Dossier: 

Hoe de aardbeving in Nepal deze man in de schuld stortte

Onder een pomelo-boom tussen twee ruïnes en een barak zit een oude man triest te wezen. Welkom in Sindhupalchowk, het Nepalese district dat een half jaar geleden het zwaarst getroffen werd door de aardbeving. Bim Bahadur Thapa (56) staat er alleen voor. Zijn kinderen verblijven in hoofdstad Kathmandu en kunnen hem niet helpen. 

© Tim Dirven

Een maand nadat Bim door de aardbeving have en goed was kwijtgespeeld, had hij nog geen cent gezien van de de 15.000 roepie (130 euro) directe noodhulp die door de Nepalese overheid was beloofd aan iedereen die zijn huis verloor. Daarop besloot hij dan maar om lokaal geld te lenen. Bim woont in Batase, in het rampgebied Sindhupalchowk. 

Probleem: van de 40.000 roepie die hij leende, werden al direct tien procent kosten afgetrokken. Bovendien moet hij op zijn lening 29 procent interest betalen –dat komt neer op een vierde van het gemiddelde inkomen in deze regio. 

Had Bim dan geen alternatief? Toch wel, de lokale coöperatie. Maar wie daar aanklopt, moet binnen de drie maanden het geleende bedrag terugbetalen –wat gezien de omstandigheden onmogelijk was. 

Sloppenwijken als vooruitzicht

Bims buffel was omgekomen tijdens de aardbeving. Toen hij uiteindelijk dan toch de 15.000 roepie noodhulp van de Nepalese overheid kreeg, kocht hij meteen een nieuwe buffel om zijn land te kunnen bewerken.

Blijft de vraag hoe Bim zijn dure lening denkt terug te betalen. De draad van van vroeger oppikken wil immers nog niet zeggen dat hij zomaar even een kwart meer zal verdienen. Bim hoopt op de 2000 dollar die de Nepalese overheid bijkomend beloofde aan iedereen die een huis kwijt is.

Niemand in Nepal heeft dat geld al gekregen, omdat de wettelijke bepalingen daarover nog niet zijn goedgekeurd. Maar wat als dat geld niet komt en Bim zijn schulden niet kan betalen? Dan sleept de lokale geldschieter hem voor het gerecht en dreigt hij zijn grond kwijt te spelen. Het enige vooruitzicht dat Bim dan nog rest, zijn de sloppenwijken van Kathmandu –of erger.

Niet veelbelovend

Het zou best kunnen dat Bim nooit een cent zal zien van de 2000 dollar die de overheid hem beloofd heeft.

Het zou best kunnen dat Bim nooit een cent zal zien van de 2000 dollar die de overheid hem beloofd heeft. Dat bedrag moet uit de pot komen van 4 miljard euro die de internationale gemeenschap toegezegd heeft. De Nepalese overheid spreekt al van een herevaluatie om na te gaan wie intussen reeds op eigen kracht een huis heeft kunnen bouwen. Die personen zouden uit de boot vallen.

Het is een verhaal dat we vaker horen: de armsten zijn het gewoon om niets van de overheid te verwachten, ze steken zelf de handen uit de mouwen. De rijksten, mensen met meerdere huizen, wachten rustig de beloofde 2000 dollar af. Het zou interessant zijn om een tijd na de uitkering van die toelage te onderzoeken wie er van die 4 miljard euro beter werd en wie dieper in de armoede raakte. Het overheidsoptreden tot nu toe is alvast niet veelbelovend.

Loon naar werken

Bim denkt niet dat hij ooit nog een ander huis zal bouwen. Hij voelt zich veiliger in zijn nieuwe woning –hoe klein zijn barak ook is. ‘Als deze barak instort, zal ik mezelf tenminste nog kunnen bevrijden. Ik zal niet omkomen onder het gewicht van dit tinnen dak en de dikke takken.’

Of hij even makkelijk het deksel van de schuld zal kunnen lichten is een andere vraag.

Of hij even makkelijk het deksel van de schuld zal kunnen lichten is een andere vraag. Eén van de enige kansen om nu geld te verdienen, is met de cash for work-programma’s die de Belgische ngo Plan International uitvouwt. Zo’n programma duurt dertig werkdagen; per werkdag krijgen de deelnemers 500 roepie. In totaal levert dat dus 15.000 roepie (130 euro) op. Het gaat steeds om eenvoudige handarbeid die overal nodig is en blijft. 

Intussen is Bim aan de slag in zo’n cash for work-programma. Hij ruimt puin, om wegen vrij te maken. Hij hoopt dat er snel nog nieuwe programma’s zullen volgen –zij bieden tenminste werkgelegenheid. Ook andere deelnemers die we in Sindhupalchowk spraken, trekken zich op aan die gedachte.

© Tim Dirven

In een schooltje, niet ver van de barak waar Bim woont, zijn een twintigtal lokale bewoners puin aan het ruimen. Ook dat gebeurt in het kader van de programma’s van Plan International. Vrouwen en mannen zijn in de school samen aan het werk. Ze doen dezelfde zware arbeid en krijgen er ook hetzelfde loon voor. Dat is vrij uniek in Nepal. 

Terwijl de Nepalese overheid het laat afweten, bieden de grote ngo’s kansen aan de slachtoffers van de aardbeving. Die lijken ze met beide handen te grijpen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Nick Meynen (°1980) schreef het boek ‘Frontlijnen. Een reis langs de achterkant van de wereldeconomie’ en eerder ook Nepal.