Buitenlandse steun houdt Al-Bashir aan de macht in Soedan

Kremlin.ru (CC0)

De Soedanese president al-Bashir op bezoek bij zijn Russische collega Dmitry Medvedev in november 2017

Dat de Soedanese president Omar al-Bashir nog aan de macht is, is niet verrassend gezien de brede internationale steun die hij krijgt, schrijft Martin Plaut, onderzoeker aan het Institute of Commonwealth Studies in Londen.Dag na dag protesteren Soedanezen tegen het bewind van Omar al-Bashir. De president, die in 1989 via een coup aan de macht kwam, kampt met serieuze tegenstand in zijn al dertig jaar durende bewind. De protesten worden aangezwengeld door een sterke stijging van de brood- en brandstofprijzen en beschuldigingen van corruptie.

Tot nu toe wist de president de woede van het volk te beteugelen. De Soedanezen kennen echter een lange geschiedenis als het gaat om het omverwerpen van gehate regimes. Twee keer eerder — in 1964 en 1985 – leidden opstanden tot regimewijzigingen. In beide gevallen keerde het leger zich tegen het regime en koos de kant van het volk. Tijdens de huidige protesten is dat niet gebeurd, en dat heeft goede redenen. Willow Berridge, universiteitsdocent en auteur van het boek Civil Uprisings in Modern Sudan, beschrijft het als volgt:

Bashir heeft sterke internationale bondgenoten. Het Westen verguisde Omar al-Bashir ooit als oorlogsmisdadiger.

“Al-Bashirs regime heeft duidelijk geleerd van de fouten van voorgangers. Er is een veel sterkere Nationale Veiligheidsdienst (NISS) opgezet en er bestaan inmiddels een heel aantal soortgelijke veiligheidsorganisaties en gewapende milities die actief zijn in Khartoem, in plaats van het reguliere leger. Deze opzet, in combinatie met de angst van commandanten om aangeklaagd te worden voor oorlogsmisdaden als het regime valt, betekent dat interventie door het leger niet zo eenvoudig zal plaatsvinden als in 1964 en 1985. Dit is een van de redenen waarom de huidige opstand al langer duurt dan eerdere.”

Maar het overleven van het regime kan niet eenvoudigweg worden gezien als binnenlandse kwestie. Bashir heeft sterke internationale bondgenoten. Het Westen verguisde Omar al-Bashir ooit als oorlogsmisdadiger. Recentelijk is men hem echter meer gaan zien als een bron van stabiliteit en inlichtingen in een problematische regio. De president heeft ook de steun – zowel politiek als financieel – van belangrijke Arabische bondgenoten.

Arabische steun

Vaak wordt gezegd dat Soedanezen traditioneel gezien naar het noorden, naar Caïro, kijken voor steun. Deze crisis vormt daarop geen uitzondering. In december bezochten de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken en het hoofd van de inlichtingendienst Khartoem. Bij dat bezoek beloofden ze steun aan Al-Bashir.

De Egyptische minister van Buitenlandse Zaken Sameh Shoukry, die met het hoofd van de inlichtingendienst, generaal Abbas Kamel, naar Soedan vloog, verklaarde: “Egypte vertrouwt erop dat Soedan de huidige situatie te boven komt.”

De Egyptische president Abdel Fatah al-Sisi zei bij dat bezoek dat “Egypte volledige steun verleent aan de veiligheid en stabiliteit in Soedan, die essentieel is voor de Egyptische nationale veiligheid.”

Eerder deze maand bracht de Soedanese president een tegenbezoek aan Caïro. De Egyptische president Abdel Fatah al-Sisi zei bij dat bezoek dat “Egypte volledige steun verleent aan de veiligheid en stabiliteit in Soedan, die essentieel is voor de Egyptische nationale veiligheid.”

Maar politieke steun alleen is niet voldoende om het Soedanese regime aan de macht te houden. Er is ook financiële steun die van de overkant van de Rode Zee komt. In ruil voor Soedanese inzet in de oorlog in Jemen, heeft Khartoem naar verluidt 2 miljard dollar aan investeringen ontvangen. Meer dan tienduizend Soedanese militairen vechten in de Jemenitische frontlinie. Volgens sommige bronnen zouden daar kindsoldaten bij betrokken zijn, gerekruteerd door de Saoedi’s. Voor elke rekruut zou 10.000 dollar worden betaald.

Andere bondgenoten

De rehabilitatie van Al-Bashir in de Verenigde Staten gaat terug naar het tijdperk van president Barack Obama. Een van zijn laatste besluiten was het opheffen van de Amerikaanse sancties tegen het Soedanese regime. Het CIA-kantoor in Khartoem zou een van de belangrijkste redenen zijn geweest voor deze beleidswijziging.

Washington staat hierin niet alleen. Europa wil het aantal Afrikaanse migranten die via de Middellandse Zee binnenkomen terugdringen, en ziet de Soedanese regering daarbij als bondgenoot. Het ‘Khartoum Process’, getekend in de Soedanese hoofdstad, is essentieel in deze relatie. In november 2015 ontmoetten Europese leiders hun Afrikaanse collega’s in de Maltese hoofdstad Valletta. De bedoeling werd duidelijk gemaakt in een persbericht, waarin geconcludeerd werd dat “het aantal migranten dat arriveert in de Europese Unie ongekend is en dat deze toegenomen stroom waarschijnlijk blijft bestaan.” De Europese Unie en de lidstaten “nemen een reeks maatregelen om met deze uitdagingen om te gaan en te komen tot een effectief, menselijk en veilig Europees migratiebeleid.”

De afspraken die Europa met Soedan maakte in het kader van het Europese migratiebeleid betekenden indirect steun aan de Afrikaanse staat.

De top leidde tot de goedkeuring van een actieplan ter ondersteuning van het Europese migratiebeleid. Daarin wordt uiteengezet hoe Europese instituten kunnen samenwerken met Afrikaanse partners in de strijd tegen ongeregelde migratie en mensensmokkel.

Europa beloofde trainingen aan te bieden op het gebied van wetshandhaving en rechtspraak en hulp bij het opzetten van speciale eenheden die mensenhandel moeten voorkomen.

Deze afspraken betekenden indirect steun aan de Soedanese staat. In Khartoem is een Regional Operational Centre (ROCK) gevestigd dat zich richt op het voorkomen van mensensmokkel en vluchtelingenstromen. Europese functionarissen werken daarbij direct samen met Soedanese. Het centrum in Khartoem telt zowel Europees als Soedanees personeel. Het is deels afhankelijk van informatie van de Soedanese inlichtingendiensten.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Tot slot is er enig bewijs dat Rusland betrokken is bij de Soedanese crisis. Russische troepen, die werken voor een particuliere partij, zouden gezien zijn in Khartoem bij het onderdrukken van een opstand.

Gezien de brede steun voor Al-Bashir is het niet verrassend dat hij de druk van het volk nog steeds weerstaat. Veel hangt af van hoe lang de protesten zullen duren, en hoeveel kracht het regime bereid is in te zetten om opponenten te verpletteren.

Bron: The Conversation

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift