Corruptie zaait dood en verderf in Tanzania

Nooit eerder heb ik gewone mensen zo hard horen klagen over corruptie als tijdens mijn verblijf in het Oost-Afrikaanse Tanzania. In een taxi op weg naar de hoofdstad Dar es Salaam doet chauffeur Moussa zijn beklag over de vrijspraak van voormalig politiecommissaris Abdallah Zombe.
Ik zie ’s man tronie op de voorpagina van The Guardian, die ik koop bij een straatventer. Daarboven staat in vette letters: ‘So, who killed them?’ Zombe zou volgens de aanklacht enkele zakenlui hebben laten vermoorden (die hem weigerden te betalen?).
Daags voor het verschijnen van deze krant heeft de rechter in beroep Zombe en zijn medebeklaagden echter vrijgesproken, ‘bij gebrek aan bewijzen’. Moussa is er zoals veel Tanzanianen van overtuigd dat hij het gedaan heeft en gewaagt van corruptie en doofpotoperaties.
Corruptie ontwricht een samenleving tot in de kleinste uithoeken. Als een politiecommissaris zakenlui laten vermoorden en vrijuit gaat, verliest een mensenleven aan waarde. Als fondsen blijven liggen of in de verkeerde handen terechtkomen, sterven zieken en komen arme boeren om, bij gebrek aan voeding of geneesmiddelen.
Net voor mijn afreis wees een routinecontrole van het Global Fund uit dat in Tanzania 1 miljoen dollar aan geneesmiddelen tegen malaria verdwenen of te oud zijn. Tijdens mijn verblijf hoor ik dat Nederland, dat dol was op het bewind van de voormalige socialistische president Julius Nyerere, net zijn algemene financiële steun aan de regering heeft opgeschort, wegens ‘onbetrouwbaar’ en ‘corrupt’.
Van corruptie is iedereen ten langen leste de dupe. Voor heel wat jonge academici is er bijvoorbeeld weinig uitzicht op een baan bij vadertje Staat. De ministeries worden nog altijd bevolkt door getrouwen van het regime, familieleden of kennissen. ‘Zonder connecties kom je er moeilijk in’, zegt Adeline, die nochtans een beurs kreeg om in Canada en de VS verder te studeren. ‘Het zit daar vol met vriendjes van vriendjes, die bang zijn dat een meer onderlegde nieuweling hun onkunde aan de kaak stelt.’ Wat betekent dat niet voor de opkomende intelligentsia, toch de hoop van een land? Niet zelden krijgen zij slecht betaalde banen bij Indiase bedrijven.
Ik loop Ade tegen het lijf in Monduli, vlak bij Arusha. ’s Avonds na schooltijd kom ik er ook internen tegen van een school voor Masaai girls, op weg naar een waterbron. De dorpelingen hebben de waterleiding naar het college immers afgesneden, hoor ik vertellen. Reden? De Maasai girls school was oorspronkelijk bedoeld om Maasai-meisjes uit uit afgelegen gebieden toch wat scholing te geven, maar omdat iedereen weet dat hier erg goede leraars lesgeven, hebben rijke ouders –ook niet-Maasai– hun oog laten vallen op het college. Dorpelingen zien behalve Maasai vandaag ook rijkeluiskinderen uit Arusha of elders die na betaling van omkoopgeld toegang krijgen tot de school, terwijl buurtbewoners er niet inkomen. Vandaar de sabotage, waardoor nu alle leerlingen van het internaat –rijk of arm– kilometers moeten lopen voor hun drinkwater.
Tanzania is een van de wonderkinderen van het IMF inzake degelijk economisch bestuur en president Jakaya Kikwete geeft hoog op van zijn strijd tegen corruptie, maar corruptie is een moeilijk uit te roeien onkruid. Gewone Tanzanianen klagen erover, maar bezondigen zich er evengoed aan. Ade’s vrienden kopen een agent om, zodat ze mij als blanke ‘toerist’ ongestoord in hun eigen auto mogen vervoeren.
Corruptie is echter geen Afrikaans monopolie, zei Mandela’s vrouw, Graça Machel, vorig jaar nog in een interview. ‘Jullie regering in België kan er wellicht haar vingers niet aan branden omdat er wetten zijn, instellingen, academici en journalisten die dat voorkomen. Maar wanneer sociale instellingen zwak staan, klampen leiders zich vast aan de macht en eigenen zich de staat toe. Ergens zit dat gewoon in onze menselijke natuur.’
Hoopgevend is wél dat corruptie in Tanzania geen taboe (meer) is. Misschien is dat wel het begin van het einde.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift