Dossier: 

Centraal-Amerikanen ontvluchten onzichtbare oorlog

Een mix van bendeoorlogen, corrupte veiligheidsdiensten en algehele onveiligheid voedt in Honduras, El Salvador en Guatemala een uittocht die niet meer gezien is sinds de burgeroorlogen van de jaren ‘80. Mexico stuurt de migranten terug, meer dan ooit. ‘De meest onderbelichte vluchtelingencrisis ter wereld’, zegt Amnesty International. MO* sprak met de ontheemden.

  • © Heriberto Paredes De bendes zitten overal in El Salvador, op elke straathoek, elk dak, in elke uithoek', zegt Salvadoraan Josué (28). © Heriberto Paredes
  • © Heriberto Paredes De Mexicaanse migratie-autoriteit INM heeft in heel het land een sleepnet van controleposten uitgesmeten. 'La migra' is de schrik van elke migrant. © Heriberto Paredes
  • © Heriberto Paredes In augustus werd Rosa Castillo (36) uit Honduras ontvoerd door de uiterst gewelddadige Zetas-bende in Mexico. Daarna werd ze naar haar thuisland gedeporteerd. © Heriberto Paredes
  • © Heriberto Paredes Door een strenger migratiebeleid in Mexico sluipen migranten nu langs afgelegen dorpen en routes, waar ze te maken krijgen met gevaarlijke dievenbendes en corrupte politieagenten. © Heriberto Paredes
  • © Heriberto Paredes Op de migratieroute in Mexico liggen talrijke herbergen die door de kerk uitgebaat worden. © Heriberto Paredes

Op 15 augustus kreeg Maria Alvarez (35) uit San Miguel, de derde grootste stad in El Salvador, het eerste telefoontje. Ze zou voortaan een maandelijkse ‘belasting’ van 2.000 dollar moeten betalen op de verkoop van haar tortillas, werd haar opgedragen.

De man hoorde naar eigen zeggen bij de Mara Salvatrucha (MS-13), een extreem gewelddadige misdaadbende die haar greep op El Salvador en Centraal-Amerika de voorbije jaren aanzienlijk heeft verstevigd. ‘We weten waar je kinderen naar school gaan’, dreigde hij.

‘Zo’n bedrag kon ik onmogelijk bij elkaar krijgen: ons gezin kon zo al amper de eindjes aan elkaar knopen’, zegt Alvarez in een recent gesprek met MO* in Mexico. Een week later kreeg de vrouw opnieuw telefoon: ze had nog vijf dagen om het geld op te hoesten. Deed ze dat niet, dan zou haar 15-jarige zoon ervoor opdraaien.

2015 was in El Salvador het meest gewelddadige jaar sinds de bloedige burgeroorlog van de jaren ‘80.

De jongen zou hetzelfde lot ondergaan als de 6.657 mensen die vorig jaar vermoord werden in El Salvador, een land van amper 6,3 miljoen inwoners. 2015 was er het meest gewelddadige jaar sinds de bloedige burgeroorlog van de jaren ‘80. Ter vergelijking: in Afghanistan kwamen in 2015 volgens de VN 3.545 burgers om het leven.

‘De dag nadien zaten we op de bus naar Mexico’, zegt Alvarez, haar eenjarig dochtertje op de schoot. ‘We lieten alles achter.’ We spreken haar op het trottoir van de ‘Casa de Migrante’ in de Zuid-Mexicaanse grensstad Tapachula, waar ze die ochtend samen met haar man en drie andere kinderen van 15, 8 en 2 is toegekomen. Al hun hebben en houden zit in een handvol rugzakjes en plastieken tassen.

Sinds hun vlucht uit El Salvador is het gezin Alvarez naar eigen zeggen twee keer opgepakt door de Mexicaanse migratie-autoriteit INM en per bus terug naar El Salvador gedeporteerd: wat het INM betreft zijn ze immers illegale migranten. ‘Telkens vertrokken we meteen weer: we hebben geen andere keuze.’ Vanochtend is het gezin bij het oversteken van de rivier Suchiate op de grens met Guatemala en Mexico overvallen door twee mannen met machetes en zijn ze hun laatste beetje geld verloren.

Gevaarlijkste regio ter wereld

Alvarez en haar gezin zijn slechts een klein deel van een aanzienlijke vlucht uit de zogenaamde Noordelijke Driehoek van Centraal-Amerika: El Salvador, Guatemala en Honduras. Tal van gezinnen en alleenstaande jongeren ontvluchten hun thuislanden in getallen die haast die van de jaren ‘80 evenaren, toen de regio geteisterd werd door burgeroorlogen tussen door de VS gesteunde militaire dictaturen en linkse guerrila’s.

Het terreurbewind van concurrerende bendes en corrupte veiligdiensten treft vooral burgers.

Migratie van Centraal-Amerikanen richting de VS is al jaar en dag een goed gevestigd fenomeen in de regio. Sinds een aantal jaren treft het terreurbewind van concurrerende bendes en corrupte veiligdiensten echter vooral burgers.

Chronische armoede is ondertussen een vruchtbare voedingsbodem voor de rekrutering van soms piepjonge, kansarme tieners door de bendes Mara Salvatrucha (MS-13) en haar voornaamste tegenstander Barrio 18, beiden genoemd naar de wijken waar ze in het Los Angeles van de jaren ‘80 ontstaan zijn. Waarnemers herkennen gelijkenissen met de rekruteringsstrategieën van Islamitische Staat, gruwelijke online foltervideo’s inbegrepen.

Volgens de Verenigde Naties is El Salvador inmiddels één van de gevaarlijkste landen ter wereld buiten een officieel oorlogsgebied. Recent opende er een kamp voor intern verplaatste mensen, het eerste sinds de burgeroorlog van de jaren ‘80 waarbij 75.000 mensen omkwamen.

Tijdens de burgeroorlog was het tenminste nog duidelijk uit welke hoek het gevaar kwam.

Verschillende Salvadoranen vertelden aan MO* dat het land zelfs beter af was tijdens de burgeroorlog: toen was het tenminste nog duidelijk uit welke hoek het gevaar kwam.

Nu zijn hele woonwijken in grote delen van El Salvador en ook Honduras helemaal overgenomen door MS-13 of Barrio 18. Waren bendeleden eertijds herkenbaar door hun opzichtige tatoeages, dan ruilen ze die vandaag in voor aktetassen en satelliettelefoons, berichtte recent de Amerikaanse David Francis.

De bendes professionaliseren naar het voorbeeld van de Mexicaanse drugkartels, met het oog op een deel van de bijzonder winstgevende transnationale cocaïnesmokkel. Het inlijven van zoveel mogelijk jongeren is een bewuste strategie van machtsconsolidering.

© Arthur Debruyne

De bendes zitten overal in El Salvador, op elke straathoek, elk dak, in elke uithoek’, zegt Salvadoraan Josué (28).

‘Het dagelijks leven is helemaal gecontroleerd door de bendes. Ze zitten overal, op elke straathoek, elk dak, bijna in elke uithoek van het land’, zei Josué (28), uit Cuscatlán in El Salvador, bij een migrantenherberg in Arriaga in de Mexicaanse deelstaat Chiapas. ‘Niets of niemand komt een wijk binnen of buiten zonder dat ze het gezien hebben. Als je het verkeerde t-shirt draagt of een bepaald type sportschoenen, riskeer je doodgeschoten te worden omdat ze vermoeden dat je bij een andere bende hoort. Een leven is er nog maar 200 dollar waard, dat is ongeveer het tarief voor een huurmoord.’

In Tapachula, Zuid-Mexico, moet de Amerikaanse droom stilaan plaats maken voor migranten die inderhaast hun thuisland ontvluchten, zeggen migrantenherorganisaties. De meesten van hen willen familie vervoegen in de VS. ‘Gisteren waren het nog vooral de bewoners van hoofdstad San Salvador die op de vlucht sloegen. Nu komen ze van overal’, zegt Fatima Amalla (33), die in Tapachula vluchtelingen bijstaat in de migrantenherberg ‘Todo por Ellos.’ Ze moest zelf het land verlaten toen Barrio 18 het bedrijf waar ze manager was een “belasting” wilde opleggen.

‘El Salvador, Guatemala en Honduras zijn verworden tot quasi-oorlogsgebieden waar mensenlevens haast waardeloos zijn geworden en miljoenen mensen in constante angst leven om wat bendes of zelfs veiligheidsdiensten hen of hun gezinnen kunnen aandoen’, zei Shalil Shetty, Secretaris-Generaal van Amnesty International, vorige week bij het verschijnen van een rapport over de crisis. ‘Miljoenen mensen lijden er vandaag onder ‘s werelds minst zichtbare vluchtelingencrisis. Bovendien lijken hun regeringen machteloos of onwillend om hen te beschermen.’

De muur

Republikeins presidentskandidaat Donald Trump heeft tijdens zijn campagne beloofd een muur te bouwen op de Amerikaanse grens met Mexico om ongewenste migranten buiten te houden. Daar vermeldt hij niet bij dat Mexico die taak inmiddels op zich heeft genomen.

President Obama oefende ook druk uit op Mexico om voortaan strenger op te treden tegen transitmigranten

Vanaf begin 2014 werd de VS aan haar zuidgrens met Mexico geconfronteerd met de Centraal-Amerikaanse vluchtelingencrisis: maar liefst 68.541 onbegeleide minderjarigen uit de Noordelijke Driehoek hebben zich dat jaar ingeleverd, bijna het dubbele van het jaar voordien. Om de oorzaken van de migratie aan te pakken, maakte het Witte Huis een hulppakket van 750 miljoen dollar vrij voor El Salvador, Guatemala en Honduras.

President Obama oefende ook druk uit op Mexico om voortaan strenger op te treden tegen transitmigranten. Het zogenaamde Mexicaanse ‘Plan Frontera Sur’ zou het aantal checkpoints, patrouilles en razzia’s van migratie-autoriteit INM (Instituto Nacional de Migración) aanzienlijk verhogen. Dit enorme sleepnet is in wezen de eerste verdedigingslinie van de VS geworden.

Gevolg: het aantal deportaties van Centraal-Amerikaanse migranten vanuit Mexico scheert vandaag hoge toppen. De INM, ‘la migra’ in de volksmond, is de schrik van elke migrant.

© Arthur Debruyne

La migra’ is de schrik van elke migrant.

Tussen oktober 2014 en september 2015 deporteerde Mexico zo’n 166.000 Centraal-Amerikanen, waarvan 30.000 kinderen en tieners. Op hetzelfde tijdsbestek deporteerde de VS er 75.000. In 2015 pakte Mexico 190.366 migranten zonder papieren op, onder wie 35.000 minderjarigen, tegenover 66.583 in 2011.

‘Mexico is één uitgestrekte grens van de VS geworden’

‘Mexico is één uitgestrekte grens van de VS geworden’, zegt Diego Lorente, directeur van het Fray Matias Mensenrechtencentrum in Tapachula.

De deportatiepolitiek van de VS en Mexico dient als afschrikmiddel. Op het terrein blijkt dat echter neer te komen op een continue draaideur. In de Guatemalteekse stad Tecún Umán, net over de grens met Mexico, ontvangt het lokale kantoor van de Guatemalteekse migratie-autoriteit dagelijks minstens zeven bussen met elk veertig gedeporteerden vanuit Mexico. Vier ervan komen van een detentiecentrum in Tapachula, amper veertig kilometer verwijderd.

‘Ik schat dat zowat vier op de tien meteen weer naar Mexico verkassen’, zegt directeur Berlius de Leon. ‘Tot tien keer toe passeren sommigen hier, ik ken al veel gezichten. Of de deportaties werken? Het is een eeuwig kat- en muisspelletje als je het mij vraagt.’

Ondanks de deportatiecampagne van het INM is de toestroom van migranten in Mexico niet verminderd, integendeel, zo stelde MO* vast. In plaats van te reizen met bussen en langs wegen, sluipen migranten nu langs afgelegen dorpen en routes, waar ze te maken krijgen met gevaarlijke dievenbendes en corrupte politieagenten.

© Arthur Debruyne

Door een strenger migratiebeleid in Mexico sluipen migranten nu langs afgelegen dorpen en routes, waar ze te maken krijgen met gevaarlijke dievenbendes en corrupte politieagenten.

MO* aanhoorde talrijke getuigenissen van routineuze afpersingen van migranten door de Mexicaanse lokale, federale en staatspolitie, alsook aanvallen door met machetes of pistolen gewapende dieven. Migranten zijn een makkelijk slachtoffer: ze weten dat ze nooit klacht gaan indienen uit vrees gedeporteerd te worden.

De meer ervaren migranten (met reeds een aantal deportaties op zak) weten precies waar de controleposten van het INM zich bevinden. Een listige enkeling verkleedt zich als dakloze, die reist dan weer per fiets om zich als lokale dorpbewoner uit te geven. Nog anderen doen beroep op lokale “gidsen”, coyotes, om hen rond de controleposten te leiden. Regelmatig voert de gids zijn klandizie recht naar een hinderlaag van dieven. Verhalen over verkrachting komen ook veel voor, al zijn vrouwen er begrijpelijk niet spraakzaam over.

‘Meer dan ooit is de migrant handelswaar geworden.’

‘Het resultaat van de opgedreven controles is dat migranten steeds gevaarlijkere routes opzoeken en daardoor het risico lopen om uitgebuit of aangevallen te worden door criminele bendes’, zegt de Amerikaanse Mary Speck, die voor de ngo Crisis Group recent een onderzoek uitvoerde in de regio. ‘Meer dan ooit is de migrant handelswaar geworden.’

Schending van asielrecht

Volgens Amnesty International overtreden zowel Mexico als de VS de zogenaamde ‘non-refoulement’ voorziening van internationaal recht, waarbij vluchtelingen niet teruggestuurd mogen worden naar levensbedreigende plekken.

In 2015 vroegen slechts 3.424 Centraal-Amerikanen asiel aan in Mexico. Dat is slechts een fractie van de personen die er aanspraak op zouden hebben. Niet alleen is de asielprocedure in Mexico erg ontoegankelijk en ondoorzichtig, klinkt het, bovendien is de situatie er vaak niet zo heel verschillend van de Noordelijke Driehoek, en dan vooral voor migranten.

In grote delen van Mexico, vooral ten zuiden van de hoofdstad en langs de Caribische kust tot aan de Amerikaanse grens, specialiseert de beruchte en uiterst gewelddadige Zetas-bende zich al jaren onder meer in het ontvoeren van migranten om losgeld te verkrijgen van hun families in de VS of in Centraal-Amerika.

De voorbije jaren is het ook meermaals voorgekomen dat tientallen migranten samen met een schot in de nek geëxecuteerd werden en gedumpt in massagraven door de Zetas. Het is geen geheim dat de bende - opgericht door ex-militairen - vaak beroep doet op politie voor het aanleveren van gijzelaars. Hun thuisbasis in de grensstaat Tamaulipas, tegenover het Amerikaanse Texas, voert momenteel het macabare lijstje aan van gevaarlijkste plekken in Mexico.

© Arthur Debruyne

Rosa Castillo (36) uit Honduras werd ontvoerd door de uiterst gewelddadige Zetas-bende in Mexico en later gedeporteerd.

Op 21 augustus werd Rosa Castillo (36), uit Honduras, ontvoerd door de Zetas in de Mexicaanse zuidelijke deelstaat Tabasco. Ze werd samen met 17 mannen van ‘La Bestia’ gehaald, een vrachttrein die tot aan de noordgrens rijdt en veel gebruikt wordt door migranten.

In Castillo’s thuisland Honduras, een land van 8,5 miljoen inwoners, werden vorig jaar 5.047 mensen vermoord door een combinatie van georganiseerde misdaad, overheidsrepressie en algemene straffeloosheid.

‘Een bende gewapende mannen kwam de trein op. ‘Wij zijn de Zetas’, zeiden ze. We moesten alles afgeven: geld en mobieltjes. Zij die een papiertje met telefoonnummers op zak hadden, gingen mee: zo weten de Zetas wie ze moeten opbellen voor het losgeld.’

Castillo woont en werkt al zeven jaar zonder papieren in de Noord-Mexicaanse stad Monterrey. Ze gaat elk jaar terug naar Honduras om haar kinderen te bezoeken, die 17 en 4 jaar oud zijn. Telkens reist ze terug naar het noorden zonder papieren, op de vrachttrein met tal van andere Centraal-Amerikaanse migranten. ‘Maar het is de eerste keer dat het zo slecht gaat’, zegt ze.

‘Verschillende mannen werden voor mijn ogen gefolterd, van één werden twee vingers afgesneden.’

‘Twee dagen lang werden we opgesloten in een kleine kamer van een huis langs de spoorwegen’, vervolgt Castillo. We spreken haar in september in een migrantenherberg in Arriaga. ‘Verschillende mannen werden voor mijn ogen gefolterd, van één werden twee vingers afgesneden. Uiteindelijk werd ik vrijgelaten omdat ik een pasje van het werk in Monterry kon voorleggen en dus niet op weg was naar gegoede familie in de VS. Wat er met de anderen gebeurde weet ik niet.’

‘Toen ik klacht wilde indienen bij de politie, kreeg ik te horen dat ik eerst een tijdlang zou vastgehouden worden alvorens gedeporteerd te worden. Ik kon kiezen: ofwel meteen terug naar Honduras, ofwel na twee maanden.’ Ze koos voor het eerste.

Tijdens de VN-top rond vluchtelingen en migranten die afgelopen september in New York City plaatsvond werd al met al weinig gerept over de Centraal-Amerikaanse vluchtelingcrisis. Ook Mexico was door Obama uitgenodigd voor een top met een vijftigtal wereldleiders.

In de marge van de top ontving de Mexicaanse president Enrique Peña Nieto van de non-profit Foreign Policy Association de prijs voor ‘staatsman van het jaar.’ Terwijl de president een glimmende medaille in ontvangst nam, protesteerde een handvol actievoerders op het trottoir van het chique St. Regis Hotel waar de ceremonie gehouden werd.

Na twee jaar was er immers nog steeds geen duidelijkheid over de verdwijning van 43 studenten op een septemberdag in 2014 in de stad Iguala. De leerkrachten in opleiding hadden toen naar goede gewoonte bussen opgevorderd om een betoging te bereiken. De politie wierp barricades op, hield de bussen staande door erop te vuren, en nam de studenten mee. Ze werden niet meer teruggevonden. De jongens worden nu opgeteld bij de 23.000 anderen die sinds 2006 verdwenen in de chaos van de Mexicaanse drugsoorlog. Ze heten desaparecidos.

Deze reportage kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Arthur Debruyne (1986) publiceerde als reizend journalist verhalen bij MO*, De Tijd, De Morgen, De Standaard en De Groene Amsterdammer, voornamelijk over mensenrechten en migratie.