Vluchten is voor Afrikaanse en Aziatische studenten extra moeilijk

Op de grens tussen Oekraïne en Polen: ‘We zijn alles kwijt. Kan jij ons helpen?’

© Arnaud De Decker

Jonge gasten staan hier alleen voor. Meer dan machteloos toekijken en hopen op een goede afloop konden families en ambassadepersoneel niet doen.

Sinds het begin van de oorlog heeft ruim 1 miljoen vluchtelingen Oekraïne verlaten. Maar het land ontvluchten is voor Afrikaanse en Aziatische studenten extra moeilijk. Dat zij te maken krijgen met racisme van zowel burgers als grenswachten, zag MO*medewerker Arnaud De Decker aan de grens met Polen. ‘Mijn broer is ziek. Hij kan niet meer bewegen en heeft hulp nodig, maar het kan niemand iets schelen. Kan jij ons helpen?’

Het is maandagavond 22 uur. Duizenden sterren sieren de hemel. Het dashboard van de huurauto geeft de temperatuur aan: het is -6 graden Celsius. Met een muts op en de jas dicht begeven we ons te voet richting grenspost Medyka, aan de grens tussen Polen en Oekraïne.

Aan de Poolse kant worden we tegengehouden. Zelfs onze perskaart kan dat niet verhinderen. ‘Tot hier en niet verder’, zegt een agent in militair uniform streng. ‘Niemand mag voorbij dit punt.’

Rond ons staan een tiental journalisten van over de hele wereld. De camera’s staan gericht op de andere kant, zo’n tweehonderd meter verder, aan de Oekraïense grens.

We keren terug op onze stappen en botsen snel op tientallen mannen en vrouwen in kleine groepjes, gewikkeld in dikke donsdekens. Allemaal lijken ze van Afrikaanse of Aziatische origine. De meesten slaagden er in de loop van de dag in om de intussen beruchte grens tussen Oekraïne en Polen over te steken.

© Arnaud De Decker

We keren terug op onze stappen en botsen snel op tientallen mannen en vrouwen in kleine groepjes, gewikkeld in dikke donsdekens.

‘We wachten hier al vier uur’, zegt Blaise (25) uit Kameroen. ‘Weet jij hoe ik een taxi kan bestellen? Mijn broer is ziek, hij moet dringend naar het ziekenhuis.’ Hij wijst naar José, zijn achttienjarige broer die op de grond zit, leunend tegen de muur. ‘Hij kan niet meer bewegen, hij heeft hulp nodig, maar niemand wil ons helpen.’

Onderkoeld

Bewegen is niet het enige waar José het moeilijk mee heeft. Ook praten lukt nog maar moeilijk. Hij bibbert en stottert in een gebroken Frans. José is ernstig onderkoeld.

‘We moesten 60 kilometer tot de grens stappen. Die dag heeft mijn broer helemaal gebroken.’

‘We vertrokken vijf dagen geleden uit Lviv’, herinnert Blaise zich. ‘We moesten tot de grenspost hier stappen, dat is zestig kilometer. De taxi wou ons niet brengen door de oneindige files. We moesten heel veel kleren en eten onderweg achterlaten. Die dag heeft mijn broer helemaal gebroken’, zegt hij.

‘Sindsdien hebben we in de rij aangeschoven. Slapen en wat bekomen kon moeilijk, want de grond is nat en ijskoud. Om eten of drank te scoren moest je eerst de rij verlaten waardoor je dan helemaal opnieuw moest beginnen. Dat was geen optie voor ons.’

© Arnaud De Decker

‘We moesten tot de grenspost hier stappen, dat is zestig kilometer. De taxi wou ons niet brengen door de oneindige files.’

Ondertussen kwamen nog meer mensen rond ons staan. Allemaal vertellen ze hetzelfde verhaal. Ze hebben het over scheldpartijen en intimidaties door de Oekraïense grenswacht. Er werd in de lucht geschoten. Huilende kinderen waren ontroostbaar. Ook de spanningen in de rij zelf stegen regelmatig, zeggen ze.

‘We werden tot het uiterste gedreven en niemand die wist waarom. Iedereen was uitgeput, een aantal mensen is zelfs weggevoerd door een ziekenwagen omdat ze op het punt stonden ineen te storten.’

De blik in de ogen van Blaise spreekt boekdelen. Hij kijkt streng naar zijn broer José. ‘Maak toch dat dat deken goed zit. Wil je het nog kouder hebben?’, vraagt hij terwijl hij het lap stof over José zijn hoofd trekt. Maar de waarheid is dat het geen verschil meer uitmaakt voor José. Zijn lichaam voelt hij al uren niet meer. We beslissen Blaise en José naar het ziekenhuis te voeren.

Studentensteden

Sinds het begin van de oorlog, op donderdag 24 februari, vluchtten al meer dan een miljoen mensen uit Oekraïne voor de bombardementen in het land. Dat is ongezien in de recente geschiedenis van Europa.

© Arnaud De Decker

Sinds het begin van de oorlog, op donderdag 24 februari, vluchtten al meer dan een miljoen mensen uit Oekraïne voor de bombardementen in het land. Dat is ongezien in de recente geschiedenis van Europa.

Het grootste deel daarvan, 454.000 mensen, stak de grens over met Polen, waar intussen acht officiële grensposten zijn geopend. Anderen kozen voor een oversteek in Slovakije, Moldavië, Roemenië of Hongarije. Het zijn vooral Oekraïense vrouwen en kinderen die massaal vertrekken. De mannen moeten blijven om het land te beschermen.

In 2020 volgden bijna 80.000 studenten uit voornamelijk India, het Midden-Oosten en Afrika les in grootsteden als Charkov en Kiev.

Oekraïne is erg populair bij internationale studenten. In 2020 volgden bijna 80.000 studenten uit voornamelijk India, het Midden-Oosten en Afrika les in grootsteden als Charkov en Kiev. Agressieve mediacampagnes van universiteiten als de Kharkiv National Medical University, een van de meest prestigieuze universiteiten van het land, wierpen jarenlang vruchten af. Ook de lage inschrijvingskosten zorgden de voorbije jaren voor een boost in het aantal internationale inschrijvingen.

Maar vandaag vallen die steden ten prooi aan Russische bombardementen. Het is er levensgevaarlijk. Studentenhuizen en campussen worden met de grond gelijk gemaakt.

Druk van familie

‘Ik studeerde in Marioepol, in het zuidoosten van het land’, zegt Kameroener Blaise terwijl we de twee broers naar het ziekenhuis rijden. ‘In juni zou ik mijn diploma krijgen. Maar ik hoorde dat de oorlog was begonnen besloot ik onmiddellijk te vertrekken. Zo snel ik kon trok ik naar Kiev om mijn broer José op te pikken die daar studeert.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Blaise barst in tranen uit. Hij is uitgeput. Hij vertelt ook dat de druk die het thuisfront in Kameroen op de twee broers uitoefende ondraaglijk was. ‘Mijn hele familie was zo bezorgd, wat begrijpelijk is. We probeerden ze dan ook zo goed en zo kwaad als het kon op de hoogte te houden via sociale media, maar het was niet eenvoudig. We moesten spaarzaam zijn met onze batterijen. Die druk van buitenaf heeft er misschien wel voor gezorgd dat we te snel hebben gehandeld zonder concreet plan van aanpak. Mijn broer en ik zijn nu alles kwijt.’

Op hulp van hun ambassade moesten de twee broers alvast niet rekenen. ‘Ik heb verschillende keren gebeld naar de ambassade in Kameroen maar ze konden niets doen’, zegt Blaise.

Dat is iets dat steevast terugkwam tijdens de lange dagen en nachten die we aan de grens spendeerden. Jonge gasten staan hier alleen voor. Meer dan machteloos toekijken en hopen op een goede afloop konden families en ambassadepersoneel niet doen.

Lift naar het westen

In tegenstelling tot wat er aan de grenspost in Medyka gebeurt, waar mensen op de vlucht aan hun lot worden overgelaten op een open vlakte in het donker, wordt in Krakovets – dertig kilometer ten noorden van Medyka – wel goed gezorgd voor de vluchtelingen na de oversteek. Daar worden ze opgevangen en is de solidariteit groot en overweldigend.

© Arnaud De Decker

Solidariteit rond de grenspost aan zowel Poolse als Oekraïense zijde.

Na de verschillende checkpoints wordt iedereen, zonder uitzondering, drank en eten aangeboden. Bussen staan klaar om vluchtelingen naar een noodcentrum te brengen waar nog meer eten en drank beschikbaar is, alsook bedden en dekens om te rusten.

Tientallen Polen staan er bovendien paraat om de toestromende mensenmassa vervoer te bieden verder naar het westen. Bordjes met opschriften van Poolse steden als Krakau en Warschau prijken overal in het rond. De sfeer is ingetogen. Iedereen weet wat vluchtelingen zonet hebben meegemaakt maar niemand praat erover.

Alexander (48) vervoerde al zeven keer Oekraïners naar zijn thuisstad Krakau met zijn familiewagen. Een rit van net geen drie uur die hij zonder morren opnieuw en opnieuw aflegt. ‘Dat is het absolute minimum wat ik kan doen. We horen de verhalen. Wegkijken lukt niet. Het is tragisch wat hier gebeurt. Een humanitair drama.’ Opnieuw komt een familie bij Alexander toe. Ze willen weg. Het maakt niet uit naar waar.

Ook België mobiliseert zich

Hoewel de meeste vluchtelingen op dit moment opgevangen worden in de buurlanden van Oekraïne, komt een deel van hen wellicht ook naar België. Daarom kwam staatssecretaris voor Asiel en Migratie Sammy Mahdi (CD&V) eerder deze week met een apart systeem op de proppen om vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen.

Zo zullen ze geen langdurige asielprocedure moeten opstarten bijvoorbeeld, maar krijgen ze automatisch een verblijfsvergunning. ‘De bedoeling is dat die personen gecentraliseerd in Brussel terechtkomen, in het voormalig ziekenhuis van Jules Bordet’, zei de staatssecretaris daarover. Oekraïners zullen er een aantal dagen kunnen verblijven, waarna ze kunnen doorstromen naar de lokale opvang in de gemeenten.

Zo kwam gisteravond alvast een eerste Oekraïense familie aan in Brussel, een echtpaar met drie kinderen. De familie belde daklozenorganisatie Samusocial om hulp en onderdak te vragen. Ze krijgen een plek in het nieuwe centrum voor families in Oudergem. De familie kan er blijven tot het centrum hen zal doorverwijzen naar huisvestingsmogelijkheden op langere termijn.

Tijdens het schrijven van dit artikel ontvangen we via WhatsApp een bericht. Twee jonge Indiërs die we afgelopen dagen op de grens tussen Oekraïne en Polen leerden kennen en intussen veilig in Hongarije verblijven, zijn onderweg naar Brussel. ‘Can you please help us once we arrive there? You are the only friend we have and we heard Belgium is a good place to stay.’

© Arnaud De Decker

Verschillende mensen hebben het over scheldpartijen en intimidaties door de Oekraïense grenswacht. Er werd in de lucht geschoten. Huilende kinderen waren ontroostbaar.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Arnaud De Decker is onderzoeksjournalist en buitenlandreporter, met milieu, migratie en mensenrechten als specialisaties en bijzondere interesse in Latijns-Amerika en Afrika.