Frans-Palestijnse mensenrechtenactivist over de intrekking van zijn verblijfsstatuut in Jeruzalem

‘Het Israëlisch beleid heeft mijn leven en dat van mijn familie volledig ontregeld’

© Samidoun / Yanis B.

De Palestijns-Franse advocaat en mensenrechtenactivist Salah Hammouri kreeg in september te horen dat zijn verblijfsstatuut voor Jeruzalem, waar hij al heel zijn leven woont, wordt ingetrokken. Het is een zoveelste intimidatiecampagne om hem het zwijgen op te leggen, zegt hij. ‘Ik ben het slachtoffer van een systematische deportatie van Palestijnse inwoners in Jeruzalem, om de demografische verhouding er te manipuleren.’

Mijn naam is Salah Hammouri, ik ben een 35-jarige Palestijns-Franse man. De Israëlische autoriteiten dreigen me te verbannen uit de stad waar ik vandaan kom, Jeruzalem. Het is de stad die ik thuis noem. Ik ben er geboren en getogen. Ik leef er en ik werk er.

Vier jaar geleden werd mijn vrouw, Elsa Lefort, een Frans staatsburger en de moeder van mijn zoontje, uit Israël gebannen. Op het moment van haar deportatie was Elsa zwanger van ons zoontje. Al vier jaar leef ik gescheiden van mijn vrouw en kind. Eerste stapjes, eerste woordjes en andere mijlpalen maak ik mee via Whatsapp. Het Israëlisch beleid heeft mijn leven en dat van mijn familie volledig ontregeld. Al jarenlang lanceren de Israëlische autoriteiten lastercampagnes om mijn reputatie te schaden en mijn werk als mensenrechtenactivist te ondergraven.

Recent werd de druk opgevoerd: op drie september 2020 kreeg ik het bericht dat de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken, Aryeh Deri, van plan is mijn verblijfsstatus als permanent bewoner van Jeruzalem in te trekken. De reden? Ik zou niet ‘loyaal’ zijn aan de staat Israël.

Toen ik zestien jaar oud was, werd ik vijf maanden opgesloten omdat ik deelgenomen had aan studentenactiviteiten tijdens de Tweede Intifada. In 2004 bracht ik opnieuw vijf maanden door in administratieve detentie zonder enige vorm van proces of zelfs een officiële aanklacht.

In 2005 verdween ik uiteindelijk zeven jaar achter de tralies. Ik werd ervan beschuldigd een aanval voor te bereiden op de Israëlische rabbijn Ovadia Yosef, de voormalige spirituele leider van de ultraorthodoxe Shas-partij. Ik heb mijn onschuld altijd volhouden maar werd toch veroordeeld. In 2011 werd ik vrijgelaten na een gevangenenruil, slechts drie maanden voor mijn straf zou aflopen.

De man die vandaag de herroeping van mijn verblijfsvergunning orkestreert, de minister van Binnenlandse Zaken, Aryeh Deri, is ook de huidige leider van de Shas-partij. Toeval? Ik denk het niet.

Van jongs af aan werd ik geconfronteerd met de wreedheden van de bezetting. In een poging de draad van mijn leven terug op te pikken na mijn jaren in de gevangenis, ging ik rechten studeren aan de universiteit van Jeruzalem. Na mijn bachelor begon ik een master in de mensenrechten. In die tijd ontmoette ik ook mijn toekomstige vrouw, Elsa.

Vandaag ben ik een hevige voorvechter van de mensenrechten en advocaat bij Addameer, een Palestijnse ngo die instaat voor de rechten van Palestijnse politieke gevangenen.

‘Hoe konden we vermoeden dat de Israëlische bezettingsmacht andere plannen met ons had?’

In 2015, besloten Elsa en ik naar Frankrijk te reizen, we zouden haar familie bezoeken voor ze zou bevallen van ons zoontje. Hoe konden we vermoeden dat de Israëlische bezettingsmacht andere plannen met ons had?

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Op 5 juni 2016 landde Elsa op de Ben Gurion luchthaven in Tel Aviv. Hoewel ze een visum had via haar werk bij het Frans consulaat, werd Elsa geweigerd aan de douane. Twee volle dagen werd ze ondervraagd op de luchthaven voordat de beslissing viel: de komende 10 jaar mag Elsa Israël niet meer in. In die twee dagen mocht ze geen contact hebben met vrienden of familie. En hoewel ze op dat moment zeven maanden zwanger was, kreeg ze geen toegang tot de nodige medische hulp.

Uiteindelijk werd ze teruggestuurd naar Frankrijk, enkel en alleen om te zorgen dat onze ongeboren zoon niet in Jeruzalem ter wereld zou komen en dus geen recht zou hebben op een permanente verblijfsvergunning in Jeruzalem.

Het verhaal van mij en mijn familie is geen uniek verhaal. Het is slechts één voorbeeld van Israëls strategieën om een Joods-Israëlische meerderheid te verzekeren in Palestina en in het bijzonder in Jeruzalem. Israël probeert de Palestijnen een per een uit de stad te jagen om een verhouding van 30 procent Palestijnen op 70 procent Joodse Israëli’s te vrijwaren.

‘Mijn vrouw Elsa werd teruggestuurd naar Frankrijk, om ervoor te zorgen dat onze ongeboren zoon niet in Jeruzalem ter wereld zou komen.’

In 2018 werd het ministerie van Binnenlandse Zaken de macht toegekend om de verblijfsvergunning van Palestijnen in Jeruzalem in te trekken als deze niet ‘loyaal waren aan Israël’. Maar hoe kan je verwachten van een volk dat al decennia onderworpen is aan de kolonisatie van een brutale bezettingsmacht, dat het loyaliteit zal betuigen aan zijn kolonisator? Daarbij gaat dit beleid rechtstreeks in tegen internationaal humanitair recht. Volgens de vierde Conventie van Den Haag mag de bezettingsmacht de bevolking van een bezet gebied niet dwingen tot loyaliteit.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, krijg je ons magazine en kan je gratis aan onze events deelnemen. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Sinds de annexatie van Oost-Jeruzalem in 1967, heeft Israël meer dan 14.500 verblijfsvergunningen van Palestijnen in Jeruzalem ingetrokken. Duizenden andere moeten dagelijks vechten om te kunnen blijven wonen in de stad waar ze zijn opgegroeid, waar de generaties Palestijnen voor hen zijn opgegroeid.

Internationale instanties hebben Israël regelmatig op de vingers getikt voor het intrekken van vergunningen op basis van een ‘inbreuk op de loyaliteit’. Ondanks de internationale verontwaardiging heeft de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken tot op vandaag de verblijfsrechten van meer dan dertien Palestijnen in Jeruzalem strafrechtelijk herroepen, waaronder de vergunning van drie verkozen leden van de Palestijnse Wetgevende Raad en de voormalige Palestijnse minister van Jeruzalem. Zolang de internationale gemeenschap blind blijft voor de voortdurende schendingen van de rechten van de Palestijnen, zal deze lijst alleen langer worden.

Jeruzalem is mijn thuis. Elsa en ik hoopten op een leven als een gezin in Jeruzalem, Palestina. Deze droom werd ons hardhandig afgenomen. Als de minister van Binnenlandse Zaken definitief besluit mijn verblijfsstatus in te trekken na 13 november 2020, zal Israël me ook mijn stad afpakken, mijn thuis. Ondanks alles zal ik me blijven inzetten voor rechtvaardigheid, om een waardig, vredevol leven te kunnen leiden in Palestina.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift