Staal produceren in tijden van klimaatverandering

ArcelorMittal Gent: ‘Gratis uitstootrechten graag’

De staalsector is volop in beweging. Niet alleen maken we nu twee keer zoveel staal als tien jaar geleden – anderhalf miljard ton –, de helft van dat staal wordt in China geproduceerd. Met andere grote opkomende landen die ook veel staal nodig hebben, rijst de vraag: waarheen met de staalindustrie in tijden van klimaatverandering? Nu al wordt de Europese staalindustrie getroffen door milieudelocalisatie, stellen ze bij ArcelorMittal Gent.

© John Vandaele

 

Staal is nauw verbonden met industrialisering en modernisering. Machines, motoren, rails, treinstellen, auto’s, moderne gebouwen… ze zijn haast ondenkbaar zonder staal, dat op een unieke manier stevigheid met vervormbaarheid combineert. Dat verband tussen staal en modernisering – en vaak zelfs met vooruitgang in ruimere zin – bleek al in de negentiende eeuw, toen de westerse landen hun staalconsumptie opvoerden, maar het blijkt in de 21ste eeuw niet anders te zijn.

Werd er in het jaar 2000 wereldwijd 849 miljoen ton staal geproduceerd, dan lag dat cijfer in 2013 al op 1,607 miljard ton. Dat heeft alles met de opkomst van China te maken. De Volksrepubliek produceerde in 2000 een kleine 130 miljoen ton staal, tegen 2013 lag dat cijfer al op 779 miljoen ton. Daarmee is China veruit de grootste staalproducent ter wereld en kun je de verdubbeling in de mondiale staalproductie bijna geheel op het conto van China schrijven.

De Europese staten zijn stilaan staaldwergen geworden: alleen Duitsland staat nog in de top tien. Dat was ooit anders. Voeg je de 28 lidstaten van de Europese Unie samen, dan staat de EU inzake staalproductie op de tweede plaats met 170 miljoen ton. België volgt op de twintigste plaats met 7,3 miljoen ton staal; ArcelorMittal Gent (AMG), het vroegere Sidmar, is goed voor vijf miljoen daarvan. De groep ArcelorMittal is met 91 miljoen ton veruit het grootste staalbedrijf ter wereld (dubbel zo groot als nummer twee).

Het Chinese voorbeeld lijkt te suggereren dat er nog veel groei in de staalmarkt zit.

© John Vandaele

De groep ArcelorMittal is met 91 miljoen ton veruit het grootste staalbedrijf ter wereld (dubbel zo groot als nummer twee). ArcelorMittal Gent (AMG), het vroegere Sidmar, is goed voor vijf miljoen daarvan.

Edwin Basson, de Zuid-Afrikaanse directeur van de World Steel Association, die zowat alle grote staalbedrijven van de wereld groepeert: ‘Het is niet zo dat China staal produceert voor de rest van de wereld. Het Chinese staal gaat vooral naar eigen consumptie: de bouw van de nieuwe Chinese steden, hogesnelheidstreinen, metrosystemen, auto’s…’

Basson gaat ervan uit dat de toename van de Chinese staalproductie nu zal vertragen van jaarlijks acht procent tot drie procent: ‘Om dat in perspectief te zetten: dat is nog altijd een jaarlijkse toename die even groot is als de volledige staalproductie van België, Nederland en het Verenigd Koninkrijk samen.’

Het Chinese voorbeeld lijkt te suggereren dat er nog veel groei in de staalmarkt zit. Immers, het Indiase subcontinent telt met India, Pakistan en Bangladesh nu al 1,6 miljard mensen en er moet nog goeddeels begonnen worden aan de uitbouw van moderne infrastructuur. Voorts is er Afrika, dat over twintig jaar twee miljard mensen zal tellen en dat evenmin ver staat in termen van moderne infrastructuur. Als China met 1,3 miljard mensen al aanleiding gaf tot een toename van de staalproductie met 600 miljoen ton, dan staat een verdere toename van de mondiale staalproductie in de sterren geschreven: 2,5 miljard ton lijkt niet eens zo erg overdreven.

Een klimaatbom op komst?

Is dat goed nieuws? Wel, de “stalen” modernisering van de opkomende landen ligt anders dan ten tijde van de westerse industrialisering. Staal is immers niet alleen een uniek nuttig product, het is ook een materiaal waarvan de productie heel veel energie vergt en dus tot nader order ook gepaard gaat met de uitstoot van veel broeikasgassen, vooral koolstofdioxide. ‘Staal is verantwoordelijk voor 6,7 procent van alle CO2-productie ter wereld’, aldus Soo Yung Kim, hoofd communicatie bij de World Steel Association.

Het procédé om ijzererts in een hoogoven te verfijnen tot staal bestaat al enkele eeuwen en het is gebaseerd op het smelten van ijzererts door middel van steenkool. De productie van een ton staal gaat daardoor gepaard met de uitstoot van gemiddeld 1,8 ton CO2. Edwin Basson: ‘Met een optimalisatie van het proces zijn we er de voorbije decennia in geslaagd om de uitstoot per ton staal te verminderen van 2 tot 1,6 ton CO2.’

Een groot voordeel van staal is dat het honderd procent recycleerbaar is. Het goede nieuws is daarbij dat staalproductie door middel van recyclage van staal minder energie vergt en derhalve ook minder CO2 in de lucht stoot: 600 kg per ton staal. Het probleem is evenwel dat er, in vergelijking met de staalconsumptie, maar relatief weinig staal vrijkomt voor recyclage. Deze productiemethode vertegenwoordigt niet meer dan dertig procent van de mondiale productie.

Op korte termijn kan dat aandeel ook niet sterk stijgen omdat de bestaande staalvoorraden relatief klein zijn tegenover de huidige jaarlijkse consumptie en ook maar mondjesmaat vrijkomen. Basson: ‘Het duurt gemiddeld veertig jaar voor staal na gebruik weer in roulatie komt. Als we eenmaal het maximale mondiale consumptie- en productieniveau hebben gehaald, zal het aandeel recyclage fors kunnen toenemen.’

Voorlopig blijft de industrie dus vooral inzetten op grotere efficiëntie van het hoogovenproces. Bij AMG staan ze wat dat betreft aan de spits. Jan Cornelis, hoofd communicatie van het bedrijf: ‘Hier staan twee van de efficiëntste hoogovens ter wereld. Wij zitten op anderhalve ton CO2 per ton staal: dat is benchmarkniveau, het beste van de wereld.’

© John Vandaele

 

Samen springen

Bart Blanpain, hoogleraar in de metallurgie aan de KU Leuven, beaamt: ‘De energieconsumptie is bij Sidmar in twintig jaar gedaald van 25 naar 16 gigajoule per ton staal. Dat is aanzienlijk. Dat is gebeurd door het verhittingsproces efficiënter te maken door zuurstof en poederkool op de juiste manier te injecteren. Maar daarmee zit je zowat aan de grens: beter kan nauwelijks.’

Zijn er alternatieven voor staal? Blanpain ziet ze niet meteen. Aluminium is ook sterk en vervormbaar maar vergt nog meer energie. ‘Hetzelfde geldt voor polymeercomposieten. Ook die zijn zeer energie-intenstief en staal komt relatief goed uit de vergelijking.’

Zijn er radicaal nieuwe technieken denkbaar die de uitstoot van broeikasgassen bij de staalproductie kunnen verminderen? Professor Blanpain: ‘In het kader van het Europese ULCOS-project is gewerkt aan het opvangen en opslaan van de koolstof die uit de hoogoven komt, maar om dat op industrieel niveau te hijsen, zijn zware investeringen nodig. Ik zie daar momenteel geen voorbeelden van. Een alternatief is om het ijzererts om te zetten in staal door middel van waterstof in plaats van koolstof. Dat kan dan zonder koolstofdioxide te produceren.’ Het waterstof moet dan wel geproduceerd worden met elektriciteit die niet wordt opgewekt met fossiele brandstoffen en dus geen CO2 voortbrengt.

‘Groene energie heeft de klassieke energieproductie maar kunnen bijbenen dankzij massale overheidssteun en ondersteunende regelgeving.’

Bij AMG reageert men sceptisch als ik het waterstof ter sprake breng. CEO Matthieu Jehl: ‘Je kunt waterstof inderdaad gebruiken als reductiemiddel, maar dat is erg duur.’ De grote vrees is dat de Europese Unie zich uit de markt prijst als het met dergelijke technologie aan de slag zou gaan.

Professor Blanpain beseft dat er nog een lange weg te gaan is voor waterstof goed bruikbaar is in de industrie: ‘Je spreekt wellicht over tien jaar verdere procesontwikkeling en nog eens tien jaar om het op industrieel niveau te brengen. Dat kost tijd en geld. En toch, we gaan als mensheid meer moeten betalen voor ons staal als we ons klimaat niet helemaal op hol willen doen slaan. Die knop hebben we duidelijk nog niet omgezet.’

Blanpain wijst naar het voorbeeld van de hernieuwbare energie. ‘Groene energie heeft de klassieke energieproductie maar kunnen bijbenen dankzij massale overheidssteun en ondersteunende regelgeving. Er is ook voor de staalindustrie én de andere grote CO2-producerende sectoren zoals de cementproductie nood aan een geconcerteerde actie waarbij industrie, overheid en de samenleving kiezen om samen de sprong naar nieuwe technologieën mogelijk te maken’.

Te weinig, te laat?

Dat blijkt ook uit de reactie van de industrie. Bij AMG vinden ze dat ze door de Europese klimaatregels gestraft worden voor het feit dat ze aan de top staan inzake efficiëntie. CEO Mathieu Jehl: ‘Vanaf volgend jaar moeten we jaarlijks een miljoen ton uitstootrechten kopen. Tegen 2020 wordt dat wellicht drie miljoen ton. Tegen een verwachte prijs van 20 euro per ton CO2 kom je zo aan zestig miljoen euro. Dat is driekwart van ons jaarlijkse investeringsbudget.’

Communicatieman Jan Cornelis stelt het nog anders: ‘Tegen 2020 moeten we onze uitstoot met dertig procent verminderen als we die prijs niet willen betalen, maar dat is onmogelijk. Je kunt de wetten van de scheikunde niet herschrijven. Wat gebeurt er als we onze productie met een derde verminderen? Dan wordt dat staal elders geproduceerd met meer broeikasgassen dan hier het geval zou zijn. De aanpak houdt dus geen steek.’

‘Een bedrijf als AMG moet zijn uitstootrechten gratis krijgen. Wij hebben immers geen alternatief, zoals de energiesector dat wel heeft met hernieuwbare energie.’

Volgens AMG-CEO Matthieu Jehl is het gevreesde scenario van de carbon leakage – waarbij de staalindustrie door strengere milieuregels in de EU verhuist naar plaatsen met een zwakker klimaatbeleid – indirect nu al werkelijkheid: ‘In de huidige omstandigheden zal niemand in Europa nieuwe hoogovens bouwen. Ook de oude zullen niet meer vervangen worden door nieuwe. Europa moet goed weten waar het mee bezig is: een staalindustrie bouw je niet zomaar opnieuw op.’

Jehl is voorstander van een streng mondiaal milieubeleid en dus ook van een mondiaal klimaatakkoord: ‘Dat zou in ons voordeel zijn.’ Maar bij de World Steel Association sluit Edwin Basson uit dat er zoiets als een mondiaal klimaatbeleid komt gelijkheid schept inzake milieuregels. ‘Dat is gewoon onmogelijk. Daarvoor verschilt de situatie in de landen veel te veel van elkaar. Het enige dat erop zit, is dat elk staalbedrijf zich aanpast aan de regels die er in elk land bestaan.’

Wel ziet Basson mogelijkheden om op langere termijn het hergebruik van staal te stimuleren. Hij wijst er tevens op dat de staalindustrie sterk bijdraagt tot de vergroening van de economie: ‘Wie bouwt de pilaren van de windturbines? Wie zorgt voor lichter staal in de wagens? Dat moet ook verrekend worden als je de ecologische voetafdruk van de staalindustrie in kaart brengt.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
In de gegeven omstandigheden is het duidelijk dat de Europese staalbedrijven er alles aan zullen doen om de Europese klimaatregels zo zacht mogelijk te maken. Cornelis: ‘Een bedrijf als AMG moet zijn uitstootrechten gratis krijgen. Dure uitstootrechten helpen niet. Wij hebben immers geen alternatief, zoals de energiesector dat wel heeft met hernieuwbare energie.’

Daarmee is niet duidelijk of en hoe staalindustrie en de strijd tegen klimaatverandering met elkaar verenigbaar zijn. Er is weinig tot geen animo om de uitstoot fundamenteel te verlagen met radicaal nieuwe technologie en het is onzeker of de geleidelijke verbetering die de industrie nu voor ogen heeft voldoende is.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2940   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift