Strijd tegen seksueel geweld in Congo

Kan positieve mannelijkheid geweld tegen vrouwen stoppen?

Flickr / MONUSCO Photos (CC 2.0)

‘Seksueel geweld komt voor in alle samenlevingen waar de mannen de sociale en politieke en sociale macht in handen hebben en vrouwen behandeld worden als tweederangsburgers.’

Het begrip ‘positieve mannelijkheid’ is een trending topic in Congo, zo stelde MO* vast tijdens het werkbezoek van minister van Ontwikkelingssamenwerking Meryame Kitir (Vooruit) aan het land. Het betekent dat politici en organisaties mannen willen inschakelen in de strijd tegen seksueel geweld en daarbij het begrip ‘mannelijkheid’ willen herdefiniëren. Of dat een goede oplossing is, is nog maar de vraag.

‘Je vraagt je vriendin het paswoord van haar telefoon, maar ze weigert dat te geven. Hoe reageer je daarop?’, vraagt de directrice van Unaids, Winnie Byanyima. Haar gesprekspartners op deze dag in Kinshasa, eind november, zijn jongeren van het nationale overlegplatform voor de strijd tegen het aidsvirus (PNMLS). Ze zijn jonge pleitbezorgers voor leeftijdsgenoten die leven met hiv en/of aids.

De Unaids-directrice maakt de groep onverbloemd duidelijk dat ze wil spreken over seks. Willen en kunnen ze praten, of overheerst nog het taboe? Hebben ze toegang tot voorbehoedsmiddelen? Dat willen de eminente gasten graag weten. Naast Byanyima was ook de Belgische minister van Ontwikkelingssamenwerking Meryame Kitir (Vooruit) aanwezig.

De vraag over het paswoord van de telefoon lijkt een onschuldige uitsmijter, maar dat is ze niet. De jongeman die Byanyima aansprak, denkt dat ze misschien aanstuurt op het thema ‘trouw zijn binnen een relatie’, zodat je het aidsvirus niet verder verspreidt. Zijn antwoord: ‘Als ze me het paswoord niet geeft, dan zou ik haar niet kunnen vertrouwen. Dan heeft ze misschien andere jongens. Ik zou de relatie beëindigen.’

Byanyima knikt vriendelijk. ’Ik stelde de vraag omdat ik me zorgen maak over het feit dat de nieuwe besmettingen met hiv vandaag vaker jonge meisjes treffen’, verduidelijkt ze. In het deel van Afrika ten zuiden van de Sahara gaat het bij 3 op de 5 nieuwe hiv-besmettingen van jongeren tussen vijftien en negentien jaar om een meisje.

‘Liefde is niet hetzelfde als controle.’

‘We stellen ons vragen bij de oorzaken daarvan’, zegt Byanyima. ‘Is er een verband met seksueel geweld? Durft het meisje wel neen zeggen? Respecteert men vandaag voldoende de grenzen van een vrouw? Respecteer je haar wanneer ze weigert inzage te geven in haar telefoon? Wel, daar begint het mee.’ De jongeman bloost en knikt onwennig wanneer hij beseft dat zijn antwoord niet voldoet aan de verwachtingen.

Seksueel geweld

De Unaids-directrice en minister Kitir delen een missie: de strijd opvoeren tegen geweld op vrouwen. Ze ontmoetten elkaar voor het eerst in Genève, waar de hoofdzetel van de VN-organisatie zich bevindt. ‘Toen ik je voor het eerst ontmoette,’ deelt Kitir met Byanyima, ‘zei je me dat je me bewonderde als vrouwelijke, gekleurde leider. Ik wil vandaag zeggen dat ik jou bewonder. Mijn respect voor jou is heel groot.’ Vrouwelijke leiders zijn nodig, vinden ze allebei.

De ontmoeting met de jongeren kadert in het recente werkbezoek van Kitir aan Congo, maar ook in de wereldwijde 16 Days of Activism against Gender-Based Violence, een campagne die geweld omwille van gender wereldwijd onder de aandacht brengt.

De Belgische minister ontmoette in Congo ook overlevers van seksueel geweld, en dat waren emotionele momenten, stelt ze. ‘Seksueel geweld heeft een impact op je hele identiteit.’ Kitir zegt dan ook dat ze de kracht van de vrouwen voorop wil plaatsen in de strijd tegen seksueel geweld. ‘Maar we hebben in die strijd ook de mannen nodig.’

Dat wil ook Winnie Byanyima aan de jonge mannen in de zaal duidelijk maken. ‘Liefde is niet hetzelfde als controle’, besluit ze haar betoog.

Mannenconferentie

De Unaids-directrice trekt na het gesprek naar een conferentie over ‘positieve mannelijkheid’, een bijeenkomst van staats -en regeringsleiders van de Afrikaanse Unie (AU) in Kinshasa. Op de agenda: een strategie die mee geweld tegen vrouwen moet bekampen. Een mannenconferentie, noemen de organisatoren haar onverbloemd, over positieve mannelijkheid als antigif tegen gendergerelateerd geweld.

Wat is het verschil tussen ‘positieve mannelijkheid’ en een feministische man? Die vraag lijkt niet altijd even makkelijk.

Het begrip ‘positieve mannelijkheid’ blijkt een trend. Het is de positieve tegenhanger van de wat bekendere ‘toxische mannelijkheid’, gedrag dat geweld aanmoedigt. Opmerkelijk veel medewerkers en betrokkenen van Congolese partnerorganisaties die Kitir bezoekt, nemen het begrip in de mond. Sensibiliserende workshops over positieve mannelijkheid duiken steevast op in het overzicht van de activiteiten.

De vraag wat die positieve mannelijkheid dan wel betekent, kan niet elke gesprekspartner even vlot beantwoorden. ‘Een man die een vrouw respecteert’, klinkt het wat vaag.

Wat is dan het verschil met een feministische man, een man die de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen onderstreept? Dat lijkt eerder te maken hebben met hoe aantrekkelijk het is voor een man om zich het ene dan wel het andere label toe te eigenen.

Bij de feministische jongerenorganisatie Si Jeunesse Savait in Kinshasa weten ze hoe problematisch de term feminisme kan zijn. ‘We botsen op negatieve reacties’, zegt de jonge feminist Patrick Maliani. ‘Zeker omdat we voor inclusief feminisme staan: we werken ook met de LGBTQ+-gemeenschap. Dus worden we wel eens verweten dat we satanisten zijn.’ Zijn antwoord verklaart de terughoudendheid van veel mannen.

Ook deze feministische organisatie organiseert ateliers over positieve mannelijkheid. Ze lijken een laagdrempelige en pragmatische oplossing te zijn om mannen te betrekken bij de strijd tegen gendergerelateerd geweld.

De mannen van morgen

De invulling van het begrip ‘positieve mannelijkheid’ is vandaag wetenschappelijk weinig onderbouwd. ‘Door te spreken over “toxische” en “gezonde” of “positieve” mannelijkheid reproduceren we eerder genderongelijkheid dan ze aan te pakken’, waarschuwt de Australische onderzoekster Andrea Waling in een van de zeldzame wetenschappelijke artikels die aan het begrip gewijd zijn. ‘Het draagt niet bij tot het afbreken van de genderbinariteit.’

Waling doelt daarmee op de klassieke opdeling tussen mannen en vrouwen, zonder erkenning van andere genderidentiteiten. Westerse feministische organisaties zijn om die reden niet geneigd het concept van positieve mannelijkheid te omarmen, net omdat het nog steeds uitgaat van een binair man-vrouwdenken.

Bij Si Jeunesse Savait bekijken ze het liever pragmatisch. Net omdat genderrollen aangeleerd zijn, moeten ze herdacht kunnen worden. ‘Papa au travail, maman à la cuisine’, leerde Patrick Maliani als kind uit een kinderlied. Economische macht brengt ook ongelijkheid met zich mee en kan geweld op vrouwen legitimeren. Dat is de achterliggende motivatie van veel organisaties om de workshops voor mannen in te richten.

Ik ben proMO*

 

Steun ons unieke non-profit mediaproject en word proMO*.

Je ontvangt ons magazine en geniet tal van andere voordelen

Je maakt MO* mee mogelijk en steunt ons in onze missie.

Voor € 4/maand of € 50/jaar.

Ik word proMO*

De Afrikaanse Unie (AU) schrijft op de pagina van haar mannenconferentie: ‘Het patriarchale systeem wordt gekenmerkt door mannelijke dominantie, door ongelijke verdeling van middelen en macht, in combinatie met sociale instellingen die genderongelijkheid in stand houden. De sociale normen én het gedrag dat eruit voortvloeit, houden geweld tegen vrouwen mee in stand.’ Daarom wil de AU haar leiders vragen om te inspireren en ‘bij te dragen aan die gedragsverandering’.

Nadenken over wat mannelijkheid betekent en waar de positieve krachten van een man kunnen liggen: het moet in de workshops van de ngo’s en op de conferentie van de Afrikaanse Unie uiteindelijk leiden tot meer respect voor de vrouw en tot minder geweld.

‘Mannen moeten rolmodellen zijn voor jongens’, concludeerden de Afrikaanse leiders op de conferentie in de slotverklaring ‘zodat de mannelijke leiders van morgen zich de fundamentele waarden eigen maken die een positieve uiting moeten geven van mannelijkheid in Afrika’.

‘Geen Congolees probleem’

Positieve mannelijkheid is vooral trending, veelbesproken, op het Afrikaanse continent. Maar seksueel geweld is allerminst een regionaal probleem.

‘Een op de drie vrouwen ouder dan 15 jaar heeft al fysiek of seksueel geweld ervaren.

Volgens UN Women heeft een op de drie vrouwen ouder dan vijftien jaar al fysiek of seksueel geweld ervaren. Deze schatting houdt bovendien nog geen rekening met seksuele intimidatie, digitale laster en seksuele uitbuiting. Tijdens de coronapandemie nam het aantal gevallen van huishoudelijk en seksueel geweld nog toe, maar dat zit evenmin in voorgaande cijfers verwerkt.

Ook dokter Denis Mukwege wil in zijn nieuwe boek De Kracht van Vrouwen onderstrepen dat verkrachting geen ‘typisch Congolees probleem’ is. Mukwege kreeg een Nobelprijs voor de Vrede voor zijn inspanningen om een einde te maken aan het gebruik van seksueel geweld als oorlogswapen. Hij vindt het problematisch dat Congo in de pers nu al jarenlang wordt bestempeld als ‘de verkrachtingshoofdstad van de wereld’, zoals de Hoge vertegenwoordiger van de VN, Margot Wallstrom, het land beschreef.

‘Congolese mannen zijn niet gevaarlijker dan andere mannen elders in Afrika of in het Westen’, benadrukt Mukwege in zijn boek. ‘Seksueel geweld komt voor in alle samenlevingen waar de mannen de sociale en politieke en sociale macht in handen hebben en vrouwen behandeld worden als tweederangsburgers.’

Het zijn weliswaar het gewapend geweld en de bijhorende straffeloosheid, die seksueel geweld in Congo zo wijdverspreid maakten, schrijft Mukwege. ‘Net zoals de oorlog in het voormalige Joegoslavië gepaard ging met verkrachtingen.’

‘Seksueel geweld is een globaal probleem, en de meeste daders zijn uiteindelijk mensen die het slachtoffer kent.’

Ook de oorlog in Ethiopië is vandaag een voorbeeld van hoe verkrachting en oorlog hand in hand lijken te gaan. Verschillende mensenrechtenorganisaties hebben de massaverkrachtingen gedocumenteerd die plaatsvinden sinds de oorlog eind 2020 begon. En dat in het land waar de hoofdzetel van de Afrikaanse Unie gevestigd is, terwijl de Ethiopische premier oproept om allemaal de wapens op te nemen.

Het staat in schril contrast met de gezamenlijke ambities van de mannelijke leiders. Willen mannelijke rolmodellen geloofwaardig zijn in hun ambitie om de grondoorzaken van het seksuele geweld aan te pakken? Dan zal dat niet enkel bepaald worden op een jaarlijkse conferentie over positieve mannelijkheid.

© FAO/Frank Ribas

Vrouwen en mannen samen aan het werk op een veld in Congo. Organisaties en vrijwilligers in Congo stellen de rol van mannen steeds meer in vraag en promoten daarbij ‘positieve mannelijkheid’, als tegenhanger voor ‘toxische mannelijkheid.’

Positieve mannelijkheid is een manier om stereotypering van zwarte mannen tegen te gaan, zegt Winnie Byanyima, directrice van Unaids: ‘Jarenlang heeft de kwestie van seksueel geweld in een conflict context de nadruk exclusief gelegd op het beëindigen van straffeloosheid, wat goed is, maar niet voldoende. We maakten van Congolese mannen haast de posterboys van geweld tegen vrouwen.’

‘Maar seksueel geweld is een globaal probleem,’ benadrukt Byanyima, ‘en de meeste daders zijn uiteindelijk mensen die het slachtoffer kent: een partner, familielid, leerkracht. We moeten het over meer hebben dan alleen de verantwoordelijkheid van mannen, we moeten hen ook op een positieve manier toegang geven tot de ontwikkeling van hun mannelijkheid.’

Mannen met mannen

Leiderschap inzetten als een positieve mannelijke eigenschap: het klinkt uiteraard mooier als dat kan dienen om conflicten te ontmijnen of te vermijden. Maar waardering voor diezelfde eigenschap in vrouwen moet hoger op de agenda van activisten voor vrouwenrechten.

‘Mannen willen nog te vaak enkel met mannen werken’, ondervindt Faida Mwangilwa, activiste en voormalig minister van Gezin en de Status van de vrouw. ‘Toen ik in 2004 minister was, werkte ik samen met lokale chefs. Ze wilden me aanvankelijk de hand niet schudden’, vertelt ze. ‘Uiteindelijk heeft men die samenwerking wel gewaardeerd, merkte ik. Later kwam men mij wel de hand schudden.’

Door de gekende hygiënische voorschriften schudde Meryame Kitir geen handen maar ellebogen. Maar tijdens haar werkbezoek ontstond wel degelijk wel eens verwarring, wanneer bleek dat niet de witte mannelijke ambassadeur de functie van minister van Ontwikkelingssamenwerking bekleedde, maar zij.

Met een workshop over positieve mannelijkheid zal je op een generatie tijd geen opmerkelijke gedragsverandering veroorzaken, geeft ook Denis Mukwege toe. In zijn boek wijdt hij een hoofdstuk aan mannen en mannelijkheid. Hij licht er het project Bandilika toe, een project van zijn Panzi-ziekenhuis: vrijwilligers trekken er naar dorpen om het te hebben over de rol van mannen en vaders als gezinshoofd.

De cursusleiders zijn mannen en vrouwen, maar, zo schrijft Mukwege, ‘over het algemeen kunnen we zeggen dat mannen ontvankelijker lijken als de cursusleiders ook mannen zijn. Het succes van ons werk is uiteindelijk afhankelijk van een paar voortrekkers in de gemeenschap die anderen om hem heen beïnvloeden.’

‘Voor de kolonisatie waren er meer vrouwelijke chefs.’

Tegelijk overhandigt het Panzi-ziekenhuis van Mukwege dagelijks ook herstelcertificaten aan vrouwen die er moesten verblijven. Die hebben ze nog steeds nodig om terug opgenomen te worden in de gemeenschap.

Een vrouw getuigt er over waarom dat certificaat zo nodig is. Ze werd acht jaar geleden verkracht, voor de ogen van haar man en kinderen. Nu ze een schriftelijk bewijs heeft dat ze fysiek gezond is, hoopt ze haar man te overtuigen om opnieuw bij haar te wonen. Werken met de machtsstructuren die er zijn, en niet ertegenin gaan: soms kan het niet anders. Ook daar is Mukwege pragmatisch in.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Minister Kitir maakt duidelijk dat ze mannen als Mukwege zelf rolmodellen vindt, wanneer ze zegt dat we ook mannen ‘als Mukwege’ zullen nodig hebben om duurzame resultaten te boeken in de strijd tegen seksueel geweld.

Zelf dankt Mukwege zijn moeder, die hem — in tegenstelling tot zijn leeftijdsgenoten — dezelfde huishoudelijke taken gaf als zijn zussen. Het leerde hem dat ze niet ten dienste stonden van hem, zoals andere jongens hadden begrepen. ‘Papa au travail, maman au cuisine’: de boodschap uit het kinderlied herwerken, en alle gevolgen die vanuit die genderrelaties voortkomen, is een werk van meerdere generaties, gelooft Mukwege.

Koloniale genderrollen

Speelt ook de koloniale geschiedenis mee als factor in de actuele genderrollen in Congo? Jeanne Nzuzi Nsamba van het Comité National Femme et Développement kaart het aan tijdens een gesprek met minister Kitir. ‘We mogen niet vergeten wat de historische context is, waar de machtsverhoudingen vandaan komen. Er zijn hier en daar nog vrouwelijke chefs te vinden. Maar voor de kolonisatie waren er méér’, vertelt ze.

Het Belgische koloniale beleid wilde de mannelijke bevolking als arbeidskracht inschakelen en de vrouwen de demografische curve laten opkrikken.

‘Het is belangrijk om te kijken wat onze rol in de geschiedenis was’, zegt Kitir. ‘Maar de verantwoordelijkheid alleen bij ons koloniaal beleid leggen, dat zou ook verkeerd zijn. Ook lokaal zijn er verschillen, verschillende culturen en verschillende tradities.’

Zo staat het ook min of meer in het recente expertenrapport voor de parlementaire commissie die zich buigt over ons koloniaal verleden: ‘Sociale relaties en culturele patronen waren niet statisch en waren niet dezelfde in de verschillende gebieden die vandaag Congo (en Rwanda en Burundi) zijn geworden’.’

Maar het discours van de vader aan het werk en de moeder aan het fornuis paste wel in het koloniale beleid. Dat wilde de mannelijke bevolking zoveel mogelijk als arbeidskracht inschakelen en de vrouwen de demografische curve laten opkrikken (lees: voor kinderen laten zorgen). Het onderwijs in de toenmalige kolonie richtte zich op die doelstelling.

Het verhaal van de onderdanige vrouw aan de haard heeft vandaag afgedaan. De realiteit is nog anders. Wat zeker is, is dat we positieve mensen — van welk geslacht dan ook — nodig zullen blijven om vooruitgang te blijven boeken in de strijd tegen seksueel geweld.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3246   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift