Hoe een vissersgemeenschap in Ivoorkust voorouders redt van kusterosie

De klimaatverandering is onverbiddelijk: ‘De zee sleurt onze doden mee’

© Alejandra Loreto

Het Ivoriaanse vissersdorp Lahou-Kpanda is bijna volledig omgeven door water. Dat maakt het bijzonder vatbaar voor de klimaatverandering en voor kusterosie.

Een vissersdorp in Ivoorkust, Lahou-Kpanda, krijgt te maken met erg onaangename gevolgen van de klimaatverandering en erosie van de kust. Het kerkhof verdwijnt er langzaam in zee. Bewoners graven hun familie preventief op, zodat hun lichamen niet voorgoed verloren gaan in een ongewenst zeemansgraf.

‘Als je bang bent voor de dood, moet je nu wegkijken’, waarschuwt Patrick Zoukauan. De 30-jarige Ivoriaan staat in een paar versleten slippers boven op een zandheuvel, omringd door blokken beton. Gruis plakt tussen zijn tenen. Met tientallen oorverdovende dreunen heeft zijn vriend Franck Avit zonet een betonnen, rechthoekige graftombe kapotgeslagen.

Franck neemt een teug van de fles met Lord Edmonton-gin en sprenkelt wat alcohol over de rotte houten grafkist, net zichtbaar in het zand. Dan pakt hij een schop en wringt hij het scherpe blad in een kier. Met veel gekraak forceert hij het deksel open. Het hout valt uit elkaar en Franck schept alles voorzichtig weg. Dan ziet hij de witte, glimmende stof waarnaar hij zocht. Tussen de zandkorrels en splinters ligt Nimba Odette Avit, in de witte jurk met glinsterende nepdiamantjes waarin ze drie jaar geleden werd begraven.

Franck neemt wat nog rest van zijn moeders gemummificeerde lichaam in zijn armen en plaatst het voorzichtig in een kleine, nieuwe grafkist. Dan hijst hij die op zijn schouders en loopt hij de begraafplaats af.

‘We moesten mama wel opgraven’, zegt Franck later, leunend op zijn schop. Drie uur later heeft hij zijn moeder opnieuw ter aarde besteld, op de nieuwe begraafplaats, aan de andere kant van het uitgestrekte kustplaatsje. ‘We moesten wel, anders zou de zee haar meenemen’, verklaart de man.

© Alejandra Loreto

Franck Avit herbegraaft zijn moeder, opdat ze niet zou wegspoelen met het wassende water. ‘Het is erg wanneer de zee je familie wegneemt.’

Verdrinkingsvrees

Het vissersdorp Lahou-Kpanda ligt op een smalle strook land op ongeveer 140 kilometer afstand van Abidjan, de economische hoofdstad van Ivoorkust. Het kustplaatsje wordt omringd door de Golf van Guinee, de Tagba-lagune en de Bandama-rivier, en is kwetsbaar voor de klimaatverandering en kusterosie. Het verzinkt langzaam in de Atlantische Oceaan.

Deze vissersgemeenschap zal in de komende jaren volledig verdwijnen, voorspelt de Wereldbank, door de stijging van de zeespiegel, extreme regenval en de opwarming van de oceaan.

‘Het water slokt hier alles op, en nu wil de zee het kerkhof hebben.’

Elk jaar verliezen de vissers één tot twee meter land. De Bandama ligt meteen naast de begraafplaats, en haar stroming wordt steeds sterker. De monding van de rivier wordt daardoor breder. Het water komt steeds dichter bij de huizen en verwoest alles wat op zijn pad komt. Veel bewoners van het dorp hebben hun bamboe woning al moeten verplaatsen, meerdere keren zelfs, door ernstige wateroverlast.

Lahou-Kpanda was ooit een grandioze en rijke handelsstad – al was die handel vaak wel in dubieuze, koloniale handen. De Bandama bracht in de koloniale tijd cacao en bananen vanuit het vruchtbare binnenland. De plek was ook een handelspost voor slaven, die veel aangedaan werd door schepen uit Frankrijk en andere Europese landen.

Nu zijn de oude vuurtoren, de koloniale gevangenis en een schoolgebouw al verwoest door de zee. ‘Het water slokt alles op’, beaamt Patrick, terwijl hij leunt tegen een van de kapotte graftombes van de begraafplaats. ‘En nu wil de zee het kerkhof hebben.’

Het is niet de eerste keer dat Patrick vrienden helpt om de overblijfselen van hun familie te verplaatsen. Veel mensen in het dorp hebben de graven van hun voorouders al vernield om te voorkomen dat de zee hun lichamen meesleurt. Sommigen waren niet op tijd: het kolkende water heeft hun geliefden meegesleept. ‘Het is alsof ze dan voor een tweede keer sterven’, zegt Patrick triest.

© Alejandra Loreto

Elk jaar verliest het dorp één tot twee meter land. De Bandama ligt meteen naast de begraafplaats, en de stroming van die rivier wordt steeds sterker, waardoor ze steeds breder wordt.

Zand en klimaatkwesties

‘Dit is een gevolg van de klimaatverandering’, zegt professor Delfin Ochou Abé van het West-Afrikaanse beheerprogramma voor kustgebieden (WACA), dat door de Wereldbank gefinancierd wordt. ‘Overstromingen zijn hier in de laatste twee decennia heviger geworden’, voegt hij toe.

Meer dan de helft van de kustlijn van Ivoorkust, Benin, Senegal en Togo loopt gevaar door mogelijke wateroverlast, schrijft WACA in het rapport The Cost of Coastal Zone Degradation (2019). Overstromingen, zo stelt het rapport, kosten deze vier West-Afrikaanse landen elk jaar miljarden dollars. En volgens GCCA+, een EU-hulpprogramma dat onder andere Afrikaanse landen steun biedt bij klimaatuitdagingen, is in Ivoorkust twee derde van de kustlijn bedreigd.

De wereldwijde, onverzadigbare vraag naar zand vormt ‘een van de grootste duurzaamheids-uitdagingen van de 21ste eeuw’.

Veranderingen in neerslagpatronen in het Bandama-rivierbekken versterken de stroming van de rivier, legt professor Abé uit. Maar ook menselijke factoren zoals ontbossing hebben invloed op het weerstandsvermogen van de lagune, vertelt hij. De zandbanken in het kustmeer rond Lahou-Kpanda kunnen de toenemende kracht van het water niet meer weerstaan.

Zandwinning draagt bij aan kusterosie, schrijft de Wereldbank in het WACA-rapport. Langs de West-Afrikaanse kust wordt zand gewonnen en verhandeld – uit rivierbedden, de zee of recht van het strand.

Het is een cruciale overlevingsstrategie voor veel inwoners van de kustregio. Zand winnen kost weinig, is relatief makkelijk en de wereldwijde vraag naar deze grondstof is groot. Met zand maak je namelijk beton, uitermate interessant voor de bloeiende vastgoedsector in Abidjan en voor het bouwen van wegen en bruggen.

Maar de zandwinning heeft een desastreus effect op het ecosysteem van de kust. Minder zand geeft troebel water en is schadelijk voor veel zeedieren, zoals bijvoorbeeld koraal, die zonlicht nodig hebben om te overleven. En de zandwinning veroorzaakt ook erosie. Zand op de zeebodem breekt golven, vertraagt waterstromingen en beschermt de kust tegen wateroverlast.

De wereldwijde, onverzadigbare vraag naar zand vormt ‘een van de grootste duurzaamheidsuitdagingen van de 21ste eeuw’, zo rapporteerden de Verenigde Naties vorig jaar. Ze vroegen de internationale gemeenschap daarbij ook om ‘een beter beheer van de wereldwijde zandvoorraden’. De Ivoriaanse overheid heeft het winnen van zand inmiddels strafbaar gemaakt.

Célestin Hauhouot, professor aan het Instituut voor Tropische Geografie in Abidjan, ontkent dat er grootschalige zandexploitatie is in Grand-Lahou, het departement waar Lahou-Kpanda toe behoort. Zandwinning vormt wel een bedreiging voor andere kustgebieden in het land, zegt hij, verwijzend naar sectorcijfers.

In 2018 bedroeg de omzet van de Ivoriaanse bouwsector volgens de Ivoriaanse Groep Bouw en Openbare Werken (GIBTP) al 513 miljard CFA-frank – aan de actuele koers is dat omgerekend 782 miljoen euro. ‘Als we niet voorzichtig zijn, zal dit ernstige gevolgen hebben voor het milieu’, zegt Hauhouot.

Koolstofwonderen

Aan de oever van het kustmeer balanceert een visser op zijn pirogue, een langwerpige, houten kano. Hij plaatst een bamboeval, om krabbetjes mee te vangen, vlak naast de mangrovebomen. De boomwortels verstrengelen zich onder water.

Mangrovebossen zijn belangrijke broedplaatsen voor vissen en andere waterdieren, maar worden steeds verder bedreigd door ontbossing. Ze moeten plaatsmaken voor landbouwproducten of verdwijnen door de klimaatverandering.

© Alejandra Loreto

Een mangrovebos in de lagune van Lahou-Kpanda.

In Grand-Lahou wonen al tientallen jaren vissers uit buurland Ghana, vertelt Frederic Hobbah N’Dabiou. De 47-jarige vishandelaar verdient geld met zijn twee traditioneel blauwgeverfde vissersboten, beschilderd met logo’s van voetbalteams en Bijbelse uitspraken.

In de zomer rookt zijn vrouw, samen met honderden anderen in het dorp, duizenden vissen boven houtskool. Daarna worden ze in heel Ivoorkust verkocht. De chef van het dorp heeft de verkoop van mangrovehout verboden, vertelt N’Dabiou, maar toch wordt het nog steeds veel gebruikt.

Mangrovebossen zijn de meest koolstofrijke bossoort in de tropen. Ze slaan wereldwijd, per jaar, ongeveer 24 miljoen ton koolstof op.

Ook veranderingen van het klimaat verzwakken het mangrovebos. De stijgende zeetemperatuur beïnvloedt het zuurstof- en zoutgehalte van het water. Dat veroorzaakt dan weer verzuring. Het schaadt het ecosysteem en bedreigt de wilde dieren die er leven, zoals de bedreigde West-Afrikaanse lamantijn (een planteneter die in het water leeft) en de slechtvalk. De problemen strekken zich uit tot het nabijgelegen nationale park Azagny, een moerassig, beschermd Ramsar-natuurgebied.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, krijg je ons magazine en kan je gratis aan onze events deelnemen. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Het kappen van mangroves veroorzaakt niet alleen problemen in Ivoorkust. Mangrovebossen zijn de meest koolstofrijke bossoort in de tropen. Ze slaan wereldwijd, per jaar, ongeveer 24 miljoen ton koolstof op.

Wanneer deze kostbare biomassa gekapt wordt, komen grote hoeveelheden koolstofdioxide in de atmosfeer terecht. Ook de koolstofvoorraden die in de bodem opgeslagen worden via de wortels, gaan dan voorgoed verloren. Dat draagt dan weer bij aan de opwarming van de aarde.

Wiens schuld?

Visser Hobbah N’Dabiou zegt dat zijn dorpsgenoten niet de schuld mogen krijgen voor de problemen van het schiereiland. De vissers zijn de slachtoffers, zegt hij. Mensen hier hebben geen andere mogelijkheden om een inkomen te vergaren en zijn dus geheel afhankelijk van de rijkdommen van de natuur.

Ook hij moest zijn vader, moeder en oma van de oude begraafplaats halen. Het kostte hem veel moeite, geld en verdriet. Hij geeft de regering de schuld. Die zou, vindt hij, een baggerbedrijf moeten inhuren om het overtollige zand uit de lagune te verwijderen, zodat de rivier weer vrij kan stromen.

‘Niets doen is geen optie. Het is als met een ziekte: als je de oorzaken niet aanpakt, groeit het probleem alleen maar verder.’

Maar ze doet niets om het plaatsje te redden. Integendeel, ‘ze komen alleen vragen stellen. Het geld is waarschijnlijk opgeslokt door corrupte ambtenaren’. Of het geld raakt niet waar het zou moeten raken omdat zijn district op Laurent Gbagbo stemde, de ex-president die terechtstond voor oorlogsmisdaden – en die onlangs werd vrijgesproken.

‘Het is een complex probleem’, zegt professor Ochou. Hij voerde onderzoek naar duurzame oplossingen voor het probleem die de Ivoriaanse overheid zou kunnen toepassen, van herstel van de mangroves tot het uitbaggeren van de lagune.

Het WACA-programma voor het beheer van de kustgebieden zit op dit moment in de onderzoeksfase, zegt hij. ‘Niets doen is geen optie. Het is als met een ziekte: als je de oorzaken niet aanpakt, groeit het probleem alleen maar verder.’

MO* verzocht het Ivoriaanse ministerie van Milieu verschillende keren om een interview, maar kreeg geen reactie.

Het laatste tastbare aandenken

‘We hebben de zee niets aangedaan, maar ze neemt ons alles af’, zegt Angèle Djecket Akouba. De 51-jarige handelaarster in bier en vis zit voor haar houten huis. Ze inspecteert de vissen die twee tienerjongens haar brachten en knikt afkeurend van nee: ‘Veel te klein.’

De zee geeft haar de vis waar ze afhankelijk van is, maar ze is tegelijk woest op het water. De zee nam haar drie familieleden af: haar vader, haar oma en haar geliefde moeder.

© Alejandra Loreto

Angèle Djecket Akouba toont een ingelijste foto van haar moeder, de laatste tastbare herinnering die ze nog heeft. Het graf is compleet verdwenen.

Angèle toont een ingelijste foto van haar moeder. Het portret is de laatste tastbare herinnering die ze nog heeft. Het graf is compleet verdwenen. Akouba was te laat met het verplaatsen van haar geliefden. Het kost namelijk 300 euro om een nieuwe grafsteen te maken, plus de arbeidsuren van het begrafenisteam. Dat is een hoop geld hier aan de kust.

En dan moet je ook nog alcohol kopen, om over het graf te schenken. Met deze traditie excuseert de familie zich bij haar voorouders voor het gedrag van de zee. Velen in het dorp, ook Angèle, zijn werkloos en kunnen het geld dat nodig is voor de herbegraving niet op tijd betalen. ‘Het doet pijn’, zegt ze met een sombere blik.

De wassende zee zorgt niet alleen voor verstoorde rouw, maar ook voor een collectief trauma, legt Nohonain Ange Martial uit, museumconservator en expert in begrafenisrituelen in Ivoorkust. Elke cultuur in Ivoorkust heeft unieke rouwrituelen. Voor de Avikam- en Fanti-gemeenschappen, die rond de Golf van Guinee wonen, is het cruciaal dat mensen begraven worden – én blijven – daar waar ze geboren zijn. Het verstoren van het hiernamaals en van de begrafenisrites veroorzaakt veel verdriet bij familieleden van de overledene, zegt Martial.

Laatste rustplaats

Franck Avit plaatst zijn moeder zorgvuldig in haar nieuwe graf aan de rand van het dorp, op ongeveer drie kilometer afstand van de riviermonding. Avit tuurt naar de zee iets verderop, prevelt een gebed en slaat snel een kruis. Dan schept hij een hoop zand over het graf.

Franck Avit kijkt op de nieuwe rustplaats van zijn moeder, mama Odette.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Het staat in schril contrast met Mama Odette’s vorige begrafenis. Toen de vissersvrouw stierf, kwamen tientallen familieleden en kennissen naar haar uitvaart. Er was gezang, gasten droegen hun mooiste kita – de typische, met de hand geweven kledij – en de priester leidde een gebed.

Odette Avit was geliefd, herinnert Patrick Zoukauan zich, en het was een prachtige begrafenis. Dit keer zijn de toeschouwers beperkt tot het begrafenisteam van Lahou-Kpanda.

De situatie in het dorp is slecht, zegt een van hen, een twintiger met een vriendelijke lach die Virgil Zogouri heet. Maar het verplaatsen van de doden heeft wel voor werk gezorgd, en dat is broodnodig. Al is deze baan niet voor iedereen weggelegd, waarschuwt Zogouri. ‘Niet alle lichamen zijn volledig ontbonden, en het werk brengt gezondheidsrisico’s met zich mee.’

Zogouri zou liever als gids voor toeristen werken, of als leraar, maar er zijn geen banen op het schiereiland. De meeste jongeren reizen naar Abidjan om daar in de bouw of als schoonmaker te werken.

Wanneer Franck Avit klaar is met de tweede begrafenis van zijn moeder, leunt hij op zijn schop en staart hij naar de kust. Franck hoopt dat de nieuwe begraafplaats zijn moeders laatste rustplaats wordt. Het verdriet staat te lezen in zijn ogen. ‘Het is erg wanneer de zee je familie wegneemt.’

© Alejandra Loreto

 

Extreem weer, overstromingen en Afrika

Extreem weer heeft vaak desastreuze gevolgen. Vorig jaar werden bijvoorbeeld 2,7 miljoen mensen in West- en Centraal-Afrika getroffen door overstromingen, zo schat het VN-Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Zaken. Dat is dubbel zo veel als het jaar daarvoor.

Extreme weersomstandigheden zijn ook de oorzaak van 90 procent van alle ontheemding wereldwijd, concludeert het Internal Displacement Monitoring Centre (IDMC), het internationale data- en expertisecentrum over ontheemding. Dat gaat specifiek over mensen die hun thuis ontvlucht zijn, maar binnen de grenzen van hun eigen land bleven. Alleen al dit jaar zijn in totaal ongeveer 7 miljoen mensen op de vlucht geslagen door extreem weer.

Wetenschappers wereldwijd maken zich zorgen over steeds extremer weer, zoals zware neerslag, stormen maar ook hittegolven. Die komen steeds vaker voor en worden gelinkt aan de opwarming van de aarde en de klimaatverandering die dat veroorzaakt. De effecten van overmatige CO2-uitstoot wereldwijd zullen het meest voelbaar zijn in Afrika, volgens het vijfde rapport van het internationale VN-Klimaatpanel (IPCC). De temperatuur op het Afrikaanse continent stijgt ongeveer 1,5 keer sneller dan het wereldgemiddelde.

Deze analyse werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift