Bosnië worstelt met nieuwe rol als flessenhals op de Balkanroute

Situatie vluchtelingen in Bosnië uitzichtlozer dan ooit: ‘Geen idee welke kant ik nog uit kan’

© toon Lambrechts

Vluchtelingen in een leegstaand hotel in het grensstadje Bihać, niet ver van de grens met Kroatië.

Of ik misschien iets kan missen voor een busticket naar Sarajevo, vraagt Ahmed. Hij wil terug. Eerst naar Sarajevo, dan naar Marokko, het land dat hij in 2015 achter zich liet op zoek naar een beter leven in West-Europa. Zijn reis bracht hem eerst naar Griekenland, waar hij asiel aanvroeg maar niet kreeg. Hij werkte een tijd op Kreta in de olijventeelt, maar besloot verder te trekken. Zijn eerste poging via Macedonië mislukte, via Albanië en Montenegro lukt het wel.

Maar Bosnië bleek een eindhalte. Zijn Europese droom strandde hier in Velika Kladuša, op de grens tussen Bosnië en Kroatië.

Een jaar en twee maanden lang probeerde hij de EU binnen te komen. Zonder succes. Hij zit vast. ‘Talloze keren heb ik geprobeerd om Kroatië te bereiken. Maar de Kroatische politie wist me telkens te vatten. Ik ben geslagen, mijn spullen zijn afgepakt. Vijf telefoons ben ik kwijtgeraakt. Nu heb ik niets meer.’

Ahmed is op. De vermoeidheid staat op zijn gezicht af te lezen. Voor hem zit het erop.

Groepjes maken zich op om te proberen de Kroatische grenspolitie te slim af te zijn in een kat-en-muisspel dat ietwat cynisch ‘The Game’ is gaan heten.

Ahmed is niet alleen. Het loopt vol met mensen zoals hij in de straten van Velika Kladuša. Het Bosnische grensdorp werd een zoveelste flessenhals op de Balkanroute. De grens zit dicht. Dat is slecht nieuws voor de naar schatting 7000 mensen die hun kans afwachten in de grenssteden Velika Kladuša en Bihać.

Toch zijn er eens de avond invalt opnieuw groepjes die zich opmaken om te proberen de Kroatische grenspolitie te slim af te zijn, in een kat-en-muisspel dat ietwat cynisch ‘The Game’ is gaan heten.

Dat net Velika Kladuša een transitpunt werd, is geen toeval. Het ligt op de plek waar Bosnië zich in Kroatië boort en waar het land op zijn smalst is. Italië is nauwelijks 220 kilometer ver, al voelt dat niet zo in het gure Balkanweer.

Druk op migranten opgedreven

Ook Aziz hangt wat rond op het dorpsplein van Velika Kladuša. Wandelen gaat sowieso wat moeilijk. Zijn twee enkels zitten in een verband, een herinnering aan een pak rammel van de Kroatische grenspolitie. ‘Toen de politie ons onderschepte hebben ze mijn rugzak, telefoon en documenten afgenomen, net als die van mijn kompanen. Ze gooiden alles op een hoop. Benzine erover en de vlam erin. Daarna werden we geslagen en de rivier ingeduwd.’

Net als Ahmed weet ook Aziz niet precies wat nu gedaan. Hij is afkomstig uit Algerije, verbleef een tijd in Griekenland maar slaagde er niet in om papieren te krijgen. ‘Ik heb een jaar in Thessaloniki gewoond, maar dat gaf te veel problemen. Algerijnen hebben een slechte naam. Als de politie je oppakt, ga je de gevangenis in. Het maakt niet uit of je iets mispeuterd hebt of niet.’

‘Een aantal ngo’s kreeg het vernod om nog voedsel en medische hulp te bieden, al zijn ze ondertussen weer actief.’

Dergelijke verhalen hoort K. dagelijks. Ze maakt deel uit van de organisatie Border Violence Monitoring Network en documenteert gevallen van politiegeweld door de Kroatische grenspolitie.

Ze wil liever niet met haar volle naam benoemd worden. Daar heeft ze goede redenen voor. Sinds enkele maanden hebben de Bosnische autoriteiten de druk op vluchtelingen, andere migranten en hulporganisaties gevoelig opgedreven.

‘De voorbije weken zijn er heel wat leegstaande panden ontruimd waar mensen een onderdak hadden gevonden. Een aantal ngo’s kreeg het verbod om nog voedsel en medische hulp te bieden, al zijn ze ondertussen wel weer actief. Ook bewoners van Velika Kladuša die mensen in huis nemen, staan onder druk om dat niet meer te doen. Het lijkt erop dat de politie vluchtelingen uit het centrum wil weren.’

© Toon Lambrechts

Aanschuiven in Vucjak Camp

Kettingdeportaties

In Velika Kladuša zijn het vooral Noord-Afrikanen die de grens proberen over te steken, vertelt K. ‘Zij hebben de laagste prioriteit in de kampen en zijn dus op zichzelf aangewezen. Velen onder hen leven in leegstaande huizen en proberen zo te overleven.’

‘Dat zorgt soms voor spanningen met de Bosniërs, al is er evengoed nog veel solidariteit. Exacte cijfers zijn er niet, maar ik schat dat er in totaal een goede 2000 mensen vast zitten in Kladuša. Dat is veel voor een klein stadje (met een goede 46.000 inwoners, red.).’

‘We horen verhalen over het inzetten van honden en pepperspray, een pak rammel is zo goed als standaard.’

‘De meeste mensen die je hier in de straten ziet, proberen in kleine groepjes te voet de grens over te steken. Soms op eigen houtje, soms met hulp van een smokkelaar. Maar de meesten hebben niet de middelen om een smokkelaar te betalen. Wie hier in Kladuša vast komt te zitten, is meestal ten einde raad.’

Het is ook stukken moeilijker geworden om de grens over te steken, zegt K. ‘Het heeft er alles van dat het geweld tegen vluchtelingen en migranten gevoelig is toegenomen de laatste maanden. We horen verhalen over het inzetten van honden en pepperspray. Een pak rammel is zo goed als standaard. Daarbij viseert de politie de benen van mensen. Een tactiek die er, samen met het vernietigen van gsm’s, slaapzakken en schoenen, op gericht is om een nieuwe poging de grens over te steken zo moeilijk mogelijk te maken. We zien dagelijks mensen met ernstige verwondingen, en dat terwijl medische hulp schaars is.’

Wie er toch in slaagt om Kroatië te doorkruisen, is nog niet veilig. Ook buurland Slovenië stuurt systematisch mensen terug de grens over richting Kroatië, dat op haar beurt deporteert naar Bosnië of Servië. ‘Italië is voor iedereen hier de eerste bestemming, een soort toegangspoort tot West-Europa. Maar de landen op de route sturen mensen routineus terug zonder hen de kans te geven om asiel aan te vragen.’

borderviolence.eu

Migratieroutes en al dan niet streng bewaakte EU-grenzen op de Balkanroute volgens de gegevens van Border Violence Monitoring Network (status in mei 2019).

Ongewild transitland

Dat er duizenden vluchtelingen en migranten vast zijn komen te zitten in een Balkanland waar ze misschien nog nooit van gehoord hadden, is het gevolg van beslissingen elders. Toen Hongarije en later Oostenrijk hun grenzen afsloten, verlegde de migratieroute noordwaarts zich naar Kroatië, richting Italië. Eerst vooral via de Servisch-Kroatische grens, maar sinds twee jaar in toenemende mate via Bosnië.

Dat heeft zo zijn redenen. De afstand tussen de Bosnische grens en Slovenië is in de regio rondom de steden Velika Kladuša en Bihać niet erg groot. Vluchtelingen doen er bovendien alles aan om hun tijd op Kroatisch grondgebied zo kort mogelijk te houden.

Dat is begrijpelijk, want in tegenstelling tot bijvoorbeeld Hongarije en Slovenië besliste Kroatië om de grens met Bosnië en Servië niet met een hek af te sluiten. In plaats daarvan koos het land ervoor om mensen systematisch op te pakken en terug te sturen, zonder iemand een kans te geven om officieel asiel aan te vragen.

Deze zogenoemde pushbacks zijn illegaal, zowel onder internationaal als Europees recht, maar daar wordt erg makkelijk aan voorbij gegaan. Ze schenden het recht om asiel aan te vragen.

© Toon Lambrechts

Vusjak Camp

Het geweld tegen vluchtelingen en migranten die de grens proberen oversteken, is excessief. Het gaat niet om geïsoleerde incidenten, maar om een doordachte, systematische strategie die het voor mensen zo moeilijk mogelijk maakt om opnieuw een poging te wagen. Zonder gsm of slaapzak bijvoorbeeld is het onmogelijk om de tocht aan te vangen. De verwondingen van vluchtelingen laten zien dat vooral benen en voeten geviseerd worden, opnieuw met de bedoeling verdere pogingen te bemoeilijken.

Zagreb kreeg al meerdere malen felicitaties van de Europese Commissie en van verschillende Europese leiders.

Het geweld aan de Kroatische grens is niet nieuw en is ook geen geheim. Zowat iedereen in Velika Kladuša of Bihać heeft ermee te maken gehad. De verhalen zijn zichtbaar op de lichamen van vluchtelingen en migranten. Verschillende mensenrechtenorganisaties hebben lijvige rapporten naar buiten gebracht met goed gedocumenteerde casussen.

Maar Kroatië lijkt niet onder de indruk van deze beschuldigingen. Het land wil koste wat het kost dit jaar toetreden tot de paspoortvrije Schengenzone van de EU. Het doet er dus alles aan om te laten zien dat het de buitengrenzen van de EU kan beschermen. Zagreb kreeg hiervoor al meerdere malen felicitaties van de Europese Commissie en van verschillende Europese leiders.

Geen onderdak, geen medische zorgen

Als symbool kan het tellen. Vucjak Camp, een tiental kilometer buiten Bihać, ligt op de site van een voormalige vuilnisbelt te midden van een mijnenveld, een herinnering aan de oorlog die Bosnië in de jaren negentig verscheurde.

De twee politiemannen aan de ingang proberen zich warm te houden aan een vuurtje. Ze zijn niet de enigen. Over het hele kamp hangt een rookwolk van de vele geïmproviseerde vuurtjes waaraan de vluchtelingen zich warmen of waar ze eten op bereiden.

De tenten hangen er scheef en verlopen bij. Overal slingert afval rond. Er is een ander kamp, niet ver buiten Bihać, waar de levensomstandigheden beter zijn, maar daar is geen plaats voor de veelal Pakistaanse en Afghaanse bewoners van Vucjak.

© Toon Lambrechts

Vusjak Camp

Ook hier komen de verhalen over het geweld van de Kroatische politie snel boven. De grens is vlakbij, en alles lijkt beter dan gelaten af te wachten op een plek waarvoor het woord mensonterend nog te mild is. Alles ontbreekt, al wordt er een keer per dag water en voedsel bedeeld. Vooral medische zorg in een pijnpunt, heel wat mensen hebben duidelijk last van schurft.

Het gerucht gaat de ronde dat het kamp snel gesloten zal worden en dat er een andere opvangplek voorzien zal worden. Dat zal uiteindelijk nog enkele weken op zich laten wachten.

Bosnië worstelt met de nieuwe rol als flessenhals op de Balkanroute. Het land slaagt er niet in menswaardige opvang te bieden.

Saif haalt meteen zijn vriend Ali erbij als hij hoort dat er een Belgische journalist in het kamp is. Ali is afkomstig uit Pakistan en heeft een tijd in België gewoond, maar werd uiteindelijk gedeporteerd.

Nu is hij opnieuw op weg naar ons land. ‘Alles is beter dan Pakistan. Ik zit hier nu vier maanden in Bihać, en vier keer heb ik geprobeerd Italië te bereiken. Ik ben een keer tot in Slovenië geraakt, maar daar werd ik opgepakt en uitgeleverd aan de Kroatische politie. Die stuurde me terug naar Bosnië.’

De leefomstandigheden in Vucjak, maar ook in de andere kampen in de buurt van Bihać en Velika Kladuša, laten zien dat Bosnië worstelt met zijn nieuwe rol als flessenhals op de Balkanroute. Het land slaagt er niet in menswaardige opvang te bieden. De bestaande opvangstructuren worden gedragen door internationale organisaties of lokale initiatieven. De overheid blijft grotendeels afwezig.

Dat is deels te wijten aan een gebrek aan ervaring, maar ook aan de chaotische staatsstructuur in het diep verdeelde land. De tegenstellingen tussen Bosniërs, Serviërs en Kroaten in Bosnië maakt het zo goed als onmogelijk om snelle beslissingen te nemen en een antwoord te bieden op crisissituaties zoals deze.

© Toon Lambrechts

Vusjak Camp

‘Ik ben alles kwijt’

Mijn volgende stop: Tuzla, ergens halfweg tussen de Servisch-Bosnische grens en Sarajevo. De stad was al van in het begin een transitplek, maar sinds oktober zitten er honderden vluchtelingen vast die vaak al verschillende keren hebben geprobeerd de grens over te steken. Velen onder hen hebben geen opties meer, en slapen buiten aan het busstation van Tuzla in openlucht.

Onder hen Tarik. Hij verliet Pakistan toen hij veertien was, woonde twee jaar in Istanboel en vier jaar in Athene. ‘In Griekenland maak je als Pakistaan geen enkele kans op papieren, maar je kan er tenminste overleven. Maar de plannen van de nieuwe regering beloven niet veel goeds. Ik heb gehoord dat ze gesloten kampen willen opzetten.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Het was een van zijn vrienden die Tarik overtuigde om noordwaarts te reizen. Een vergissing, zo lijkt het. ‘Ik heb geprobeerd om in Bihać de grens over te steken, maar het is niet gelukt. Ondertussen ben ik alles kwijt, mijn telefoon, mijn geld. Misschien dat ik nog één keer probeer, anders ga ik terug naar Griekenland.’

Geen plaats meer in Servië

Naast het station staat een lange rij aan te schuiven voor de voedselbedeling. Vanuit hun bestelwagen bedienen de vrijwilligers van MFS Emmaus met veel geduld de groep wachtenden. Een van die vrijwilligers is Mirela Ahmetbegovic.

Deze situatie duurt al bijna twee jaar. Tot voor oktober zagen we een tiental mensen per dag, die hier misschien enkele dagen verbleven alvorens verder te trekken. Nu slapen er zo’n honderdvijftig mensen buiten het busstation, de meeste afkomstig van Pakistan, Afghanistan en Noord-Afrika.’

‘Voor wie van Servië komt, is Tuzla een eerste stop. De autoriteiten voorzien een document dat iemand het recht geeft om twee weken in Bosnië te verblijven. Tot voor kort reisde iedereen dan snel door naar Sarajevo, Bihać of Velika Kladuša.’

© Toon Lambrechts

Overnachten in de buitenlucht te Tuzla

De laatste maanden is Tuzla van een transitpunt veranderd in een plek waar mensen weken tot maanden bivakkeren, zegt Ahmetbegovic. ‘We zien mensen terugkeren van Bihać en Kladuša, omdat het haast onmogelijk geworden is om de grens met Kroatië over te steken. Velen komen hier aan met het idee terug te keren naar Servië, om er een plek te vinden in een van de opvangkampen. Daar zijn de leefomstandigheden relatief goed.’

‘Alleen is er geen plaats meer, dus de Servische grenspolitie laat niet toe dat men in omgekeerde richting de grens oversteekt. Dat maakt dat er met de dag meer en meer mensen de nacht doorbrengen hier in de buitenlucht.’

Hoe het verder moet, weet Ahmetbegovic ook niet meteen. ‘Wij hebben niet de capaciteit om iedereen te helpen. Er wordt al een tijdje gesproken over een opvanglocatie, maar veel beweegt er niet. Ik vrees dat de situatie de komende maanden alleen maar zal verergeren.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Toon Lambrechts is freelance journalist tegen beter weten in. Behalve in MO* Magazine en op MO.be is hij ook te lezen in onder andere Knack, EOS en Vice.