7 april: Wereldgezondheidsdag

Eerlijke handel beschermt ook de gezondheid

Naar aanleiding van Wereldgezondheidsdag op 7 april belichten we graag hoe de Fairtrade Standaarden de gezondheid van producenten en arbeiders beschermen. Deze bundelen de milieu-, sociale en economische criteria die de producentencoöperaties en plantages moeten respecteren als ze gecertificeerd willen worden of blijven. Een aantal criteria gaan specifiek over de gezondheid en de bescherming van het individu. Kijk je even mee?

Milieustandaarden die mens en natuur beschermen

50% van de Fairtrade-gecertificeerde producten dragen ook een biocertificaat. Maar ook de Fairtrade-producten die niet bio zijn, moeten voldoen aan strenge milieucriteria. Zo zijn Fairtrade-producenten verplicht om duurzame landbouwmethodes te hanteren en natuurlijke grondstoffen te beschermen, en is het verboden om gevaarlijke pesticiden en genetisch gemanipuleerde zaden te gebruiken.

Water betekent gezondheid

Sommige producentengemeenschappen komen heel moeilijk aan proper water en degelijk sanitair. Hier biedt de Fairtrade Premie (die een coöperatie boven op de Fairtrade Prijs krijgt, om in de gemeenschap te investeren) vaak soelaas. Veel Fairtrade-coöperaties investeren deze in projecten die hun hele gemeenschap toegang geven tot drinkbaar water en sanitair. Daarnaast stimuleren de Fairtrade Standaarden de coöperaties om methodes voor goed waterbeheer en -hergebruik te integreren in hun landbouw.

In het Indische Rapar-district (Gujarat), besliste een Fairtrade-gecertificeerde katoencoöperatie om de Fairtrade Premie te besteden aan een waterdistributiesysteem op de speelplaats van een school. 

Een ander voorbeeld brengt ons naar Colombia. In het Farallones-gebergte heeft de ‘Cooperative de los Andes’, een koffiecoöperatie, de Fairtrade Premie geïnvesteerd in een waterzuiveringsstation. Tot voor kort belandde het giftige afvalwater uit de wasstations voor koffiebessen vaak ongezuiverd in het lokale distributiesysteem. Nu wordt het gefilterd, gesteriliseerd en PH-neutraal gemaakt voor het opnieuw in het distributiesysteem vloeit. De overblijvende vaste stoffen worden op hun beurt tot meststof verwerkt. En die kunnen de boeren van de coöperatie goed gebruiken. 

Deze twee voorbeelden illustreren hoe Fairtrade – via de verplichting verstandig om te gaan met natuurlijke bronnen – gemeenschappen aanmoedigt om te investeren in de bescherming van hun leefomgeving. En dus in hun gezondheid.

Landbouw en natuurbescherming gaan hand in hand

Een vaak genoemd Fairtrade-criterium is het verbod om gevaarlijke pesticiden te gebruiken. De lijst van verboden pesticiden wordt regelmatig geüpdatet en varieert per sector. Maar de kern blijft altijd dat niet-biologische Fairtrade-producenten aan duurzame landbouw moeten doen, volgens de strikte regels die Fairtrade International voorschrijft. Dat maakt Faitrade-producten, ook zonder biocertificering, milieuvriendelijker dan hun conventionele tegenhangers. Ze respecteren beter de gezondheid van arbeiders en producenten omdat hun bescherming duidelijk gereglementeerd is (bv. vorming over het gebruik van producten, aangepaste uitrusting, strikt verbod op bepaalde pesticiden, minimaal gebruik van de toegelaten producten).

De producenten zijn unaniem: als zij de keuze hadden, zouden ze allemaal voluit voor bio gaan. Want dat is zowel gezonder voor het milieu als voor hun kinderen.

Als een audit (door de onafhankelijke organisatie Flocert) aantoont dat een coöperatie tegen deze regels zondigt, moet die onmiddellijk actie ondernemen. Doet ze dit niet, dan kan ze geschorst worden of in het ergste geval haar Fairtrade-certificering kwijtspelen. Als een coöperatie één van de Standaarden niet (meer) respecteert, gaat Fairtrade op zoek naar de achterliggende oorzaken. Soms blijkt bijvoorbeeld dat een opleiding nodig is of dat de coöperatie financiële of organisatorische moeilijkheden heeft. Naast sancties uitdelen zal Fairtrade zo’n coöperatie dan ook altijd begeleiden naar beter.

De producenten zijn unaniem: als zij de keuze hadden, zouden ze allemaal voluit voor bio gaan. Want dat is zowel gezonder voor het milieu als voor hun kinderen. De realiteit is jammer genoeg dat de meerderheid van de producenten in (extreme) armoede leeft. De middelen om te investeren ontbreken compleet. Hun gezin te eten geven is dus hun eerste prioriteit. Daarom streeft eerlijke handel ernaar om in overleg met de producenten een ontwikkelingsplan op te stellen. Zo’n win-winprojecten hebben succes: de producent die investeert in meer verantwoorde productie, krijgt ook een betere prijs voor zijn product. Uit ervaring weten we dat eerlijke handel voor producenten vaak een springplank is om ook op bio in te zetten. 

Sociale standaarden beschermen de mens en zijn gezondheid

Binnen Fairtrade versterken sociale standaarden de positie en de autonomie van de producenten en arbeiders in het Zuiden. Die gaan over de organisatie in democratische organisaties (coöperaties), het recht toe te treden tot een vakbond (bij betaalde arbeiders), gereglementeerde arbeidsomstandigheden, het verbod op kinderarbeid, en het verbod op elke vorm van discriminatie.

Door een gezondheidsbril bekeken zijn deze criteria onmisbaar. Onder de ‘gereglementeerde arbeidsomstandigheden’ vallen bijvoorbeeld de werkuren, de pauzes, de vakantiedagen, de ziekteregeling en de moederschapsbescherming. De ‘organisatie in democratische organisaties’ geeft elke arbeider en producent van de coöperatie de kans om zijn/haar rechten te laten gelden en mee te beslissen (zeker als het over de besteding van de Fairtrade Premie gaat). Want ook dat heeft vaak invloed op de gezondheid van de mensen: bijvoorbeeld als er beslist wordt over investeringen in nieuw materiaal of beter sanitair, over het oprichten van gezondheidsposten of over te organiseren vormingen.

In Zuid-Afrika bijvoorbeeld, heeft de organisatie ALG Boerdery Fairtrade de Fairtrade Premie gebruikt om een kinderdagverblijf en sportinfrastructuur te bouwen voor de hele gemeenschap. Ook zorgt ze ervoor dat de kinderen van de producenten naar school kunnen.

Boven op de Standaarden en de Fairtrade Premie die de gemeenschap ten goede komt, organiseren de producentennetwerken van de Fairtrade-beweging (Fairtrade Africa, NAPP, CLAC) tal van vormingen die de levenskwaliteit van de producenten verbeteren. Eén van de bekendste is de ‘Leiderschapsschool voor vrouwen’. Daar krijgen vrouwelijke producenten de nodige vaardigheden om hun lot in eigen handen te nemen. En dat brengt een concrete verandering teweeg in hun dagelijkse leven. Na hun opleiding kennen deze vrouwen hun rechten. Ze zijn vastberaden om hun plek op te eisen waar er beslissingen genomen worden, zowel thuis als binnen hun coöperatie.

Economische standaarden geven toegang tot gezondheidszorg

De Fairtrade Standaarden bevatten alle criteria die te maken hebben met handel en commerciële relaties. De Fairtrade Minimumprijs en de Fairtrade Premie vallen hieronder, maar ook de voorfinanciering van de oogst, de lonen en aspecten die te maken hebben met de handelsketen, de traceerbaarheid enzovoort zijn duidelijk vastgelegd. Zoals gezegd gaat de Fairtrade Premie regelmatig naar projecten die de gezondheid van de producenten ten goede komen. Daarbovenop zorgt een eerlijke verloning ervoor dat mensen genoeg kwalitatief voedsel hebben. En dat blijft toch dé basis om gezond te blijven.

Als ze een leefbaar inkomen hebben, kunnen producenten voor zichzelf en hun gezin zorgen, sparen voor onverwachte tegenslagen en daarna het dagelijkse werk zonder obstakels hervatten.

Binnen de gemeenschappen waar Fairtrade actief is, zijn er ook heel wat voorbeelden van gezamenlijk sparen (en zelfs pensioensparen). Daarmee kunnen mensen samen het hoofd bieden aan onverwachte kosten voor gezondheidszorg of infrastructuur. Want voor producenten in armoede is het des te moeilijker om gezond te blijven en zichzelf en hun familie te verzorgen, waardoor mensonwaardige toestanden om de hoek leunen.  

Wanneer we het over eerlijke handel hebben, denken we vaak in de eerste plaats aan de prijs die producenten krijgen. Dat is logisch, want de ambitie van Fairtrade is dat alle producenten in het Zuiden een leefbaar inkomen hebben. En zonder een eerlijke prijs komt dit er nooit. Maar wat is dat precies, een leefbaar inkomen? Een inkomen waarmee een gezin minstens in zijn basisbehoeften kan voorzien, zoals voedzaam eten, een waardige woning met goed sanitair, scholing voor de kinderen, gezondheidszorg, een transportmiddel en wat spaargeld.

Ten slotte gaat het recht op een leefbaar inkomen terug op artikel 23 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Dat stelt dat ‘een ieder, die arbeid verricht, recht heeft op een rechtvaardige en gunstige beloning, welke hem en zijn gezin een menswaardig bestaan verzekert, welke beloning zo nodig met andere middelen van sociale bescherming zal worden aangevuld’. Kortom, een recht waaraan wereldwijd nog veel werk is, staat bij Fairtrade centraal. 

De opwaartse spiraal van eerlijke handel

Als ze een leefbaar inkomen hebben, kunnen producenten voor zichzelf en hun gezin zorgen, sparen voor onverwachte tegenslagen (zoals een ongeval, een operatie, een moeilijke bevalling) en daarna het dagelijkse werk zonder obstakels hervatten … Maar deze ‘opwaartse spiraal’ krijg je alleen als de arbeidsomstandigheden goed zijn. Die moeten het mogelijk maken om te zorgen voor ieders gezondheid en welzijn, iedereen dezelfde kansen geven om zijn/haar stem kan laten horen en het milieu beschermen.

De Fairtade Standaarden scheppen hiervoor een kader en creëren alle kansen om zo’n ‘opwaartse spiraal’ tot stand te brengen. En hoewel het systeem niet volmaakt is, biedt Fairtrade een alternatief voor de conventionele handel dat de grondoorzaken en gevolgen van armoede ernstig analyseert en daarvoor concrete oplossingen met zichtbare en meetbare resultaten voorstelt. Zo heeft het een brede impact op de levensomstandigheden van hele gemeenschappen in het Zuiden.

Douchka van Olphen is medewerker bij Fairtrade Belgium, www.fairtradebelgium.be

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift