‘Dit gaf me het gevoel dat ik toch iets waard ben in mijn nieuw land’

Bij Radio Babbelonië maken anderstaligen zelf radio

Valeria en Ashet spraken lovend over Radio Babbelonië

Bij Radio Babbelonië zijn het mensen met een migratieachtergrond die radioreportages maken. De meesten onder hen hebben al ervaring in de media en door die te gebruiken bij het maken van radioreportages in hun nieuwe thuisland, oefenden ze hun Nederlands, leerden ze meer over België en sneden ze onderwerpen aan die hen bezig houden.

Radio Babbelonië is een samenwerkingsproject van Vormingplus Vlaamse Ardennen-Dender en Vormingplus Waas en Dender en maakt deel uit van een breder taalverwervingstraject voor anderstaligen dat — niet toevallig — Babbelonië heet. Nederlandstaligen en anderstaligen ontmoeten elkaar in lokale praatgroepen en nemen samen deel aan activiteiten. In de marge daarvan ontstond Radio Babbelonië. De lokale groepen en de redacteurs kozen in die praatgroepen de onderwerpen voor hun reportages uit.

Ondertussen zijn een twintigtal Radio Babbelonië-reportages afgerond. Het resultaat wordt uitgewerkt in podcasts en is te beluisteren op de site. Die podcasts maken daarnaast deel uit van educatieve pakketten, zodat ze ook gebruikt kunnen worden bij lessen Nederlands aan anderstaligen. Begeleiding en een radio-opleiding werden voorzien door voormalig VRT journalist Tjhoi Ng Sauw. Daarna gingen de deelnemers op pad om korte radioreportages te maken in zes Oost-Vlaamse steden en gemeenten.

‘Het mooie aan het project is de samenwerking tussen mensen met verschillende achtergronden die er elk een eigen opvatting over journalistiek op nahouden’, getuigt Tjhoi. De redactie bestond uit mensen van onder andere Ethiopië, Italië, Marokko, Rusland, Syrië en België.

De micro als megafoon

‘Het was toch een beetje als een megafoon, een soort uitlaatklep’, zegt Valeria Miasnikova, redactielid van Radio Babbelonië. Ik spreek haar samen met collega Ashet Sheikho, een Syrisch-Koerdische radiomaker. Via hun reportages, kregen ze de kans om moeilijkheden te delen waarmee anderstaligen worden geconfronteerd.

Zoals de zoektocht naar een goede job: ‘Het idee ontstond spontaan. Ik was volop op zoek naar werk, toen mijn dochtertje vroeg om radio te spelen. Spelenderwijs interviewden we elkaar over hoe moeilijk het was een job te vinden. Toen ik het fragmentje liet horen aan Tjhoi was die zeer enthousiast en waarop hij zei dat we verder moesten doen, uiteindelijk kwam daar een reportage mee tot stand’, aldus Valeria.

‘Vandaag zie ik mezelf niet hetzelfde beroep in de media uitoefenen zoals in Syrië. Taal blijft het grootste obstakel’

Ook Ashet getuigt: ‘Werk vinden in België, en zeker in de media, is zeer moeilijk, zelfs voor Belgen. De taal blijft mijn grootste obstakel. Misschien over tien jaar, maar nu zie ik geen mogelijkheden om hier het beroep uit te oefenen dat ik in Syrië had.’

Valeria valt Ashet bij: ‘Ik wil niet ondankbaar klinken, maar we begrijpen zeer goed wat onze kansen hier zijn. Ik heb een universiteitsdiploma dat erkend wordt in België en weet dat ik veel kan doen. Toch krijg ik steeds hetzelfde te horen bij de uitzendbureaus: “Ga maar poetsen, mevrouw”. Er is niets mis met dat beroep, maar ik voel dat ik meer aankan. Toch ga ik deze week een contract ondertekenen om te gaan kuisen. Ik heb het opgegeven om naar andere jobs te zoeken. Het duurt al te lang.’

Er zit meer in taal dan je denkt

Radio Babbelonië draait dus voor een groot deel rond taalverwerving. Iets waar nieuwkomers vaak mee worstelen. Tijdens de radio-opleiding kwamen de redactieleden meer te weten over het reilen en zeilen van radioreportages. Welke intonatie gebruik je best? Wanneer las je een pauze in?

‘Het vraagt wat oefening voor je dat allemaal in de vingers krijgt’, aldus Tjhoi. ‘Hun taalvooruitgang is het belangrijkste resultaat van het project, maar taal hoeft niet altijd een barrière te zijn. Als je montagetechnieken onder de knie hebt, kom je al een heel eind bij het maken van radioreportages.’

‘Ik ben nog maar drie jaar in België. Twee jaar geleden kon ik nog geen woord Nederlands, maar door deel te nemen aan Radio Babbelonië kreeg ik de kans om op een andere manier de taal te oefenen omdat je als journalist zoveel contact hebt met de mensen’, vertelt Ashet.

Valeria gaat akkoord. Zij verhuisde acht jaar geleden naar België en sprak al vloeiend Nederlands bij aanvang van het project. ‘Maar toch heb ik bij Radio Babbelonië een ander soort Nederlands geleerd. In mijn moedertaal kan ik zeer goed met mijn woorden spelen om de aandacht van het publiek vast te houden, een belangrijke vaardigheid van een journalist. Maar in het Nederlands ging dat moeilijker, Tjhoi heeft me hierbij enorm geholpen.’

Rusthuizen en vijfsterrenhotels

De redactieleden met een migratieachtergrond zagen hun deelname aan Radio Babbelonië als een stapje vooruit in hun integratieproces. Ze kwamen niet alleen in contact met verschillende Vlaamse dialecten, maar ontdekten ook enkele bijzonderheden in hun nieuw land.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

‘Ik maakte een reportage over een rusthuis in Beveren’, vertelt Valeria. ‘Aanvankelijk dacht ik dat dit een zeer triestige reportage zou worden, omdat ik niet zeker was wat ik moest verwachten. In Rusland is het niet normaal om bejaarden naar het rusthuis te sturen, wij zorgen zelf voor onze ouders en grootouders. Maar toen ik er uiteindelijk met de bewoners sprak, veranderde ik helemaal van mening. Natuurlijk is niet elk rusthuis hetzelfde, maar ik vond het echt een leuke plek’, herinnert Valeria zich.

Ashet knikt instemmend. ‘Door een reportage te doen over Nederlands leren in de gevangenis trok ik naar de gevangenis van Beveren. “Het leek er wel een vijfsterrenhotel”, grapte ik bij terugkeer tegen mijn vrouw. Als je in Syrië naar de gevangenis gaat, ziet niemand je nog terug. In België kan je er taal- en computerlessen krijgen. Dat had ik niet verwacht.’

Meer informatie over de taalgroepen Babbelonië vind je hier.
De radioreportages en educatieve pakketten zijn hier te vinden.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift