Nigeria: Area boys, straatraces en hekserij

Al weert men bedelaars, venters en motortaxi’s uit het straatbeeld, toch zitten rijk en arm in Nigeria heel dicht tegen elkaar aan. MO* ging kijken bij de area boys in Lagos, de straatracers in Abuja en dook een kerk binnen in Port Harcourt. Rijke en arme jongeren: een gedwongen samenlevingscontract, doortrokken van afkeer en verlangen, angst en medeplichtigheid.

Freedom Park is een oase van rust en cultuur in een van de duurste hoogbouwwijken van Lagos. Het is ommuurd en omvat onder meer een restaurant en café, een museum en repetitielokalen.

In 2011 werd van dit terrein waar vroeger een Britse gevangenis stond een heritage centre gemaakt, ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de Nigeriaanse onafhankelijkheid.

Kale Pele

Olubukoza Macarthy, Pele voor de vrienden, is naar eigen zeggen CSO van Freedom Park, Chief Security Officer. Ons is verteld dat hij een van de area boys is uit de wijk rond Broad Street en Marina.

We zijn in Ikoyi, een van Lagos’ duurste wijken. Lagos telde aan het eind van de achttiende eeuw 5.000 inwoners, maar is intussen een megalopolis met een geschatte bevolking van tussen de 17 en de 21 miljoen. Zogenaamde area boys bestonden eigenlijk al onder de Britse bezetter, maar maakten vooral in de jaren negentig de straten onveilig, door bewapend met zwepen, riemen en stokken geld te eisen van passanten.

© Stefaan Anrys

Op weg naar Ikoyi, een dure wijk op Lagos Island

King of the ‘boys’

Theo Lawson van Freedom Park: ‘Het terrein heeft lang braak gelegen, omdat de opeenvolgende militaire regeringen altijd andere projectontwikkelaars wilden plezieren. Noodgedwongen hebben we de area boys uit de buurt moeten aannemen als parkwachters, want dit was hun terrein. Vandaag beschouwen zij Freedom Park als van hen en vallen zij niemand lastig. Integendeel. Sinds zij onze security officers zijn, houden ze andere amokmakers weg.’

Adelaja, die zichzelf de koning van de boys in Broad Street en de Marina noemt, draagt glimmend zwarte schoenen en verrast mij door zijn belezenheid. De mannen en vrouwen bij Adelaja, zien er ongevaarlijk uit. Sommigen werken als ambtenaar of chauffeur. ‘Ze noemen mij area boy, maar kijk nu toch. Ik ben godbetert vijftig jaar’, sakkert hij. ‘Politici behandelen ons als vuil, terwijl zij wel over onze ruggen in weelde baden! We mogen stemmen, maar nooit krijgen wij een stuk van de taart.’ Hij klaagt over de slechte staat van de wegen, de constante stroomstoringen en de gebrekkige gezondheidsvoorzieningen op Lagos Island.

Stroper wordt boswachter

Door werkloze area boys nu in te schakelen in Lastma en KAI, meent de regering van Lagos State twee vliegen in één klap te slaan. Lastma staat voor Lagos State Traffic Management Authority. Samen met hun collega’s van KAI, Kick Against Indiscipline, surveilleren zij in opdracht van het lokale bestuur de straten. Ze jagen straatventers weg of beboeten doorroodrijders en andere verkeersovertreders. Zij krijgen een inkomen, de staat heft belastingen en de verkeersdoorstroming in Lagos verbetert.

© Stefaan Anrys

Jongelui spinnen met hun dure wagens tot de banden klappen

Straatraces in Abuja

In een buitenwijk van Abuja, vlak bij het gloednieuwe Turkse ziekenhuis Nizamiye, loop ik enkele telgen van de politieke en economische elite tegen het lijf, die zondagnamiddag rondjes rijden met hun dure auto’s.

Op een weinig bereden asfaltweg draaien ze driftig in het rond tot hun banden klappen en het publiek – meestal onbemiddelde Nigerianen uit de buurt of de sloppen rond Abuja – aan het juichen gaat.

De verlaten weg draagt de littekens van remsporen. Opeengepakt in de zwarte mensenzee zien we rond vijf uur de grote lichten van een metallic Mercedes E vervaarlijk snel onze richting uitzwenken. De motor loeit en de geur van verbrand rubber prikt in mijn neusgaten.

Fast and Furious

‘Een schande’, roept Uwaisu Idris. Uwaisu is de Hausa-sprekende correspondent voor Deutsche Welle, de Duitse openbare wereldomroep die ook actief is in Nigeria. Op mijn verzoek heeft hij me meegenomen naar de races. ‘Pure verkwisting. Zeg nu zelf. Twee nieuwe achterbanden stukrijden in geen drie minuten, terwijl veel toeschouwers geen nagel hebben om hun gat te krabben?!’

Zijn collega’s hebben in kranten en online media al vaker afgegeven op de illegale straatraces, die op de koop toe levensgevaarlijk zijn voor de omstaanders. ‘Is dit nu het leiderschap dat we willen promoten? Die gasten geven het slechte voorbeeld.’

Voor Sir Runs, één van de stuntrijders of players, is het louter een uitlaatklep, een verzetje na een drukke werkweek. ‘Op één avond 500 euro weggooien aan drank en vrouwen? Dan zit ik liever achter het stuur van mijn BMW.’

© Stefaan Anrys

Haat-liefde met Naira, de Nigeriaanse munteenheid

Rolex en Mercedes

Nigerianen hebben een haat-liefdeverhouding met geld én met hun elite, weet Baba Tunde, een journalist uit Lagos. ‘Nergens worden zoveel Mercedes G-modellen verkocht als in Nigeria’, zegt Tunde. ‘Het lijkt wel alsof wij Nigerianen met een minderwaardigheidscomplex kampen en overcompenseren. Een discreet horloge is niet goed genoeg. Het moet een knoert van een Rolex zijn.’

Al mag iedereen druk in de weer zijn met ritselen om de dag door te komen, toch is het fout om Nigerianen van geldzucht te betichten. Jongeren vallen beslist voor de verlokkingen van het geld – wie is daar helemaal ongevoelig voor? –, maar toch klinkt, zacht of minder zcht, hun afkeer van zoveel ongelijkheid en corruptie.

Godbetert

Seculiere ngo’s, zoals het bewonderenswaardige LEAP Africa, helpen young potentials om goed van kwaad te onderscheiden en religieuze organisaties preken goede zeden en vooral hoop, in barre tijden.

‘Your levels will change today!’ roept Ene Nkechi, de pastor van de Carpenter Church in Port Harcourt. Aan haar gehoor van duizenden gelovigen vraagt ze met dwingende stem: ‘How do you want your levels to change?’ Ook ik durf niet anders dan mijn duim op te steken. ‘Yes! Your levels will change upwards!’ Morgen kan nooit slechter zijn dan vandaag, besluit ze tevreden.

Het klopt dat pinksterkerken behalve spiritueel heil ook materiële welvaart in het vooruitzicht stellen. Hun toenemend succes in het Zuiden is echter ook te wijten aan het morele en politieke verval, de ongelijkheid en de corruptie. Niet toevallig hangen er in de straten van Port Harcourt meer affiches voor pinksterkerken dan voor politici.

© Stefaan Anrys

Pinksterkerk houdt jaarlijks popconcert in Port Harcourt (Nigeria)

Baby in een vijzel

Pinksterkerken en Boko Haram, area boys en burgerwachten, etnisch nationalisme en militantisme, studentenbendes of secret codes, ja zelfs hekserij wordt door sommige wetenschappers in verband gebracht met de stijgende ongelijkheid in Nigeria.

In de kranten lees je wel vaker over afgehakte hoofden of babylijkjes die ergens in het land gevonden zijn, zogenaamd gebruikt tijdens occulte rituelen die de klant op slag rijk moeten maken. Ook Nollywood-films zoals Jujuwood zijn doorspekt met wel erg verwrongen verwijzingen naar Nigeria’s rijke traditie.

Een broodje aap?

Of dit soort broodje-aapverhalen waarheidsgetrouw zijn of niet doet er weinig toe, vindt Igoni Barrett, die deze en andere verhalen verwerkte in zijn verhalenbundel From Caves of Rotten Teeth. Enerzijds drukken de verhalen het afgrijzen van Nigerianen uit over de schrijnende ongelijkheid en de willekeur waarmee de petrodollars verdeeld worden. Anderzijds spreekt er ook fascinatie uit: wat als het manna mij ooit ten deel valt? ‘Even afzien of vreselijke dingen doen lijkt voor sommigen aanlokkelijker dan knokken voor je baan.’

Niet zo verrassend, denk ik dan, in het land van man no man, waar connecties je toekomst mee bepalen.

© Stefaan Anrys

De populaire Nollywoodfilms zijn doorspekt met hekserij

Deze reportage verscheen eerder in uitgebreidere vorm in MO* 114.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3093   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur