Nieuwe studie in Nature
Wereldwijd een vijfde minder vis door warmer zeewater
De wereldwijde opwarming van de oceanen kan de hoeveelheid beschikbare vis met 19,8% doen afnemen. Dat toont een nieuwe studie in het wetenschappelijk tijdschrift Nature aan.
Het onderzoek werd uitgevoerd door wetenschappers van het Natuurhistorisch Museum (MNCN-CSIC) in Madrid en de Nationale Universiteit van Colombia.
Het team onderzocht tussen 1993 en 2021 bijna 34.000 vispopulaties in delen van de Middellandse Zee, de Atlantische Oceaan en de Stille Oceaan. Hun data verschaffen belangrijke informatie voor het beheer van visbestanden met het oog op de voedselzekerheid van de wereld.
Ze benadrukken dat de opwarmende wereld en fenomenen zoals de toename van hittegolven, niet alle vissen op eenzelfde manier treffen: sommige populaties zien hierdoor een afname, terwijl andere soorten juist winnen bij water van een graadje meer.
Het hangt allemaal af van de thermische comfortzone - het ideale temperatuurbereik waarin elke soort het beste groeit. Als een hittegolf vissen uit warmere delen van de oceaan naar nog hogere temperaturen drijft, kan hun biomassa met wel 43,4% dalen. Daarentegen floreren populaties in de koudere gebieden van de oceaan doorgaans wanneer de temperaturen stijgen. Hun biomassa kan dan, op zijn minst tijdelijk, met wel 176% toenemen.
Chronische opwarming
‘Hoewel die plotselinge toename van de biomassa in koude wateren goed nieuws lijkt voor de visserij, gaat het hier om tijdelijke stijgingen’, waarschuwt MNCN-onderzoeker Shahar Chaikin. Populaties storten vaak weer in als de temperatuur weer normaliseert of wanneer de effecten van de langdurige opwarming zich manifesteren.
Vooral de aanhoudende afname van de biomassa in de oceanen als gevolg van de voortdurende temperatuurstijging is een heel belangrijke stressfactor voor mariene soorten, blijkt uit het onderzoek. ‘Wanneer we de ruis van extreme, kortstondige weersverschijnselen buiten beschouwing laten, blijkt uit de gegevens dat deze opwarming gepaard gaat met een aanhoudende jaarlijkse afname van de biomassa tot wel 19,8%.’
‘De chronische opwarming vormt dus een constante negatieve druk op de vispopulaties in de Middellandse Zee, de Noord-Atlantische Oceaan en de noordoostelijke Stille Oceaan’, voegt Juan David González Trujillo, onderzoeker aan de Nationale Universiteit van Colombia toe.
Hoewel populaties in de koudere zones in de oceaan tijdelijk meer vismogelijkheden kunnen bieden, mogen deze voordelen de bredere crisis niet overschaduwen. ‘Beheerders moeten lokale toenames en afnames op de lange termijn uiterst zorgvuldig afwegen om overbevissing te voorkomen’, zegt Miguel Araújo van MNCN. ‘Naarmate de opwarming van de oceanen zich doorzet, zullen visbeheerders rekening moeten houden met de verwachte afname van de biomassa’, concludeert hij.
De resultaten van de studie zijn gepubliceerd in Nature Ecology & Evolution.
Niets missen?
Abonneer je op (één van) onze nieuwsbrieven.


