Staat de Indonesische democratie onder druk?

Josh Estey/AusAID (CC BY 2.0)

Een Indonesische kiezer bestudeert de kieslijsten voor hij zijn stem uitbrengt.

Indonesië wordt al bijna twintig jaar gezien als een voorbeeld voor de democratische transitie voor andere landen, met name als die een aanzienlijke moslimbevolking tellen. Maar die democratie staat steeds meer onder druk, schrijft Tim Lindsey, politicoloog aan de University of Melbourne.

De Indonesische leiders benadrukken graag hoe hun land zich afkeert van autoritarisme via een tolerante regeringsvorm die toch een belangrijke religieuze component bevat. Daardoor vormen ze een politiek alternatief dat het Westen beter ligt dan de mislukte Arabische Lente en de extremistische catastrofes die het Midden-Oosten hebben overspoeld sinds de Amerikaanse inmenging in Afghanistan en Irak.

Het land van meer dan 260 miljoen mensen werd vaak het “glimlachend gezicht van de islam” genoemd, maar dat etiket is misschien gedateerd.

Maar deze visie op Indonesië staat steeds meer onder druk. De moeilijk bevochten vooruitgang naar liberalisme en tolerantie zijn bedreigd. Het land van meer dan 260 miljoen mensen – onder wie 85 procent moslims – werd vaak het “glimlachend gezicht van de islam” genoemd, maar dat etiket is misschien gedateerd.

De Indonesische twijfel over de eigen liberaal-democratische aspiraties gaat gepaard met groeiende uitbarstingen van intolerantie, inclusief geweld tegen kwetsbare minderheden. Nu de presidentsverkiezingen van volgend jaar naderen, groeit ook de verleiding om te grijpen naar identiteitspolitiek en opportunistisch populisme. Een einde aan de progressieve golf na 1998 lijkt steeds duidelijker te worden.

Vastgelopen hervormingen

Tegenwoordig zijn de hervormingen in Indonesië vastgelopen. Hoewel de democratische transitie in 1998 als een nationale consensus werd afgeschilderd, was dat nooit helemaal waar. Er waren altijd tegenstanders, en sommige krachten zagen de democratisering als een noodzakelijk kwaad maar nooit als de definitieve uitkomst.

Naast de hardliners is dat het geval voor steenrijke oligarchen, overlevers van het regime van Soeharto en delen van strijdkrachten. Die verdeelde krachten, die samen de Indonesische revisionistische en populistische vleugel uitmaken, hebben weinig gemeen en zijn vaak concurrenten van elkaar. Maar ze kunnen nu en dan ook allianties vormen, met als doel minstens een deel van de democratische verworvenheden van de ‘Reformasi’, de hervormingsperiode, terug te draaien.

Samen kunnen ze progressieve leiders intimideren of buitenspel zetten. Regeringen, zowel nationaal als lokaal, lijken onzeker in hun antwoord op die uitdagingen en twijfelen tussen gelatenheid, onduidelijkheid of ondersteuning van de reactionaire voorstellen. Het gevolg is dat er na twintig jaar nog weinig over is van de hervormingsgeest.

Nieuw tijdperk

De meeste Indonesische voorvechters van de burgerrechten zullen het ermee eens zijn dat de Reformasi al lang geleden eindigde, mogelijk al een decennium geleden, maar dat er nog geen etiket gekleefd kan worden op wat er in de plaats is gekomen. Dat wijst op de onzekerheid die bij de Indonesiërs heerst over waar hun land naartoe gaat. Veel prominente critici van de regering zijn van mening dat, hoewel de electorale democratie veilig lijkt, de liberale democratie bedreigd wordt door populisme, islamisme en een hernieuwd conservatisme.

Afgezien van de komende verkiezingen is de alomtegenwoordige corruptie het grootste politieke thema in de Indonesische politiek.

Voor hen lijkt Indonesië af te glijden naar wat sommigen de “neo nieuwe orde” noemen. Anderen zeggen dat dit overdreven is en dat de electorale democratie stevig geworteld is en de cruciale omwenteling na het bewind van Soeharto nog niet teruggedraaid is. Toch is het steeds moeilijker te argumenteren dat alles goed gaat met de Indonesische democratie. Afgezien van de komende verkiezingen is de alomtegenwoordige corruptie het grootste politieke thema in de Indonesische politiek. De moedige Corruption Eradication Commission ligt voortdurend onder vuur van politici en de politie. De mensenrechtenhoven zijn virtueel defect en behandelen nauwelijks nog zaken.

De Nationale Commissie voor de Mensenrechten is ineffectief, het Grondwettelijk Hof kreeg te maken met eigen corruptieschandalen, de pers kampt met steeds strengere wetten en het middenveld staat onder druk.

Het Indonesische alt-right

De spanningen rond de islam zijn deel van een veel oudere strijd in Indonesië over wie de interpretatie van de religie bepaalt en daarmee de religieuze macht heeft. Maar de recente opmars van conservatieve islamistische hardliners vertoont gelijkenissen met populistische en conservatieve golf elders in de wereld. De islamistische conservatieven zijn op veel manieren het lokale equivalent van het Amerikaanse alt-right – en ze zijn even handig in de online manipulatie.

Onderzoek van de Islamitische Staatsuniversiteit van Jakarta linkt de opmars van religieuze intolerantie onder de jonge moslims aan hun toegenomen gebruik van het internet en sociale media.

Onderzoek van de Islamitische Staatsuniversiteit van Jakarta linkt de opmars van religieuze intolerantie onder de jonge moslims aan hun toegenomen gebruik van het internet en sociale media. Jakarta tweet meer dan welke andere stad ter wereld ook en de Indonesiërs zijn enthousiaste gebruikers van Facebook, WhatsApp, Instagram en Telegram, een versleutelde berichtendienst.

Een van de bekendste voorbeelden van online campagnevoeren is het zogenaamde Muslim Cyber Army, de belangrijkste tak van islamistische trollen in Indonesië. Leden van het Muslim Cyber Army zijn actief op alle platformen en houden ervan een atmosfeer van mysterie en bedreiging te creëren, waarbij ze ook gebruik maken van het masker dat populair werd door de film V for Vendetta en het hackerscollectief Anonymous.

Ironisch

Dat is bijzonder ironisch, gezien de afstand tussen hun eigen ideologische doelen en de liberale ambities van de meeste westerse hackerscollectieven. Het Muslim Cyber Army deelt wel de bereidheid om de online anonimiteit te gebruiken om een criminele activiteit mogelijk te maken.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
De Indonesische onderzoeker Damar Juniarto heeft aangetoond dat de trollen van het Muslim Cyber Army erg efficiënt zijn, collectief samenwerken en Twitter zo overspoelen met gecoördineerde berichten. Ze viseren hun meer liberale tegenstanders via “doxing”: het publiceren van hun persoonlijke informatie en contacten.

Dat leidt vaak tot fysieke aanvallen van groepen zoals de beruchte organisatie Front Pembela Islam (FPI) binnen enkele dagen en in sommige gevallen een politie-optreden wegens verdenking van godslastering.

Een lijst van dergelijke doelwitten ging viraal een in de video van het zogenaamde “Blasphemer Hunter Team”. Die groepen hebben het gemunt op president Joko Widodo (“Jokowi”), voormalig gouverneur van Jakarta Basuki Tjahaja Purnama (“Ahok”), buitenlanders en LGBTI-Indonesiërs.

Juniarto vermoedt ook dat veel van die groepen nauwe banden hebben met politici en hooggeplaatste militairen. In elk geval vormden media-manipulatie en “fake news” door islamistische groepen belangrijke elementen in de campagne die leidde tot het verlies van Ahok vorig jaar in de gouverneursverkiezingen. De winnaar was Anies Baswedan, een protégé van de voormalige generaal Prabowo Subianto, een mogelijke rivaal van Jokowi in de presidentsverkiezingen van 2019.

Het zou naïef zijn te denken dat dit niet opnieuw kan gebeuren in de parlements- en presidentsverkiezingen in april volgend jaar. Tijdens de presidentscampagne van 2014 lag Jokowi als moslim al onder druk omdat hij in het geheim christen zou zijn en etnisch Chinees. Daarbij werd wel over het hoofd gezien dat zijn tegenstander een christelijke moeder en broers en zussen had.

De naderende presidentsverkiezingen, die opnieuw een strijd tussen Jokowi en Prabowo kunnen worden maar dit keer gecombineerd worden met de parlementsverkiezingen, zullen naar alle waarschijnlijkheid gepaard gaan met de meest intense cybercampagne tot nog toe.

Bron: The Conversation

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift