat de Belgen bezitten bij Belgische banken.

Sinds vorig jaar spelen Belgische banken aan een recent opgericht Centraal Aanspreekpunt (CAP) bij de Nationale Bank door wie welke rekeningen heeft. Maar de fiscus krijgt maar toegang tot die gegevens als er een rechtszaak loopt, of als het buitenland verzoekt om informatie over een van zijn onderdanen.

De Automatische Uitwisseling van Informatie van de OESO verandert daar in principe niets aan. De Europese wetgeving over de vrijheid van kapitaalverkeer kan België er echter toe verplichten dezelfde transparantie op te leggen aan Belgen bij Belgische banken als aan Belgen bij buitenlandse banken.

Images Money (CC BY 2.0)

De vraag is of door de introductie van de Automatische Informatie-Uitwisseling ook het Belgische bankgeheim niet moet worden gekraakt.

Images Money (CC BY 2.0)

Belemmering van vrij verkeer

In een advies van 2011 stelde de Raad van State alvast dat alles in die richting wijst:

‘De rechtsspraak van het Europees Hof leert alvast dat er sprake is van een beperking van zowel het vrij verrichten van diensten als het vrij verkeer van kapitaal wanneer het voor een belastingplichtige om een welbepaalde reden minder aantrekkelijk is om spaartegoeden naar een andere lidstaat dan zijn woonstaat te brengen en daar aan te houden.’  

Concreet: als financiële informatie van Belgen in het buitenland wel aan de Belgische fiscus wordt doorgespeeld, en de informatie van Belgen bij Belgische banken niet, dan is dat voor de Europese wetgeving een belemmering van het vrij verkeer.

Minister van Financiën Johan Van Overtveldt ziet wat dat betreft geen enkel probleem. Een andere insider uit de regering-Michel stelt dat men er kan van uitgaan dat dit Belgische geld al belast is, dat er dus al transparantie is, en geen onderscheid met de transparantie van de Belgische rekeningen in het buitenland.

Gelegaliseerde fiscale fraude

Michel Maus vindt dat niet overtuigend: ‘Dat klopt niet. Eén voorbeeldje maar. In België blijven intresten op spaarboekjes onbelast zolang ze onder de 1900 euro per jaar blijven. Maar hoe kan de fiscus weten dat iemand onder de 1900 euro intrest op spaarboekjes blijft? Dat kan hij niet weten tenzij hij zicht heeft op alle rekeningen in zowel binnen- als buitenland.’

Deze gelegaliseerde fiscale fraude bestaat hier al jaren, maar zal in de toekomst niet meer in het buitenland mogelijk zijn.

‘Het is voor burgers bijzonder makkelijk om hun spaargeld over meerdere spaarboekjes te verdelen. Vermits de fiscus niet weet hoeveel spaarboekjes iemand in België heeft, blijft hij dus op die manier makkelijk onder de 1900 euro. Dat is gelegaliseerde fiscale fraude die hier al jaren bestaat maar die zal dan alleen nog mogelijk zijn in België en niet meer in het buitenland.’

Precies over deze spaarboekjes stelde het Europees Hof van Justitie in juni 2013 België al in het ongelijk omdat het de vrijstelling van belasting op spaarboekjes (tot een opbrengst van 1900 euro) beperkte tot Belgische spaarboekjes bij Belgische banken.

Het Hof besloot dat door deze regeling het Koninkrijk België de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 56 VWEU (vrij verkeer van diensten) en artikel 36 van het Verdrag van de Europese Economische Ruimte (vrij kapitaalverkeer).

De regering wil liever dat dit onder de radar blijft

Het arrest over de spaarboekjes geeft al aan hoezeer België onder druk zal komen. De gelijkenis tussen de inhoud van dat arrest van het Europese Hof en de situatie die ontstaat door de Automatische Uitwisseling van Informatie, is immers groot.

Door die Automatische Uitwisseling krijgt de fiscus automatisch transparantie over buitenlandse spaarrekeningen van Belgen. De fiscus kan dus voor die buitenlandse spaarrekeningen makkelijk vaststellen of ze per persoon meer opbrengen dan 1900 euro per jaar, waardoor de belastingvrijstelling  vervalt.

Voor de binnenlandse spaarrekeningen blijft de gebruikelijke onduidelijkheid –de gelegaliseerde fraude waarop Maus alludeert. Daardoor kan de fiscus niet weten of en wanneer een spaarder de kaap van 1900 euro aan intresten overschrijdt –en zou de vrijstelling van belasting op spaarboekjes hier dus blijven bestaan.

‘Van Belgen in het buitenland transparantie vragen, en van Belgen in binnenland niet, is in strijd met de Europese regels.’

Waardoor je dus opnieuw in een situatie belandt waarin spaargeld op buitenlandse bankrekeningen meer belast wordt dan binnenlands geld. En daarover heeft het Hof dus al geoordeeld dat het niet kan.

‘Van Belgen in het buitenland transparantie vragen, en van Belgen in binnenland niet, is in strijd met de Europese regels. Eigenlijk is dit protectionisme: je beschermt de eigen financiële instellingen en probeert Belgisch geld naar België te repatriëren. Dat is strijdig met de Europese regelgeving’, zegt Michel Maus, professor fiscaal recht aan de VUB.

Het ziet er dus naar uit dat de combinatie van de Automatische Informatie-Uitwisseling van de OESO en de Europese regelgeving het Belgische bankgeheim in principe totaal kan beëindigen. De regering doet evenwel alsof er geen vuiltje aan de lucht is.

Wil deze regering de geschiedenis ingaan als de regering die het bankgeheim volledig doorbrak? Wellicht niet. Ze hoopt dat dit alles onder de radar van de Europese instanties blijft. De vraag is evenwel of en hoe de Europese Commissie zal reageren. Maus: ‘Hoe meer ruchtbaarheid er aan wordt gegeven, hoe groter de kans dat de Commissie erop reageert. Dat was precies hetzelfde met de excess profit rulings: die bestonden al jaren, maar zodra er kabaal werd over gemaakt in de media, ging de Commissie onderzoeken of die geen ongeoorloofde staatssteun uitmaken. Dat is de invloed van de vierde macht.’

Link met de taxshift

De kwestie is ook erg relevant in de hele discussie over de taxshift, die de Wetstraat sinds enkele maanden in haar greep houdt.

Het spreekt vanzelf dat het makkelijker is om een verschuiving van de belasting op arbeid naar de belasting op vermogen te organiseren als we weten wie wat bezit in het buitenland en in België. Dat zegt ook professor Michel Maus:

‘Als je de belasting op arbeid wil verlagen –waar iedereen het nu eindelijk over eens is– en meer lasten wil leggen op vermogen, dan heb je de medewerking van de belastingplichtige nodig. Die moet meer communiceren over wat hij of zij bezit. Een taxshift in de richting van het vermogen is sowieso uitgesloten als je niet meer informatie hebt. Dit is het moment om dat mogelijk te maken.’

Dit artikel verscheen eerder op 26 mei 2015 en werd opnieuw gepubliceerd als onderdeel van de MO* Must Reads zomerreeks.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur