Het Malala Syndroom

Malala Yousafzai is de jongste levende heldin van de internationale gemeenschap. Die status levert haar van de wederomstuit misprijzen op in haar vaderland. Gie Goris bekijkt de controverse vanuit het perspectief van een gesprek dat hij had met de vader van Malala, Ziauddin Yousafzai. Uiteindelijk blijkt het allemaal de schuld van de Britten te zijn.

  • CC junaidrao De biografie van de 16-jarige Malala ligt sinds kort in de winkels. CC junaidrao

Het is moeilijk om geen bewondering te hebben voor de nu zestienjarige Malala Yousafzai. Vorig jaar werd ze in de Swatvallei neergeschoten door de Pakistaanse taliban, vorige week was ze in New York om de Verenigde Naties toe te spreken ove het recht en het belang van scholingskansen voor alle meisjes. Van halfdood tot uitgesproken woordvoerster voor een van de essentiële mensenrechten, op die leeftijd: il faut le faire.

Het wekt dan ook geen verwondering dat iedereen met het hart op de juiste plaats Malala steunt en wilt bevestigen in haar strijd. Ik heb de voorbije maanden in enkele jury’s mogen zitten om –in België- gerenommeerde prijzen uit te reiken. Telkens dook de naam Malala Yousafzai op als iemand die terecht aanspraak kan maken op de erkenning en waardering die uitgedrukt wordt met deze of gene prijs.

Ook een ngo als Plan België heeft de voorbije weken druk gecommuniceerd over Malala en haar boodschap aan de VN, wat ik persoonlijk een grote vooruitgang vind tegenover de campagnes met Koen Wauters (verder geen kwaad woord over Koen, natuurlijk). Malala verpersoonlijkt in lijf en leven immers de rechtenbenadering van Plan: de toekomst van kinderen in het Zuiden hangt niet alleen af van uw gift, maar van overheden die alle kinderen het recht op onderwijs en ontwikkeling garanderen. Het was tenslotte haar strijd als prille tiener voor onderwijs die haar bijna het leven kostte.

Malala had de moed –de overmoed, zeggen sommigen- om op te staan tegen de retrograde krachten die zich in haar geboorteregio kantten tegen gemengd onderwijs, tegen seculier en wetenschappelijk onderwijs, of tegen onderwijs voor meisjes tout court. Een kind met zo veel panache verdient alle bewondering die ze kan krijgen.

Symbolenstrijd

Alleen in Pakistan lijkt dat nogal tegen te vallen, die bewondering. Niet de eerste dagen na de aanslag, toen was Malala in heel Pakistan hét symbool van het excessieve geweld dat de jihadistische militanten gebruikten om hun extremistische maatschappijvisie op te leggen. De kogels die afgevuurd werden op Malala’s gelaat leken eindelijk duidelijk te maken dat de morele superioriteit die de jihadi’s claimen het land in feite naar een ongekend dieptepunt voerden.

Die massale steun is snel gaan afkalven toen Malala, na haar chirurgische behandeling, in Groot-Brittannië bleef en in het Westen uitgroeide tot een heel ander symbool: de strijd tegen de taliban en tegen de misogyne traditionalisten wordt door veel westerse machthebbers en opiniemakers immers gebruikt om het eigen gelijk al dan niet subtiel te bevestigen. De toespraak voor de VN en de unanieme steun die de zestienjarige krijgt in het Westen bevestigen voor veel Pakistanen de wildste samenzweringstheorieën.

Het gevolg is dat de authentieke overtuiging van Malala Yousafzai een voetnoot dreigt te worden bij de botsing tussen de twee versies die de geopolitiek van haar maakt: Malala de Heldhaftige Voorvechtster van de Verlichting versus Malala de Hoer van het Westen. Dat het meisje Malala daarmee onrecht wordt aangedaan, is evident. Maar ook de strijd waarvoor ze zich intussen al vijf jaar uitspreekt en inzet, dreigt op die manier eerder ondergraven te worden dan geholpen.

Dochter van haar vader

Een van de “details” uit het verhaal van Malala Yousufzai die bijna nergens vermeld worden, is dat ze de dochter is van Ziauddin Yousafzai, een boegbeeld van seculier Swat en een van de weinige progressieve stemmen die tijdens de periode van groeiend talibanactivisme en –bestuur in de periode 2009-2011 in de Swatvallei is blijven wonen en spreken, en die dat bovendien overleefd heeft.

Ziauddin Yousafzai had er de Khushhal Public School opgericht en stond erop dat zowel jongens als meisjers naar die school zouden komen. Dat was vloeken in de moskee voor de taliban, maar hij bleef dat doen. Ik ontmoette Ziauddin in februari 2011 in een afgeleefd overheidshotel dat nog vaagweg herinnerde aan de tijd toen de Swatvallei een toeristisch oord was. Hij nam gemoedelijk plaats naast maulana Qari Abdul Bais Saddiqi, waarmee ik in een uitgelopen gesprek verwikkeld was.

‘De meerderheid van de Pakistanen wil de invoering van de sharia als algemeen rechtssysteem’, zei Saddiqi, die deel uitmaakte van de leiding van een van Pakistans meer extreme islamistische paritjen (de JUI-F) en van 2002 tot 2008 in het parlement zat voor die partij. Hij was ook imam in de grootste moskee van Mingora, de hoofdstad van Swat, en directeur van een grote madrassa, de Jamia Taleem-ul-Quran.

‘Vroeger gold hier de sharia en dan werd er meteen recht gesproken. Zelfs een moord werd afgehandeld binnen een maand. Tegenwoordig schiet er van die snelheid en toegankelijkheid niets meer over. Nu moet je tien koeien investeren als je een kippendief wil laten veroordelen.’ De sneer van Abdul Bais Saddiqi naar de corrupte en onefficiënte rechtsspraak werd bevestigd door Ziauddin Yusafzai.

Hij was het verder in weinig eens met de maulana, want hij bevond zich helemaal aan de andere kant van het ideologische spectrum. Maar het tekende wel de status van Yousafzai dat de conservatieve geestelijke mij bij zijn vertrek een vruchtbaar interview ‘met de linkse stem uit Swat’ toewenste. Ziauddin bleek alleen links te zijn als je het extreemrechtse ideeëngoed van de taliban als mainstream beschouwt, maar één missie verdedigde hij met onverzettelijke overtuiging: het belang van goed, wetenschappelijk onderbouwd onderwijs. Voor iedereen.

De lange staart van een geschiedenis

In het Westen wordt de vader weggegomd uit de hagiografieën, omdat het iets van de gloed en heldhaftigheid zou kunnen wegnemen uit het verhaal van het meisje dat als enige weigert te plooien voor de talibanintimidaties. De taliban vermelden het stugge verzet van Ziauddin tegen hun religieuze dictatuur dan weer niet omdat het voor hun propaganda veel nuttiger is dat ze het zestienjarige meisje als misleid en misbruikt door het Westen kunnen voorstellen.

Dat is ook de teneur van de brief die Adnan Rashid, een leider van de Pakistaanse taliban, woensdag schreef aan Malala, waarin hij stelt niet tegen onderwijs voor meisjes te zijn, maar tegen onderwijs dat van de Pakistanen ‘Aziaten in bloed maar Engelsen in smaak’ maakt. Rashid verwijst daarmee expliciet naar de opdracht die Lord Macaulay voor het onderwijs in Brits Indië formuleerde in 1835: ‘We must at present do our best to form a class who may be interpreters between us and the millions whom we govern, a class of persons Indian in blood and colour, but English in tastes, in opinions, in morals and in intellect.’

‘Ik adviseer je terug te keren naar huis,’ schrijft Adnan Rashid aan Malala Yousafzai, ‘te kiezen voor de islamitische en Pasjtoense cultuur, je in te schrijven bij een vrouwenmadrassa in je buurt, het boek van Allah te leren en te bestuderen, en je pen te gebruiken voor de islam en de moslimgemeenschap (oemmah).’ Zijn overtuiging -dat Malala gebruikt wordt door het Westen in hun “oorlog tegen de islam”- wordt tot ver voorbij de uitdeinende grenzen van de talibanaanhang gedeeld in Pakistan. Zelfs Shahbaz Sharif, de eerste minister van de provincie Punjab en broer van Pakistaans premier Nawaz Sharif, bekritiseerde haar toespraak voor de VN als ‘klaarblijkelijk geschreven voor mondiale consumptie’.

De verwijzing van Adnan Rashid naar de Britse raj is niet toevallig. Het Indische verzet tegen de koloniale overheersing is een van de eerste bronnen van de politieke islam die, verhit en gesmeed in de oven van de Afghaanse oorlog, uiteindelijk groepen als Al Qaeda en de taliban zou baren. Vanuit het Westen wordt er alles aan gedaan om die antikoloniale drijfveer van het islamisme te ontkennen of te negeren, onder meer omdat de hedendaagse interventies in Afghanistan en Irak, de dreigende houding tegenover Iran en de onverschilligheid tegenover de Palestijnen heel nauw aanleunen bij de koloniale aanpak van anderhalve eeuw geleden.

De taliban, van hun kant, verdringen de lessen die de peetvader van islam-als-verzet-tegen-het-Westen, Jamal al-Din al-Afghani (1838–1897), formuleerde. ‘Met grote droefnis constateer ik dat de moslims van India [waartoe het huidige Pakistan behoorde, gg] in hun orthodoxie, ja hun fanatisme zo ver zijn doorgeslagen dat ze zich met weerzin en walging afkeren van wetenschap en kunst en industrie’, schreef al-Afghani.

Onderwijs en kennis voor iedereen

De strijd over onderwijs, en dus over de geesten van de jonge generaties in Pakistan, in de moslimwereld en in het Zuiden, is honderden jaren oud. De tegenstanders van het op westerse leest geschoeide onderwijs beschouwen hun verzet als een noodzakelijk instrument om de eigen waardigheid en echt zelfbestuur te heroveren. De andere kant –de imperialisten en eurocentrische krachten- beschouwen westers onderwijs niet alleen als superieur, maar ook als noodzakelijk om de wereld naar hun inzicht en belang in te richten.

De bewondering en het misprijzen voor Malala Yousafzai wortelen beide in heel onaangename, geopolitieke tradities, ongeacht de eerlijke bekommernissen van de individuen of zelfs de organisaties die zich in de ene of de andere kant van de tegenstelling inschrijven. Iedereen zou er goed aan doen al-Afghani’s strenge vragen aan de Indische moslimgeestelijkheid ter harte te nemen: ‘Jullie denken geen moment na over deze vraag van groot belang die iedere intelligente man zou moeten bezighouden, namelijk: wat is de oorzaak van de armoede, behoeftigheid, machteloosheid en ellende van de moslims, en is er een remedie voor dit belangrijke verschijnsel en deze enorme misère of niet?’

De remedie die al-Afghani zag, was wetenschap, onderwijs en militaire slagkracht. Als het Westen niet verblind was door zijn eigenbelang, had het daar lang geleden mee werk van gemaakt. En dan had Malala Yousafzai gewoon naar school kunnen gaan en eenmaal op de universiteit kernfysica kunnen studeren bij iermand als Pervez Hoodbhoy, de Pakistaanse atoomgeleerde die zich ontpopt heeft tot een van de meest uitgesproken stemmen van de liberale middenklasse.

(Veel) Werk aan de onderwijswinkel

Tijdens een gesprek dat ik met Hoodbhoy had, enkele dagen nadat ik vader Yousafzai ontmoette in Swat, had die er een hard hoofd in. ‘De religieuze krachten bepalen vandaag al welke kleren we dragen, wat we kunnen eten of drinken, wat we leren op school, wat we zien op tv en vooral wat we beschouwen als de kernwaarden van ons geloof. De extremisten beheersen onze cultuur en de politiek slaagt er niet eens in om de leerboeken in het onderwijs te zuiveren van sectair of opruiend materiaal.’

Om dat laatste te illustreren, toonde Hoodbhoy enkele eindtermen voor de vijfde klas. De leerlingen worden verondersteld in staat te zijn een spreekbeurt te geven over jihad en martelaarschap; ze moeten de kwaadaardige plannen van India tegen Pakistan kennen; ze moeten de krachten die tegen Pakistan samenspannen onderkennen en kunnen identificeren…

Uit een taalboek van een meisjesschool toonde Hoodbhoy de illustraties die bij de letters van het alfabet staan. Bij T staat takroo (botsing), met een prent van twee vliegruigen die tegen de WTC-toren van New York vliegen, bij J hoort jihad, bij h hijab  en bij Z zunoob, het meervoud van zonde. Bij die zondes staan een schotelantenne, een pak speelkaarten, een videorecorder, wijn en sterke drank, een gitaar, een schaakbord, tablas en een harmonium getekend. En het geheel is gevat in een veld van vlammen, wat duidelijk suggereert wat er met al die zondige instrumenten en toestellen moet gebeuren. Let wel, dit voorbeeld kwam niet uit een madrassa, maar uit het officiële curriculum van de staatsschool in Pakistan.

De weg is lang, en kent vaak eenzaamheid. Die wijsheid van Bots moet iemand maar eens in het Engels of het Urdu vertalen voor Malala Yousafzai. Ze zal nog vaak behoefte hebben aan mensen die haar steunen, niet aan belangen die haar instumentaliseren of uitspuwen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur