Opstand in Molenbeek

Er broeit iets in de Brusselse volkswijken. Je kan er niet meer naast kijken. YouTube en Facebook bulken van de filmpjes die zich als een virus verspreiden. Er is een netwerk ontstaan dat gelijkgestemde jongens en meisjes verbindt. Nee, ik heb het niet over het oprukkende salafisme dat de Staatsveiligheid als een van de grootste bezorgdheden beschouwt in haar laatste rapport, en al helemaal niet over de salafitische mediavedetten van Sharia4Belgium.

Ik heb het over de liefde voor de scène…

Scènes d’up wordt georganiseerd in het Centre Communautaire Maritime, in het hartje van die vermaledijde Maritiemwijk, dat stuk Molenbeek dat tussen het Kanaal en Laken gekneld zit. Maandelijks loopt de grote zaal daar vol voor jonge stand-up comedians die ons een inkijk gunnen in hun dagelijkse besognes. Het is niet alleen een avondje comedy maar evenzeer een antropologische studie.

Lachen met zichzelf

Op het podium wordt het leven van jongeren met Marokkaanse roots gefileerd. Er wordt de draak gestoken met slechte chauffeurs en andere Afrikanen die luid bellen in de metro. Gelachen wordt er met het slechte Frans van de Poolse bouwvakkers én het slechte Frans van de recente golf Marokkaanse illegalen die door de crisis uit Spanje zijn afgezakt en hier hun geluk zoeken. De vraag wordt gesteld waarom sommige metrostations mooi zijn en andere lelijk (‘het heet Ribau’court’ omdat je moet lopen naar de uitgang, anders word je overvallen’).

Maar meer dan met een ander wordt er vooral gelachen met zichzelf. Een meisje met een hoofddoek en tonnen présence ergert zich aan een collega die er op staat om haar goeiedag te kussen terwijl die hoofddoek er toch op zou moeten wijzen dat ze liever een hand geeft. (‘Iedereen heeft zo’n collega die alleen maar komt werken om zijn vrouwelijke collega’s te kussen’). Hysterische Marokkaanse moeders worden scherp aangezet en heten onverminderd Fatima. De spanning tussen Berbers en Arabieren wordt wat aangewakkerd.

Even lijkt een schermutseling aan de ingang de boel te verzieken, maar het publiek negeert het geroep en blijft de blik richten op een moedige Tunesische grapjas die de toeschouwers jent over de slechte prestatie van de Marokkaanse nationale voetbalploeg in de Afrikacup. Een Belgo-belge getuigt over zijn integratie binnen de Marokkaanse gemeenschap (‘het was dat, of elke dag een pak slaag’ en ‘ik ben métisse, mijn pa is van Sint-Gillis en mijn ma van Anderlecht’). De zaal gaat uit haar dak en vanuit het publiek wordt er stevig geheckeld. Wie hier op het podium durft, heeft, ongeacht zijn of haar geslacht, ballen aan het lijf. Wie niet grappig genoeg is, wordt de coulissen weer ingejouwd, maar het blijft al bij al gemoedelijk.

Strakke pakken en sobere hoofddoeken

Dan gaat het licht aan en kan je een (niet-alcoholisch) drankje krijgen en broodjes met drie soorten tonijnsalade. Je kan een euro in de collectebus steken van ‘Les Fourmis’, de Brusselse Moslimscouts. (even terzijde: vreemd dat in het debat over allochtone jeugdbewegingen zo weinig wordt verteld over de vele verenigingen die al bestaan. Die ‘Fourmis’ maken trouwens elk jaar een hilarisch blijspel waar ze scherpe maatschappijkritiek geven, vorig jaar over het huwelijk en dit jaar over onderwijs. )

De pauze laat ook toe het publiek te monsteren. Het toont de diversiteit van ‘de allochtonen’ uit deze buurt. Het is vrijdag en een avondje uit en velen hebben dan ook hun beste kleren aan getrokken. Ik zie strakke pakken en sobere hoofddoeken. Juwelen en dure brilmonturen. Nike Air Max sportschoenen op de rumoerige achterste rij en mama’s vooraan met nep-Louis Vuitton op schoot. Veruit de meest exotische verschijning zijn twee Vlaamse meisjes die afhaalsushi prikken. Iemand flyert voor een evenement ten voordele van Palestina.

Style Maroxellois

Na de onderbreking gaan de handen op elkaar voor de meer ervaren comedians op de bühne. Dezelfde onderwerpen passeren de revue: wat je kan weten over de huwbaarheid van een meisje aan de hand van haar facebookfoto, de kiss-and-ride-rubriek van de Metro en de douane in Marokko. Het land van herkomst is een onuitputtelijke inspiratiebron, zo blijkt.

Weinig politiek (één verwijzing naar het verstoorde ULB-debat met Caroline Fourest maar daar wordt nauwelijks op gereageerd) maar vooral veel scènes uit het dagelijkse leven van jonge mensen in deze wijk. Het gaat allemaal razend snel en alle typetjes zijn over de top. ‘C’est le style Maroxellois’, legt een rijzende ster me uit, ‘laat één stilte vallen en het publiek eet je met huid en haar op.’

Aan de kassa zit een gezicht dat mij bekend voorkomt. ‘Misschien ken je me van op internet? Ik heb een sketchreeks op Youtube!’. Camera Quartier is een gagreeks die zich afspeelt in de Schaarbeekse straten. Les couilleux opent met het zicht op de woonblokken in Ganshoren en speelt zich af aan bushaltes en in snackbars.

De acteurs in deze populaire internetseries meten zich ook graag live aan elkaar in improvisatiewedstrijden in achterafzaaltjes, ze hebben zelfs hun eigen improvisatieliga opgericht. Ze worden er gecoacht door zij die al op de podia van ‘echte’ theaters stonden, zoals de acteurs van het gezelschap die La vie c’est comme un arbre schreven en acteerden. Ze nemen deel aan festivals (Mimouna, Babel) en dromen van een acteercarrière. Switchen vlot met verschillende disciplines: gescripte sketches, stand-up, impro. Als het maar om te lachen is.

Ze hebben humor en kunnen zichzelf relativeren.

En ze zijn met een pak meer dan Sharia4Belgium.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Coördinator van Vzw Toestand

    Bie Vancraeynest is coördinator van Vzw Toestand, een organisatie die leegstaande of vergeten gebouwen reactiveert tot tijdelijke en autonome socioculturele centra.