Het was een kroniek van een aangekondigde dood

‘Blijf leven mijn liefste.’ Myanmar executeert zijn volkshelden

© Philip FONG / AFP

Links: Ko Jimmy, rechts: Phyo Zeyar Thaw. Na de executie van de activisten trokken demonstranten de straat op.

Vorige maand executeerde het militaire regime in Myanmar vier prodemocratische activisten. Was het een wraakactie voor de tanende macht in het land? Journaliste en Myanmarkenner Minka Nijhuis ontmoette doorheen de jaren twee van hen en haalt herinneringen aan hen op. ‘Toen ik na de staatsgreep contact opnam om te vragen hoe het met hen ging, kreeg ik geen antwoord meer.’

De zon was nog niet op toen in het weekend van 23 juli de vier Myanmarese activisten werden opgehangen in de Insein-gevangenis van Yangon. De lichamen van Ko Jimmy, Phyo Zeyar Thaw, Hla Myo Aung en Aung Thura Zaw werden in het diepste geheim onmiddellijk gecremeerd. Ook hun assen verdwenen.

De nabestaanden vernamen de voltrekking van het vonnis via een paar regels in de staatskrant, ergens tussen propagandaberichten over de productie van honing en de distributie van covid-19-vaccins. Alsof het allemaal nog niet wreed genoeg was, bekogelden scheldende, door het regime ingehuurde bendes de huizen van de rouwende families.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

De 39-jarige rapster Thazin Nyunt Aung liet haar verdriet en woede in haar arm graveren met een tatoeage van vier sterren. Eén ster voor elke activist die vorige maand werd opgehangen.

Maar met Phyo Zeyar Thaw, een 41-jarige hiphopper en voormalig parlementslid, deelde ze niet alleen een passie voor muziek. Ze deelden ook hun leven, tot de dag dat hij gearresteerd werd op 18 november 2021. Als een wonder wist zij die dag te ontsnappen.

‘Dit is niet de tijd voor tranen’, had ze gezegd toen ik haar enkele weken voor de executie op een geheime locatie opzocht. ‘Wat er ook gebeurt, we moeten dit aangaan. Er is geen weg terug.’

Terwijl de tijd verder tikte tot de noodlottige dag van de executie, vroeg ze de internationale gemeenschap met alle mogelijk middelen druk uit te oefenen op het regime. Die bleek vooral te bestaan uit woorden.

Nadat haar geliefde werd opgehangen, zette ze haar Facebook-profiel op rood. ‘Payback’, luidde de commentaar. Als het regime de executies uitvoerde om de bevolking angst aan te jagen en het verzet tegen de staatsgreep van februari 2021 te breken, werkte dat averechts.

Overal in het land werd geschokt gereageerd. Maar er klonk vooral woede. Activisten en dissidenten die ik de afgelopen 30 jaar nog nooit hoorde praten over geweld, vertelden dat ze verlangden naar een wapen om af te rekenen met de legertop. ‘Nu worden we allemaal militanten’, vertelde een vriendin op grimmige wijze. Dat dat tragisch was, besefte ze, maar het is niet anders.

Golven die blijven komen

Ik denk terug aan juni 2012, een druilerige middag in Londen. Aan Downing Street 10 stond een haag van televisieploegen en fotografen opgesteld. De Britse premier David Cameron ontving die dag oppositieleidster Aung San Suu Kyi. Voor het eerst in 24 jaar was ze die dag opnieuw in Europa. In 2010 werd ze vrijgelaten na 15 jaar huisarrest.

In Myanmar hing op dat moment een voorzichtig optimisme in de lucht. Een semi-civiele regering van oud-militairen voerde minieme hervormingen door. Maar velen vroegen zich ook af hoe ver de nieuwe vrijheid zou gaan. Het leger regisseerde nog steeds zorgvuldig het vieren van de teugels en bezat grote politieke macht.

Terwijl de aanwezige pers op Suu Kyi afstoof toen de deur van Downing Street 10 open zwaaide, stapte achter haar een jongeman in donker pak en muisgrijze stropdas de Londense regen in.

Hij leek wel een zakenman, maar ik dacht aan de tatoeage die onder het onberispelijke hemd schuilging: een landkaart van Myanmar bedekte zijn hele rug, met een grote microfoon. Het was zijn gelofte om de stem van de bevolking te laten horen.

Zeyar Thaw stak zijn hand naar me op. ‘Leuk dat jij hier ook bent’, zei hij. Terwijl Suu Kyi de pers te woord stond, rookten we achter de limousine die klaar stond stiekem een sigaret. Ik was naar Londen afgezakt om over hem, niet Suu Kyi, te schrijven.

Enkele maanden eerder ontmoette ik hem al eens in Yangon. Zijn levensloop had mijn interesse gewekt. Zeyar Thaw was één van de eerste hiphopartiesten in het verstikkende klimaat van Myanmar. Met zijn groep Acid bracht hij in 2000 het album Sa Tin Chin (vrij vertaald: begin) uit. Het bracht schokgolven teweeg in de straatarme dictatuur, waar tienduizenden jongeren snakten naar meer bewegingsvrijheid en een toekomstperspectief.

Het politieke bewustzijn van Zeyar Thaw nam verder toe. Acid zette kritische nummer op YouTube met titels als ‘We zullen doorvechten tot zij weg zijn’.

Met een handvol vrienden begon hij Generation Wave, een ondergrondse beweging van jonge activisten. Omdat golven altijd blijven komen, verklaarde hij de naam. ‘Ik wil mensen laten weten dat ze de moed moeten hebben om af te wijzen wat ze onjuist vinden. En dat als ze niet openlijk het juiste durven steunen, ze tenminste niet het verkeerde moeten steunen’, zei hij over die dagen.

In 2008 werden Zeyar Thaw en zijn vrienden veroordeeld tot 6 jaar cel, onder meer meer voor het ‘opzetten van een illegale organisatie’ en het bezit van een handvol buitenlandse valuta. Drie jaar zat hij in een ruimte waar hij vaak niet wist of het dag of nacht was. In mei 2011 kreeg hij amnestie en kwam hij vrij, enkele weken nadat een nieuwe regering was aangetreden.

Vijand van de staat

Bij die eerste ontmoeting in 2012 zag ik een wat bedeesde, ernstige jongeman. Pas toen ik een concert van Acid bijwoonde begreep ik waarom het leger hem als een vijand van de staat beschouwde. Zijn rebelse energie sloeg over op het publiek. ‘Ontwaak! Begin!’, rapte hij.

Met lichte verbazing, maar ook interesse, zag ook Suu Kyi de jongemannen met zwarte jeans en baseballpetjes bij een later optreden. Haar partij, de Nationale Liga voor Democratie, had jonge mensen als Zeyar Thaw nodig vond ze. Hij liet zich overtuigen om lid te worden en ruilde de jeans en baseballpet in voor het uniform van de partij: een donkergeblokte longyi (een sarong) en een terracottakleurige taik pone eingyi (een kraagloos jasje).

Zijn leven veranderde in een duizelingwekkende vaart. Hij werd Suu Kyi’s protegé en een rijzende ster in de Myanmarese politiek. Bij de tussentijdse verkiezingen in 2012 nam hij het op tegen een ex-militair en notoire hardliner van de aan het leger gelieerde partij. Zijn kiesdistrict was nabij Naypyidaw, dat sinds 2005 de hoofdstad is, maar ook een bolwerk van militairen en de nieuwe regering.

Milities vielen hem lastig. Zijn achterban werd geïntimeerd. Niemand gaf de jonge rapper een schijn van kans. Toch won Zeyar Thaw. Zelfs daar waar alleen militairen woonden, haalde hij stemmen binnen.

‘Ik beloofde vooral wat ik niet zou doen. Ik zou mensen niet onderdrukken en mijn positie als parlementslid niet voor eigen gewin gebruiken.’

‘Ik beloofde vooral wat ik niet zou doen’, vertelde hij later, nog steeds met verbazing in zijn stem. ‘Ik zou mensen niet onderdrukken en mijn positie als parlementslid niet voor eigen gewin gebruiken.’

Tijdens ons gesprek onderbrak zijn mobiele telefoon regelmatig het gesprek. ‘Ik voel me nog regelmatig overweldigd door mijn nieuwe verantwoordelijkheid. Het is een enorme taak en wil dat mensen weten dat we pas aan het begin staan van een lange strijd.’

Twee termijnen als parlementslid volgden. In 2020 kwam hij niet meer op bij de verkiezingen. Hij wilde terug naar zijn oude passie: muziek. Maar een nieuw album kwam er niet. De militaire straatgreep in februari 2020 dreef hem de straat op.

Wanneer het leger en de politie met grof geweld reageerde en jacht maakten op de leiders van de protesten, dook hij met Thazin onder. Op de vraag hoe het met hen ging, kreeg ik geen antwoord meer.

Tweede thuis

Zo’n 30 jaar geleden in de jungle begon mijn journalistieke liefde voor Myanmar. Nadat het leger de miljoenenopstand in 1988 bloedig had neergeslagen, sloten duizenden, vooral jonge stadsbewoners zich aan bij de legers van etnische minderheden. Die strijden al sinds de onafhankelijkheid van de Britten in 1948 voor meer autonomie en gelijke rechten.

Op een avond las ik bij kaarslicht in een bamboe hut een gedicht dat De Deur heet. Het is een gekwelde tekst over een celdeur die het lot van een gevangene en zijn bewakers verbindt.

De schrijver van het gedicht was Ko Jimmy, één van de politieke gevangenen die vorige maand werd geëxecuteerd. Hij behoorde tot de groep studenten die de massale protesten van 1988 in gang had gezet. Internationaal stonden deze activisten in de schaduw van Suu Kyi, maar thuis in Myanmar waren ze voor velen volkshelden.

Ko Jimmy, of Kyaw Min Yu zoals zijn officiële naam luidt, leerde ik kennen in 2004 nadat hij samen met collega-activisten vrij kwam na 15 jaar gevangenschap. In 2005 richtte hij met collega’s de 88 Generation Students op, een prodemocratische beweging vernoemd naar het studentenprotest uit 1988. In deze meer volwassen versie van de studentenrebellie voerde hij een geweldloze campagne voor een vrijer land.

Toen we elkaar ontmoetten praatten zijn vrienden onafgebroken door elkaar. Het aantal bierflesjes om hen heen groeide. Ko Jimmy was bedachtzamer en dronk niet. Af en toe tuurde hij naar buiten, alsof hij er iets ontwaarde dat de anderen nog niet hadden opgemerkt. ‘Ik ben aan het werk’, zei hij half spottend, half serieus. Hij was eind dertig, maar hij had meer meegemaakt dan ik me voor een mensenleven kon voorstellen.

Na al die jaren achter de tralies had het gezelschap ondanks hun gedrevenheid ook iets wereldvreemd. Dat vonden ze zelf ook. Ze spijkerden hun kennis over politiek en internationale kwesties bij met cursussen bij westerse ambassades en andere studiemogelijkheden.

Ko Jimmy informeerde naar transitieprocessen elders in de wereld en vroeg om boeken zoals Tomorrow Is Another Country, het verhaal over de politieke veranderingen in Zuid-Afrika van Alistair Sparks. Zijn vragen vormden een pijnlijk contrast met de grootse verwachtingen die veel landgenoten van hem hadden.

Nilar Thein, zijn vrouw die naast hem zat luisterde vooral. Je kon haar met haar frisse gezicht en loshangende haren makkelijk voor een jonge studente aanzien, maar in werkelijkheid had ze een lange staat van dienst als activist. Op haar zestiende ging ze in 1988 voor het eerst de straat op om te demonstreren. Toen ze in 1996 nieuwe protesten organiseerde, leverde dat haar acht jaar cel op.

Anderen grapten dat Nilar Thein een beginner was vergeleken met Ko Jimmy en zijn collega’s. Zij zaten 16 jaar vast, deels in eenzame opsluiting. De gevangenis, zo klonk het, was hun tweede thuis.

Hoop op lichtere tijden

Die namiddag vloeide over in een lange avond. De sfeer was bitterzoet. Er was verdriet om verloren en gevangen kameraden. Er was twijfel maar ook hoop dat een beter land ooit mogelijk zou zijn.

En er was de liefde. De verbintenis tussen Nilar Thein en Ko Jimmy was toen al een legende over for better and for worse. Ze leerden elkaar kennen in de gevangenis, waar hij haar ook ten huwelijk vroeg. Kort na hun vrijlating in 2004 trouwden ze.

Ze hadden een kinderwens, maar vroegen zich ook af of hun leven als activist wel te rijmen viel met zo’n verantwoordelijkheid.

Gaandeweg werden de verhalen persoonlijker. Ze hadden een kinderwens, maar vroegen zich ook af of hun leven als activist wel te rijmen viel met zo’n verantwoordelijkheid. Een arrestatie hing voortdurend in de lucht. Een paar maanden later legde Ko Jimmy plechtig zijn handen op de buik van zijn echtgenote en bood het ongeboren kind zijn verontschuldigingen aan.

Via via kreeg ik later een eerste gezinsfoto te zien. Twee stralende ouders met een baby. Phyu Nay Kyi, Sunshine, hadden ze hun dochtertje gedoopt. In de hoop dat zij lichtere tijden zou kennen dan de duistere die zij maar al te vaak ondervonden.

Sunshine was enkele maanden oud toen Ko Jimmy en Nilar Thein met hun collega’s in augustus 2007 van de ene bushalte naar de andere liepen. Zo protesteerden ze tegen de plotselinge drastische verhoging van de brandstofprijzen. Twee dagen later voerde de junta Ko Jimmy en de meeste andere leiders af naar gevangenissen ver buiten het onrustige Yangon. Nilar Thein dook met Sunshine onder. Monniken namen het protest massaal over.

Toen ik kort daarna in het land arriveerde, was de stad Yangon een belegerde stad. Ik dacht aan Nilar Thein en haar baby terwijl ik de razzia’s in de inktzwarte verlaten nacht hoorde.

Het aanbod om haar te ontmoeten sloeg ik af uit angst om haar in gevaar te brengen. Niet veel later moest ze Sunshine aan familie afstaan omdat de huilende baby te veel aandacht trok. ‘Op een dag zal Sunshine begrijpen waarom ik haar achterliet’, zei ze tegen een Myanmarese journalist.

Een jaar lang wist ze uit handen van de autoriteiten te blijven, tot ze in september 2008 werd opgepakt. Net als Ko Jimmy en andere activisten kreeg ze een 65-jarige gevangensstraf. In 2012 kwamen beiden vrij, na een presidentieel pardon voor politieke gevangenen. Ko Jimmy wilde nadien niet in de partijpolitiek stappen. Liever bleef hij schrijver en de activist die hij in hart en nieren was.

Na de staatsgreep van 2020 deed hij niet wat vele anderen deden: vluchten naar grensgebieden of het buitenland. Ko Jimmy bleef in Yangon. Een besluit dat de 53-jarige activist noodlottig werd. Op 23 oktober 2021 werd hij opgepakt.

Net zoals hiphopper en voormalig parlementslid Zeyar Thaw en twee andere, minder bekende activisten Hla Myo Aung en Aug Thura Zaw werd hij zonder het recht op verdediging beschuldigd van terrorisme. ‘Wat er ook met hen gebeurt, de militairen dragen de volledige verantwoordelijkheid’, waarschuwde zijn vrouw Nilar Thein via een audiobericht enkele weken voor de executie. Tientallen andere politieke gevangenen wacht mogelijk nog hetzelfde lot als deze vier activisten.

Komt er internationale actie?

De ophanging zorgde voor wereldwijde verontwaardiging en afschuw. Verschillende regeringen, VN-functionarissen en andere hoogwaardigheidsbekleders veroordeelden deze daad.

De doden zijn nu eenmaal vaker nieuws dan de levenden.

Ook media, die de schijnwerpers maandenlang vooral op de oorlog in Oekraïne hadden gericht, hadden weer oog voor Myanmar. De doden zijn nu eenmaal vaker nieuws dan de levenden.

Het wrange is dat het niet om een onverwachte gebeurtenis gaat. Het was de kroniek van een aangekondigde dood.

In januari werd het doodvonnis door een militair tribunaal uitgesproken. Daarna werd het nog eens bevestigd. Er werden vervolgens geruchten verspreid, bij wijze van test om te weten wat de reacties in binnen- en buitenland zouden zijn. Dagenlang besteedden de staatsmedia uitgebreid aandacht voor de zogenoemde terroristische daden van het viertal, als een voorbode voor de uitvoering van het vonnis.

Anderhalf jaar na de start van de staatsgreep is het leger de controle over een groot deel van het land kwijt. Dat de opstand mee werd aangevoerd door activisten die zich al decennialang verzetten tegen de militaire dictatuur zal de junta des te wraakzuchtiger gemaakt hebben.

Mogelijk waren de executies ook bedoeld om Suu Kyi te treffen. Zij zit opgesloten in de gevangenis in Naypyidaw. Zeyar Thaw en Ko Jimmy hadden een lange en nauwe band met haar.

Binnen de VN-Veiligheidsraad werden de executies unaniem veroordeeld. Maar met China en Rusland als permanente leden is er weinig kans dat er ook echte actie volgt. Beiden zijn militaire, politieke en economische steunpilaren van het regime.

Of er vanuit het Westen, behalve alle verontwaardiging, grotere politieke wil en daadkracht zal volgen is ook nog maar de vraag. Anders dan in Oekraïne kunnen de schaduwregering in Myanmar, opgericht na de staatsgreep, en andere verzetsgroepen tegen de junta nog niet op veel concrete steun rekenen.

Tot nog toe schoven de EU en de VS de verantwoordelijkheid door naar ASEAN, de Associatie van Zuidoost-Aziatische naties. Maar die is hopeloos verdeeld. Als puntje bij paaltje komt opereert het nog volgens het principe dat situaties binnen lidstaten interne aangelegenheden zijn, ondanks de stevige kritiek die Myanmar te verduren kreeg.

In Myanmar werd de noodtoestand met een half jaar verlengd. Niettemin staan in 2023 verkiezingen op de agenda. De militaire top zal ongetwijfeld hopen dat de wereld verzetsgroepen zal aansporen de gewapende strijd in te ruilen voor een stembusgang.

Toen de dood van Ko Jimmy bekend raakte, klampte Nilar Thein zich nog even vast aan de valse hoop dat het niet waar zou zijn. ‘Blijf leven mijn liefste’, postte ze op Facebook.

Niet veel later schreef ze: ‘Het is simpelweg moord’. Ze riep daarna op om geen donaties te doen aan nabestaanden, zoals bij een overlijden gebruikelijk is in Myanmar. ‘Geef het geld aan de revolutie.’

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3277   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift