Ontbossing verergert door gewelddadige interne conflicten

‘Colombiaans vredesakkoord leidde tot oorlog tegen het bos’

Pedro Szekely / Flickr (CC BY-SA 4.0)

In plattelandsgebieden waar veel mensen ontheemd zijn geraakt, is het vaak ontzettend moeilijk om te bepalen wie eigendomsrechten zou moeten hebben.

Het Colombiaanse vredesakkoord tussen de regering en de FARC zou niet alleen het geweld staken, maar ook oneerlijk grondbezit en ontbossing aanpakken. Nu andere guerrillagroepen de plek van de FARC hebben ingenomen, blijkt het lastig het akkoord na te leven, schrijft Mongabay-medewerker .

Het vredesakkoord dat de Colombiaanse regering in 2016 sloot met de grootste en oudste guerrillagroep van het land, de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC), werd gepresenteerd als opvallend ‘groen’. Het akkoord zou investeren in het beheer van beschermde gebieden en tegelijkertijd het ongelijke landbezit als gevolg van alle binnenlandse ontheemden, helpen aanpakken.

Maar vijf jaar na de ondertekening van het akkoord en zeven jaar nadat de FARC voor het eerst instemde met een staakt-het-vuren, wordt ontbossing in Colombia nog steeds verergerd door gewelddadige interne conflicten. Volgens een nieuw rapport van de internationale vredesorganisatie Crisis Group bedreigt dit nu zelfs de Colombiaanse doelstelling om ontbossing tegen 2030 tot nul terug te brengen.

‘Het wordt steeds moeilijker te negeren dat conflict, milieu en klimaatverandering met elkaar samenhangen.’

‘Het is niet gebruikelijk dat we op deze manier naar milieukwesties kijken’, zegt de Nederlandse onderzoeker Bram Ebus van de Crisis Group. ‘Maar het wordt steeds moeilijker te negeren dat conflict, milieu en klimaatverandering met elkaar samenhangen.’

Ontbossing

Tussen 1964 en 2016 heeft de FARC land ontbost als een middel om de territoriale controle uit te breiden. Ook hield de groep zich bezig met veeteelt, mijnbouw en de teelt van cocagewassen – allemaal factoren die ontbossing veroorzaken – om haar operaties te financieren.

Nochtans lijkt de vernietiging van het regenwoud te zijn verergerd in de jaren sinds de guerrillagroep is ontbonden, zo stelt het rapport. De ontbossing steeg in 2015, tijdens de onderhandelingen over het vredesakkoord, en is sindsdien hoog gebleven.

Het rapport wijst verschillende conflictgerelateerde factoren aan die deze trend zouden kunnen verklaren. Het falen van de regering om delen van het vredesakkoord uit te voeren is daar een van, net als de aanhoudende concurrentie tussen niet-statelijke gewapende groepen die hebben geprobeerd in het gat te springen dat de FARC heeft achtergelaten.

Splintergroepen

Ondanks alle schade die de FARC aan het milieu heeft aangericht, had de guerrillagroep wortels in de landbouwgemeenschap en zag ze zichzelf als een pleitbezorger van arme plattelandsbewoners. In sommige gebieden beperkte de groep de hoeveelheid land die lokale gemeenschappen mochten ontbossen voor landbouw. Ook legde het beperkingen op aan houtkap en mijnbouw.

Na het vredesakkoord van 2016 weigerden veel van de tienduizend FARC-strijders hun wapens neer te leggen. In plaats daarvan vormden zij dissidente groepen die nog altijd actief zijn, zij het met veel minder macht. Volgens sommige schattingen zijn er maar liefst 25 verschillende dissidente groepen met in totaal zo’n 4.600 leden.

Deze groepen, zo stelt het Crisis Group-rapport, zijn minder ideologisch gedreven en ondernemen zelden stappen om milieuregelgeving te handhaven. In sommige gevallen lijken ze de lokale bevolking zelfs aan te moedigen zich met veeteelt, houtkap en cocateelt bezig te houden.

‘Dissidente groepen zijn veel kleiner en hebben een minder coherente structuur dan de voormalige FARC’, vertelt Ebus. ‘Ze moeten zich dus opnieuw voorstellen aan de lokale bevolking in deze landelijke gebieden, en ze willen niet op de verkeerde voet beginnen door allerlei milieuregels op te leggen.’

Voor en na het vredesakkoord

De FARC beschermde ook bos om strategische redenen, vertelt Ebus. Zo was het bladerdek handig om troepen te verplaatsen zonder van bovenaf te worden opgemerkt. Nieuwe dissidente bewegingen en paramilitaire groepen zijn te klein om dat soort bescherming nodig te hebben, dus ze kunnen naar eigen goeddunken ontbossen.

‘Er is een gebrek aan fondsen en capaciteit, een gebrek aan politieke wil én het ontbreekt de centrale regering in Bogotá aan begrip van het gebied.’

Deze dynamiek, in combinatie met het uitblijvende overheidsoptreden in plattelandsgebieden, maakt het moeilijk de initiatieven na te leven die in het vredesakkoord zijn vastgelegd ter bescherming van nieuwe en bestaande natuurreservaten.

‘Toen de vredesakkoorden ingingen, was dat een kans voor biologen om naar sommige van deze [conflict]gebieden te gaan. In slechts een paar jaar tijd kwamen zij met een aantal belangrijke bevindingen’, vertelt Luis Alfonso Ortega, directeur van milieuorganisatie Fundación Ecohabitats. ‘Maar toen namen deze nieuwe groepen de controle over.’

Totdat de regering niet-statelijke gewapende groepen effectiever verantwoordelijk kan houden voor criminele activiteiten, zullen vitale ecosystemen worden vervangen door coca, veeteelt en mijnbouw, zo stelt het rapport.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Gebrek aan financiering

Het vredesakkoord moest ook de extreme ongelijkheid in landbezit corrigeren. Die ongelijkheid was het gevolg van het feit dat miljoenen plattelandsbewoners intern ontheemd zijn geraakt door het jarenlange geweld.

Volgens het Kroc Institute, dat de voortgang van het vredesakkoord bewaakt, is per november 2020 slechts 4 procent van deze doelen bereikt. Aan 18 procent van de doelstellingen is nog niet eens begonnen.

Ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het akkoord zeiden in september dat de regering ‘de vrede niet ondergefinancierd heeft’ en dat het land veel beter af is dan vijf jaar geleden. Maar het rapport laat zien dat sommige projecten voor zeker 50 procent ondergefinancierd zijn. Vorige maand schatte een Colombiaanse overheidsregulator dat met het huidige tempo van uitvoering alle facetten van het vredesakkoord pas over 26 jaar voltooid zouden zijn.

‘Er is een gebrek aan fondsen en capaciteit, een gebrek aan politieke wil én het ontbreekt de centrale regering in Bogotá aan begrip van het gebied’, zegt Ebus. ‘De realiteit aan de ontbossingsgrens is zo anders dan wat de politici weten. Oplossingen die op papier misschien eenvoudig lijken, zijn heel moeilijk uit te voeren.’

Landbezit monitoren

Eén van de doelen van het akkoord was een register op te zetten om het grondbezit en het landgebruik overzichtelijk te maken. Dat zou overheidsinstanties zoals de National Land Agency (ANT) helpen de landbouwactiviteiten beter te monitoren.

Maar volgens het Agustín Codazzi State Geographic Institute, dat geografische en landbouwanalyses uitvoert, is tot dusver slechts 15 procent van het land in het register opgenomen. In plattelandsgebieden waar veel mensen ontheemd zijn geraakt, is het vaak ontzettend moeilijk om te bepalen wie eigendomsrechten zou moeten hebben.

In de aanbevelingen van het rapport stelt de Crisis Group dat de zorg voor ontheemde inwoners een topprioriteit moet zijn voor de regering. Omdat ze in extreme armoede leven, op land zonder eigendomsbewijzen, hebben de meeste mensen geen andere keuze dan de landbouwgrens te verleggen met milieubelastende activiteiten.

‘Als deze slachtoffers van geweld naar hun huizen kunnen terugkeren of andere geschikte landbouwgrond krijgen’, stelt het rapport, ‘zal Colombia bewegen richting een robuuste juridische verdediging van het milieu en verbeterde veiligheid.’

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij IPS-partner Mongabay.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift