Minister Reynders in een gonzend Kinshasa

Minister Reynders is vertrokken naar Congo. De korte reis draait blijkbaar rond de bouw van een nieuwe kanselarij en de start van een nieuwe luchtvaartmaatschappij met Belgische aandelen. Een belangrijke vraag is welk signaal de minister gaat geven aan het Congolees politiek establishment, drie maand na de gecontesteerde verkiezingen van 28 november.

  • Kris Berwouts

De onregelmatigheden en het geweld tijdens en na de verkiezingen hebben de geloofwaardigheid en de legitimiteit van het politiek bestel op zijn zachtst gezegd geen deugd gedaan. Voorlopig lijkt het er niet op dat de verkiezingen van 2011 iets hebben toegevoegd aan de embryonale democratie die in 2006 uit de stembus is gekomen.

Op dit moment lijkt het erg onrealistisch om te pleiten voor nieuwe verkiezingen. Ten eerste is daar absoluut geen politieke wil voor, ten tweede ontbreken daar de fondsen voor, en ten derde is er niets dat garandeert dat eventuele nieuwe verkiezingen transparanter, vrijer en minder gewelddadig zouden zijn. Ook bij een hertelling van de stembiljetten kan ik me weinig voorstellen. Wat daar sinds 28 november mee gebeurd is tart alle verbeelding. De vraag die nu op tafel ligt is: hoe kunnen we het huidige verkiezingsproces geloofwaardigheid en een democratisch gehalte geven?

Geruchten, spanning en bedrijvigheid

Ik heb de laatste weken rondgereisd in het land en sprak uitgebreid met de Congolees in de straat en met het maatschappelijke middenveld. In de marge van mijn bezigheden hier heb ik ook informeel een aantal vrienden ontmoet die, over de grenzen van meerderheid en oppositie heen, deel uitmaken van de Congolese politiek.

Kinshasa gonst. Van geruchten, zoals gewoonlijk. Van de onderhuidse spanningen ook, nog steeds. Maar vooral van de politieke bedrijvigheid. Overleg, onderhandelingen en dialoog alom. De Congolezen onder elkaar vooral, ik heb helemaal niet de indruk dat de internationale gemeenschap daar veel greep of invloed op heeft. En misschien is dit maar goed.

In het kamp van Kabila worstelt men met een gebrek aan cohesie. Hun fractie in het parlement is erg versplinterd. Het gaat niet gemakkelijk zijn om daar stevig parlementair werk mee te verzetten. De verkiezingen hebben de kaarten binnen het kamp wat herschud, winnaars en verliezers zoeken naar nieuwe evenwichten.

Katumba Mwanke

En vooral: enkele weken geleden overleed de niet door iedereen betreurde Katumba Mwanke bij een vliegtuigongeval. Hij was de centrale figuur in de parallelle circuits rond de president, Kabila’s eigen Rasputin, de King Maker in de schaduw, de man met de sleutel van de kas ook. Het gat dat hij achterlaat heeft de allure van een meteorietinslag: het hertekent het landschap volledig. De rituele dans rond de krater waarbij zijn medestanders en tegenspelers proberen zoveel mogelijk van zijn economisch en politiek imperium in te pikken, zal ons, Congo-watchers, nog wel even zoet houden.

De president zelf staat onder nogal wat druk, binnen zijn kamp maar ook van zijn internationale partners. Intimi zeggen me dat de president openstaat voor een meer overlegde benadering. Hij heeft in de loop der maanden een soort allergie ontwikkeld voor de term dialoog. Hij heeft het iets te vaak ervaren als eufemisme voor een volledige machtsdeling waarvan hij vreesde dat men ze hem wou opdringen. Maar dat neemt niet weg dat hij open lijkt te staan voor een onderhandelde oplossing, een gedragen formule.

Tshisekedi

Aan de andere kant van het spectrum blijft Tshisekedi ervan uitgaan dat men (wie eigenlijk? De bevolking? Het leger? De “internationale gemeenschap” ?) hem één dezer uit zijn isolement komt halen om hem president te maken. Een belangrijk deel van zijn partij weet dat dat dit niet gaat gebeuren.

Zijn 42 verkozen parlementairen maken zich op om hun mandaat op te nemen, ook al wordt dat hen door de UDPS-voorzitter verboden. Zij vinden dat ze de historische missie van hun partij alleen kunnen waarmaken door als verkozenen van het volk binnen de instellingen te gaan wegen op het beleid als legitieme waakhond van de overheid. Ook Kamerhe, Kengo, het MLC en de anderen stomen hun fracties klaar. Er is veel pendeldiplomatie binnen en tussen de partijen.

Ondertussen in Kivu

Tweeduizend kilometer oostelijker is het allemaal veel grimmiger. Ook in Kivu waren er tijdens en na de verkiezingen veel onregelmatigheden. Het CNDP, onder Nkunda een geduchte tegenstander van Kabila maar sinds 2009 onder het goedkeurend oog van de Rwandese president Kagame een belangrijke bondgenoot, maakt formeel deel uit van de reguliere strijdkrachten, maar blijft toch een soort leger binnen het leger, bijna een staat binnen de staat.

Op verschillende plaatsen in Oost-Congo hebben ze Kabila’s herverkiezingen met intimidatie en zelfs geweld ondersteund. Ze voelden zich al lang boven de wet staan, maar nu vinden ze al helemaal dat niemand hen een strobreed in de weg kan leggen. Zonder hun steun zou Kabila in het oosten nog veel lager hebben gescoord.

Uit frustratie over zoveel CNDP-almacht gaat het leger snel desintegreren. Veel officieren zonder CNDP-achtergrond deserteren met een deel van hun manschappen. Er ontstaan nieuwe, vooralsnog kleine gewapende groepen. De bestaande milities herbewapenen zich en gaan opnieuw intensief rekruteren. Dit proces was al even bezig, maar in de aanloop naar de verkiezingen hield iedereen zich redelijk gedeisd: men wachtte af wat er uit de stembus zou komen. Nu de verkiezingen achter de rug zijn, lopen de spanningen snel op.

Ze draaien onder meer rond land, het schaars goed bij uitstek. Die spanningen verzwaren nog omdat er regelmatig vanuit Rwanda mensen worden aangevoerd in het kader van de repatriëring van Congolese Rwandeestalige vluchtelingen die lang in Rwanda leefden. Niet al die mensen kunnen overtuigende bewijzen voorleggen dat ze inderdaad ooit uit Congo naar Rwanda gegaan zijn. Vele Congolezen in het oosten van het land zien die terugkeer dan ook minstens voor een deel als een vanuit Kigali gestuurd herbevolkingsprogramma van Kivu. De bevolkingsdruk is in Rwanda namelijk nóg groter dan in Oost-Congo.

Tegenwerking

Congo, met haar geschiedenis van vijftig jaar ontmanteling van de staat, veertig jaar kleptocratie en bijna twintig jaar permanent geweld, heeft een functionerende regering nodig. Zowel binnen het Kabilakamp als bij de oppositie wordt gewerkt aan een onderhandelde formule. Maar binnen elk kamp zijn er ook mensen die zo’n formule actief tegenwerken, omdat ze vrezen de economische en politieke macht binnen hun baronie te verliezen.

Om de Israëlische schrijver en vredesactivist David Grossman te parafraseren, die het had over een heel ander conflict: in deze strijd zijn het niet de verschillende kampen die tegenover elkaar staan, maar wel degenen die niet aan de wanhoop willen toegeven en diegenen die er een manier van leven van willen maken.

Reynders

Kan Reynders daar veel gaan doen? Ik denk het wel. De gruwelijk valse start van het verkiezingsproces kan niet meer ongedaan gemaakt worden. Maar hij kan een bijdrage leveren om de geloofwaardigheid van de instellingen en van het proces op te krikken. Hij gaat de Congolezen niet bij elkaar brengen, en nog minder de pen vasthouden als ze een oplossing uitwerken. Dat kunnen ze alleen zelf.

Maar als minister van Buitenlandse Zaken van een landje dat wat Congo betreft toch nog steeds met de grote jongens mee aan tafel zit, moet hij een constructieve maar kritische betrokkenheid uitstralen, een engagement koppelen aan waakzaamheid rond mensenrechten, democratische ruimte en goed beheer. Hij zal dat moeten hard maken in concrete dossiers. Vragen dat een meer geloofwaardige en echt onafhankelijke kiescommissie de rest van de electorale cyclus organiseert: de zieltogende Congolese democratie kan maar echt beter worden als ze door lokale en provinciale verkiezingen aan de basis groeit.

Hij moet de ruimte claimen voor het parlement om haar democratische rol te spelen, niet alleen als wetgever maar ook als controlerende instantie van de uitvoerende macht. Hij kan België’s vastberadenheid belichamen om bij te dragen aan een goed beheer van de natuurlijke rijkdommen en de hervorming van het leger, en daar concrete resultaten aan koppelen. De Belgische diplomatie in Congo leek er jaren alleen op gericht om de aanvaringen uit het tijdperk De Gucht te doen vergeten. Maar nu is er een meer assertieve houding nodig om van deze legislatuur nog iets te maken, en de voorwaarden te creëren voor meer transparante en minder gewelddadige verkiezingen in 2016.

Kris Berwouts is onafhankelijk Congo-watcher.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift